Woonbeleid op agenda door Duivesteijn

ANALYSE - Politiek vraagt om communicatie tussen mensen, over inhoud die gedeeld wordt. Het debat van Adri Duivesteijn en Stef Blok in de Eerste Kamer had iets tragisch. Men zei dat het over huisvesting en woningmarkt ging, maar het leek niet of iedereen het over het zelfde had.

De psycholoog weet dat je waarneemt wat je verwacht. Denk aan het experiment met een basketbal: twee teams spelen elkaar de bal toe en de proefpersonen moeten de passes tellen. Vervolgens komt er een gorilla tussen hen doorlopen, trommelt op zijn borst. De proefpersonen rapporteren braaf het aantal passes. ‘Maar zag je de gorilla?’ Het aantal mensen dat de gorilla helemaal niet ziet is verbazend.

Zoiets deed zich met Blok en Duivesteijn ook voor, vrees ik. Blok heeft sinds het woonakkoord het idee dat de woningmarkt op zijn beleid zat te wachten, terwijl Duivesteijn alleen maar stagnatie en verkeerde beslissingen heeft gezien. Duivesteijn toont zich dankbaar voor de diepte van de discussies die in de Eerste Kamer en daarbuiten zijn gevoerd. Beleefd?

De jaren negentig

In de jaren tachtig zakte de economie nogal weg. De opeenvolgende regeringen Lubbers moesten fors bezuinigen. Dat trof ook de volkshuisvesting, die sterk dreef op gedetailleerde rijksbemoeienis. Daartoe werden, vooral door staatssecretaris Enneüs Heerma (CDA) van Volkshuisvesting een aantal lijnen gevolgd:

–          De verzelfstandiging van de woningcorporaties;
–          verhoogde huurinkomsten via de Tussenbalans;
–          decentralisatie naar gemeenten.

De eerste twee lijnen liepen goed. Alleen de decentralisatie naar de gemeenten kreeg niet veel vorm. In 1993 begon de hausse in het vastgoed. Precies op het goede moment (1994-1995) onderhandelde Heerma met de woningcorporaties over de brutering. Eerder zou niet gelukt zijn, later vermoedelijk evenmin. Maar door dit historische toeval ontstond de kans de woningcorporaties zelfstandig te maken en een sterke financiële positie te geven. “Het geld klotst tegen de plinten,” zei politiek Den Haag, met een onmiskenbare jaloezie.

Zelfregulerend woonstelsel

Duivesteijn sprak vorige week van een “zelfregulerend woonstelsel”. Het beleid was dat de subsidies vrijwel volledig werden afgeschaft, maar om het wonen op niveau te houden en de stadsvernieuwing te kunnen voltooien, moest er dan wel geld in de sector zijn. Via de Tussenbalans werd vier jaar 5.5% huurverhoging afgesproken.

Daar kwam de vastgoedhausse bij. Rond 2000 was de vermogenspositie van de woningcorporaties ronduit uitstekend te noemen. Alleen de individuele huursubsidie en een Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing (ISV) resteerden nog van een ingewikkelde catalogus van tientallen bijdrage en subsidieregelingen.

Politiek Den Haag raakte nog verder ontregeld. Bij de formatie in Beetsterzwaag (2006) zag Wouter Bos geen probleem in het invoeren van de vennootschapsbelasting voor corporaties, waardoor deze 500 miljoen kwijtraakten. Ook moest het wijkenbeleid worden uitgevoerd uit bijdragen, die van woningcorporaties werden gevraagd. De rechter zou deze bijdrage afkeuren, maar het had de arme staatssecretaris, die deze bijdrage moest collecteren inmiddels de kop gekost.

Maar tot de eerste jaren van deze eeuw redde het woonstelsel zich uitstekend. Het maatschappelijk gebonden vermogen leek toereikend voor de taak, de woningcorporaties waren gewaardeerde en kapitaalkrachtige partner op lokaal niveau.

Vergeten

De politiek opereert niet op zijn slimst wanneer er geldnood is. De crisis die uit de VS overwaaide, heette de sub-prime mortgage crisis en brak uit door riskante woningfinanciering. Het beeld kantelde snel, maar een paar groepen zagen het niet gebeuren. De ene groep was de politiek, die zeker wist dat er geld te halen was uit de woningmarkt.

De andere groep was de groot gegroeide corporatiedirecteur met grootheidswaan, die zich met derivaten meende te beveiligen en droomde van een vastgoed imperium. Hoe dat afliep, kunnen sommigen goed vertellen.

