Half Nederland uitgewoond

Stadsgeograaf Cody Hochstenbach maakt in zijn boek Uitgewoond duidelijk wat de verschillende slachtoffers van de wooncrisis bindt: decennialang bewust beleid dat markt boven mens zette. In het kader van de woonprotesten is mij - als medeorganisator van de demonstratie Woonopstand in Rotterdam - geregeld gevraagd: waarom hebben we zoveel eisen, waar gaan de protesten nou precies over? En vervolgens, als ik dan verschillende problemen had opgesomd zoals dakloosheid, hoge huren, gentrificatie, beleggers: maar wat is nou het ergste van de wooncrisis? En wat hebben al deze dingen met elkaar te maken? De wooncrisis bestaat uit vele facetten, zo laat Hochstenbach in zijn boek zien, die een ding gemeen hebben: ze zijn het gevolg van een bewuste woonpolitiek. Uitgewoond (2022, Das Mag) is opgebouwd rond elf hardnekkige mythes die worden ontkracht, zoals ‘Het is je eigen schuld als je op straat beland’, ‘Kopen is beter dan huren’, ‘Er zijn te veel sociale huurwoningen’ en ‘Beleggers zijn creatieve ondernemers’. Die mythes ontnemen het zicht op de oorzaken van én de oplossingen voor de wooncrisis. Veel van die mythes kun je in andere bewoordingen terugvinden in beleidsstukken - een aantal vind je (impliciet) in het regeerakkoord. Het zijn de rechtvaardigingen voor beleid dat huisvesting zoveel mogelijk aan de markt en individuele verantwoordelijkheid wil overlaten. Ideologie aan de keukentafel Dat wil niet zeggen dat het enkel beleidsmythes zijn: het zijn breed gedragen opvattingen en overtuigingen, die er mede voor zorgen dat te veel mensen blijven stemmen op politieke partijen zoals de VVD en het CDA die slecht woonbeleid voorstaan. Neem de mythe dat kopen beter is dan huren. Hochstenbach legt uit hoe de ‘ideologie van woningbezit’ al decennia lang door beleid wordt gepromoot (denk vooral aan de hypotheekrenteaftrek). Maar, zo eindigt hij het hoofdstuk, “een andere belangrijke plek waar deze boodschap wordt verspreid is simpelweg thuis aan de keukentafel. Wat politici voor een groot publiek verkondigen, doen ouders in het klein nog eens over” wanneer zij hun kinderen stimuleren en steunen om vooral toch een woning te kopen. Het is die ouders overigens niet kwalijk te nemen dat ze - gegeven het huidige beleid - deze boodschap verkondigen, maar het legt wel bloot waarom er weerstand is tegen sommige oplossingen. Of kijk naar de manier waarop we met dakloosheid omgaan: we tellen niet eens alle mensen zonder woning. Volgens de officiële CBS-telling waren er in 2021 32.000 mensen dakloos, maar het CBS beperkt zich tot de leeftijdscategorie 18 tot 65 jaar en telt groepen zoals mensen in de vrouwenopvang en hun kinderen (15.000 mensen in totaal in 2018), ongedocumenteerde mensen en mensen die in tuinhuisjes of op vakantieparken wonen niet mee. Een meer volledige telling zou waarschijnlijk op 100.000 uitkomen. Oproepen van de EU en het College voor de Rechten van de Mens voor een bredere definitie worden genegeerd. Maar zelfs als we wisten om hoeveel mensen het daadwerkelijk zou gaan, is een effectieve aanpak ver weg, omdat we dakloosheid zien als een zorgprobleem in plaats van een woonprobleem. En dat hangt weer samen met de mythe dat dakloosheid iemands eigen schuld is. Klein zakcentje verdienen Ander voorbeeld: onze sympathie voor kleine beleggers - in het Engels treffend ‘mum and dad investors’ genoemd - die we zien als “welwillende modale huishoudens die een klein zakcentje willen verdienen” bijvoorbeeld voor hun pensioen of om hun kinderen financieel te steunen (bij het kopen van een huis, bijvoorbeeld). De meeste beleggers, ook de kleine, zijn echter schatrijk, zocht Hochstenbach uit. De VVD zou je beschuldigen van afgunst als je dit sprake brengt, maar feit is dat deze beleggers concurreren met starters en aspirant-kopers met weinig inkomen die noodgedwongen bij diezelfde beleggers moeten gaan huren - vaak tijdelijk - en daarmee hogere woonlasten hebben dan als ze een huis zouden kopen. Hoe sympathiek is dat? Interessant zijn overigens ook de uitstapjes terug in de tijd. Zo bespreekt Hochstenbach in het hoofdstuk waarin hij afrekent met de mythe dat beleggers ‘creatieve ondernemers’ zouden zijn, dat de klassieke liberalen zoals John Stuart Mill en Adam Smith al zeer kritisch waren: “Landlords, like