D66-voorstel gaat niet ver genoeg

Wat mij het meest bevalt aan het D66-voorstel om studenten voortaan een basisbeurs van 300 euro per maand te geven: zij kunnen niet langer aanspraak maken op huur- en zorgtoeslag. Deze inkomenstoeslagen waren ooit bedoeld voor burgers die voor langere tijd – of voor altijd – te weinig verdienen om de gangbare huren en zorgpremies te kunnen betalen. Het lage inkomen van studenten daarentegen is slechts tijdelijk, en wordt na het afstuderen meestal meer dan evenredig gecompenseerd door een bovenmodaal inkomen. Maar deze correctie is niet de kern van hun voorstel. Voor de rest van de bevolking wil D66 eveneens meer geld in de portemonnee in ruil voor afschaffen van allerlei inkomenstoeslagen. Bij de hogere inkomens in de vorm van een belastingkorting, bij de lagere inkomens door hen een soort basisinkomen van 300 euro per persoon te geven – wat bij studenten een basisbeurs heet.

Politiek Kwartier | Schuldenstelsel

COLUMN - Het akkoord over het sociaal leenstelsel heeft meer nadelen dan voordelen. Maar klaarblijkelijk had van Ojik behoefte aan zijn eigen ‘Kunduz’.

Van Ojik heeft wat uit te leggen. Deze week tekende hij een akkoord waarmee de gemiddelde studieschuld met 15.000 euro wordt ophoogt. Volgens hem wordt het stelsel er eerlijker op.

Toegegeven, sommige zaken in het plan zijn goed verdedigbaar. Het maximale percentage van het loon dat verplicht afbetaald wordt ligt flink lager, en mensen met een laag inkomen worden bij het afbetalen meer ontzien dan nu het geval is. Inderdaad een forse verbetering ten opzichte van de situatie nu.

Verder is het natuurlijk leuk dat er wat extra OV-kaarten worden uitgedeeld.

Maar dat was het dan ook wel.

De hogere aanvullende beurs voor kinderen van ouders met een laag inkomen die GroenLinks bedongen heeft lijkt leuk, maar netto gaan deze studenten er toch op achteruit. Daarbij heeft iemand met rijke ouders die weigeren te betalen aan de studie daar niks aan.

GroenLinks verdedigt haar actie met het argument dat met de huidige basisbeurs ook mensen met lage inkomens meebetalen aan de studie van mensen die daardoor later veel verdienen. Zij noemt dat onnodig en oneerlijk.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Foto: Saket Vora (cc)

Stufi op zijn Amerikaans

ELDERS - In de VS kunnen minder vermogende studenten gemakkelijk geld lenen van de federale overheid om hun studie te bekostigen. De laatste jaren wordt almaar meer geleend, voor steeds minder rendement. Hoe zit dat?

Voor veel Amerikaanse (ex-)studenten is 1 juli een belangrijke datum. Onderneemt het Congres voor die tijd geen actie, dan verdubbelt de rente op door de federale overheid gegarandeerde studieleningen van 3,4% naar 6,8%. Voor de gemiddelde Amerikaan die een beroep heeft gedaan op dit federale leenprogramma betekent dat een jaarlijkse verzwaring van de rentelasten met maar liefst duizend dollar. Geen kattenpis in deze tijden.

Een veel groter probleem dan de rente op de studieleningen is echter het totale leenbedrag zelf. Een kleine 39 miljoen Amerikanen hebben gezamenlijk bijna duizend miljard dollar aan studieschulden uitstaan bij de federale overheid: gemiddeld zo’n 25 duizend dollar per persoon.

In dit artikel van het tijdschrift MotherJones wordt in negen grafieken uit de doeken gedaan dat de VS kampen met een regelrechte student loan crisis. Zo kunnen we zien dat gedurende de afgelopen tien jaar het bedrag aan uitstaande federale studieschulden is verviervoudigd. Dit bedrag is inmiddels hoger dan alle openstaande creditcard schulden in de VS. Erger nog: terwijl de Amerikaanse creditcard schulden sinds 2008 stevig aan het dalen zijn, stijgen de federale studieschulden onverminderd door. Het percentage studieleningen dat met een betalingsachterstand kampt van tenminste drie maanden stijgt mee: dit bedraagt inmiddels meer dan tien procent, een hoger percentage dan voor hypotheken, creditcard schulden of autoleningen.

