De top van je eigen piramide

Er bestaat een hardnekkig misverstand over macht. Dat die zich concentreert in een kleine, overzichtelijke top, waar een handvol mensen het geheel overziet en bestuurt. In werkelijkheid lijkt macht eerder op een verzameling piramides, in elkaar geschoven als een Russische matroesjka. Iedereen zit ergens in zo’n constructie. En vrijwel iedereen ervaart zichzelf als de top van zijn eigen deelpiramide. Dat geldt niet alleen voor organisaties, maar voor de samenleving als geheel. De huiseigenaar die neerkijkt op de huurder. De vaste werknemer die zich onderscheidt van de flexkracht. De burger die zich afzet tegen de bijstandsgerechtigde of de nieuwkomer. Het zicht naar beneden is scherp. Je ziet wie er volgens jou minder bezit, minder status heeft, minder zekerheid geniet. Het zicht naar boven is diffuus. Multinationals, investeringsfondsen, geopolitieke blokken, financiële markten. Abstracties waar je weinig directe invloed op ervaart. Die asymmetrie vormt het fundament van maatschappelijke nervositeit. Naar beneden zie je concrete mensen die mogelijk aanspraak maken op wat jij hebt. Naar boven zie je structuren die als natuurwetten worden gepresenteerd. Zo ontstaat een permanente valangst. De angst om af te glijden op de sociale ladder. Wantrouwen als maatschappelijk smeermiddel Wie bang is om te dalen, ontwikkelt reflexen. Afbakenen. Uitsluiten. Strenger willen zijn voor wie onder je staat in de veronderstelde hiërarchie. Politieke voorkeuren verschuiven mee. Wie zich bedreigd voelt in zijn relatieve positie, zoekt bescherming in beleid dat de onderlaag disciplineert. Het wrange is dat de structurele verschuivingen in macht en welvaart zelden van onderop komen. Ze komen van belastingconstructies, deregulering, privatiseringen, handelsverdragen, kapitaalstromen die nationale grenzen passeren zonder zich iets aan te trekken van lokale gemeenschappen. De hogere lagen herschikken het speelveld. Publieke voorzieningen worden uitgekleed. Zekerheden worden flexibiliteit genoemd. Ongelijkheid wordt marktwerking. Toch richt de maatschappelijke woede zich vaak horizontaal of naar beneden. Werkenden tegenover uitkeringsgerechtigden. Autochtoon tegenover migrant. Stad tegenover platteland. Alsof de piramide erboven niet bestaat. Het handige misverstand Voor de hogere lagen is deze dynamiek functioneel. Zolang groepen onderling strijden om relatieve posities, blijft de druk op de top beperkt. Wantrouwen vervangt solidariteit. Culturele strijd overschaduwt economische machtsconcentratie. De kunst van hedendaagse machtsuitoefening zit zelden in openlijke repressie. Ze zit in het organiseren van onzekerheid. Maak bestaanszekerheid afhankelijk van markten die buiten democratische controle vallen. Presenteer politieke keuzes als technische noodzaak. Verschuif verantwoordelijkheid naar individuen. De rest volgt vanzelf. Wie onderaan staat, ervaart directe controle van instanties en regels. Wie in het midden zit, voelt druk van boven en concurrentie van onder. Vrijwel iedereen voelt zich klem, en toch draagt vrijwel iedereen bij aan het in stand houden van de hiërarchie door de blik naar beneden gericht te houden. De werkelijke dreiging De grootste bedreiging voor je maatschappelijke positie zit zelden bij degene die het minder heeft dan jij. Ze zit in besluiten over rente, grondprijzen, zorgstelsels, energievoorziening, internationale handelsketens. In bestuurskamers en onderhandelingstafels waar democratische invloed beperkt is. Zolang we onszelf blijven zien als de top van onze eigen kleine piramide, blijft de valangst leidend. Het wantrouwen groeit. De onderlinge afstand neemt toe. Intussen concentreren vermogen en beslissingsmacht zich verder aan de bovenkant. Een verschuiving van perspectief is daarom geen morele luxe, eerder een analytische noodzaak. Minder fixatie op wie er onder je staat. Meer aandacht voor wie de spelregels schrijft. Dat ondergraaft de comfortabele illusie dat je positie vooral wordt bedreigd door degenen die het net iets slechter hebben. Wie consequent omhoog kijkt, ziet dat de piramide geen natuurverschijnsel is. Ze is gebouwd. En wat gebouwd is, kan ook anders worden ingericht.

Door: Foto: Jeremy Bishop on Unsplash
Foto: "Kantoren overheid" by Marvin Jansen van der Sligte is licensed under CC BY 2.0

Vaste verkeersboetes, variabele ellende

Het CJIB stelde recent dat verkeersboetes in Nederland te hoog zijn en niet meer in verhouding staan tot het vergrijp. Dat is een opvallende constatering uit de organisatie die ze dagelijks int. De uitspraak legt een ongemakkelijke realiteit bloot. Een verkeersboete heeft voor verschillende mensen een volledig andere betekenis.

