Wat zocht de CIA in Drenthe?

Franz Boas, nestor van de Amerikaanse antropologie, keerde zich vlak na de Eerste Wereldoorlog in een open brief principieel tegen spionageactiviteiten van zijn collega-wetenschappers. Hij reageerde op het geval van onderzoekers die in Mexico informatie hadden verzameld voor de Amerikaanse regering over mogelijke samenwerking van Mexico met Duitsland. Wie daartoe bereid was ‘prostitueert de wetenschap op onvergeeflijke wijze’ schreef Boas. Op de jaarvergadering van de American Antropological Association, waar hij zelf in het bestuur zat, werd hem naar aanleiding van dit standpunt met tweederde van de stemmen het lidmaatschap ontnomen. Emiel Hakkenes schrijft hierover in zijn buitengewoon boeiende boek Anderen; een Drents dorp, de Koude Oorlog en de lange arm van de CIA. Het is tekenend voor de stemming onder Amerikaanse sociale wetenschappers in de eerste helft van de vorige eeuw. Je kunt je wetenschappelijk onderzoek best combineren met het dienen van het vaderland. Hakkenes laat het zien aan de hand van een opmerkelijk onderzoek van twee Amerikaanse antropologen in het Drentse dorp Anderen. Dorothy Keur en haar van oorsprong Nederlandse man John Keur kwamen in 1951 met hulp van Dorothy’s leermeester Margaret Mead en de Groningse hoogleraar sociologie Piet Bouwman naar Drenthe om daar in een toen nog geïsoleerd dorp onderzoek te doen zoals antropologen dat tot dan toe vooral hadden gedaan in Polynesië en Nederlands Indië. Ze beschreven de dagelijkse praktijken in het dorp, het boerenwerk, feestdagen, bruiloften, etc. En ze probeerden vat te krijgen op de ‘mentaliteit’ van de dorpsbewoners en hun opvattingen over Amerika. Margaret Mead stimuleerde dat. Ze had goede contacten met inlichtingendiensten. Een medewerker van de diensten, ook van oorsprong Nederlander, woonde bij haar in huis. Voor de Society fort he Investigation of Human Ecology, een door de CIA gefinancierde onderzoeksinstelling, organiseerde ze conferenties met informanten uit verschillende landen over culturele verschillen. De interesse van de inlichtingendiensten ging veel verder dan de feestdagen in het Drentse dorpje. Amerikaanse sociale wetenschappers schreven halverwege de vorige eeuw veel landenrapporten voor hun inlichtingendiensten om inschattingen te kunnen maken voor de beste aanpak om de bevolking Amerikaans gezind te maken of te houden. Bijzondere interesse had de Amerikaanse regering in de jaren vijftig voor Indonesië. Nadat het land onafhankelijk was geworden moest worden voorkomen dat het in handen van de vijand, i.c. het communistische Sovjet-Rusland zou vallen. Met medewerking van Mead werden wetenschappers gezocht voor undercover operaties. Dorothy Keur kreeg het advies in haar subsidieaanvrage voor onderzoek in Nederland aan te haken bij de interesse van de inlichtingendiensten in de bestrijding van het communisme. Mead zorgde voor een succesvolle aanbeveling bij het Fullbright programma: ‘Vanwege de koloniale rol van Nederland zal kennis van de binnenlandse omstandigheden veel licht werpen op de omstandigheden in de gebieden waar de Nederlanders de Europese cultuur hebben uitgedragen.’ Hakkenes schuwt de bredere context van dit antropologisch onderzoek in Drenthe niet. Zijn verhaal is te lezen als een geschiedenis van de antropologie, van de Tweede Wereldoorlog, de Koude Oorlog, de inlichtingendiensten, de verhouding tussen Nederland en de Verenigde Staten, Nederlands Indië en de dekolonisatie. En dan ook nog van een boerendorpje in Drente. En van de persoonlijke lotgevallen van Margaret Mead, het echtpaar Keur en sociologieprofessor Bouwman. Sommige uitweidingen gaan wel heel ver, zoals over de liefdesrelaties van Margaret Mead, de collaboratie van boeren uit Anderen, de burgemeestersbenoeming na de oorlog, de watersnoodramp in Zeeland en het bezoek van Juliana aan de Verenigde Staten. Maar het hindert niet. Het boek staat vol met interessante details over al deze onderwerpen. Hakkenes heeft veel bronnen aangeboord, waaronder correspondentie van Mead en van Bouwman. Hij gunt ons daaruit veel voor de jaren vijftig sprekende informatie. En wat hij daaruit heeft meegenomen schaadt de leesbaarheid van zijn verhaal allerminst. Op twee punten wil ik nog even ingaan. Hakkenes schrijft (p. 164) dat de CIA het weekblad De Groene Amsterdammer wilde overnemen om propaganda te kunnen maken voor de VS. Maar de BVD zou dat hebben tegengehouden. Maurice Swirc ontdekte echter enkele jaren geleden dat de BVD zelf een coup wilde plegen bij het weekblad na publicatie van een brief over misdragingen van Nederlandse militairen in Indonesië. Het kan allebei kloppen, maar het is wel opmerkelijk. Dan nog iets over de watersnoodramp, 1953 in Zeeland. Margaret Mead kwam op bezoek en bezocht per roeiboot het getroffen Burghsluis. Onder verantwoordelijkheid van haar leerling Dorothy Keur en na bemiddeling van professor Bouwman voerden Nederlandse sociologen een onderzoek uit dat zich richtte op de reactie van de bevolking op een ramp. Uit mijn sociologiestudie kan ik me het voorbeeld herinneren van het optreden van informele leiders bij de hulpverlening, die effectiever waren dan de formele gezagsdragers zoals burgemeesters. Keur deed dit onderzoek in Zeeland als lid van de Amerikaanse commissie voor rampenonderzoek. Het doel was, zoals Margaret Mead het noemde ‘de cultuur te kraken’ ( alsof het om de code van een brandkastslot ging) ten dienste van het inzicht van de Amerikaanse overheid in de cultuur van landen binnen haar invloedssfeer. In de Koude Oorlog viel niemand over een dergelijke benadering. Behalve dan de Nederlandse communisten die tot ontsteltenis van de rest van Nederland Amerikaanse steun afwezen en er een eigen hulporganisatie tegenover zetten.  Het dagblad De Waarheid schreef dat de Amerikanen van het rampgebied een strategisch object hadden gemaakt. ‘Terwijl duizenden mensen in nood verkeerden en geen tranen meer hadden om hun doden te bewenen kwamen Amerikaanse Koude-Oorlogs-psychologen kijken hoe ze met deze ellende hun voordeel konden doen.’ Het moet gezegd: veel antropologen hebben hun les geleerd. De oorlog in Vietnam was een omslagpunt. Meer dan achthonderd antropologen, waaronder Mead en Keur, ondertekenden in 1968, vijftig jaar na het protest van Franz Boas,  een openbare oproep om niet te reageren op een vacature van de Amerikaanse marine voor een wetenschapper die in Saigon onderzoek zou moeten doen naar ‘vijandelijke propaganda en de kwetsbaarheden en vatbaarheden van bepaalde doelgroepen’. Emiel Hakkenes, Anderen. Een Drents dorp, de Koude Oorlog en de lange arm van de CIA. Alfabet Uitgevers. ISBN 978 90 213 4082 1. Prijs: €24,99. E-boek €12,99

