Richard Kroes

118 Artikelen
Richard Kroes is historicus en archeoloog en blogt op Apoftegma.
Een apophthegma (meervoud: apophthegmata) is Grieks voor een korte bondige uitspraak, een aforisme, een gezegde. Het komt van het werkwoord apophtheggomai, ‘je mening geven’. Het leek hem wel een aardige titel voor een blog, al heeft hij de spelling wel vereenvoudigd en het bij het enkelvoud gehouden.
Foto: Roel van Deursen - Spijkenisse / Nissewaard - Nederland (cc)

Heb dat voor nodig?

COLUMN - Wie het nut van literatuur, archeologie of voetbal niet inziet, heeft gewoon volkomen gelijk, maar daarmee nog niet voldoende argumenten om het maatschappelijk belang ervan terzijde te schuiven.

Het enige statistisch zekere feit dat ik voor u heb, is dat het altijd mannen zijn. Voor het overige heb ik de indruk – maar meer dan een impressie is dat dus niet – dat het vooral mannen uit het midden- en kleinbedrijf zijn: veehouders, tuinders, aannemers, kleine projectontwikkelaars, dat soort bedrijven. Collega’s van me delen overigens die impressie.

En dat is gek, want het zijn natuurlijk niet alleen MKB’ers die onevenredig zwaar getroffen kunnen worden door de in de wet vastgelegde plicht om bij bouwwerkzaamheden archeologisch onderzoek te laten doen. Ook particulieren treft dat lot, maar gek genoeg klagen die niet.

Dat wil zeggen: ze klagen wel, maar over dat het zoveel kost en soms over dat de gemeente ze heeft beetgenomen. En dat klopt: archeologisch onderzoek is voor de meeste particulieren een hele zware financiële dobber, vooral als het na het vooronderzoek uitloopt op een opgraving.

En lang niet alle gemeentes wijzen hun burgers tijdig op archeologie. Ik maak regelmatig klanten mee die pas vlak voor de deadline van hun vergunningaanvraag nog een seintje van de gemeente krijgen: O ja, doet u ook nog even archeologisch onderzoek? De gevolgen voor dit foutje van de gemeente dragen zij zelf, want iedereen wordt geacht de wet te kennen, ook als de ambtenaar van dienst die niet kent.

Foto: Roel Wijnants (cc)

De wet van Pieter Dirk Uys

COLUMN - Heeft u het ook gelezen? Dat paginagrote interview in het NRC met de voorman van Civitas Christiana, Hugo Bos? Een katholieke activistenclub die zich teweerstelt tegen abortus, homohuwelijk en meer in het algemeen streeft naar:

terugkeer naar de waarden die sinds de Verlichting omver zijn gehaald en onze samenleving in betekenisloze, seculiere chaos hebben gestort

Geen gebrek aan ambitie, zou ik zeggen. Vooroorlogs is misschien nog wel haalbaar, maar vóór de Verlichting? Dan moet je toch echt in een ander land gaan wonen en ik zou werkelijk zo gauw niet weten welk. De Verlichting is overal, zelfs waar hij niet is.

Civitas Christiana heeft drie hoofdcampagnes:

  • Stichting Recht zonder Onderscheid, die zich verzet tegen abortus;
  • Gezin in Gevaar, tegen de LGBT-plus propaganda en gender-ideologie en
  • Cultuur onder Vuur, dat behoud van de Nederlandse cultuur en christelijke tradities waaronder Zwarte Piet nastreeft.

Bij dat laatste denkt u wellicht aan een fout van de journalist, maar dit is geen vergissing.

Even verderop staat het er echt:

Ook niet-gelovigen willen behoud van onze christelijke tradities, zoals Zwarte Piet.

Ik heb mij een volle dag afgepijnigd hoezo en waarom Zwarte Piet een christelijke traditie zou kunnen zijn. Maar in de bijbel kom ik niet verder dan een zéér hoge Ethiopische ambtenaar, de koningen van Kush, de Koningin van Sheba, en het mooiste meisje van de hele wereld, maar geen Zwarte Piet.