Dezelfde overtreding, totaal andere gevolgen

Voor iemand met een hoog salaris vormt een boete hooguit een irritatie. Het bedrag wordt betaald, er volgt een schouderophalen en de dag gaat verder. Voor iemand met een krappe financiële situatie kan precies dezelfde overtreding het begin zijn van een keten van problemen. De boete blijft liggen omdat andere rekeningen eerst moeten. Daarna volgen verhogingen, aanmaningen en uiteindelijk een bedrag dat weinig relatie meer heeft met de oorspronkelijke overtreding.

Daarmee verandert een verkeersboete van gedragsprikkel in een mechanisme dat bestaanszekerheid onder druk zet. De overtreding blijft identiek, de financiële impact verschilt radicaal. Het systeem accepteert dus impliciet dat dezelfde regel voor de ene burger nauwelijks betekenis heeft en voor de andere mogelijk een financiële valkuil vormt.

Richting een eerlijker model

Het ministerie verdedigt de huidige hoogte vanuit handhaving, en I kid you not, dat ze noodzakelijk zijn voor de begroting. Maar de kern van het probleem ligt elders. Een vaste geldboete werkt alleen rechtvaardig wanneer ieders financiële situatie vergelijkbaar is. Dat is in werkelijkheid uiteraard niet zo.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Quote du Jour | fuckin’ private equity

QUOTE - Uit het nieuws van vandaag:

De landelijke dekking van kraamzorg staat onder druk. En dat terwijl vrouwen recht hebben op minimaal 24 uur kraamzorg. Voorname oorzaak is dat sommige grote zorgorganisaties stoppen in bepaalde gebieden, met name in sociaaleconomische achterstandswijken.

De gemeente [Utrecht] luidt dan ook de noodklok. “Waar relatief veel gezinnen wonen die veel zorg nodig hebben, is juist minder kraamzorg dan in de wijken waar het andersom is. En dat komt door cherry picking van kraamzorgorganisaties”, zegt Eelco Eerenberg, wethouder Volksgezondheid.

Foto: Ahmed Zayan on Unsplash

Het coalitieakkoord: vooral VVD

Dit akkoord is in veel opzichten precies wat je van D66 mag verwachten wanneer het vooral door rechtse partijen wordt omringd: progressieve taal, institutionele zorgvuldigheid en morele accenten, maar verpakt in een beleidsstructuur die fundamenteel liberaal blijft. D66 mag het verhaal menselijker maken, maar niet richtinggevend, en de partij laveert handig mee met rechts beleid. Als je had gehoopt op iets meer tegenwicht tegen marktdenken, dan kom je bedrogen uit.

Wie het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA leest, kan zich laten meeslepen door woorden als ‘samen’, ‘vertrouwen’, ‘gemeenschapszin’ en ‘kansen voor iedereen’. Het klinkt als een kabinet dat de scherpe randjes van de afgelopen jaren wil bijvijlen. Alsof drie partijen elkaar in het centrum van de macht hebben gevonden en daar gezamenlijk een nieuw sociaal contract hebben gesmeed. Wie iets langer leest, ziet iets anders.

Dit akkoord is in de kern geen compromis tussen drie gelijkwaardige visies. Het is een liberaal programma met wat progressieve correcties en een christendemocratische strik erop. De motor draait op VVD-brandstof. D66 mag af en toe bijsturen. Het CDA mag zorgen dat niemand zich helemaal verlaten voelt.

De economie als moreel kompas
Vrijwel elk sociaal probleem in dit akkoord wordt vertaald naar een economisch vraagstuk. Armoede wordt een participatieprobleem. Wonen wordt een aanbodprobleem. Integratie wordt een arbeidsmarktprobleem. Onderwijs wordt een productiviteitsprobleem. Zelfs bestaanszekerheid wordt uiteindelijk gekoppeld aan inzetbaarheid.

Foto: NASA Kennedy (cc)

Ongelijkheid is immoreel

Een grote mate van ongelijkheid is niet alleen problematisch vanwege negatieve effecten op de kwaliteit van leven van velen, maar ook omdat het immoreel is.

In de Groene Amsterdammer ziet filosoof Sjaak Koenis enkele problemen in de huidige discussie en verontwaardiging over ongelijkheid. Koenis vindt het vaak onduidelijk wat nu precies het probleem van ongelijkheid is. In navolging van filosoof Harry Frankfurt stelt hij dat “gelijkheid op zich geen morele waarde heeft” en ongelijkheid op zich dus niet immoreel is. Het zou belangrijker zijn om te voorkomen dat mensen te weinig hebben (deprivatie) en dat anderen te veel hebben (hebzucht).

