‘Polarisatie’ is niet het probleem
De term ‘polarisatie’ suggereert twee kampen die zich van elkaar verwijderen en daarmee ongeveer evenveel verantwoordelijkheid dragen voor de groeiende afstand. De remedie ligt dan voor de hand: matiging, dialoog, een stap naar elkaar toe
Alleen beschrijft dat volgens politicoloog Petter Törnberg slecht wat er op dit moment werkelijk gebeurt. In een recente studie stelt hij dat de dominante ontwikkeling in westerse democratieën asymmetrisch is. Radicaal-rechts beweegt richting autoritarisme, normdoorbreking en uitsluiting, terwijl centrumrechtse en zelfs sociaaldemocratische partijen juist regelmatig naar rechts meebewegen in plaats van naar links.
Wie die ontwikkeling toch als ‘polarisatie’ beschrijft, maakt van radicalisering een afstandsprobleem. En afstand kun je verminderen door beide kanten te laten bewegen.
In theorie althans. In de praktijk is ook de druk om te bewegen asymmetrisch. Links moet de rechtse kiezer ‘begrijpen’, luisteren naar diens zorgen, de toon matigen, strenger worden op migratie en erkennen dat het op sommige onderwerpen misschien toch te ver naar links is doorgeschoten. De omgekeerde oproep klinkt aanzienlijk minder vaak. Radicaal-rechts wordt zelden gevraagd wat meer begrip op te brengen voor migranten, trans mensen of moslims om zo de polarisatie te verminderen. Blijkbaar is toenadering vooral de verantwoordelijkheid van degene van wie rechts verlangt dat hij opschuift.