Foto: Het Concilie van Chalkedon ((c) Livius.org)

Hulspas’ christenen en moslims

RECENSIE - Uit de diepten van de hel, het nieuwe boek van Sargasso-medewerker Marcel Hulspas, gaat weer over de islam. Nou ja: Hulspas pakt het net als in zijn eerste boek heel breed aan. De hoofdmoot bestaat uit een uitgebreide geschiedenis van de theologische debatten in het Byzantijnse Rijk over ingewikkelde kwesties als de vraag hoe dat nou precies zat met die Drieēenheid en hoe dat nou precies zat met de natuur van Christus: had-ie er nou één of twee? De goddelijke en/of de menselijke? En diezelfde vraag over persoon, natuur, energie en wil: één of twee van elk?

U denkt wellicht: waar gáát dit in vredesnaam over? Uw vraag is volkomen terecht. Hulspas legt het allemaal heel duidelijk uit, dus dat ga ik hier niet doen. Groot voordeel van zijn behandeling van de stof: het wordt heel duidelijk dat al die ’theologische’ vraagstukken, tot op de dag van vandaag van belang voor de christenheid, niet alleen op basis van de schrift, theologische geleerdheid en vrome gedachtegangen aan een antwoord zijn gekomen, maar dat ook véél te grote ego’s van keizers en bisschoppen daar een niet geringe bijdrage aan hebben geleverd.

De doodgewone, ordinaire geschiedenis van macht, intriges en kuiperij komt in deze theologische geschiedenis uitgebreid aan bod en ook deze keer schuwt Hulspas de voetnoot niet voor de sappige details die hij in zijn hoofdlijn geen plek kon geven.

Foto: Mindaugas Danys (cc)

Kinderlijk

COLUMN - Toen ik terugkwam van mijn eerste reis naar Iran – dat was in 2004 – vertelde ik mijn ouders – die zich best zorgen gemaakt hadden – over mijn ervaringen daar. De mijne waren niet veel anders dan die van iedere westerse reiziger die er voor het eerst komt. Waar wij een land verwachtten dat bevolkt werd door geestelijken die nog in de middeleeuwen leven, onderdrukte vrouwen in chador, geheime politie, vervolgde dissidenten en religieuze fanatici die vlaggen verbrandden en ‘dood aan Amerika’ scandeerden, werd ons reisgezelschap vooral geconfronteerd met enorm vriendelijke mensen die heel erg open stonden voor westerlingen, genereus en gastvrij waren, er heel diverse opvattingen op na hielden en enthousiast reageerden als je pogingen deed hun taal te spreken.

Ik vertelde mijn ouders ook dat ik niet begreep hoe zo’n vriendelijk volk zichzelf de toch behoorlijk ruige revolutie had kunnen aandoen die het land tot nu toe zijn vorm geeft en hoe mensen met zulke opvattingen over gastvrijheid zich toch ook die opvallende haatdragendheid jegens bepaalde buitenlanders konden aanmeten (de recente geschiedenis van het land was me destijds nog niet zo in detail bekend).

Mijn vader zei toen iets dat me nog jarenlang stof tot nadenken heeft gegeven: in beide typen gedrag zat iets kinderlijks. Het mateloze enthousiasme en de grenzeloze haat waren weliswaar een tegenstelling maar ook loten aan dezelfde stam.

Foto: David Evers (cc)

Afvallige

RECENSIE - Wie Joram van Klaverens boek over zijn bekering tot de islam zou willen lezen om er achter te komen hoe dat nou in zijn werk gaat: een moslim maken van een oud-PVV’er, zal teleurgesteld worden. Dat heeft te maken met een aantal factoren. De thematische ordening – op zichzelf een hele legitieme keuze – maakt van het boek eerder een toelichting bij, en argumentatie van, zijn besluit dan de beschrijving van een chronologische Werdegang. De mens Joram en zijn worsteling met de materie blijft – op een heel enkel detail na – vrijwel buiten beeld.

