Jan Paul van Soest

75 Artikelen
20 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Eric Heupel (cc)

Reptielenbrein maakt energiebeleid op 1 A4tje

COLUMN - Om het energiebeleid van de nieuwe president van de Verenigde Staten, Donald Trump, te kunnen duiden, moeten we de psychologie, of beter nog de psychiatrie induiken. Wat kunnen we doen?

Trump’s eerste daden waren in lijn met wat hij tijdens de campagne riep.

Hij publiceerde zijn America First Energy Plan. Nou ja, plan – één enkel retorisch A4tje, maar wel een A4tje waarin hij een streep zet door de energie- en klimaatplannen van Obama, en volop inzet op binnenlandse energiebronnen (schalie)gas en kolen. Waar de vorige president inzette op een dalende emissietrend gaat Trump zijn best doen om de emissies weer te laten stijgen. Verschillende lidstaten, waaronder grote als Californië, hebben overigens al laten weten gewoon met hun klimaatbeleid door te gaan.

Maar Trump dendert door. Op het moment van zijn inauguratie verdween zo ongeveer alles wat met klimaat te maken heeft van de relevante websites, zoals die van de Environmental Protection Agency (EPA) en van het Department of Energy (DoE).

Klimaatwetenschappers zijn druk doende data op buitenlandse servers onder te brengen.

EPA zal worden geleid door de beruchte klimaatinquisiteur Scott Pruitt, voormalig advocaat-generaal van Oklahoma die in die hoedanigheid probeerde enkele klimaatwetenschappers te radbraken en te vierendelen. Medewerkers van EPA kregen al een verbod zich in het openbaar te uiten.

Foto: Garry Knight (cc)

We zitten klem, maar willen het niet weten

COLUMN - De discussie over hoe – in hemelsnaam – de tweegradendoelstelling uit het Parijse klimaatakkoord te halen valt zwelt aan. Dat is goed: die discussie moet worden gevoerd. Minder goed: in dat debat worden de wezenlijke keuzes onvoldoende zichtbaar. In plaats daarvan gaat het debat van incident naar incident, waarin telkens een boel wensdenken wordt geprojecteerd.

Op het moment van schrijven staat de gasproefboring Schiermonnikoog ter discussie, en lijkt het dat als we die voorkomen de rest van de Nederlandse energiehuishouding vanzelf klimaatneutraal wordt. De realiteit is natuurlijk dat tegenhouden van welke winning dan ook, kolen, olie of gas, de uiteindelijke uitstoot van CO2 geenszins beïnvloedt, of misschien zelfs wel verergert als een koolstofarme fossiele bron door een koolstofrijkere bron wordt vervangen.

Maar we koesteren ons graag in de illusie. Net zoals we ons vrolijk warmen aan elke nieuwe zonnecel of windturbine die wordt geïnstalleerd, zonder ons te realiseren dat het klimaat zich niets aantrekt van de hoeveelheid zonnecellen of windturbines die er op aarde staan. Het trekt zich alléén wat aan van de concentratie broeikasgassen in de atmosfeer, en die is voor CO2 dit jaar op alle plekken op aarde, Antarctica incluis, definitief boven de 400 ppm gekomen. Hét meetstation Mauna Loa op Hawaï, bekend van de Keeling-curve, tikte eerder dit jaar 409 ppm aan – een grotere toename ten opzichte van een eerder jaar was er niet. We steken de vlag uit omdat de CO2-uitstoot wereldwijd lijkt te stabiliseren (lijkt, we moeten het nog even afwachten), maar realiseren ons niet dat bij een stabiliserende uitstoot op dit niveau de CO2-concentratie jaarlijks met zo’n 3 ppm stijgt, en in jaren met een el Niño zoals afgelopen jaar nog een tikkie sneller.

Foto: 台灣水鳥研究群 彰化海岸保育行動聯盟 (cc)

De natuur als kind van de energierekening?

COLUMN - Verschillende mensen vroegen me of ik het nou echt meende, mijn kritische opmerkingen over het zonnepark op Ameland, in mijn Energiepodium-column van maart.

