De toekomst van de EHRM: swamping the court

Een bijdrage van GB van Publiekrecht & Politiek. Het stuk is ook daar te lezen.

In Izmir werd eind april een hoge conferentie belegd over de vraag hoe het nu verder moet met het EHRM. Het Hof dreigt immers alleen al vanwege de werklast (nog altijd komen er duizenden zaken meer binnen dan er worden afgedaan) door zijn hoeven te zakken. Gegeven het feit dat het Hof in de hoek is beland waar klappen vallen, verdient de slotverklaring van de aanwezige regeringsvertegenwoordigers meer dan gemiddelde aandacht. Tot op welk niveau heeft het Hof inmiddels vijanden gemaakt?

De Izmir-verklaring is nergens heel expliciet, zoals ook niet gebruikelijk is bij dit soort verklaringen. Maar de luide aanmoedigingen om de ontvankelijkheidseisen uit te bouwen tot een serieuze toegangsbeperking, lijken toch veel op aanmoedigingen van luier-zatte ouders van een kind dat bezig is zinderlijk te worden. De huidige mogelijkheden om een klacht niet-ontvankelijk te verklaren zijn van groot gewicht, aldus de Conferentie, en zij ‘stresses the importance that they are given full effect by the Court and notes, in this regard, that the new admissibility criterion adopted in Protocol No. 14, which has not yet had the effect intended, is about to be shaped by the upcoming case law and remains to be evaluated with a view to its improvement.’  Het EHRM wordt tenmiste voor een deel medeplichtig geacht aan zijn eigen werklast. Moet het maar klagers buiten de deur houden?

De recente interventies van het EHRM, onder andere toen Nederland een groep Irakezen op het vliegtuig wilde zetten, klinken door in een serie opmerkingen specifiek over immigratie en asiel. Tussen alle bevestigingen van de plicht van lidstaten om hun eigen zaakjes op orde te hebben nodigt de Conferentie het EHRM uit ’to assess and take full account of the effectiveness of domestic procedures and, where these procedures are seen to operate fairly and with respect for human rights, to avoid intervening except in the most exceptional circumstances’. Toegegeven, het heeft iets weg van het oude Kremlin-watchen, maar toch. Ofwel deze opmerking is betekenisloos, of de Conferentie vindt dat het Hof zich toch te veel als een vierde instantie in asielzaken opstelt, ondanks bezweringen van het tegenovergestelde.

Iets vergelijkbaars speelt ten aanzien van het onderwerp ‘repetitive applications’. Dat zijn schendingen die al eerder geconstateerd zijn maar waar de betrokken lidstaat dus nog onvoldoende aan gedaan heeft. Het EHRM verpakt zijn frustratie wel eens in de opmerking dat het hier om ‘well established case-law’ gaat, of om een oordeel  ’firmly rooted in the case law’. Daarover merkt de Conferentie op: ‘the Court, when referring to its “well-established case-law” must take account of legislative and factual circumstances and developments in the respondent State.’ Probeert het Verenigd Koninkrijk hier iets meer ruimte te krijgen in hun confrontatie over het kiesrecht voor gegevangen?

Als ik de impliciete suggesties juist interpreteer is het vooral deze rode draad: de werklast is een groot probleem. Maar het Hof zou ook wat minder zaken ontvankelijk kunnen verklaren, meer vertrouwen kunnen hebben in de zorgvuldigheid van nationale asielprocedures en lankmoediger te zijn met bijdraaiende lidstaten. Het Hof heeft de sleutel voor zijn werklast dus zelf in handen. We kenden al de uitdrukkingen ‘packing the court’ en ‘swamping the lords’. Daar komt ‘swamping the court’ dus bij.

Die kwalificatie zou in ieder geval de Nederlandse inbreng op de Conferentie recht doen. Dingen die nationaal nog tegengesproken worden, bijvoorbeeld door een motie in de Eerste Kamer, zijn in Izmir namens Nederland gezegd. Back off bij ons uitzetbeleid, meer ‘margin of appreciation’. ‘Clear shortcomings’ en ‘serious human rights violations’ zijn voor het Hof. De rest doen we liever zelf. En namens Stef Blok: ‘Last but not least, an improved system of checks and balances could further strengthen the authority of the Court’s case law. In particular, the Committee of Ministers should play a more active role in developing standard setting within the Council of Europe.’

Met hervormingsplannen zijn de Nederlanders bij de Britten – die het voorzitterschap krijgen – aan het goede adres. De interventie namens het Verenigd Koninkrijk bevatte klare taal: een Hof dat stemrecht voor gevangenen eist, kiest positie in een discussie waarin voor beide kanten wel wat gezegd kan worden, corrigeert een democratisch tot stand gekomen uitspraak en kan de kritiek in de publieke opinie dan eigenlijk ook vooral aan zichzelf verwijten. Hervormingen zijn daarom nodig, zodat het Hof weer binnen en buiten Europa op respect kan rekenen.