Wel wordt duidelijk dat zijn besluit is voortgekomen uit twee min of meer separate kwesties. Allereerst is daar zijn orthodox gereformeerde achtergrond, die al sinds zijn tienerjaren leidde tot een aantal fundamentele twijfels ten aanzien van de Drie-eenheid, de erfzonde en de verzoeningsleer. Twijfels waar hij geen bevredigende antwoorden op vond. Diezelfde achtergrond vormde zijn nogal negatieve beeld van de islam, de tweede kwestie.

Om met dat laatste te beginnen: Van Klaveren wilde een boek schrijven dat de kwalijke kanten van de islam zou belichten en kwam tijdens zijn research zó veel informatie tegen die wees op zijn ongelijk, dat hij uiteindelijk geen andere keus meer had dan zijn mening herzien.

Foto: De moskee van Cordoba (foto Livius.org)

De Spaanse conquista en reconquista

RECENSIE - Op het eerste gezicht is het een indrukwekkend werk: De Spaanse conquista en reconquista 711 – 1492 van de Vlaamse schrijver Luc Corluy. Wel 453 pagina’s, met een uitgebreid notenapparaat, een plaatsen- en personenregister, veel kaartjes en een bibliografie. Op het tweede gezicht is het nog steeds een indrukwekkend werk. Bij eerste lezing valt onmiddellijk op dat de auteur niet alleen beschikt over een kolossale feitenkennis, maar zijn onderwerp ook breed en ruim aanpakt. Zijn eerste inhoudelijke hoofdstuk start rond 500 v.Chr. De in Spanje binnenvallende moslims laten dan nog meer dan 1000 jaar op zich wachten. “Met De Spaanse conquista en reconquista schreef Luc Corluy het eerste wetenschappelijk onderlegde boek over deze periode in het Nederlandse taalgebied”, zo meldt de flaptekst. Met zo’n aanpak over een breed front lijkt hij daar wel in geslaagd te zijn.

Tot je van iets dichterbij gaat kijken. De ondertitel acht eeuwen moeizaam samenleven tussen christenen, moslims en joden deed bij mij al een wenkbrauw rijzen. Elk samenleven van joden, christenen en moslims is nu eenmaal moeilijk, zou je nog kunnen denken, maar wie beseft dat geschiedschrijving vooral over het heden gaat, zal eerder gaan vermoeden dat in tijden van ‘minder, minder, minder’ en vuurwerkbommen op asielzoekerscentra een dergelijke ondertitel licht iets anders verraadt.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Arabisch

COLUMN - Een heel jaar lang ben ik ermee bezig geweest, in de trein op weg van en naar mijn werk: een beginnerscursus spijkerschrift. Nou ja: Akkadisch dus, dat is de taal. De spijkers zijn alleen maar het schrift. Met enige regelmaat werd ik door medereizigers aangesproken over wat ik nu aan het doen was en dat leidde altijd tot leuke gesprekken.

Sinds 24 juni 2016 doe ik hetzelfde, maar dan met Arabisch. Ik ben nu bij les 32 van de 40, dus u ziet hoe gestaag de vooruitgang is in de afgelopen bijna drie jaar. In al die tijd ben ik zegge en schrijve twee keer in gesprek geraakt met een medereiziger, in beide gevallen gehoofddoekte jongedames. Eén daarvan was zelf ook bezig, de ander was het van plan. De eerste heb ik mijn medeleven betuigd, de tweede heb ik van harte van haar plan af proberen te houden.

Niet dat mijn activiteiten niet zichtbaar zijn: ik heb een lesboek, een dik schrift (hardcover), een antwoordenboek en drie vulpennen nodig die ik steevast op het tafeltje uitstal. Ik ga dus ook vrijwel altijd in een vierzits-zitplaats zitten, medereizigers genoeg.

De steekproef is inmiddels groot genoeg om een conclusie te trekken: treinreizigers spreken Arabischlerenden significant minder vaak aan dan spijkerschriftstudenten.