Ja, ik meen het. Ik vind het niet verdedigbaar dat een weiland waar kieviten en grutto’s broedden wordt ingeruild voor zonnecellen. Nota bene met steun van het Waddenfonds, en terwijl nog honderdduizenden daken onbenut zijn, en zonder adequate compensatie van het biodiversiteitsverlies door de verandering van landgebruik.

Discussie

Onlangs ben ik enkele malen aangesproken op windenergie. Dat het zo lastig is geworden wind op land te realiseren, en wat ik ervan vond als windturbines in bosgebieden in plaats van in de bewoonde wereld zouden komen. Dat zou voor de beheerders van de bossen een interessante inkomstenbron kunnen zijn. De natuur moet toch ook zijn eigen ‘verdienmodel’ hebben? Tja, wat heeft onze economie aan de natuur als deze haar eigen broek niet eens kan ophouden? En trouwens: wie in zo’n bos loopt ziet die turbines amper, omdat ze door de bomen aan het zicht worden onttrokken. Win-win voor wind, toch? Of ik daar ’s over wilde gaan nadenken.

Dat ben ik gaan doen. Niet alleen over ‘wind in bos’, maar ook over ‘zon op wei’. En over zonneparken in speciaal daarvoor kaalgekapte stukken bos waar toch niemand komt. En over windturbines in de Waddenzee, plaats genoeg toch?

Foto: Steve Jurvetson (cc)

Gassector moet tonen dat het menens is met energietransitie

COLUMN - We schrijven 1990. Als kersvers directeur van onderzoeksbureau CE Delft moest ik op een energiecongres mijn maidenspeech houden. Ik vertelde onder meer dat uit ons onderzoek bleek dat in het gasnet tot mogelijk 10% waterstof zou kunnen worden bijgemengd. Die zou uit hernieuwbare bronnen kunnen worden geproduceerd. Dergelijke oplossingen zouden de overgang naar een duurzame economie verder helpen. Overgang – het woord transitie bestond nog niet. Ik voegde daar in mijn jeugdige onschuld aan toe dat het me denkbaar leek dat Gasunie ergens tussen 2000 en 2010 zijn naam zou veranderen in Waterstofunie.

Gekanteld

Dat had ik beter niet kunnen zeggen. Tegenwoordig moet je iemand van ten minste bestialiteit betichten om in opspraak te komen, destijds was het woord Waterstofunie al genoeg. Na afloop van mijn speech stapte een hoge functionaris van Gasunie op me af en beet me toe: “Mijnheer Van Soest, u hebt de company beledigd!”. Hij draaide zich om en beende weg, mij verbluft achterlatend. Ik had geen idee wat ik had misdaan. Dat ben ik pas later gaan snappen.

Ik moest recent aan dat voorval terugdenken, nu de maatschappelijke discussie over gas compleet is gekanteld, onder invloed van vooral de schaliegasdiscussie (lees het schitterende boek van Remco de Boer erover), de aardbevingen in Groningen, en de aanzwellende klimaatdiscussie. Het is duidelijk: de toekomst kan niet meer dezelfde zijn als het roemrijke verleden.

Foto: Eric Heupel (cc)

Sturing van de energietransitie: duwen tegen een touw

ANALYSE -

Windturbines (hier bij de bruinkolenmijn bij Garzweiler, Duitsland). Alle energieopties roepen verzet op.

 
 
Het lijkt wel een nationale hobby: discussiëren over de vraag welke opties we het liefste willen, of vooral juist niet willen.

Wel wind, maar niet op land. En op zee is het te duur. Energiebesparing? Moeilijk moeilijk moeilijk. Biomassa? Alleen als ‘ie door en door duurzaam is, en niet wordt bijgestookt in kolencentrales. Geen benutting van restwarmte; vroeger niet omdat kapitalistische warmte niet welkom was in socialistische huizen, nu niet omdat de restwarmte van kolencentrales afkomstig is. En omdat we binnen een paar jaar al magisch in het beloofde land van allemaal nul op de meter-woningen zijn aangeland. O ja, en geen geothermie want daar kan fracking voor nodig zijn en dat schijnt heel eng te zijn. En natuurlijk geen CO2-afvang en opslag, want dat houdt het fossiele systeem in stand. En zeker geen kernenergie, dat spreekt voor zich.
En zo voort en zo verder.