all men, love to reap where they have never sowed”, aldus Smith. Het was uit een “diepgeworteld argwaan” jegens particuliere verhuurders vanwege “dickensiaanse misstanden” dat de overheid in de loop van de twintigste eeuw probeerde hen uit te bannen. Dat lukte aardig, tot de financiële crisis weer volop kansen bood voor investeringen. En net als woningeigenaren genieten particuliere verhuurders enorme belastingvoordelen, waardoor de wederopstanding van de pandjesparasiet ook echt te danken is aan de overheid. Piramide van uitgewoonde mensen En zo komen we elke keer, in alle hoofdstukken, weer terug bij beleid: de wooncrisis in al haar facetten is het gevolg van bewuste beleidskeuzes die ervoor hebben gezorgd dat de wooncrisis voortwoekert en verergert. Hochstenbach laat in zijn boek goed zien dat decennialang marktgericht woonbeleid heel veel verschillende slachtoffers heeft gemaakt. De lijst is lang: 100.000 mensen die dakloos zijn of dreigen dakloos te worden, millennials die te veel avocado’s zouden eten (Hochstenbach rekent het uit: nee) en anderen voor wie een koopwoning onbereikbaar is, huurders die te veel betalen of van tijdelijke woning naar tijdelijke woning hoppen op de ‘vrije’ markt waarvan alleen de verhuurder profiteert, de zogenaamde ‘scheefwoners’ en middeninkomens die geen kant op kunnen maar wel een steeds groter deel van hun inkomen kwijt zijn aan huur, de sociale huurders op wie we neerkijken terwijl hun woningen verkrotten en beschimmelen, of die moeten verhuizen omdat hun wijk ‘geherstructureerd’ moet worden, de migranten en vluchtelingen die zelf uiterst precair gehuisvest zijn maar van de VVD en PVV wel de schuld krijgen van de wooncrisis, starters en vooral de laagste inkomensgroepen en gemarginaliseerde groepen die hun leven uitstellen - ze komen allemaal voorbij in het boek. In het laatste hoofdstuk spreekt Hochstenbach dan ook van een “piramide van uitgewoonden”, waarvan dakloosheid slechts de top vormt. (Hochstenbach kiest uitdrukkelijk niet voor de metafoor van ijsberg, omdat een ijsberg iets natuurlijks is, terwijl een piramide “is gebouwd op structurele uitbuiting en onderdrukking.”) Onder de top bevinden zich ruim 800.000 huurders die na het betalen van de huur te weinig over hebben voor andere basisbehoeften. Daaronder zit een nog groter blok van mensen die tijdelijk en onzeker wonen en mensen die hun levens uitstellen en weer daaronder bevindt zich een nog grotere groep mensen die een sluimerende verhuiswens hebben. Het is onmogelijk om te zeggen hoe groot deze laatste groepen precies zijn en er is overlap, maar het zou me niet verbazen als we kunnen concluderen dat half Nederland in meer of mindere mate uitgewoond is. [*] Lotgenoten Die groepen zitten niet in hetzelfde schuitje, maar wel in een vergelijkbaar schuitje. Want niet half Holland is dakloos, natuurlijk, maar ze zijn - in Hochstenbachs woorden - wel lotgenoten: “hun levens en ervaringen lijken wellicht totaal niet op elkaar, maar ze zijn uiteindelijk slachtoffers van dezelfde woonpolitiek.” Dat inzicht maakt het boek niet alleen van grote waarde voor iedereen die de wooncrisis beter wil begrijpen maar ook voor iedereen die zich wil inzetten voor beter woonbeleid. Uitgewoond maakt duidelijk waarom de strijd voor beter woonbeleid een brede groep mensen zou moeten aanspreken. Maar vooral maakt het boek duidelijk dat de 'kleine tweaks' die door beleidsmakers steeds worden voorgesteld geen oplossing kunnen zijn voor een systeem dat zoveel schade aanricht. Als zoveel mensen lijden onder een woonpolitiek die markt boven mensen zet, dan is er geen andere oplossing dan die waar Hochstenbach voor pleit: een compleet andere woonpolitiek. [*] Op een bierviltje: 4 op de 10 huishoudens huurt, van wie een groot deel op een of andere manier last heeft van het woonbeleid: als het geen hoge huren of flexcontracten zijn, dan is het achterstallig onderhoud, deels zo ernstig dat dat drukt op de gezondheid en/of energierekening. Niet alle huurders zitten in de piramide, maar een deel van de niet-huurders zit er wel in zoals woningeigenaren met een dringende of sluimerende verhuiswens vanwege een te hoge hypotheek, te kleine woning of andere reden, en 900.000 twintigers en dertigers die nog bij hun ouders wonen. [boeklink]9789493248090[/boeklink]

