Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Psychiaters behalen overwinning voor de privacy

Goed nieuws vandaag. Stichting KDVP heeft een belangrijke overwinning behaald op toezichthouder de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). GGZ-patiënten die niet willen dat de zorgverzekeraar inzicht  krijgt in de diagnose van een psycholoog of psychiater, kunnen voortaan weigeren om die informatie op te laten nemen in de Diagnose Behandel Combinatie (DBC). Een DBC is een ingewikkeld factureringssysteem in de zorg, waar van meet af aan veel verzet tegen was. Met een DBC wordt een vaststaande behandeling uitgestippeld tegen een vaststaande vergoeding.

Probleem is dat er dus ook diagnose-informatie in zo’n DBC staat en dat de zorgverzekeraars die informatie dus ook krijgen. Voorheen kreeg alleen een verzekeringsarts dat soort informatie te zien en die was gebonden aan het medisch beroepsgeheim. De mensen die de DBC’s verwerken, zijn dat niet. De vrees bestaat – en volgens mij terecht – dat verzekeraars nu, of anders op termijn, de gevoelige diagnose-informatie kunnen gebruiken om bijvoorbeeld individuele premies vast te stellen. Lijdt u aan een lichte bipolaire stoornis? Dan kunt u zich alleen nog maar aanvullend verzekeren tegen 200 procent meer premie. Zoiets.

De stichting KDVP strijdt al sinds 2007 tegen de DBC-systematiek. In het bijzonder richtte de stichting zijn pijlen op de bepaling dat ook voor mensen die zelf voor hun behandeling betalen (en dus niets met een verzekeraar van doen hebben) toch een DBC aangemaakt moest worden. De Nederlandse Zorgautoriteit was onverbiddelijk.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lobby mee voor een dure CO2

Waarschuwing: deze column kan uw bereidheid zonnepanelen aan te schaffen ernstige schade toebrengen.

Uiteindelijk heb ik de knoop dan toch maar doorgehakt, ondanks gemengde gevoelens, en een dikke 2000 Watt(piek) aan zonnepanelen op het platte dak van de carport laten plaatsen. Op het moment van schrijven produceren ze 1792 Watt. De beslissing viel voordat in het lente-akkoord over een BTW-verlaging c.q. subsidie voor zonnepanelen werd gesproken. Gelukkig maar, anders had ik wellicht overwogen de aankoop nog even uit te stellen om nog wat extra centen te kunnen incasseren, waarmee ik zou hebben bijgedragen aan weer een nieuwe discontinuïteit in een markt die eindelijk eens een beetje begon te lopen.

Ik hoor het u vragen: wat nou gemengde gevoelens? Het is toch gewoon goed om zonnepanelen op het dak neer te leggen? Wat is er nou gemengd in de gevoelens daarover? Nou, meer dan menigeen zich realiseert.

Allereerst: door mijn investering verandert de totale CO2-uitstoot in Europa niet. Maar dat wil niemand horen. Een belangrijk motief voor zonne-energie is immers een bijdrage leveren aan de vermindering van het klimaatprobleem. Het spijt me: zonnepanelen op Europees grondgebied helpen dan niet. Natuurlijk, bij productie van zonne-kilowatturen komt geen CO2 vrij. Maar het punt is dat door het emissiehandelssysteem ETS per saldo toch geen CO2-reductie optreedt als iemand zonnecellen plaatst. Er is immers een CO2-plafond voor een aantal energie-intensieve sectoren, waaronder de elektriciteitsproductie. Alléén de hoogte van dat plafond bepaalt de CO2-uitstoot van die sectoren. Dankzij mijn zonnestroom daalt de vraag naar CO2-rechten, waardoor de CO2-prijs daalt, en andere spelers in de CO2-markt goedkoper hun doelen kunnen halen.

ICT & Overheid, wat te doen?

<Webwereld column>

Afgelopen vrijdag mocht ik met andere ‘experts’ vragen beantwoorden van de in Parlementaire werkgroep ICT-projecten bij de overheid. Dit is een groep Kamerleden die een Parlementair onderzoek naar de vele ICT fails van de overheid aan het voorbereiden is. Na de zomer (en de verkiezingen) moet het onderzoek van start gaan met een set scherpe onderzoeksvragen. Aan de genodigde experts om voorstellen te doen voor die vragen. Het was opvallend hoe eensgezind de aanwezige IT-ers waren, ook al hadden we allemaal heel verschillende achtergronden (video).

