Tijd in machten van tien

Alle vaste objecten veranderen ooit in ronde druppels. De kwantum-mechanica schrijft voor dat alle atomen en moleculen in een stof, zelfs bij zeer lage temperaturen, een restant energie houden, de zogenoemde nulpuntsenergie. Als je maar lang genoeg wacht, verwisselen de atomen van een stof van plaats. Als je dit proces versnelt afspeelt, lijkt het alsof materie smelt. De materie zou eerst in bolvormige druppels veranderen en dan verdampen. Waarschijnlijk is dit proces fictief. En ook al vindt het wel plaats, het is niet relevant, behalve als je zo’n 1065 jaar wilt wachten. Dit soort tijdschalen zijn onvoorstelbaar en daarom zo amusant om over te lezen.

In Tijd in Machten van Tien gaan natuurkundigen Gerard ’t Hooft en Stefan Vandoren op zoek naar verschijnselen die aan een specifieke tijdspanne zijn gebonden. Het klopt als de titel bekend klinkt. De schrijvers kopieëren het format van The Power of Ten, gebaseerd op Kees Boeke’s Wij in het Heelal, een Heelal in ons. Hierbij wordt een reis door de ruimte (als in, letterlijk driedimensionale ruimte) gemaakt van klein naar groot en andersom, van het menselijk lichaam tot aan het alomvattende heelal en weer terug naar protonen, neutronen en quarks (zie video onder).

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Zomerserie | Met Anton Wachter in Harlingen

Sargasso duikt deze zomer in de letteren en bezoekt kleine literaire musea in Nederland en daarbuiten. Vandaag een bijdrage van G. Drios, die naar Harlingen afreisde naar het Hannemahuis.

Opgroeiend in het Friese Harlingen leest de jonge Anton Wachter/Simon Vestdijk het jeugdboek “Dick en zijn vrienden” van Andrew Home. Vergeleken bij de geromantiseerde fictie die daar in staat vindt hij zijn echte leven in Harlingen maar niets. Nadat zijn beste vriend Murk Tuinstra naar Amsterdam is verhuisd moet Anton op zoek gaan naar een nieuwe vriend, maar de zoektocht verloopt moeizaam. Voor hem is het allemaal niet meer wat het is geweest. Echte vrienden heb je alleen nog in de jeugdboeken. Toch weet hij zich al met al best aardig staande te houden tussen de andere jongens. Althans tot hij naar de eerste klas van de H.B.S. komt, want sinds de recente dood van zijn vader is Anton veranderd en een makkelijk doelwit geworden voor de pesterijen van de anderen.

Maar dat raakt allemaal een beetje op de achtergrond als Anton een jaar later Ina Damman ontmoet, het nieuwe meisje op school dat elke dag met de trein vanuit Franeker komt. Anton raakt hopeloos op haar verliefd. Ina Damman blijft echter enigzins koel en afstandelijk en daarom gebeurt er eigenlijk niet zo veel. Het voornaamste contact tussen beiden is dat Anton haar altijd van school terug naar de trein brengt. Onderweg probeert hij dan moeizaam een gesprek tot stand te brengen, maar dat lukt meestal niet echt. Na een jaar of zo wordt Ina het dan een beetje beu en daardoor komt ook dit contact tot een einde. Dat lijkt allemaal weinig, maar wat er voor Anton achter schuilgaat is enorm en zal bepalend zijn voor zijn verdere leven. Om te beginnen verlaat hij vanwege haar de H.B.S. in Harlingen en gaat hij in Leeuwarden verder. In die tijd krijgt hij dan wel een ander vriendinnetje, Marie van den Boogaard, die wat toegankelijker is. Alles schijnt goed te gaan en het geluk ligt voor het oprapen. Maar bij het minste of geringste komt de herinnering aan de onbereikbare Ina Damman toch weer in alle hevigheid terug en deze laat hem uiteindelijk de relatie met Marie van den Bogaard verbreken, nog voordat hij Harlingen helemaal verlaat om in Amsterdam te gaan studeren.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De Zomer van Hans van Duijn – Deel 10 (slot)

Het zit erop. Het leven van Hans van Duijn is opgetekend. Wie was Hans van Duijn? Die vraag fascineerde me. De man noemt zichzelf ‘Twitterextremist’ en is boos. Zoals het een ware patriot betaamt, had hij de hoop uitgesproken dat Tofik Dibi met zijn ‘linkse vriendjes’ wordt afgeknald. Vandaag het slot.