Foto: Studievereniging i.d (cc)

Invoering sociaal leenstelsel zal beperkt effect hebben

ACHTERGROND - Door de invoering van een sociaal leenstelsel zal de toegang tot hoger onderwijs verslechterd worden, willen verschillende belangengroeperingen ons wijsmaken. Maar is dat wel zo?

Studiefinanciering en collegegelden zijn net als in Nederland in vele andere landen met enige regelmaat onderwerp van discussie en beleidsmatige verandering. Het Centre for Higher Education Policy Studies (CHEPS) heeft dit in acht landen onderzocht en geanalyseerd (pdf). In het onderzoek heeft CHEPS gekeken naar een aantal landen die hierin het voortouw hebben genomen en naar landen die een gelijkwaardige sociaal-economische structuur kennen als Nederland. Het gaat dan om Angelsaksische landen zoals Australië, Canada, Engeland, Nieuw Zeeland en de Verenigde Staten als voorlopers en Duitsland, Noorwegen en Zweden als voorbeelden van landen met een vergelijkbare sociaal-economische structuur.

In vrijwel alle landen staat de tendens naar “cost-sharing” centraal: het delen van de kosten van studeren tussen studenten, hun ouders en de overheid. Dat gebeurt via hogere collegegelden in combinatie met studieleningen, maar ook door vervanging van studiebeurzen door studieleningen, meer privaat hoger onderwijs en de (impliciete) verwachting dat studenten bijverdienen of meer ouderlijke bijdragen krijgen.

Bron: CHEPS (2013). International Experiences with Student Financing.

In een managementsamenvatting (die ik zeer kan aanbevelen) concludeert CHEPS dat financiële prikkels doorgaans slechts beperkte en tijdelijke effecten hebben op studiekeuzegedrag. Een deelname-effect treedt alleen op bij substantiële wijzigingen in de nettokosten voor studenten.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Newsphoto (cc)

Niet zeuren over sociaal leenstelsel

OPINIE - Veel studenten zijn boos over de plannen om de basisbeurs af te schaffen en een sociaal leenstelsel in te voeren. Maar zou dat nou echt zo’n ramp zijn?

Het sociaal leenstelsel komt eraan. Goed, GroenLinks heeft nog wat drempels opgeworpen in de Eerste Kamer (behoud van de studenten-OV-kaart, de aanvullende beurs omhoog en al het uitgespaarde geld terug naar het hoger onderwijs – lijkt me alleszins redelijk), maar zodra daar overeenstemming over is, zijn de dagen van de basisbeurs toch echt geteld.

Ik heb zelf nog wel wat studiejaartjes voor de boeg, dus ik ga waarschijnlijk ook wat merken van deze veranderingen. Lig ik daar wakker van? Nou nee. Het sociaal leenstelsel is niet de maatregel waar ik zelf voor zou kiezen; zoals Klokwerk eerder vandaag op deze site al betoogde is het een verre van ideale oplossing. Veel liever had ik gezien dat alternatieven als studieloon en studietaks of financiering naar studielast serieus waren onderzocht. Maar het verbaast me hoe druk mijn medestudenten, de strebertjes in besturen en studentenraden voorop, zich over het leenstelsel maken. Het einde van de basisbeurs zou ook gelijk het einde zijn van de Nederlandse kenniseconomie, van de toegankelijkheid van het hoger onderwijs, misschien wel van de wereld.

‘Jongen, in míjn tijd…’

Wat in deze discussie vaak vergeten wordt, is dat de basisbeurs een relatief recente uitvinding is. De regeling stamt uit 1986, en is daarmee nauwelijks ouder dan de huidige studenten zelf. De generatie van mijn ouders, die in de eerste helft van de jaren tachtig studeerde, had ook al met een leenstelsel te maken. Goed, dat was heel wat rianter dan het stelsel dat er straks komt (er zat geen rente op de leningen) en studeren was in die tijd ook goedkoper (het collegegeld was een stuk lager, net als de huren van studentenkamers). Maar geleend werd er – en vervolgens ook rustig tien, vijftien jaar lang afbetaald. Daar ging heus niemand dood van.