Maar waren er ook politieke denkers, die nadachten over de lange termijn gevolgen van de crisis voor de kwaliteit van het wonen en het op peil houden van de investeringen in onze steden? Helaas, door het zoeken naar geld vergat de politiek dat we het wonen juist onafhankelijk hadden willen maken van overheidsbemoeienis. In het belastingplan werd een “verhuurdersheffing” opgenomen. Rondpompen van geld werd vroeger als doodzonde beschouwd: nu belasten we huurders, die een sociale huur betalen, maar compenseren hem door een huurtoeslag. Volgens Duivesteijn zal een groot deel van de opbrengst van de verhuurdersheffing, worden betaald uit de huurtoeslag die het Rijk aan de huurder betaalt. Hoe krom wil je het hebben?

Verantwoording Duivesteijn

In een blog legt Duivesteijn zijn overwegingen uit. Boeiend en respectabel, vind ik. Maar:

–          De afschaffing van de HRA is ook door de EU en elke deskundige bepleit, dus ik zou dat niet zien als een resultaat, waar iets tegenover moet staan. Bovendien is het tempo te laag, waarin de afbouw geschiedt.

–          De liberalisering van de huren is betekenisloos, zonder scherpere gedachte. Blok wil huurders tot een koopwoning brengen, maar bij gebrek aan financiering worden mensen opgesloten in een huurwoning, die ze steeds moeilijker kunnen betalen.

–          De wijze waarop bij de formatie is uitgeruild, noemt hij fout;  nieuwe visies en plannen  konden zijn gemaakt waar beide partijen  mee hadden kunnen leven. Dat getuigt van politieke autonomie en moed.

–          De zelfregulering door behoud van geld in de sector, heeft Duivesteijn niet gehaald; door het wegvloeien van middelen komt het probleem van bouwkundig verval en niet financierbare stadsvernieuwing spoedig terug.

–          De verhuurdersheffing krijgt geen einddatum, zoals Duivesteijn wilde, maar slechts een eerdere evaluatie in 2016; zijn wooncoöperatie zal nader worden onderzocht.

–          Duivesteijn wil een evenwichtige behandeling van huur en koop; daarbij knikt Blok instemmend, maar ik kan niet zien of hij begrijpt waarover hij knikt.

Ik moet erkennen: het is een heel waterig soepje, waar Duivesteijn zijn sterren voor heeft verleend. Hij erkent dat de huurder er weinig aan heeft, hoopt op de evaluatie van 2016, die ongetwijfeld zal aantonen dat de investeringen in de bouw dramatisch zijn teruggelopen. Of er ook eenduidig kan worden vastgesteld dat de bouwkundige kwaliteit van onze miljoenen woningen al achteruit gaat, weet ik niet. Maar het is waarschijnlijk dat het gaat gebeuren.

De agenda

Moeten we blij zijn met de confrontatie? Betekent het dat het woonbeleid hoger op de agenda komt?  Ik denk en hoop het.

Het nationale beleid toont weinig consistentie. In het sociaal domein wordt vlijtig gedecentraliseerd: de gemeente moet bedenken welke beleidsmaatregelen voor de sociaal zwakken, jongeren en ouderen passen. Het motief daarbij is bezuinigen, maar er zit ook een keuze achter.

Diezelfde keuze voor een lokaal woonbeleid, met gemeenten en woningcorporaties in een gelijkwaardige rol, is destijds in de jaren negentig gemaakt. Maar we maken dat beleid niet af, maar draaien het terug. Door de verhuurdersheffing, het toezicht op corporaties opnieuw onder de minister te brengen, het vasthouden aan een centraal huurbeleid, doen we het omgekeerde van hetgeen jaren is gedaan. Je kunt het slechts “regressief” noemen.

Duivesteijn heeft gelijk dat hij dingen zoals deze agendeert. Zijn rol als senator is daar minder geschikt voor, maar ik snap dat hij het niet kan laten. Of hij begrepen wordt, is de vraag. Maar hij begrijpt de realiteit in het wonen beter, dan alle ondertekenaars van het woonakkoord bij elkaar.

  1. 1

    Duivestein doet met sterk denken aan twee CDA’ers, die het zo moeilijk hadden met een gedogende PVV.
    Na tien jaar kamerlidmaatschap krijg je een volledig pensioen, de dame van het tweetal stopte precies na tien jaar.

    Het woonaccoord is alleen een greep in de kas van de sociale woningbouw, met forse huurverhoging als gevolg.

    De gevolgen van het pensioenaccoord zie je aan de advertenties van financiële instellingen, die bieden pensioen regelingen aan.
    Hun kosten zijn 20 tot 30 %, onze pensioenfondsen deden het, het schijnt nu wat meer te kosten, voor vijf procent.
    De woekerpolisaffaire loopt nog, de volgende wordt opgezet.