Foto: copyright ok. Gecheckt 25-09-2022

Gedenkdag

COLUMN - Het is drie jaar geleden dat Salah Abdow Farah overleed, een 34-jarige onderwijzer uit Mandera in het uiterste noorden van Kenia. Over de omstandigheden rond zijn overlijden heb ik al twee keer eerder geblogd. De eerste keer naar aanleiding van de satiricus van het gesundes Volksempfinden, die zijn ergernis over de frase ‘islam is liefde’ uitventte en daarvoor precies de dag koos dat een paar Keniaanse moslims met gevaar voor eigen leven hadden bewezen dat dat kón; de tweede keer toen één van hen – om met Abraham Lincoln te spreken –  his last full measure of devotion had gegeven.

Dat was dus Salah Abdow Farah. Op 21 december 2015, op weg naar huis in Mandera vanuit Nairobi – waar hij op de universiteit een cursus ontwikkelingspsychologie van het jonge kind volgde – werd de bus waarin hij zat, overvallen door strijders van al-Shabaab. Dat was vaker voorgekomen. Ruim een jaar daarvoor, in november 2014 had al-Shabaab een bus overvallen en alle passagiers een ‘geloofstest’ afgenomen: wie koranverzen kon reciteren ging vrijuit, de rest werd – om een Godwin te gebruiken – ‘geselecteerd’. Dat waren er achtentwintig.

Van die 28 slachtoffers waren er 17 of 20 onderwijzer. Het district rond Mandera lijdt namelijk aan een tekort aan plaatselijke onderwijzers. Die komen dus uit de rest van het land en onderwijzers vormen zo een disproportioneel deel van de passagiers in de busverbindingen tussen Mandera en de rest van het land. Omdat het noorden van Kenia voornamelijk islamitisch schijnt te zijn en het zuiden overwegend christelijk, vormen ook christenen een disproportioneel deel van de buspassagiers van en naar Mandera. Na deze aanval haakten een boel christelijke en/of uitheemse onderwijzers af en bleef Mandera met zijn probleem zitten. Dat Salah in zijn hometown Mandera bleef, maakte hem dus al een klein beetje een held.

Foto: Mike Licht (cc)

An accident waiting to happen

RECENSIE - De kans dat u ooit van de Kristallnacht hebt gehoord, is meer dan levensgroot. Dat u de naam Herschel Grynszpan kent, is daarentegen niet heel waarschijnlijk. Toch hebben die twee alles met elkaar te maken. De zeventienjarige Herschel Grynszpan schoot op 7 november 1938 in Parijs de Duitse ambassadesecretaris Ernst vom Rath neer en diens dood twee dagen later werd door de Nazi’s aangegrepen voor de pogrom in de nacht van 9 op 10 november.

Sidney Smeets, strafrechtadvocaat bij Spong advocaten in Amsterdam, schreef in 2013 het boek De Wanhoopsdaad over de lotgevallen van Herschel Grynszpan, de aanslag en de – uitgebreide – nasleep van de gebeurtenissen. Het is een bijzonder goed leesbaar boek, Smeets heeft een vlotte pen, dat keurig voorzien is van noten, een register en een bronnenlijst, incluis de nummers van de stukken in de geraadpleegde archieven.

Smeets, die naast rechten in Leiden ook geschiedenis in Utrecht studeerde, heeft zich er niet makkelijk van af gemaakt. Iedere betrokkene bij de aanslag, de Kristallnacht en de diverse rechtszaken die tegen Grynszpan zijn voorbereid (hij is uiteindelijk nooit berecht), krijgt uitgebreid aandacht en ook de gebeurtenissen zelf worden goed ingeleid, toegelicht en van een korte voorgeschiedenis voorzien. Tijdens het lezen van het derde en vierde hoofdstuk kreeg ik zelfs de indruk dat zijn tekst ook prima voldeed als eerste kennismaking met wat Nazi-Duitsland nu eigenlijk was.

Foto: Jon S (cc)

Cursus kranten lezen

COLUMN - In mijn jeugd waarde bij ons in huis een boekje rond met de titel Links Lachen. Een verzameling moppen uit het Oostblok waarvan ik me er nog maar twee herinner: een functie eis voor secretaresse van de partij (hoeveel letters kunt u per minuut weggummen?) en een grap over hoe je kranten in de DDR moest lezen.