Door: Foto: Woonverzet Den Haag (eigen foto)
Foto: peter hessels (cc)

Wonen en de Amsterdamse gemeenteraadsverkiezingen 2022

Wat betreft Wonen valt er bij de gemeenteraadsverkiezingen in Amsterdam zeker wat te kiezen, ontdekten Harry Bleeker, René Hesse en Jan Kok.  Aan de hand van verkiezingsprogramma’s, de Amsterdamse Stemwijzer en het Kieskompas voor Amsterdam hebben zij voor de tien partijen die in de peilingen het hoogst scoorden op een rijtje gezet wat de de Amsterdamse kiezer van hen mag verwachten. Conclusie: Het verschil tussen links en rechts is groot als het om wonen gaat. Hierbij hun voornaamste bevindingen op een viertal thema’: (1) Nieuwbouw, sloop en verbouw, (2) Huursector, (3) Koopsector en (4) Verdelen van de schaarste.

Nieuwbouw, sloop en verbouw

De verschillende politieke partijen bieden flink tegen elkaar op wat betreft de nieuwbouwaantallen de komende vier jaar. Hoe rechtser, hoe meer: D66 9.000, VVD 10.000, JA21 zelfs meer dan 12.000.

Een heet hangijzer bij nieuwbouw is altijd de voorgestelde verhouding tussen de drie woningsegmenten (1) sociale huur, (2) middenvrijesectorhuur/middenkoop en (3) durevrijesectorhuur/dure koop.

Niet voor niets heeft de Amsterdamse StemWijzer naar aanleiding hiervan twee stellingen geformuleerd.

De eerste stelling gaat in op het goedkopere segment: ‘Van de nieuw te bouwen woningen moet minimaal 45% een sociale huurwoning zijn.’ De partijen scoren daarop als volgt, zie onderstaande tabel.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Protest bij de sloop van de Tweebosbuurt, 19 april 2021 - foto: Gwen van Eijk

Is het Rotterdamse sloopbeleid racistisch?

Gisteren ontstond er in de Rotterdamse gemeenteraad een verhitte discussie over de vraag of de sloop van de Tweebosbuurt ‘racistische politiek’ is. Het was een goed maar jammer voorbeeld van hoe de politiek-maatschappelijke discussie over racisme vaak spaak loopt op mensen die zich gekwetst voelen door de beschuldiging van racisme.

De discussie in de raad ging over een discriminatoir element in een beleidsinstrument, niet over individuele racistische overtuigingen of vooroordelen van politici. Het zou helpen als politici niet in de eerste plaats focussen op wat een beschuldiging van racisme over hen zelf zegt (hoewel ze daar zeker op zouden moeten reflecteren), maar op de vraag in hoeverre beleid racistisch kan uitwerken en wat ze daaraan kunnen doen. Het is mogelijk om racistisch beleid te bedenken en uit te voeren zonder daar racistische of kwaadaardige ideeën bij te hebben. Onwetendheid en bij sommige partijen ook onverschilligheid over de mogelijke gevolgen spelen een grote rol.

Controversieel sloopbesluit

Waar ging het in de raad over? De aanleiding voor de discussie was de tv-uitzending van Opstandelingen van 3 juni, waarin het ging over ‘sloopstad Rotterdam’. In de uitzending volgt Sophie Hilbrand het verzet tegen sloop in verschillende Rotterdamse wijken, met speciale aandacht voor het verzet tegen de sloop van de Tweebosbuurt.