Het volgende weekend rijden Hans en Donald in de Audi over de A2 naar CenterParcs. Het begint te miezeren. ‘Jij bent een rare, Hans van Duijn,’ mompelt Donald. ‘Voor de politiek zou ik je niet geschikt achten. Helaas. Ik zal je niet voordragen bij de gemeenteraadsverkiezingen als tweede lijsttrekker van Forza Leiden.’ Hans kijkt naar zichzelf in de rechterbuitenspiegel. De laatste keer dat hij zichzelf in de spiegel bekeek, sloeg hij de spiegel kapot. Maar nu heeft hij de energie niet om het raam te openen, zijn rechterbeen uit het raam te steken om dan met volle kracht de spiegel kapot te slaan.

Ze pauzeren bij een wegrestaurant. De caissière neemt alle tijd om de toetsen te vinden, dan de bestellingen aan te slaan, mis te slaan, ze vergeet een bonnetje te printen en het rolletje van de printer te vervangen. De klanten zien het aan en wachten gedwee tot hun amper ontdooide appelgebak voor 4,50 afgerekend wordt. Donald heeft op zijn dienblad een Cajun Triangel met veel oranje vlees en Hans heeft een flesje felgele sportdrank. Een bediende komt langs om de plavuizen schoon te boenen; een man van middelbare leeftijd heeft zojuist zijn softijsje laten vallen. Door de speakers aan het plafond klinkt zachtjes ‘Just say hello’ van René Froger. Op de A2 begint zich nu een file te vormen. Alle mensen in de rij van de kassa – maar de caissière zelf niet – draaien synchroon hun hoofd naar rechts om te kijken hoe de vluchtstrook wordt vrijgemaakt voor een colonne zwarte auto’s met geblindeerde ramen en blauwe zwaailichten.

‘Ik ga even naar het toilet, wil jij even mijn sportdrankje afrekenen, zo…?’ Hans overhandigt zijn dienblad aan Donald zonder het antwoord af te wachten en snelt naar de toiletten, waar René Froger net wat harder klinkt dan in het restaurant. Twee van de drie herentoiletten zijn bezet. In het derde hangt een zware strontlucht. Hans gooit de deur open, draait hem op slot en duwt zijn rug dan tegen de deur. Adem in, adem uit. Ze komen me dan nu toch halen, denkt Hans. Sin-Wong heeft vast iets doorgeluld aan de politie, uit wraak. En mijn moeder heeft vast zijn laptop aan de politie gegeven. En natuurlijk heeft de halve wereld mijn tweets gelezen. Nu moet ik, vrijheidsstrijder, alsnog in het harnas sterven.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Zomerserie | La maison de Balzac

Sargasso duikt deze zomer in de letteren en bezoekt kleine literaire musea in Nederland en daarbuiten. Vandaag een bijdrage van Suzanne Sanders, die het Balzac museum in Parijs bezocht.

Waar denk jij aan bij het horen van de naam Balzac? En als je leest dat hij tegenover het Hôtel de Lamballe woonde? Schrijver, oja…maar weinig Nederlanders weten meer van Honoré de Balzac (1799-1850) dan zijn naam. In Frankrijk behoort hij echter tot de belangrijkste schrijvers van de negentiende eeuw en is één van de (slechts!) drie literaire musea van Parijs aan hem gewijd. Het Maison de Balzac bevindt zich in het huis waarvan de schrijver tussen 1840 en 1847 de bovenverdieping huurde. Voor een bezoek neem je metro 6 naar halte Passy in het 16e arondissement, even ten westen van de Eiffeltoren. Twee straten en een steile trap verder sta je voor de deur van het museum. Mijn eigen, totaal verregende verblijf in Parijs afgelopen maand heeft mijn geplande museummarathon behoorlijk vertraagd, waardoor –oh anticlimax- ik er zelf niet ben geweest. Desalniettemin had ik al het één en ander uitgezocht en vind ik dat Balzac ook de Nederlandse lezer absoluut niet mag ontgaan.