  2. 2

    ” De liberalisering van de huren is betekenisloos, zonder scherpere gedachte. Blok wil huurders tot een koopwoning brengen, maar bij gebrek aan financiering worden mensen opgesloten in een huurwoning, die ze steeds moeilijker kunnen betalen.”

    Vooral hier val ik keer op keer over bij de VVD. Aan de ene kant willen ze mensen mobiliseren door ze te verplichten te verhuizen wanneer zij werkloos zijn, dat terwijl aan de andere kant ze burgers proberen vast te ankeren aan een huis die een veel te hoge prijs heeft.

    Deze regering is waanzin. PvdA is volledig haar koers kwijt en de VVD spreekt zichzelf op alle fronten van hervorming tegen.

  3. 3

    @1: het kost me veel moeite om de partij trouw te blijven, maar het is zoiets als seriële monogamie. Als je het niet meer kunt vinden met je partner, dan ruil je hem/haar in voor een nieuwe. Die onverschilligheid heb ik niet. En Duivesteijn ook niet: juist als je verschil van inzicht hebt moet je met elkaar vechten.
    Het gedachtegoed en de traditie vind ik in orde. Het gaat er dus om de juiste koers terug te brengen.
    Je kunt Duivesteijn niet gebrek aan integriteit verwijten. Dat hij de gefragmenteerde oppositie niet wilde bedienen, neem ik hem niet kwalijk.
    @2: wat ik boeiend vind is de inhoudelijke discussie. Ik kan best leven met de gedachte dat de overheid zich minder moet bemoeien met het wonen, maar Duivesteijn denkt daar beter en genuanceerder over dan VVD en PvdA bij elkaar. De mannekes roepen wel over hervormingen, maar doen bijna niets van enige betekenis. HRA? Eind jaren negentig liet de DNB al zien dat dit verwoestende beleid moest worden gestopt.
    Bij de formatie is niets bedacht maar geruild.

  4. 4

    @1: Duivestein gaf vanmorgen ( op de radio) toe dat hij toch maar had meegestemd met het woonakkoord om een eventuele regeringscrisis te voorkomen.

    De h..terlingen hebben hem dus gedreigd de regering te laten vallen wanneer hij tegen zou stemmen….

    Dat zou namelijk betekenen dat deze regering, op dit moment in de peilingen op iets meer dan dertig zetels staand, kon ophoepelen en dat er iets totaal anders kon gaan gebeuren.

    Dertig zetels, een historisch minimum voor een regering die nog maar net een jaar aan de gang is…en niemand ziet het mene tekel..

    Ja, Adri, je hebt het gevoel dat je het land voor een lot erger dan de dood hebt behoed, ongeveer 80 % van alle Nederlanders nemen je dat ernstig kwalijk.

    Onder anderen ik.

  5. 5

    Sorry Tom, ik begrijp niet waarom je het voor Duivesteijn opneemt. De man heeft niets bereikt, alleen dat nu duidelijk is dat ook de PvdA een extra huurbelasting op middeninkomens ondersteunt. Vergeet niet: ook verhuurders in de vrije sector die hun woningen nooit als sociale huurwoningen hebben aangeboden, heffen deze belasting – van alle woningen met een huur onder de 675 euro wordt gekeken naar je inkomen en als dit hoog genoeg is, wordt de huur extra verhoogd. Het geld gaat gewoon in de grote pot. Kun je een JSF voor kopen, of asfalt.

  6. 6

    @ Ernest: ik neem het voor hem op, omdat ik het met de PvdA volstrekt oneens ben.
    Het is en blijft een schande: maar alle stukken die ik hier over dit onderwerp heb geschreven zijn op dezelfde manier en toonhoogte vol kritiek. Kortom: inhoudelijk volledig eens.
    Het probleem is het praktisch politieke: een grote parlementaire meerderheid in de Tweede Kamer is het eens met deze narigheid. Nog steeds zijn het arrogante baasjes die het woonakkoord verdedigen, zonder bij benadering te weten waarover men het heeft.
    De organisaties die gewicht in de schaal konden leggen, zoals Aedes en Woonbond hebben het hoofd in de schoot gelegd en/of machteloos geprutteld.
    En wat moet je dan doen? Lidmaatschap opzeggen, lid van een oppositiepartij worden? Of van andere clubs, die geen idee hebben hoe het dan wel moet?
    Ik verkies dan de luidkeelse keuze tegen Samsom, Monasch, Bos, terwijl ik Duivesteijn prijs. Allemaal partijgenoten, maar dolend, op een oude activist na, die slechts een dun soepje scoort, maar in elk geval een paar dingen op de agenda houdt. Snap je?