Foto: Joseph Oti Nyametease on Pexels

Waarom xenofobisch asielbeleid ons duur komt te staan

Het huidige asielbeleid is niet alleen immoreel, maar gaat ook ten koste van economie en samenleving, aldus hoogleraar Leo Lucassen. Dat besef lijkt politiek nog onvoldoende doorgedrongen.

Wie dacht dat na het vertrek van de PVV uit de coalitie de xenofobische framing van migratie een zachte dood zou sterven, is na het ‘strengste asielwetten’-pandemonium in de Tweede Kamer bedrogen uitgekomen. Nu het stof is opgetrokken, kunnen we constateren dat een groot deel van de Tweede Kamer voor de zoveelste keer met open ogen in de val van Wilders is gelopen.

Veelzeggend

Op zich hoeft dat niet te verbazen, aangezien de VVD op dit punt nauwelijks verschilt van de PVV, en de BBB zo mogelijk nog extremere maatregelen wenst. Maar dat ook christendemocratisch geïnspireerde partijen als het CDA en NSC hierin meegaan, is veelzeggend voor het uitdijende vreemdelingvijandige klimaat.

Het CDA trok pas de grens bij het strafbaar stellen van hulp aan illegalen

Het CDA maakte goede sier door de hakken in het zand te zetten, maar kijk je goed, dan is het verschil met de coalitie en de PVV flinterdun. Voordat Wilders zijn illegalenbommetje de arena in slingerde, leek er voor Henri Bontenbal en de zijnen geen vuiltje aan de lucht. Ook hem leek het een goed idee om gezinshereniging in te perken, verblijfsvergunningen tijdelijk te maken, en de rechtspositie van asielzoekers uit te hollen. En ook illegaliteit strafbaar stellen was voor het CDA bespreekbaar.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Private equity als anti-kapitalisme

Deel 3

LONGREAD - De indruk leeft breed dat veel van onze (politieke) problemen te maken hebben met ‘het kapitalisme’. Dat kapitalisme lijkt alom aanwezig. Betekent dat dan dat we teveel kapitalisme hebben? Of zou het kunnen zijn dat het kapitalisme z’n ziel verliest, of van karakter verandert, dus dat we eigenlijk iets anders waarnemen dan wat we in de klassieke zin kapitalisme noemen? Daarover meer in dit derde deel.

In het eerste deel van dit artikel heb ik een door de econoom Alfred Marshall geformuleerde traditie in het economisch denken aangehaald. In die traditie, die ik hier terug laat komen als ‘het klassieke model’, noem je geld kapitaal als het wordt ingezet voor economisch productieve activiteiten. Geld dat je investeert in de bouw van een fabriek, of de aanschaf van machines, is kapitaal. Geld dat je uit een fabriek onttrekt voor particulier gebruik is rijkdom. Daarnaast liet ik Ayn Rand en Ludwig Von Mises aan het woord, die laten zien dat het de ondernemer is die in het centrum van die economische productiviteit alles samenbrengt. Het leven van de Nederlandse ondernemer Van Marken illustreert die klassieke opvatting over ondernemerschap.

In deel twee ben ik verder ingegaan op wat private equity is en doet. Voor private equity draait alles om rendement. Rendement kan (in principe) zowel behaald worden door kapitalistische investeringsmodellen, waarbij geld in productiemiddelen wordt gestopt, als door wat ik hier rijkdom-extractiemodellen noem, waarbij geld aan organisaties wordt onttrokken [1]. In het boek van Mirjam de Rijk, waar het vooral draait om hoe private equity zich in de publieke sector manifesteert, zie je vooral extractie van rijkdom. Daarbinnen maak ik in deel twee onderscheid tussen vier vormen van extractie, met voorbeelden die grotendeels uit haar boek komen.

Foto: Martha de Jong-Lantink (cc)

Filipijnen tussen China, de VS en de klimaatopwarming

In Peking liet China deze week in een grote militaire parade zien hoe machtig het land is. Niet-westerse regeringsleiders, waaronder Poetin en Kim-Jong-un werden onthaald door partijleider Xi Jinping, die vindt dat zijn land erkend moet worden als de ‘brenger van wereldvrede‘. China was dat tachtig jaar geleden ook, volgens historici. ‘Zo creëerde het langdurige verzet dat de Chinezen aan Japan boden, inclusief een guerrillastrijd van de communisten in bezet gebied, ruimte voor Amerika om zich te richten op de bevrijding van Europa.’ In de VS wond president Trump zich op over de Chinese lezing van de geschiedenis. Xi had de bijdrage van de VS aan het einde van de Tweede Wereldoorlog ook wel even kunnen noemen, zei hij. Nu ziet die ‘prachtige ceremonie‘ er uit als een samenzwering tegen de VS.

