De toekomst van de EHRM: swamping the court
Een bijdrage van GB van Publiekrecht & Politiek. Het stuk is ook daar te lezen.
In Izmir werd eind april een hoge conferentie belegd over de vraag hoe het nu verder moet met het EHRM. Het Hof dreigt immers alleen al vanwege de werklast (nog altijd komen er duizenden zaken meer binnen dan er worden afgedaan) door zijn hoeven te zakken. Gegeven het feit dat het Hof in de hoek is beland waar klappen vallen, verdient de slotverklaring van de aanwezige regeringsvertegenwoordigers meer dan gemiddelde aandacht. Tot op welk niveau heeft het Hof inmiddels vijanden gemaakt?
De Izmir-verklaring is nergens heel expliciet, zoals ook niet gebruikelijk is bij dit soort verklaringen. Maar de luide aanmoedigingen om de ontvankelijkheidseisen uit te bouwen tot een serieuze toegangsbeperking, lijken toch veel op aanmoedigingen van luier-zatte ouders van een kind dat bezig is zinderlijk te worden. De huidige mogelijkheden om een klacht niet-ontvankelijk te verklaren zijn van groot gewicht, aldus de Conferentie, en zij ‘stresses the importance that they are given full effect by the Court and notes, in this regard, that the new admissibility criterion adopted in Protocol No. 14, which has not yet had the effect intended, is about to be shaped by the upcoming case law and remains to be evaluated with a view to its improvement.’ Het EHRM wordt tenmiste voor een deel medeplichtig geacht aan zijn eigen werklast. Moet het maar klagers buiten de deur houden?