Net als andere columnisten en opinieschrijvers heb ik ook op deze plek de overheid ook wel eens afgebrand over het rijke palet aan verspilling van veiligheid, privacy en algemene middelen. Het gaat, zeker bij de Rijksoverheid, dan ook al snel om gegevens van miljoenen Nederlanders en miljarden Euro’s.

Voor columnisten is het dus eigenlijk altijd prijsschieten met zo’n overheid. Daarom is het ook wel mooi om op dit soort gelegenheden een meer constructieve bijdrage te kunnen leveren. Hoewel het eigenlijk jammer is dat dergelijke bijeenkomsten niet veel vaker worden georganiseerd en niet veel beter worden bezocht door de ambtenaren en leveranciers die verantwoordelijk zijn voor al die projecten. Voor de 6 miljard die op jaarbasis door het putje gaat (en dat zijn alleen nog maar de out-of-pocket kosten – de maatschappelijke impact is mogelijk vele malen groter) is het wellicht handig om wat vaker te overleggen. Niet dat ik het idee heb dat het clubje van vorige week kant-en-klare oplossingen heeft voor alle problemen die er zijn. Wel denk ik dat er een redelijke mate van eensgezindheid was over de grondoorzaken van problemen:

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Tijd voor de cookie-cookie

Sinds dinsdag is de nieuwe telecomwet van kracht met daarin de nieuwe regels voor cookies. Volgens deze regels is het in veel gevallen niet langer toegestaan om zonder toestemming van de gebruiker cookies te plaatsen op zijn computer. Veel websites voldoen nog niet aan deze nieuwe regels. En weten bovendien ook niet hoe ze hier wel, op een gebruikersvriendelijke manier, aan zouden kunnen voldoen. Probleem is namelijk hoe je iemands cookievoorkeuren (en met name het feit dat deze gebruiker geen cookies wenst) kunt onthouden. Maar daar isvolgens mij een eenvoudige oplossing voor. De cookie-cookie.

Onder bepaalde omstandigheden is het namelijk wel toegestaan om, zonder toestemming van de gebruiker, een cookie te plaatsen. Het moet dan gaan om een cookie die strikt noodzakelijk is voor de dienst. Deze uitzondering kunnen we ook als volgt gebruiken.

De eerste keer dat een gebruiker op een website komt, informeert de website de bezoeker over het gebruik van cookies, en vraagt of de gebruiker hiermee akkoord gaat. De website bewaart deze beslissing door precies één cookie te plaatsen: de cookie-cookie. De waarde van deze cookie is ‘ja graag’ of ‘nee bedankt’. Voor twee verschillende gebruikers die geen cookies accepteren zijn deze cookies dus gelijk. Bij een volgend bezoek wordt de waarde van deze ene cookie teruggegeven, en ziet de website meteen of dit een klant is die al dan niet cookies wil accepteren. Opnieuw vragen is dus overbodig.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Micro-economie

In het wooncomplex waar ik woon zijn twee traptractoren aanwezig en vier kinderen die graag op die tractors rijden. Twee kinderen zijn eigenaar van een tractor, twee hebben er geen. Een van die kinderen die geen tractor heeft is mijn zoon.

De moeder van een van de tractoreigenaren hield onlangs nog een lofrede op de solidariteit die er heerste onder kinderen in ons wooncomplex. Iedereen mocht de spullen van iedereen lenen, want alle kinderen wisten dat hun spullen terugkwamen, dat hun vertrouwen niet zou worden beschaamd. Dat zei ze voordat haar zoon zijn tractor met handen, tanden en veel dramatiek beschermde tegen mijn zoon. Zijn moeder heeft toen tegen mijn zoon gezegd dat hij altijd de tractor mag pakken als zij er niet zijn.

Dat doet mijn zoon dan ook. Geheel tot ongenoegen van de andere tractoreigenaar. Die weet dat hij er niks tegen kan doen, maar eigenlijk, zo vindt hij, heeft mijn zoon niet het recht om op de tractor van hun buurjongetje te spelen. Het jongetje meent zijn bezit te moeten beschermen door het bezit van zijn mede-eigenaar te beschermen. Zo doet dat, om met mijn zoon te spreken.