Los van alle propaganda en ver van het plein van de Hemelse Vrede gingen de militairen van beide partijen deze week gewoon door met hun oorlogsvoorbereiding. Legers uit de Filipijnen, Australië, Canada en de Verenigde Staten voerden gezamenlijke oefeningen uit in de West-Filipijnse Zee. Daarbij ontdekten ze in de buurt van de Filpijnen twee Chinese oorlogsschepen die hen kennelijk volgden. Dit was geen routine klus van de Chinezen, volgens de woordvoerder van de westerse militairen. ‘Dergelijke berichten maken deel uit van hun kwaadaardige beïnvloedingsoperaties om hun illegale aanwezigheid in de (exclusieve economische zone) van het land te rechtvaardigen.’ Het blijft onrustig in de Zuid-Chinese Zee

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Christliches Medienmagazin pro (cc)

Tony Blair adviseert Trump over toekomst Gaza

Het plan van Trump om Gaza na de oorlog te veranderen in een soort Riviera voor de rijken is inmiddels ondanks wereldwijde verbijsterde reacties verder uitgewerkt door de Amerikaanse regering. Het plan houdt in dat twee miljoen inwoners van Gaza vertrekken naar een ander land of naar omheinde gebieden binnen het grondgebied. De in puin gelegde enclave moet herbouwd worden tot een toeristische bestemming, en tot een centrum voor technologie. Minder bekend is dat ook de denktank van oud-Labour premier Tony Blair betrokken was bij de plannen. Vorige week was Blair in het Witte Huis om de plannen te bespreken met de Amerikaanse president. Diens schoonzoon en zakenpartner Jared Kushner was ook aanwezig. Kushner heeft al ervaring met een soortgelijk project. Hij gaat met zijn vrouw Ivanka op het Albanese eiland Sazan een luxe resort realiseren, het resultaat van een ‘vriendschapsgebaar’ van de Albanese premier Edi Rama aan Trump.

Begin juli werd bekend dat leden van Blairs denktank, Tony Blair Institute for Global Change (TBI), meewerkten aan Trumps Gazaplan. Het project wordt geleid door Israëlische zakenmensen en maakt gebruik van financiële modellen ontwikkeld door het Amerikaanse adviesbureau Boston Consulting Group (BCG). TBI zou een “Gaza Economic Blueprint” hebben ingebracht. Het instituut ontkende overigens betrokken te zijn geweest bij een in dia’s uitgewerkt plan dat aan Trump en rijke Arabische leiders zou worden voorgelegd. Onder de tien “megaprojecten” in het document vallen de snelwegen “MBS Ring” en “MBZ Central” – vernoemd naar de leiders van Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten – en een “Elon Musk smart manufacturing zone”. Bij de bespreking van het plan, vorige week, zou Blair tegen Trump hebben gezegd dat hij de hoop op een vredesakkoord nog niet moet laten varen. Blair verwees naar eigen onderzoek van zijn TBI onder Palestijnen waaruit gebleken zou zijn dat een meerderheid wel wat voelt voor een nieuw leiderschap voor Gaza in een constructie zoals van de Arabische Emiraten. Een soort nieuwe Golfstaat, dus. 

Foto: David Lisbona (cc)

Israel is Gaza met precisie aan het liquideren en pakt intussen ook de Westoever keihard aan

ANALYSE - Francesca Albanese, de VN-waarnemer voor de mensenrechten in de bezette gebieden, probeert ons bij de les te houden. Ze herhaalt regelmatig twee dingen. Eén is dat, volgens het genocideverdrag, de landen van de wereld verplicht zijn op te treden tegen een genocide. We zouden – onder bescherming van de Algemene Vergadering van de VN – in actie moeten komen en een interventie plannen. Of anders zoveel schepen als mogelijk moeten bemannen en daarmee als een oversized hulpkonvooi naar Gaza varen. Het andere dat ze herhaalt, is dat op 17 september aanstaande, volgens een uitspraak van het Internationaal Gerechtshof van verleden jaar, de onwettige bezetting van Gaza en de Westoever zou moeten zijn beëindigd en Israel zou moeten overgaan tot het betalen van compensatie.

Haar voorstellen zijn gebaseerd op het internationaal recht. Haar eerste voorstel gaat terug op de ”Uniting for Peace” resolutie uit 1950. Ten tijde van de Koreaanse oorlog weigerde de Sovjet-Unie in actie te komen in de Veiligheidsraad, omdat de SU dan ook de Volksrepubliek China haar zetel zou moeten gunnen in de Raad. De overige leden grepen toen naar dit middel om de V-Raad te passeren en hun interventie in de oorlog te laten plaatsvinden onder de vlag van de VN. Ook haar voorstel voor een  maxi-flottilla naar Gaza is domweg wettig, omdat de Israelische belegering en afsluiting van Gaza net zo onwettig is als de bezetting van Gaza zelf. En de uitspraak van het hoogste rechtscollege, het ICJ, spreekt voor zichzelf, zelfs al werd hij dan gedaan in de vorm van een adviserende opinie.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Plenaire zaal Tweede Kamer, foto Dassenman, CC BY 4.0 via Wikimedia Commons.