Buiten Europa lijkt het echter juist wel goed te zitten. In een mooie speech stak de vertegenwoordiger van de VS, die als waarnemer aanwezig was, het Hof een hart onder de riem.

All courts face what some call “the countermajoritarian difficulty,” because judicial protection of human rights necessarily challenges electoral majorities and tests governmental outcomes against constitutional standards. But never let it be said that your work is anti-democratic. To the contrary, your work reinforces democracy and promotes the rule of law by guaranteeing free elections, clearing political space for the freedoms of association, expression, and religion, combating discrimination, and clearing the channels for political change.

  1. 1

    Terug naar de oorspronkelijke opdracht dus alleen majore zaken in laatste aanleg. De ruimte die het hof nu neemt interfereert met het beleid van democratisch gekozen regeringen van de deelstaten. Is alleen maar storend en ondermijnt het toch al tanende vertrouwen in het Europese project nog verder.

  2. 2

    Het vertrouwen in de rechtsstaat wordt ondermijnt als de overheid wetten kan uitvaardigen die op gespannen voet staan met de grondwet, zonder dat de mogelijkheidbestaat om die wetten te laten toetsen.

    Het vertrouwen in de rechtsstaat wordt ondermijnt als de overheid niet voor de benodigde wetswijziging zorgt, maar in tegenstelling daartoe het laatste deurtje. de toetsing aan het Verdrag inzake de Rechten van de Mens, ook nog op slot probeert te gooien.

    Papieren rechten zijn geen rechten en plichten zonder toetsingsoptie dictatuur (van de meerderheid?)

  3. 3

    Wat hebben de VS met het EHRM te maken? De link in het artikel hierboven suggereert een beetje dat Harold Hongju het privé heel hoog op heeft met het EHRM – en daarin geef ik hem groot gelijk, maar de lof vanuit de VS verbaasd me wel. Volgens mij mag de VS heel blij zijn dat ze niet onder het EVRM en de jurisdictie van het EHRM vallen. En omgekeert nog sterker, het EHRM mag blij zijn dat ze niet alle mensenrechtenschendingen in de VS hoeven recht te zetten. Daar zouden ze gillend overwerkt, zo niet gek van worden, schat ik.

  4. 4

    Dat is een drogreden: uit het feit dat een rechtbank het druk heeft, volgt niet uit dat de rechtbank afgeschaft dient te worden, noch dat het minder zaken zou moeten accepteren. Het volgt daaruit dat we meer capaciteit zouden moeten scheppen en dat men minder mensenrechten zou moeten schenden.

    Wat betreft Nederland: “In the past four decades, criminal justice in the Netherlands has experienced profound transformations. The European Convention has broken through its traditional national isolation and has exposed it to new and unfamiliar concepts and ideas. The Convention has opened up the Dutch system to the world and forced it to adapt itself to international standards of fairness. In a way, one could say that the Dutch system of criminal justice has become less naive, more sophisticated and more mature.”, B. Swart, “The European Convention as an Invigorator of Domestic Law in the Netherlands,” 26 Journal of Law and Society 38-53 (1999): p.52.

    En de Britten wilden vanaf het begin aan de T-Shirt trekken. De Britse regering wilde geen internationale rechtbank toestaan om uitspraken te doen over haar nationale (rechterlijke) belsuiten, noch wilde men individuen toegang tot de rechtbank verlenen. Toch gingen ze uiteindelijk met de “flow”.

  5. 5

    Mij lijkt het feit dat het Hof zoveel zaken krijgt eerder een teken aan de wand voor de lidstaten. In plaats van kritiek te hebben op het EHRM zouden ze beter eens de hand in eigen boezem steken en werk maken van hun belofte om zich te houden aan het EVRM. Ze hebben het namelijk niet voor niets zelf ondertekend en zich daarmee gebonden aan de bepalingen.

  6. 6

    @1 Inderdaad, de EHRM legt wetgeving en afspraken nogal breed uit en creëert hierdoor pseudo wetgeving. En voor wetgeving hebben we ons Parlement en (zucht) Brussel.

  7. 8

    @Toko

    De taal van het verdrag is met opzet zo, zodat het hof en de commissie de vrijheid zouden hebben om de regels te interpreteren en jurisprudentie te maken, op dezelfde manier als in de “common law” (Angelsaksische rechtssytemen). De juristencommittee die het verdrag in elkaar zette discussieerde daarover en vond het niet mogelijk om alles tot in het kleinste detail te bepalen.

  8. 9

    #6 het EHRM heeft anders niks met brussel te maken. Er zit ook geen parlement bij.

    Het pseudo-wetgevingsargument doet me op het idee brengen dat je dit misschien verwart met het Europese Hof van Justitie dat wél over de EU gaat?