Dit is het huis waar Balzac werkte aan zijn chef d´oeuvre: La Comédie Humaine. Het is een gigantisch werk dat uit zo’n 100 verhalen bestaat, waarmee hij een beeld wilde schetsen van zijn eigen tijd: Frankrijk, vlak na de val van Napoleon, met aan de ene kant het herstel van de monarchie en aan de andere kant de verschuivingen in de sociale klassen als gevolg van de industriële revolutie. De verhalen zijn geordend in thematische hoofdstukken met titels als Scènes de la vie privée, Scènes de la vie de province, Scènes de la vie Parisienne of Scènes de la vie militaire. Het betreft fictie, maar met zoveel gedetailleerde beschrijvingen uit de werkelijkheid dat Balzac als pionier van het realisme kan worden gezien. Balzac onderscheidt zich bovendien doordat hij een groot aantal van zijn 2,500(!) personages in verschillende verhalen terug laat komen, waardoor La Comédie Humaine één groot geheel wordt.

Foto: Enric Borràs (cc)

Atlas van het Israelisch-Palestijnse conflict

De relatie tussen Joden/Israëli’s en Palestijnen zorgt al ruim 100 jaar voor spanningen in het Midden-Oosten. Een oplossing is nog lang niet in zicht. De Palestijnen bezitten nog maar elf procent van hun territorium van 1947 en Israël is niet geneigd de in 1967 bezette gebieden terug te geven of vluchtelingen te laten terugkeren naar hun dorp of stad van herkomst. Beide antagonisten maken aanspraak op dezelfde gebieden, steden, heilige plaatsen, zeker op Jeruzalem en de geschiedenis van haat en geweld is lang.

Malkit Shoshan is zelf een joodse, opgegroeid in een context van volle bewondering voor het mirakel Israël, waarin de periode van 2000 jaar ballingschap genegeerd werd en gedaan werd alsof Israël altijd bestaan had, zonder verband met de Palestijnse tragedie.



Haar atlas is niet de eerste. Martin Gilbert stelde in 1993 al zijn atlas samen over de geschiedenis vanaf 636 na Christus. Het is een briljant boek met heldere kaarten, die klassikaal ook zeer bruikbaar zijn. Van zijn hand is ook nog een atlas van de Joodse geschiedenis, vanaf 2.000 voor Christus, waarin het conflict in een iets andere context aanwezig is. Vreemd genoeg ontbreken beide atlassen in de bibliografie van Shoshan. De atlas van Shoshan en designer Joost Grootens begint in 1040 v.C. en reikt tot 2010 n.C. Hij overkoepelt dus drie millennia.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Zomerserie | Oh Jesus Christ! I’m hit

Sargasso duikt deze zomer in de letteren en bezoekt kleine literaire musea in Nederland en daarbuiten. Vandaag een bijdrage van Nick Vording over Siegfried Sassoon en Wilfred Owens in Edinburgh.

Een gedecoreerde oorlogsheld die zich verzet tegen de oorlog. Dat was het probleem waarmee de Britse legerleiding zich geconfronteerd zag in 1917. De officier Siegfried Sassoon had al enkele malen gevochten in de loopgraven van Frankrijk en voor zijn heldhaftige optreden kreeg hij het “Military Cross”. Maar tijdens zijn verlof in Groot-Brittannië schreef hij een brief tegen de oorlog; “Finished with the War: A Soldier’s Declaration”.

De brief werd gepubliceerd in The Times van 31 juli 1917 en kon moeilijk genegeerd worden met zinnen als:

“I have seen and endured the suffering of the troops, and I can no longer be a party to prolong these sufferings for ends which I believe to be evil and unjust.”

Er werd besloten hem niet te vervolgen voor de krijgsraad, maar hem op te laten nemen in een psychiatrische instelling als patiënt leidend aan “shell-shock”.

Daar ontmoette hij Wilfred Owen, die er ook patiënt was. Sassoon heeft Owen gestimuleerd zijn gedichten te publiceren. Gedichten die de ellende van de loopgraven wist te verbeelden en uiteindelijk de stem van een oorlogsgeneratie zijn geworden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dag Vlaanderen

Als Christian Deborsu ergens aan begint, mag je er zeker van zijn dat het een succes wordt. Dat geldt voor zijn tv-reportages zoals Bye bye Belgium, dat is ook zo voor dit boek: binnen een maand was het aan zijn tweede druk toe. Na drie maanden was de kaap van 20 000 verkochte exemplaren bereikt.