Kamervragen als campagnemiddel

Met de verkiezingen in aantocht duiken de lijstjes op over welke Kamerleden het meest actief zijn. Wie doet de meeste debatten? Welke partij dient de meeste moties en amendementen in? Nieuwsmedia zoals NOS, de Groene Amsterdammer, en eerder ook Nieuwsuur, RTL en NRC, deden uitgebreid verslag van de ‘prestaties’ in de Tweede Kamer.

Eén belangrijk instrument ontbrak in die verslagen: de Kamervraag. En dat is opvallend want juist het aantal schriftelijke Kamervragen groeide de afgelopen decennia explosief, schrijven Anchrit Wille en Mark Bovens.

Alle dagen Kamervragen

Aan het einde van de vorige eeuw, in 1998, publiceerde voormalig D66-kamerlid Hans Jeekel, een terugblik op zijn Kamerlidmaatschap. Zijn boekje had de omineuze titel ‘Duizend dagen Kamervragen’. Tot zijn grote teleurstelling bestond het Kamerwerk vooral uit het stellen van eindeloze hoeveelheden vragen aan de regering. Toen Jeekel in de Kamer zat werden er nog maar 1500 Kamervragen per jaar gesteld. Figuur 1 laat zien dat het aantal Kamervragen sindsdien is verdubbeld. In 2019 werd een record bereikt met 3078 schriftelijke Kamervragen. Dat zijn gemiddeld 20 vragen op elke parlementaire werkdag.

De grafiek stijgt van ongeveer 250 in 1960 naar 1750 in 1972. Vanaf 1978 daakt get gestaat weer naar ongeveer 700 in de beginjaren 1990. Vanaf 1996 ligt het op ongeveer 1500 en vanaf 2007 schommelt het tussen de 2000 en 3000

Figuur 1. Aantal schriftelijke vragen per jaar, Tweede Kamer 1960-2024 (abs)

Waarom komt die toename vandaan?

Foto: Nanda Sluijsmans (cc)

GroenLinks-PvdA: betaalbaar wonen voor de sociale meerderheid

ANALYSE - Weg met de marktwerking. Leve de solidariteit. Volkshuisvesting wordt weer een publieke taak. In het alom als links gekwalificeerde concept-verkiezingsprogramma van GroenLinks-PvdA voor de Tweede Kamerverkiezingen op 29 oktober 2025 wordt dit verder uitgewerkt. Wonen is niet voor niets het eerste thema-hoofdstuk. Eindelijk wordt wonen het belangrijkste onderwerp van landelijke verkiezingen. Een belofte: ‘In de eerste honderd dagen van een nieuwe regering komen we met een Herstelplan voor de Woningbouw.’  Een analyse van Jan Kok.

Voor woningbouw is stevige grondpolitiek noodzakelijk

Men sluit zich aan bij al die andere politieke partijen welke allemaal 100.000 woningen per jaar willen bouwen. Maar ook GroenLinks-PvdA is zich inmiddels gaan realiseren dat bij een hoog positief migratiesaldo dit niet genoeg zal zijn om de woningnood te verminderen. Dus pleit zij voor een migratiesaldo van niet meer dan 40.000 tot 60.000 per jaar. Vooral de laagwaardige arbeidsmigratie moet worden beperkt.

Wil je veel en snel kunnen gaan bouwen, dan is een stevige grondpolitiek noodzakelijk.
‘Als de overheid grond opkoopt, kunnen we sneller bouwen en de huren en huizenprijzen betaalbaar houden. De overheid heeft dan een sterkere onderhandelingspositie en kan zo het proces versnellen.’ [*] Nu is het nog zo dat grondeigenaren bouw bewust uitstellen om de grondprijs te laten stijgen.
Grondspeculatiewinsten moeten ten goede komen aan de samenleving, waarbij het onder andere kan worden gebruikt voor woningbouw.
De partij denkt ook aan het eerste recht van koop als grond beschikbaar komt (voorkeursrecht).
Dan pas kun je veel locaties bestemmen voor woningbouw. Dit moet allemaal worden opgenomen in een nieuwe Nota Ruimte. Ik vraag me dan af. Waarom geen Zesde Nota Ruimtelijke Ordening? Zo’n titel met ordening erin zou mooi verwoorden dat men wil teruggaan naar de tijden van meer overheidsregie.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Werken moet lonen – maar voor wie eigenlijk?