Dat vergde een systematische aanpak. Eerst keek je naar wat er stond. Dan lette je op wat er niet stond. Vervolgens vroeg je je af wat ze wilden dat we geloofden om tenslotte aan de hand van de antwoorden op die drie vragen een reconstructie te maken van wat er waarschijnlijk echt gebeurd was.

Daar moest ik aan denken toen ik gisteren in de krant las dat asielzoekers minder crimineel zijn dan autochtone Nederlanders. Ja, u leest het goed: minder crimineel, niet meer dus en ook niet evenveel maar: Minder! Minder!! Minder!!!

Het stond bovendien in de krant van wakker Nederland, die – zoals u ongetwijfeld weet – zijn mening aangaande asielzoekers doorgaans de andere kant op nuanceert, dus het moet wel kloppen. Kijk, dit was de kop die erbij stond.

Ik geef toe dat de toch best wel verrassende boodschap ietwat ondergesneeuwd is geraakt, maar ja, je kunt het hele verhaal natuurlijk niet in één kop kwijt. Ook in het relaas van de harde cijfers lees je nog niet heel precies wat er nu echt aan de hand is.

Foto: IISG (cc)

Vreedzamer

ANALYSE - Al klikkend kwam ik op dit dubbelinterview met socioloog Willem Schinkel, die hele aardige observaties had over het begrip ‘integratie’ en voor wie ik eigenlijk kwam, en filosoof Hans Achterhuis, die meende dat we in de loop der eeuwen steeds vreedzamer zijn geworden en steeds beter met conflicten hebben leren omgaan. Het is een wat contra-intuïtieve stelling zo kort na de Tweede Wereldoorlog, maar luistert u er toch maar even naar (er is beeld bij, maar het is gewoon radio), vanaf 15:00 ongeveer is Achterhuis aan het woord (al raad ik u Schinkel beslist ook aan).

Aanvankelijk zag ik de kracht van ’s mans argumenten wel in: de Eerste en Tweede Wereldoorlog waren behoorlijk gewelddadig, maar de godsdienstoorlogen aan het einde van de Middeleeuwen in Europa waren een stuk erger. Aan het begin van de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) had het huidige Duitsland evenveel inwoners als Syrië nu. Na afloop was er minder dan de helft van de bevolking over. In Syrië zijn tot nu toe 200.000 doden gevallen.

Op de eerste plaats van meest gewelddadige conflicten staat een boerenopstand in China rond het begin van de jaartelling die slechts een derde van de bevolking in leven liet (twee van de eerste drie zijn Chinees) en de twee wereldoorlogen komen niet eens in de top tien voor. De Europese godsdienstoorlogen wél.

Foto: copyright ok. Gecheckt 25-09-2022

Kinderen

COLUMN - Sinds ik een dochter heb, ben ik er achter gekomen dat het idee van een selfish gene onmogelijk kan kloppen. Mensen staan weliswaar niet op voor een zwangere vrouw (doen ze dat wel, dan gaat het steevast om buitenlanders), maar je wilt niet weten waartoe ze – en dan bedoel ik ook echt iedereen – bereid zijn om een kind te helpen. Alles doen ze om een kleintje uit de brand te helpen en uit de brand te houden. En ook onmiddellijk en zonder enige aarzeling. Opvallend is daarbij de emotionele betrokkenheid: ik heb regelmatig omstanders harder zien schrikken dan ikzelf op momenten dat mijn dochter in gevaar dreigde te geraken.

Dat gierende gebrek aan eigenbelang is denk ik de verklaring voor de kop waarmee hedenochtend De Telegraaf – de krant van wakker Nederland – het nieuws van vandaag (Lili en Howick mogen uiteindelijk toch blijven) brengt: “Harbers dook onder”.

De staatssecretaris schijnt te zijn bedreigd inzake de kwestie van de twee tieners. Dat mag niet, dat kan niet, dat moeten we niet willen en zo gaan we niet met elkaar om, maar toch klopt het als een zwerende vinger: mensen hebben nu eenmaal de niet te onderdrukken neiging kinderen te zien alsof ze hun eigen vlees en bloed zijn. Kom je aan kinderen dan kom je aan hen.

Vorige Volgende