Ik vind dat er nog te weinig verzet is tegen zonne-energie, laat ik die ondankbare taak dan op me nemen. It’s a dirty job, but someone’s got to do it. Het is toch eigenlijk absurd dat er op Ameland een zonnepark is verrezen op een weiland waar eerst de grutto’s en de kieviten broedden; en dat nota bene met geld van het Waddenfonds dat bedoeld was om de natuur te versterken, niet om weidevogels weg te jagen. Terwijl er overal nog daken van huizen en bedrijven ter beschikking zijn die eerst maar eens vol moeten voor de weilanden eraan moeten geloven.

Foto: Christopher A. Dominic (cc)

Contouren van een Energieakkoord 2.0

OPINIE - Er gaat haast geen dag voorbij of er wordt wel weer geduwd en getrokken aan het Energieakkoord. En telkens weer komt minister Kamp van Economische Zaken uitleggen dat de doelen van het Akkoord worden gehaald, maar dat dan wel het akkoord overeind moet blijven. Als er aan gemorreld blijft worden, wordt het halen van de doelen natuurlijk steeds moeilijker.

Dilemma

Een lastig dilemma: het Energieakkoord is heeft als functie stabiliteit te brengen in een zwalkend energiebeleid, maar er is een aantal weeffouten in het akkoord geslopen, die op zeker moment niet houdbaar meer zijn. Die zijn de reden voor het gemor en gemorrel.

Zo voorziet het Energieakkoord niet in de realisatie van vergaande klimaatdoelen – en sinds de Urgenda-klimaatzaak en het Parijse klimaatakkoord is wel duidelijk dat het energiesysteem juist op dat punt moet presteren. De olieprijzen zijn historisch laag, wat de vraag weer gaat aanwakkeren. Maar het Energieakkoord kent geen mechanisme om een bodemprijs te hanteren. Het zelfde geldt voor de prijsverhoudingen kolen, gas, olie: 94% van het energiesysteem is overgeleverd aan internationale marktkrachten die de prijzen bepalen. Tegenover die force majeure zouden stevige instrumenten moeten staan. Daartegenover 4 miljard euro subsidie stellen voor bijstook van biomassa in kolencentrales, helpt niet en roept om begrijpelijke reden verzet op.

Foto: Eric Heupel (cc)

Energiedialoog als versnelling gebruiken

COLUMN - EnergierapportMisschien waren mijn verwachtingen minder hoog gespannen. Of ik ben al zo vaak beleidsmatig teleurgesteld dat het alleen nog maar mee kan vallen. Of ik word gewoon oud, kan ook. In elk geval hoop ik dat. Maar hoe dan ook: ik ben positiever over het recente Energierapport dan de meeste reacties die ik in de (social) media voorbij heb zien komen.

Kijk, zo’n Energierapport heeft niet de functie van een beleidsplan met maatregelen en actiepunten die in de komende jaren allemaal moeten worden afgevinkt. Het is veeleer een toekomstschets: waar zou het heen kunnen gaan, en waar zou het heen moeten gaan? Ik moet zeggen: waar eerdere Energierapporten neigden tot “’t kan vriezen, maar ’t kan ook dooien”, geeft dit stuk veel meer richting.

Bijvoorbeeld: laten we primair sturen op CO2, andere grootheden (efficiencyverbetering, hernieuwbare bronnen, innovatie) zijn in dit licht bezien middelen. Dat is een stevige uitspraak. Hoe geven we die handen en voeten? Hoe krijgen mensen en organisaties die liever op alle parameters sturen voldoende comfort dat ook hun wensen en zorgen worden bediend? En: voor CO2-intensieve bedrijven is op den duur geen plaats meer in de economische herberg. Da’s ook niet mis.

Foto: Stefan Andrej Shambora (cc)

Kan de splitsingsfrats nog stoppen?

OPINIE - De verleiding is groot kort na het Parijse klimaatakkoord vooral daarover wat te zeggen. Maar laat eerst het stof neerdwarrelen, de precieze duiding komt later. Maar één ding is natuurlijk wel duidelijk: in de loop van de tijd zal het klimaatbeleid overal verder worden aangescherpt. Een weg terug is er niet. Dat is zo ook in Parijs afgesproken: nieuwe plannen mogen, maar alleen als ze ambitieuzer zijn dan hun voorgangers.