De VVD hamert er al decennia op: werken moet lonen. Het is het mantra dat in elke verkiezingscampagne en elk verkiezingsprogramma weer opduikt. Het is een uitspraak waarmee ze de ‘hardwerkende Nederlander’, die normaal eerder geneigd is links te stemmen, proberen over te halen op hun elitepartij te stemmen, en het werkt. Maar wie kijkt, ziet dat deze leus vooral wordt ingevuld door één specifieke route: het verlagen of beperken van uitkeringen en toeslagen. Niet omdat men de lonen actief wil verhogen, maar omdat men zo de bodem steeds wat verder uit het sociale vangnet zaagt.

Het is een strategie die in theorie alleen zin heeft als het systeem waar de VVD zelf voor staat niet functioneert. Want als werk eerlijk werd beloond, als werkgevers hun mensen zonder dwang en dreiging een fatsoenlijk loon betaalden, dan hoefde je geen mensen in armoede te duwen om ze ‘te prikkelen’ om te werken. In een gezonde economie zou de vergelijking simpel zijn: een baan biedt meer bestaanszekerheid, perspectief en waardering dan een uitkering, zonder dat je daarvoor de uitkering kapot hoeft te bezuinigen. Maar ook: in een gezonde economie zouden werkgevers een eerlijk loon bieden

Maar de praktijk laat zien dat dit beleid vooral een race to the bottom in gang zet. Want als je de onderkant van het vangnet steeds verder naar beneden trekt, dan krijgt de arbeidsmarkt één duidelijke boodschap: het loont om lage lonen te blijven betalen, zeker als je bestaansonzekerheid bij mensen uitspeelt. En waarom zou een werkgever het minimumloon substantieel verhogen, als de overheid er tegenwoordig alles aan doet om de afstand tot de bijstand via armoede te creëren? De werkende arme, ooit in Nederland bijna een contradictio in terminis, is inmiddels een structureel onderdeel van onze economie geworden.

Foto: Paul Hajenius Te huur Te duur, via Straatpoëzie, CC BY-NC-ND 4.0

VVD’s vrijheden op de woningmarkt

een gastbijdrage van Jan Kok

Het conceptverkiezingsprogramma van de VVD voor de Tweede Kamerverkiezingen van 29 oktober 2025 is volgens Yvonne Hofs in De Volkskrant van 28 juli 2025, p. 4 ‘onversneden rechts’. Later in haar artikel noemt ze dit programma trouwens ‘rechtser dan rechts’, maar dan zou het logischerwijs radicaal-rechts moeten zijn. Dat lijkt mij een stap te ver.
Dat onversneden rechtse geluid komt ook naar voren in de paragraaf die over wonen gaat.

Alles draait om (individuele) vrijheid bij de VVD, what’s in a name. Het is wel de vrijheid van de bovenlaag, ten koste van de rest.

In dit artikel ga ik dieper in op vier voor de VVD cruciale thema’s in de woonparagraaf: eigenwoningbezit (de vrijheid van de woningkoper); vrije huur (de vrijheid van de woningverhuurder); sociale huur (de beperkte vrijheid van de sociale huurder); deregulering (de vrijheid van de bewoner).

Voordat ik dat ga doen, nog kort iets over de bouwplannen van de VVD. De partij wil ‘met sturing vanuit het Rijk dertig nieuwe grootschalige woonwijken’ bouwen. ‘Dat willen we zowel in dichtbevolkte gebieden, zoals Utrecht, als dunbevolkte gebieden, zoals Flevoland.’ De VVD wil er een wedstrijd van maken: ‘Gemeenten die bouwrecords breken krijgen een financiële bonus om in nieuwe woningbouwplannen te investeren.’

Vorige Volgende