De Namenaar vliegt er meteen in met twee pagina’s vragen over Vlamingen en Walen, waardoor de nieuwsgierigheid van de lezer onmiddellijk geprikkeld wordt. Enkele voorbeelden: Waarom is de Waalse hoofdstad een Vlaamse stad? Waarom zijn de Walen armer dan de Vlamingen? Waarom loopt er een taalgrens door België? Waarom zijn de Walen het enige volk op aarde dat weigert meer autonomie te krijgen? Hoe gaan we best om met Walen? Welke gevolgen zou een splitsing van België met zich meebrengen? Waarom wordt BHV niet (volledig) gesplitst?

De toon is gezet, de lezer is gemotiveerd, in de loop van het boek krijgt hij op alles een antwoord en bovendien in korte, niet vermoeiende  stukken, die je los van elkaar kunt lezen en die verre van ingewikkeld  zijn.

In de eerste eeuw na Christus vestigde Sedrochius, een koning uit Tongeren, zich op de citadel. De eerste naam werd Sedrochië. Rond 300 maakte de katholieke bisschop van Tongeren een einde aan de verering van de heidense god Nam. Hij werd Nam mutum, de stomme Nam. Daaruit zou Namen zijn ontstaan. In 1263 verkocht graaf Boudewijn II van Namen, tevens  keizer van Byzantium, zijn graafschap aan de graaf van Vlaanderen. Gevolg: op de Naamse vlag prijkt de Vlaamse Leeuw. Volgens de legende hielpen Naamse ruiters de Vlamingen winnen in de Guldensporenslag (11 juli 1302). Maar die 600 helpers waren Duitse, Limburgse en Brabantse huurlingen, geen pure Namenaars (21). Over de Naamse steltenlopers bestaat een legende dat de inwoners op die manier in 1313 vergiffenis kwamen vragen voor hun opstanden van 1293 en 1313 tegen het Vlaams bewind (1263-1421). De veelvuldige overstromingen van Samber en Maas vormden de ware oorzaak. De steltenlopers traden op bij het bezoek van Karel V (1515), Lodewijk XIV (1693), tsaar Peter de Grote (1717) en Napoleon (1803).

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De zomer van Hans van Duijn: Deel 9

Met dank aan GeenStijl wordt 2011 de zomer van Hans van Duijn. Wie is Hans van Duijn? Die vraag fascineerde me. De man noemt zichzelf ‘Twitterextremist’ en is boos. Zoals het een ware patriot betaamt, heeft hij inmiddels de hoop uitgesproken dat Tofik Dibi met zijn ‘linkse vriendjes’ wordt afgeknald. Wat beweegt zo’n figuur om zoiets op te schrijven? En waar eindigt zijn haatretoriek en ontstaat een blinde woede, met gevaarlijke gevolgen van dien?

Tot en met 15 augustus zal ik hier elke dag een (fictief) relaas tikken over het leven van Hans van Duijn. Vandaag deel 9.

‘Ja?!’ gilt Donald en scheert vervaarlijk met de honkbalknuppel langs Hans’ gezicht. Als hij ziet dat het slechts zijn overbuurman is, laat Donald de knuppel weer zakken. ‘Sorry man, ik ben opgefokt. Kom erin, kom binnen.’ Hij steekt zijn hoofd naar buiten en kijkt de achtertuin rond. In de verte blaft een hond. Uit een openstaand raam klinkt de bumper van RTL Boulevard.
Donald loopt naar de stereoinstallatie en zet de trancemuziek zachter. Hij trapt met zijn blote voet – hij draagt niets, behalve een slip – tegen de pot van de ficus in de vensterbank. ‘Kut, kut, kut,’ briest hij. ‘Ik ben niet door mijn proeftijd heen. En Bilal wel. Bilal wel! Wat heeft Bilal dat ik niet heb?’ vraagt Donald met een wanhopige blik aan Hans.
‘Rot van je proeftijd,’ zegt Hans beduusd.
In een rechte lijn snelt Donald naar zijn keuken en rukt het snoer uit de Princess frituurpan. Hij omzwachtelt zijn hand met het snoer en trekt het gevaarte van het aanrecht. De plastic frituurpan valt in stukken uiteen. Donald graait naar het gestolde brok frituurvet en knijpt in de vette emulsie. Hij smeert zijn gezicht in met het gele vet. Op handen en voeten kruipt hij weer naar de woonkamer. ‘Het is menens,’ tiert hij. ‘Het is de jungle, Hans! We leven in een jungle!’

Vorige Volgende