Hulspas weet het | De ruimte als speeltje
COLUMN - Dus gaan we naar de maan. Vicepresident Pence heeft het afgelopen donderdag bekendgemaakt, tijdens een bijeenkomst van de National Space Council. Een slapende club die nu plotseling wakker gekust werd om duidelijk te maken dat Trump méér is dan een boze twitteraar. Hij heeft een visie: de maan. Volgens Pence zullen er ‘binnen afzienbare tijd’ weer mensen op de maan lopen. Tot meerdere eer en glorie van Donald Trump. Of de NASA haar plannen maar wil aanpassen.
Niets is gevaarlijker voor een organisatie dan een reorganisatie. En de NASA strompelt eigenlijk al een halve eeuw van de ene naar de andere reorganisatie. Ooit geschapen om een man op de maan te zetten, zonk zij ruim voordat dat doel was bereikt als in een identiteitscrisis. Na de historische maanlanding van juli 1969 volgden nog een aantal reprises van die vlucht, terwijl de leiding op zoek ging naar een tweede leven. What next? Opdoeken die handel? Alle kennis aan de straat? Het werd eerst Skylab, een ruimtestation opgebouwd uit oude onderdelen, gevolgd door de Space Shuttle die heen en weer moest naar de ISS. De shuttle trok echter vooral de aandacht door de slachtoffers die het maakte.
In Amerika ligt dat anders. Een zeer groot deel van de zwarte bevolking – zeker van dat deel van de bevolking dat afstamt van slaven – spreekt een eigen Engels. In zijn nieuwe boek Talking Back, Talking Black noemt de Amerikaanse taalkundige
In plaats van uw tatoeage voor u te vertalen, kan Gzella u wél wat vertellen over het Aramees dus, liefst vierhonderd pagina’s lang is hij aan het woord over een taal waarvan u na afloop weet dat het geen taal, maar een hele taalfamilie is. Die taalfamilie heeft een lange geschiedenis. Die start rond het begin van het eerste millennium voor Chr. en loopt tot op heden door, beslaat dus zo’n drieduizend jaar. Gzella neemt u mee vanaf dat prille begin ergens in Syrië, schetst het beeld van een taal die begint als de taal van een aantal lokale, kleine Arameese stadsstaten, maar die zich al vrij snel weet los te zingen van zijn oorsprong en zich ontwikkelt tot een wereldtaal die gedurende de volgende drieduizend jaar in het hele Midden Oosten wordt gebruikt, terwijl de taal eigenlijk – en dat is behoorlijk uniek – geen “thuisland” meer heeft.