Onlangs was mijn zoon weer op de tractor aan het rijden toen de tractoreigenaar terugkwam. Door de sociale druk voelde mijn zoon zich gedwongen de tractor af te staan. Het werd even grimmig. Ook het andere jongetje dat graag op tractors rijdt maar er geen heeft, was erbij. Uiteindelijk gaven mijn zoontje en hij de strijd op. De twee tractoreigenaars gingen demonstratief vrolijk over onze binnenstraat rijden. Mijn zoontje en zijn lotgenoot gingen op een houten vlonder zitten en deden daar net alsof ze heel hard in een politie-auto aan het rijden waren.

Wilders is tenminste consequent

In de huidige politiek gaat het steeds meer om de vraag hoe men zich moet verhouden tot dat wat afwijkt van ‘het gewone’. Dit leidt tot een nieuwe politieke scheidslijn: non-conformisme versus autoritarisme. In dat licht bezien is Wilders niet zo inconsequent als het lijkt, zegt Noortje Thijssen, medewerker van De Helling, het wetenschappelijk bureau van Groen Links.

Toen Maxime Verhagen en Geert Wilders nog geen bondgenoten waren, was Verhagen van mening dat de PVV-leider met twee maten meet. Op een congres van de CDA-jongeren eind 2009 zei hij dat Wilders anderen uitmaakt voor van alles en nog wat, maar boos wordt als anderen het hem niet naar de zin maken. ‘Als je zelf de vrijheid neemt om de taal van de straat te gebruiken, om een hele bevolkingsgroep keihard weg te zetten, dan moet je ook die ander de vrijheid gunnen om dat niet prettig te vinden’, aldus Verhagen[1].

Het verwijt van inconsistentie valt Wilders wel vaker ten deel. Talloze voorbeelden onderbouwen die stelling. Zo gunt hij christenen godsdienstvrijheid, maar moslims niet. De verontwaardiging was hevig toen Groot-Brittannië hem de toegang ontzegde voor de vertoning van Fitna, maar de in Engeland woonachtige en omstreden Sjeik Al-Haddad was volgens hem niet welkom in Nederland. Veroordeelde PVV-politici mogen hun Kamerlidmaatschap blijven vervullen, maar een Nijmeegse schooldirecteur die openlijk kritiek uit op Wilders moet worden ontslagen.

Foto: Riccardof (cc)

#YoSoy132: Occupy Mexican Television

Mexicaanse studenten zien veel problemen in hun land. De belangrijkste is de eenzijdige berichtgeving van de media.

Mexico lijkt zijn eigen Occupy-beweging te hebben. Die is echter niet gericht tegen graaiende bankiers, maar vooral tegen de nationale media, in het bijzonder Televisa, een tv-moloch dat zeventig procent van de kijkers bedient. Nu heeft Televisa altijd nauwe banden gehad met de eeuwige regeringspartij (tot 2000) PRI. Volgende maand zijn er presidentsverkiezingen en de PRI-kandidaat, Enrique Peña Nieto, wordt door Televisa al gepresenteerd als onvermijdelijke winnaar.

Dit is tegen het zere been van veel studenten. Ze zijn moe van de corruptie, de voortslepende drugsoorlog, de ellendige banenmarkt, het gebrek aan perspectief, de uitbuiting van arme boeren. Tijdens een bijeenkomst vorige maand, kreeg Peña Nieto de wind van voren. Naar verluidt moest hij zich opsluiten op een toilet om aan de woedende studenten te ontkomen.

Vlak hierna kwam de hashtag #yosoy132 (ik ben 132) op twitter bovendrijven. En sindsdien hebben tientallen studentengroepen van verschillend pluimage de handen ineen geslagen. Eind mei vond er de eerste grote demonstratie plaats, waarbij zesduizend studenten vreedzaam demonstreerden. Gisteren zou er een plaatsvinden in Mexico Stad.

De studenten hebben goed gekeken naar de Occupy-beweging in de VS. Er zijn grote onderlinge verschillen, maar tijdens de demonstraties wordt daar niet over gesproken. Naar buiten toe wordt een eensgezind front opgetrokken. Provocateurs, infiltranten, etc. worden niet geslagen, maar gefilmd. En tegen de media wordt poeslief gedaan. De studenten hebben het goed door: de politieke strijd wordt in de media bepaald.

Vorige Volgende