Foto: Eric Heupel (cc)

Steeds minder jongeren werken voor hun geld

DATA - Jongeren tussen de 20 en 25 jaar kunnen steeds minder vaak rondkomen van een eigen verdiende inkomen. In afgelopen tien jaar is het percentage jongeren in deze leeftijdscategorie dat financieel onafhankelijk is gestaag afgenomen van 45,5 procent tot 32,9 procent.

,,De afname heeft te maken met het groeiend aantal mensen uit deze leeftijdscategorie dat gaat studeren. Het CBS laat inkomen uit studiefinanciering weg,” zegt Gabriëlla Brettonville van het Nibud. ,,Het betekent dus niet dat deze jongeren niet kunnen rondkomen, maar dat zij inkomsten uit andere bronnen dan werk hebben.”

De afname is zowel zichtbaar bij mannen als vrouwen in deze leeftijdscategorie. Bij mannen nam het percentage af van 50,1 tot 37,1 procent, bij vrouwen van 40,6 tot 28,7 procent. Dit blijkt uit een analyse door ANP en Sargasso.nl van donderdag verschenen cijfers over economische zelfstandigheid van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Bij vrouwen druist de lijn van de 20 tot 25-jarigen in tegen het verloop van de rest van de leeftijdscategorieën. Vrouwen tussen de 25 en 65 zijn in de afgelopen tien jaar veel meer financieel onafhankelijk geworden, gemiddeld van 45,9 naar 55,3 procent.

Mannen zijn nog altijd vaker financieel onafhankelijk dan vrouwen. Het gemiddelde percentage mannen boven de 25 dat financieel onafhankelijk is, is in tien jaar gedaald van 85 naar 81,9 procent.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Foto: Eric Heupel (cc)

Snel afschaffen die basisbeurs

Gemotiveerde studentes (Foto: Flickr/MC Quinn)

Nederland kent een aantal subsidies die vooral ten goede komen aan de wat beter gesitueerden. De hypotheekrenteaftrek is daarvan de bekendste. Maar de studiefinanciering is een goede tweede. Het is dus niet meer dan logisch dat de stufi wordt meegenomen bij de zoektocht naar mogelijkheden om te bezuinigen.

Het tegenargument is natuurlijk dat de drempel naar het hoger onderwijs verhoogd wordt. Maar studenten met minder vermogende ouders hebben vanaf het ontstaan van de basisbeurs al moeten bijlenen om rond te komen, of er een baan naast nemen. Voor hen zal nog meer lenen niet de drempel naar het hoger onderwijs verhogen. Dat zal hoogstens gelden voor de groep die naast de beurs door hun ouders onderhouden worden of werken. Maar is het werkelijk een groot probleem als zij wat moeten lenen?

Sterker nog, misschien is de drempel naar het hoger onderwijs momenteel wel te laag. Minister Plasterk constateerde onlangs de het stelsel uit zijn voegen barst. Op naar een stelsel van hoger onderwijs waarin de motivatie om kennis op te doen vele malen zwaarder weegt dan de vrees om een studieschuld op te lopen.

Foto: Eric Heupel (cc)

KSTn | Studenten, OV-chipkaart en privacy (not)

Logo kamerstukken van de dagUw hulp is even nodig. Door de drukte lees ik de memorie van toelichting bij de aanpassing van de wet op de studiefinanciering voor het opnemen van de OV-chipknip misschien verkeerd.
Dus of u even wilt meelezen en kunt bevestigen danwel ontkrachten dat de IB-groep straks in staat is van alle studenten te zien waar en wanneer ze reizen.
Als ik het goed zie, wordt het OV-reisrecht van studenten namelijk via hun BurgerServiceNummer (BSN) gekoppeld aan de verstrekte OV-chipkaart.
In de systemen van RSR kunnen nu het OV-chipkaartnummer en het BSN van de studerende aan elkaar gekoppeld worden.

RSR = Regisseur Studenten Reisrecht (Reisbureau van de IB-groep)

De rest is een kwestie van techniek. Als het zo is, is het wel makkelijk. Kan je zien of een student een tijdje niet reist naar zijn/haar colleges. Stop je gewoon de bijlage.
 
 
En ik ga weer over tot de orde van de dag.
Mocht u uw ei kwijt willen bij de politiek naar aanleiding van bovenstaand stuk, gebruik dan de site van Mail de politiek.
KSTn = Selectie uit recente KamerSTukken.

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.