Foto: Alexandervn_85 (cc)

Stopt de overheid nu zelf ook met het discrimineren van huurders?

De discriminatie door verhuurders is “zeer alarmerend”, aldus minister Ollongren in reactie op landelijk onderzoek. Maar de overheid maakt zich ook zelf schuldig aan discriminatie van huurders door de inzet van de Rotterdamwet en de Leefbaarometer.

Uit een landelijk onderzoek in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) naar discriminatie bij woningverhuur blijkt dat woningzoekers met een buitenlands klinkende naam vaker afgewezen voor een huurhuis dan woningzoekers met een Nederlandse naam, en dat makelaars en bemiddelaars vaak meewerken aan het verzoek om bepaalde groepen uit te sluiten voor een huurwoning. Het onderzoek bevestigt de uitkomsten van eerdere onderzoeken op kleinere schaal (bijv. van de Groene Amsterdammer in 2018, van Radar in 2019, en onderzoeken in Rotterdam, Utrecht, Amsterdam en Den Haag in 2020 en dit jaar).

“Zeer alarmerend”

Minister Ollongren kondigde direct aan dat de aanpak van discriminatie door verhuurders wordt geïntensiveerd, want:

Dat vind ik zeer alarmerend. Discriminatie is niet toegestaan en wordt niet getolereerd. Dat geldt zowel voor de verhuurbemiddelaars als voor de verhuurder die zijn woning openbaar aanbiedt.

Fijn dat de ogen van de minister geopend zijn, maar gaat de minister dan nu ook eindelijk het eigen beleid kritisch onder de loep nemen? Al jaren verstrekt de minister via de omstreden Rotterdamwet aan gemeenten een wettelijke basis om huurders te discrimineren op basis van hun inkomen, en indirect hun afkomst, met het doel om de leefbaarheid in zogenaamde achterstandswijken te verbeteren. En ook het aanwijzen van de gebieden waar deze discriminerende wet mag worden ingezet is gebaseerd op een discriminerend instrument, de Leefbaarometer.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Bron: Wikimedia Commons

Woonbeleid op agenda door Duivesteijn

ANALYSE - Politiek vraagt om communicatie tussen mensen, over inhoud die gedeeld wordt. Het debat van Adri Duivesteijn en Stef Blok in de Eerste Kamer had iets tragisch. Men zei dat het over huisvesting en woningmarkt ging, maar het leek niet of iedereen het over het zelfde had.

De psycholoog weet dat je waarneemt wat je verwacht. Denk aan het experiment met een basketbal: twee teams spelen elkaar de bal toe en de proefpersonen moeten de passes tellen. Vervolgens komt er een gorilla tussen hen doorlopen, trommelt op zijn borst. De proefpersonen rapporteren braaf het aantal passes. ‘Maar zag je de gorilla?’ Het aantal mensen dat de gorilla helemaal niet ziet is verbazend.

Zoiets deed zich met Blok en Duivesteijn ook voor, vrees ik. Blok heeft sinds het woonakkoord het idee dat de woningmarkt op zijn beleid zat te wachten, terwijl Duivesteijn alleen maar stagnatie en verkeerde beslissingen heeft gezien. Duivesteijn toont zich dankbaar voor de diepte van de discussies die in de Eerste Kamer en daarbuiten zijn gevoerd. Beleefd?

De jaren negentig

In de jaren tachtig zakte de economie nogal weg. De opeenvolgende regeringen Lubbers moesten fors bezuinigen. Dat trof ook de volkshuisvesting, die sterk dreef op gedetailleerde rijksbemoeienis. Daartoe werden, vooral door staatssecretaris Enneüs Heerma (CDA) van Volkshuisvesting een aantal lijnen gevolgd:

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

De crisis en het wonen

Al decennia lang bouwen wij in ons land voor de gezinsverdunning. De gemiddelde woningbezetting daalt constant, sinds 1945. Het is een uitdrukking van onze veranderende wijze van samenleven, die wij individualisering noemen, maar ook van de toenemende welvaart. We hebben meer vierkante meters woning nodig voor alle spullen, die we inons leven verzamelen en we kunnen voor die spullen en die vierkante meters ook betalen.