Gezien de wat deerniswekkende positie van Nederland in de pikorde van vooruitstrevende landen is ook duidelijk: we motten an de bak. We kunnen ons geen rare fratsen meer veroorloven.

Er liggen echter nog wel een paar fratsen in het verschiet.

Een zo’n frats, waarover ik me al een jaar of tien zorgen maak, is het doorzetten van de splitsing van de energiebedrijven.

Iedere argumentatie ervoor, die toch al niet sterk was, is inmiddels volledig weggevallen. Waar initiatiefnemer minister Brinkhorst zo’n 10 jaar geleden nog aanvoerde dat splitsing de ultieme marktordening was en dat Nederland daarmee vooropliep in Europa, is nu wel duidelijk dat de rest van Europa van zijn lang-zal-‘ie-leven niet gaat meedoen. En aan een belangrijke gedachte van destijds, de eis dat netwerkbedrijven nimmer in commerciële handen zouden mogen vallen, is voldaan; dat is via verschillende wettelijke regelingen zoals het privatiseringsverbod gezekerd.

Foto: South Bend Voice (cc)

Transitie en belangen, het gelijk van Machiavelli

Belangen, Lobby, Invloed en Macht. In het energiedebat werd altijd een beetje met een boog om die factoren heen gelopen. Het moest immers gaan over energiebesparing en windturbines, over emissiehandelssystemen en energielabels, en over doelstellingen en subsidieregelingen.

Ook onderzoeksprogramma’s bleven liefst een beetje weg van de BLIM (Belangen, Lobby, Invloed, Macht). Weinig aandacht, een enkeling daargelaten. Geen geld voor. Griezelig. Niet in het belang van grote sponsoren. Geen onderzoekstraditie. Wel geld voor onderzoeken naar de vraag hoe Hendrik en Ina ertoe zouden kunnen worden verleid hun autobanden goed op spanning te houden, welk effect, zo dat er al was, onmiddellijk wordt opgevreten door de mogelijkheid 130 km/u te rijden dankzij een hobby van een Minister-zonder-portefeuille.

Maar er is amper geld voor onderzoek naar de vraag hoe het nou kon dat die Minister er zo’n maatregel doorheen wist te jassen, terwijl haar Staatssecretaris-met-portefeuille en de Minister van Economische Zaken zich met de handen in het haar afvragen hoe ze in hemelsnaam aan de klimaateisen van de rechtbank in de Urgenda-rechtszaak kunnen voldoen. En terwijl gemeenten, GGD’s en actiegroepen wijzen op de gezondheidseffecten van een toenemende luchtverontreiniging door stikstofoxiden en fijnstof en voor extra ongevallen in het verkeer. Maar die krijgen geen poot aan de grond, hun waarschuwingen vervliegen als fijnstof in de wind. Hardrijders hebben hun BLIM duidelijk beter voor elkaar dan astmalijders.

Foto: Michael Gil (cc)

Duurzaam ondernemen in turbulente tijden

Shell blaast (voorlopig) zijn operaties in het Noordpoolgebied af. Deels vanwege de naar velen verwachten lage olieprijzen, maar deels vermoedelijk ook omdat de reputatie van Shell in het geding is. Al geloof ik persoonlijk niet dat een bedrijf zeven miljard zou afschrijven vanwege Greenpeace-protesten, maar de factor reputatie zal wel meespelen.

Bij Volkswagen verdampt vermoedelijk nog veel meer kapitaal door het bizarre ‘dieselgate’, de software die de motor maximaal schoon laat tuffen in een testsituatie, en lekker vies op vol vermogen laat draaien in het echt.

Das Auto. Das Betrug.

Voor wie meent dat hiermee een enorme impuls naar elektrisch rijden komt waarmee dergelijke fraude niet meer mogelijk is: we zullen zien, maar welke reden is er om aan te nemen dat met stekkerauto’s niet valt te manipuleren zoals VW met zijn diesels deed? In feite hebben we een volledig legale manipulatie zelfs al achter de rug, met de plug-in hybrides die uiteindelijk geen zier schoner of zuiniger bleken dan hun benzinebroertjes.