Als de ander (bij het streven naar gelijkheid) de maat levert, worden doelen volgens Frankfurt niet meer met het oog op eigen behoeften en omstandigheden van mensen beoordeeld, hetgeen afleidt van wat mensen zelf van belang vinden.

Natuurlijk moeten pogingen om de ongelijkheid te verkleinen niet afleiden van de verplichting om ervoor te zorgen dat iedereen genoeg heeft. Ervoor zorgen dat iedereen een waardig bestaan heeft moet prioriteit zijn. Theoretisch klinkt het nog wel redelijk, maar is er een realistische situatie denkbaar waarin de deprivatie van velen niet samenhangt met de hebzucht van anderen? Als het een samenhangt met het ander, maakt dat ongelijkheid dan niet per definitie immoreel?

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Fat Cat Day 2023

Dit jaar een dagje eerder: de dag dat de 14 meest invloedrijke CEO’s van Nederland gemiddeld net zo veel salaris/bonus/etc. hebben binnengeharkt als iemand met een minimumloon aan het einde van het jaar. Vakbond FNV roept sinds 2020 deze dag uit tot Fat Cat Day.

Vorig jaar was het dus op 7 januari. En dat terwijl door de stijging van het minimumloon dit jaar (van €10,65 per uur naar €11,75) de CEO’s in principe iets langer zouden moeten werken om een jaarloon te verdienen. Of zou die stijging het gat dan misschien toch niet dichten?

Video du Jour | Ons geldstelsel

VIDEO - Carlijn Kingma is cartograaf en maakt “kaarten van de maatschappij”. Samen met Follow The Money, journalist Thomas Bollen en onderzoeker Martijn Jeroen van der Linden (tevens voorzitter van stichting Ons Geld) visualiseert ze de komende maanden ons geldstelsel, door geld voor te stellen als water. Kingma’s prachtig gedetailleerde tekeningen maken door middel van de water-metafoor zichtbaar hoe de structuren in onze samenleving tot stand komen en in stand worden gehouden, en hoe de (scheve) verhoudingen liggen. De eerste kaart, Het waterwerk van ons geld, is in oktober gepubliceerd. De komende maanden volgen er meer kaarten, volg het project hier. De kaarten zijn onderdeel van het langlopende FTM-project ‘Van wie is ons geld?‘.

Quote du Jour | Dood door ongelijkheid

Inequality contributes to the deaths of at least 21,300 people each day—or one person every four seconds.

Aldus een nieuw rapport van Oxfam. Extreme ongelijkheid is een vorm van ‘economisch geweld’: beleidskeuzes die structureel de rijkste en machtigste mensen bevoordelen veroorzaken direct leed voor een grote meerderheid van mensen wereldwijd, aldus de onderzoekers, die de schade door ongelijkheid wilden uitdrukken in harde cijfers. Dood door ongelijkheid ontstaat onder meer door honger, slechte toegang tot gezondheidszorg, gender-gebaseerd geweld en de klimaatcrisis.

Quote du Jour | Ongelijkheid

QUOTE - Een paar cijfers van Thomas Piketty die onze nieuwe regering ter harte zou moeten nemen naar aanleiding van het Wereld Ongelijkheidsrapport 2022 van Oxfam/Novib: ‘Om de sociale en milieutechnische gevaren die haar ondermijnen het hoofd te bieden zal de planeet meer dan ooit rekening moeten houden met de ongelijkheidsbreuklijnen die haar doorkruisen’, schreef hij in Le Monde (vertaald door 360 Magazine, januari 2022)

De algehele conclusie is dat de hyperconcentratie van vermogen, die tijdens de pandemie nog eens is verergerd, voor alle regio’s van de wereld geldt. Wereldwijd bezat de armste 50% in 2020 amper 2% van het totale privé-eigendom, terwijl de rijkste 10% 76% van het totaal bezat (…) In Europa is de situatie minder extreem [dan in bv. Latijns Amerika, Rusland, het Midden-Oosten en sub-Sahara Afrika] maar er is ook geen reden om de vlag te hijsen: de armste 50% bezit 4% van het totaal tegen 58% voor de rijkste 10%.

Fat Cat Day

Vandaag hebben de veertien meest invloedrijke CEO’s in Nederland gemiddeld al een minimumloon ‘verdiend’. De FNV roept deze dag daarom uit tot Fat Cat Day. De CEO’s van Philips (€6.418.000), Ahold Delhaize (€6.284.000) en Shell (€6.093.000) hadden het minimum jaarloon al op 2 januari binnen.

Het bruto minimum uurloon is 10,48 euro. “In de vitale sectoren werken ruim 1 miljoen op of net boven dit minimumloon. Een schril contrast met de miljoenen winsten die, ook in die sectoren, worden gemaakt in Nederland,” zegt Petra Bolster, bestuurslid FNV.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Volgende