Perverse trends in de wetenschap

Zwarte schapen heb je overal, ook in de wetenschap. Toch is er in dit werkveld wel meer aan de hand. De drang te scoren is zorgwekkend. Recentelijk zijn er enkele schandalen in de wetenschap geweest die de media hebben gehaald. Een psycholoog wist met verzonnen data reviewers van internationale tijdschriften te passeren en kon er carrière mee maken en een jurist publiceerde een leerboek met hoofdstukken van andere auteurs zonder hun namen te vermelden. Eigenlijk niets bijzonders. Het zou immers naïef zijn te denken dat er in de wetenschap geen zwarte schapen rondlopen. Potsierlijk zijn wel de pogingen van universiteitsbestuurders één en ander nog goed te praten, zoals is gebeurd met dat juridische leerboek. Zorgerlijker is een aantal algemenere ontwikkelingen, die allemaal verband houden met de pressie op een specifieke manier te ‘scoren’. Om te scoren worden veel wetenschappers steeds opportunistischer, wordt het aantal nietszeggende artikelen groter, vieren systematisch slordige referenties hoogtij en neemt strategisch publiceren in groepsverband gestaag toe – één hoofdauteur en twee à vijf meelifters met bij volgende keren omgedraaide rollen. Dit zijn trends in de sociale wetenschappen en de economie.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: v3rbo.com (cc)

Bepalen wetenschapsjournalisten wat wetenschap is?

OPINIE - De affaire Van Schayck (wetenschapper stapt op na uitspraken over wonder) brengt de pennen in beweging. Volkskrant-journalist haalt uit naar christelijke wetenschappers. Taede Smedes dient Keulemans van repliek.

Volkskrant-wetenschapsjournalist Maarten Keulemans heeft een persoonlijk antwoord geschreven op de brief van de brandbrief van de hoogleraren van gisteren. Keulemans brief is hier te vinden (en ook hier, op de site van De Volkskrant zelf). Ik weet niet precies hoe ik de brief moet interpreteren. Ik vind de brief schokkend, een wetenschapsjournalist onwaardig. Zelfs zodanig ideologisch van aard, dat ik van mening ben dat deze uitingen van Keulemans de objectiviteit van de kwaliteitskrant die De Volkskrant is, in gevaar brengt. Ik zal het uitleggen.

Schokkend naïef

Ik ga het niet hebben over Keulemans ideeën van wonderen. Hij heeft overduidelijk geen idee wat een ‘wonder’ in de context van het christelijk geloof inhoudt. Hij ziet Jomanda-achtige taferelen voor zich. Onzin natuurlijk, maar retorisch sterk, je hebt de lachers meteen op je hand. Maar dit is een discussie die op een andere tijd gevoerd kan worden. Mij gaat het nu om heel iets anders.

Keulemans schrijft schokkend naïef en in mijn ogen een wetenschapsjournalist onwaardig over Van Schayck:

‘Christenen als Van Schayck hebben lak aan de wetenschap. Leuk, die wetenschap, maar als puntje bij paaltje komt kun je je te korte been lekker tóch een stukje langer bidden. Een wonder, heet zoiets dan. Maar het is gewoon valsspelen: als je ze om bewijs vraagt, is dat opeens nergens te vinden, en verschuilen ze zich achter ‘een persoonlijke mening’ of ‘een eigen ervaring’.’

Foto: Jan Glas (cc)

Wie heeft er trek in een levenslang dieet?

ANALYSE - Door een goed uitgekozen dieet gebaseerd op de biochemie van het menselijk lichaam, zou medicatie misschien overbodig worden, berichtte de Volkskrant onlangs. Onzin, vindt Marcel Hulspas.

Wetenschap dringt maar zelden door op de voorpagina van de dagbladen. Het enige dat wél weet door te dringen, zijn mooie foto’s van planeten, of een of andere stunt die als ‘wetenschap’ wordt verkocht. Een wetenschapsredacteur die daar zijn stuk wil hebben, moet pretenderen wérkelijk revolutionair te brengen. ‘Dieet vervangt medicijn’ stond er onlangs op de voorpagina van de Volkskrant. Dat klinkt revolutionair. En voor wie dat niet begreep, was er de bovenkop: ‘Routeplanner’ menselijk lichaam brengt revolutie teweeg in de geneeskunde’.

De intro gaat in hetzelfde tempo nog even verder: ‘Op maat gemaakte diëten ter vervanging van geneesmiddelen. Het einde van de hielprik. Betere kankergeneesmiddelen. Volgens wetenschappers ligt het allemaal in het verschiet, nu systeembiologen voor het eerst een complete biochemische ‘routekaart’ van de mens hebben voltooid.’

Indrukwekkend

Denk die hielprik effe weg, en het ziet er toch best indrukwekkend uit. Nooit geen geneesmiddelen meer, wie weet geen kanker meer – dankzij een gezond dieet. Gebaseerd op een complete ‘routekaart’ van de biochemie van ons lichaam. Nu gereed. Het artikel zelf laat vooral systeembioloog Hans Westerhoff aan het woord, een van vele wetenschappers die meegewerkt hebben aan de publicatie in Nature Biotechnology, waar het dus allemaal om draait.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Robert Benner (cc)

Ontstaat er een heksenjacht op gelovigen?