RWE-chef Peter Terium klaagt dat de Energiewende zijn business om zeep helpt. Maar hij kent zijn geschiedenis niet als hij denkt dat de Wende pas na Fukushima is ingezet. Al begin jaren tachtig werden de voorbereidingen uitgedokterd. En toen RWE zijn nieuwe kolencentrales ging bouwen konden we al voorrekenen wat de overcapaciteit, conventioneel en hernieuwbaar, zou worden. Maar het bedrijf wilde de tekenen van de tijd niet verstaan.

Foto: Alan Trotter (cc)

Ook de auto moet aan klimaatdoel bijdragen

COLUMN - Bijna onopgemerkt schroeft het kabinet de ambities voor zuiniger en schoner rijden omlaag, via de Autobrief-II die donderdag in de Tweede Kamer wordt besproken. Mathijs Bouman legt in zijn column (FD, 1 september) al de vinger op een paar merkwaardige maatregelen in de autobrief. Nog merkwaardiger is dat de automobiliteit door de autobrief eerder minder dan meer CO2 hoeft te reduceren.

De doelstelling voor 200.000 volledige en semi-elektrische voertuigen in 2020 wordt niet gehaald en ook niet meer nagestreefd, elektrische auto’s met een flinke actieradius worden minder gestimuleerd. Dat betekent praktisch dat veel kilometervretende lease-rijders liever zullen kiezen voor diesel en benzine (waarvoor de bijtelling omlaag gaat) dan voor elektrisch (waarvoor de bijtelling boven de 50.000 Euro omhoog gaat). Voor rijden op groen gas, ongeveer even schoon als elektrisch rijden, komen geen vergelijkbare stimulansen als voor stekkerauto’s.

Het is terecht dat staatssecretaris Wiebes van Financiën de autobelastingen opnieuw doordenkt. De fiscale prikkels voor volledig en hybride elektrische auto’s waren succesvol, maar ook veel te duur. Vooral de zogeheten plug-in hybrides (PC Hoofttractoren met een elektrisch pretpakket) slurpten belastinggeld én nog steeds veel brandstof. Voor hetzelfde belastinggeld is veel meer CO2-winst te boeken.

Betere prikkels
Maar om dat voor elkaar te krijgen zijn betere prikkels nodig dan nu in de Autobrief II staan.
Idealiter zou elke ton CO2 op dezelfde manier moeten worden behandeld, ongeacht de techniek waarmee deze wordt gereduceerd. En ongeacht de gewichtsklasse van de auto, het aantal kilometers dat iemand rijdt of de haarkleur van de chauffeur. Die gelijke behandeling ontbreekt in de Autobrief II.

Foto: Takver (cc)

De president heeft maar weinig kleren aan

OPINIE - Nu de Nederlandse staat heeft besloten in hoger beroep te gaan in de klimaatzaak van Urgenda, wordt op social media regelmatig Obama’s klimaatbeleid als voorbeeld aangehaald. Daar is het lichtend voorbeeld, zo is het idee, terwijl Nederland maar een beetje labbekakt in hoger beroep.

Nederland zou beslist meer moeten doen, maar het beeld van Obama’s klimaatambities klopt niet.

Kijk, op zich is er reden om onder de indruk te zijn van Barack Obama’s recent gelanceerde Clean Power Plan, begin augustus. Uiteraard vanwege zijn retorische gaven, te bewonderen in een schitterende toespraak zoals Obama er patent op heeft (“There is such a thing as being too late, when it comes to climate change“, “America will lead the world“). Slim is de verbinding die hij legt met een hele reeks van issues zoals woonlasten, gezondheid, innovatie en werkgelegenheid, zie de wervende samenvatting van het plan. Indrukwekkend is de regelgeving zelf van maar liefst 1560 pagina’s, opgesteld door een schaakgrootmeester lijkt het wel, die op alle mogelijke tegenzetten voorbereid is. Als dat wat veel is, zie deze Questions and Answers van Carbonbrief. Geniaal is de manoeuvre waarmee Obama en zijn Environmental Protection Agengy EPA de Republikeinse meerderheid in Huis en Senaat (die nog in de eerste fase van ontkenning leeft) buitenspel hebben gezet.

Volgende