ANALYSE - De steun voor de regeringspartijen daalt veelt sneller dan in de vorige kabinetsperiode. Sinds de verkiezingen van september 2012 daalde de steun voor VVD en PvdA van 52% naar zo’n 27%. Hoewel verlies in de peilingen voor coalitiepartijen niet ongebruikelijk is, is de daling veel groter dan onder het kabinet Rutte-I, dat na elf maanden slechts zo’n 3% lager stond.

Steun voor de regeringspartijen (VVD, CDA en gedoogpartner PVV voor Rutte-I, VVD en PvdA voor Rutte-I) sinds de verkiezingen volgens de Peilingwijzer. Licht gekleurde gebied geeft de onzekerheidsmarge aan.
Een belangrijk verschil tussen de huidige en vorige kabinetsperiode is de kabinetssamenstelling. Rutte-I werd uitsluitend door partijen ter rechterzijde gesteund. Eigenlijk steunden alle rechtse partijen dit kabinet als we de achterbankgedoogsteun van de SGP meerekenen. Rechtse kiezers konden hier hun vingers bij aflikken – en zo niet, dan waren er geen serieuze electorale alternatieven. Bij Rutte-II is het heel anders: de combinatie tussen de grootste linkse en de grootste rechtse partij heeft volop concurrentie: van links (SP, GL), vanuit het midden (D66, CU), en op (centrum)-rechts (CDA, PVV). Wie ontevreden is over Rutte-II heeft genoeg alternatieven.
Bovendien is er nu een hoop om ontevreden over te zijn. Was er in 2010 en begin 2011 nog economische groei, sinds die tijd komen er vooral slechte economische berichten. Er moet weer meer bezuinigd worden en de hervormingsagenda komt maar lastig tot stand, mede door het gemak waarmee men in de formatie over de steun in de Eerste Kamer dacht.