Vorig jaar april publiceerde het medisch tijdschrift The Lancet een onderzoek naar wat geldt als de meest humane methode om mensen ter dood te brengen; de dodelijke injectie. De auteurs toonden overtuigend aan dat er zowel met de methode als met de deskundigheid van de beulen veel mis is, met onnodig lijden van de ter dood veroordeelde tot gevolg.
De dodelijke injectie bestaat meestal uit drie opeenvolgende injecties: als eerste wordt natrium thiopental toegediend ter verdoving. De twee volgende stoffen zijn pancuronium bromide (de werking is vergelijkbaar met curare; het is een spierverslapper en stopt zo de ademhaling) en kaliumchloride. Het kaliumchloride stopt het hart, maar veroorzaakt brandende pijn en spierkrampen. Om het lijden van de ter dood veroordeelde te beperken (en de publieke opinie op de hand van de doodstraf te houden) is goede verdoving dus onmisbaar.
Postmortem onderzoek wees echter uit dat de concentraties thiopental vaak te laag waren om effectiviteit te garanderen. 43 van de 49 gevallen voldeden niet aan de norm voor chirurgische ingrepen. 21 personen waren mogelijk zelfs bij bewustzijn tijdens de executie. Dit was meestal niet zichtbaar voor het aanwezige publiek door de toegediende spierverslapper. Tijdens de executie wordt het bewustzijnsniveau van de ter dood veroordeelde door niemand gecontroleerd, de executie wordt van een afstand uitgevoerd (bijv. achter een gordijn). Eigenlijk zou de procedure onder toezicht van een arts moeten worden uitgevoerd maar dit is niet toegestaan volgens de ethische code van de American Medical Association. Zelfs bij euthanasie van dieren wordt grotere zorgvuldigheid in acht genomen om lijden te voorkomen.