Heb dat voor nodig?
COLUMN - Wie het nut van literatuur, archeologie of voetbal niet inziet, heeft gewoon volkomen gelijk, maar daarmee nog niet voldoende argumenten om het maatschappelijk belang ervan terzijde te schuiven.
Het enige statistisch zekere feit dat ik voor u heb, is dat het altijd mannen zijn. Voor het overige heb ik de indruk – maar meer dan een impressie is dat dus niet – dat het vooral mannen uit het midden- en kleinbedrijf zijn: veehouders, tuinders, aannemers, kleine projectontwikkelaars, dat soort bedrijven. Collega’s van me delen overigens die impressie.
En dat is gek, want het zijn natuurlijk niet alleen MKB’ers die onevenredig zwaar getroffen kunnen worden door de in de wet vastgelegde plicht om bij bouwwerkzaamheden archeologisch onderzoek te laten doen. Ook particulieren treft dat lot, maar gek genoeg klagen die niet.
Dat wil zeggen: ze klagen wel, maar over dat het zoveel kost en soms over dat de gemeente ze heeft beetgenomen. En dat klopt: archeologisch onderzoek is voor de meeste particulieren een hele zware financiële dobber, vooral als het na het vooronderzoek uitloopt op een opgraving.
En lang niet alle gemeentes wijzen hun burgers tijdig op archeologie. Ik maak regelmatig klanten mee die pas vlak voor de deadline van hun vergunningaanvraag nog een seintje van de gemeente krijgen: O ja, doet u ook nog even archeologisch onderzoek? De gevolgen voor dit foutje van de gemeente dragen zij zelf, want iedereen wordt geacht de wet te kennen, ook als de ambtenaar van dienst die niet kent.
De doodgewone, ordinaire geschiedenis van macht, intriges en kuiperij komt in deze theologische geschiedenis uitgebreid aan bod en ook deze keer schuwt Hulspas de voetnoot niet voor de sappige details die hij in zijn hoofdlijn geen plek kon geven.
Smeets, die naast rechten in Leiden ook geschiedenis in Utrecht studeerde, heeft zich er niet makkelijk van af gemaakt. Iedere betrokkene bij de aanslag, de Kristallnacht en de diverse rechtszaken die tegen Grynszpan zijn voorbereid (hij is uiteindelijk nooit berecht), krijgt uitgebreid aandacht en ook de gebeurtenissen zelf worden goed ingeleid, toegelicht en van een korte voorgeschiedenis voorzien. Tijdens het lezen van het derde en vierde hoofdstuk kreeg ik zelfs de indruk dat zijn tekst ook prima voldeed als eerste kennismaking met wat Nazi-Duitsland nu eigenlijk was.