Maar blijft dat zo? Hoe handelen mensen onder de druk van economische omstandigheden? Hoe vormt zich een huishouden? In de jaren vijftig werd door jonge stellen op zolderkamers bij familie gebivakkeerd, totdat de lange wachttijd voor een woning voorbij was. Alle zure grappen over schoonmoeders dateren uit die periode. Maar toen was  ook “geluk heel gewoon”.

In de jaren zeventig en tachtig kwam de individualisering: het grootste goed was zelfstandig wonen, waarin de volkshuisvesting inderdaad voorzag. Maar er was een neveneffect, dat lastig was: wat te doen met onze ouderen? We maakten grote bejaardenhuizen voor ze; maar dat bleek geen bestendige lijn, door hoge zorgkosten en afkeer van de ouderen zelf, die zelfstandig wensten te blijven, maar liever niet eenzaam. Het beleid werd: laat ouderen zelfstandig blijven wonen, zolang ze dat maar enigszins kunnen.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dromen over wonen (2): over oli en fant

De regering Rutte gaat in gebieden waar de sociale huurwoning schaars is, forse huurverhogingen mogelijk maken, zo schreef ik hier eerder. Daarmee maak je schaarse (goedkope) woningen nog schaarser door ze duurder te maken. Dat leek me geen goed plan. Maar hoe komen redelijke  mensen daarbij? Die vraag bracht mij tot lezing van het partijprogramma van de VVD: je moet altijd proberen andere opvattingen te begrijpen. En nog een gedachte die over-genuanceerd zal lijken: de politieke verschillen tussen de partijen zijn niet zo groot, dus laten we tegenstellingen niet overdrijven. Er is al strijdvaardig geblaat genoeg.

Kortom: heeft de VVD beleid, of is er over nagedacht?

Het VVD-programma “Orde op Zaken” besteedt ongeveer een pagina aan de woningmarkt. Ik zal de spanning niet ondragelijk maken: het is beleid, maar er is niet over nagedacht. Het is een pagina vol ideologische misverstanden, tegenspraken en slordigheden. Als je tussen de regels leest, is nog wel een gedachte aan te treffen, maar geen erg serieuze.

Er wordt dubbel gesubsidieerd, zegt de VVD. De huurprijs wordt kunstmatig laag gehouden en er wordt ook nog huurtoeslag betaald.

Dat is juist: er is inderdaad een dubbel systeem van aanbod-ondersteuning (geweest) waardoor de prijs van het gebouw werd verlaagd en een systeem van vraag-ondersteuning, waarbij lage inkomens worden gecompenseerd voor te hoge huren (vroeger individuele huursubsidie, nu huurtoeslag).

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Dromen van wonen

bouwvalDaadkracht is de boodschap van deze coalitie. Echt imponerend willen de daden nog niet worden: we roken aan de bar, rijden met 130 naar huis en timmeren een inbreker naar buiten. Maar met het strafbaar stellen van illegaal verblijf, een PVV ideetje, wil het nog niet zo lukken. Dat is ook prima, want wat moet je met 50.000 nieuwe criminelen erbij?

De regering Rutte heeft niet per definitie ongelijk, vind ik. De VVD en het CDA waren keurige partijen, hetgeen niet zo maar weg kan zijn. Beleid mag worden gemaakt op het vlak van de huren, huurtoeslag en doorstroming, zolang de sociale doelstelling van de huisvesting in stand blijft. Dat mag zelfs als er niets gedaan wordt aan de subsidie op villa’s door de hypotheekrente aftrek. Als het verstandig beleid is, mag het ook krachtdadig zijn. Liberaler kan ik het toch niet maken. Maar helaas: de vorige regering deed bijna alles fout, maar had nog gevoel voor de sociale kant van het wonen.

In 1902 werd met de woningwet een begin gemaakt met de sociale volkshuisvesting. Dat beleid werd gebouwd op de wantoestanden van de revolutiebouw uit de 19e eeuw. Voor Nederland is dit een geweldige overheidsinterventie geweest. Het leverde op: De grootste voorraad goedkope huurwoningen van de ons omringende landen; Een egalitaire samenleving en een geemancipeerde arbeidersklasse, zonder extreme achterstandsbuurten; Een behoorlijk niveau van wonen, ook door die minst verdienenden.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.