OPINIE - Gelovige wetenschappers zijn geen goede wetenschappers, lijkt de heersende tendens te zijn. Dat schrijft Taede Smedes naar aanleiding van de Maastrichtse hoogleraar Van Schayck.

De afgelopen dagen heb ik me verbaasd over alle commotie rondom de Maastrichtse hoogleraar Van Schayck. Plotseling trekt hij zich terug als directeur van het onderzoeksinstituut Caphri, omdat hij wil voorkomen dat dit instituut schade lijdt door de ophef die is ontstaan door zijn beweringen dat hij een wonderbaarlijke beengroei heeft zien plaatsvinden.

De claims van Van Schayck zijn natuurlijk op zichzelf genomen al wonderbaarlijk. Iemand die beweert dat hij 25 jaar geleden een wonder heeft meegemaakt, dat daar fysiek bewijs van is (röntgenfoto’s), maar die vervolgens niet in staat is om dat bewijsmateriaal te overleggen, ja, dat is twijfelachtig. Dat het hier bovendien gaat om een hoogleraar in geneeskunde is des te eigenaardiger, omdat je toch verwacht dat juist zo iemand bewijsmateriaal van een wonderbaarlijke genezing zou koesteren als ware het de Heilige Graal zelf. Maar goed, vervolgens begint zo’n verhaal in onze geseculariseerde samenleving een eigen leven te leiden, en binnen enkele weken is blijkbaar de druk zo hoog opgelopen, dat diezelfde hoogleraar zich genoodzaakt ziet om zijn functie als directeur van een onderzoeksinstituut neer te leggen.

Foto: atelier PRO (cc)

Wetenschappelijke publicaties zijn niet het doel, maar een middel

INTERVIEW - Bruggen slaan is niet alleen mode-term in de politiek. Ook in de wetenschap zou men er goed aan doen verbanden te zoeken tussen onderzoeksgebieden, vindt professor Hilde Geurts. Daarnaast moet de focus op publiceren teruggedrongen worden: het gaat uiteindelijk om de inhoud.

Toen prof. dr. Hilde Geurts tien jaar terug promotieonderzoek deed naar overeenkomsten en verschillen tussen autisme en ADHD was dat nog opmerkelijk, maar inmiddels is het een veel gevolgde benadering. Geurts combineert haar werk als onderzoeker met patiëntenzorg, waardoor resultaten uit het onderzoek sneller kunnen worden toegepast in de geestelijke gezondheidszorg. En haar observaties in de zorg leveren weer ideeën op voor relevant onderzoek.

Wanneer bent u voor het laatst over de knie gegaan in uw werk?

‘Ik denk gisteren. Met een aantal mensen hebben we een grote subsidieaanvraag gedaan. We hebben het al tig keer ingediend en gisteren kregen we weer een afwijzing. Wij denken dat het mede komt omdat we precies tussen twee vakgebieden invallen. Met collega’s uit Nijmegen, Groningen en Amsterdam hebben we er hard aan gewerkt. Gisteren mailden we vooral heen en weer over de teleurstelling, omdat dat het zo’n gaaf project is.’

Waar gaat uw volgende publicatie over?

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Marco Raaphorst (cc)

Kleine scholen niet opheffen om onderwijskwaliteit te verbeteren

ANALYSE - Scholen met minder dan 100 leerlingen moeten opgeheven worden, vindt de Onderwijsraad in zijn advies Grenzen aan kleine scholen. Als het gaat om de verbetering van de onderwijskwaliteit slaat dat advies de plank mis, stelt onderwijsdeskundige Sjerp van der Ploeg.

Het eerste argument dat de Onderwijsraad aandraagt voor het verhogen van de opheffingsnorm, is de bedreiging van de onderwijskwaliteit. Scholen met minder dan 100 leerlingen blijken volgens de Inspectie vaker ‘zwak’ of ‘zeer zwak’ dan scholen met meer dan 100 leerlingen. Deze uitkomst gaat vervolgens een geheel eigen leven leiden.

De Onderwijsraad schrijft: ‘De leerlingen op kleine scholen lopen meer risico op onderwijs van onvoldoende kwaliteit.’ Dat is waar,  maar de Onderwijsraad vergeet te melden dat -omdat het om kleine scholen gaat- in absolute termen maar weinig leerlingen risico lopen. Van een zwakke grote school hebben meer leerlingen last dan van een zwakke kleine school om de doodeenvoudige reden dat er op grote scholen meer leerlingen zitten. Daarom zal het steken van tijd en energie in het opkrikken van de zeer zwakke grotere scholen meer opleveren dan het sluiten van kleine basisscholen.

Bovendien doet het advies van de Onderwijsraad geen recht aan de overgrote meerderheid van kleine scholen die wel goed presteert, om nog maar te zwijgen van de drie basisscholen met minder dan 100 leerlingen aan wie OCW onlangs het predicaat ‘Excellente School’ heeft uitgereikt.

Vorige Volgende