De Palestijn: de indringer die er altijd al was

De Israëlische claim op Palestina wordt in het westen vaak gepresenteerd als een kwestie van herstel, een terugkeer naar een land dat ooit van "hen" was, na een lange en gewelddadige onderbreking. Dat frame suggereert automatisch dat het land in de periode na het gedwongen vertrek grotendeels leeg stond, of dat de bevolking die er woonde er eigenlijk niet thuishoorde. Die aanname is feitelijk onjuist. Want wat er gebeurde na de Romeinse onderdrukking van de Joodse opstanden was deportatie, maar geen volledige ontvolking. Een groot deel van de bevolking bleef in het gebied achter. In de eeuwen daarna veranderde de religieuze identiteit van de achterblijvers, eerst richting christendom, later richting islam. De lijn van bewoning werd niet verbroken; zij veranderde van vorm. Bovendien was er op dat moment geen staat Israël die werd ontmanteld. De politieke entiteiten die er in de oudheid hadden bestaan waren relatief kortstondig en ingebed in een lange geschiedenis van wisselende rijken en overheersers. Palestijnen zijn dan ook geen volk dat ergens vandaan is gekomen om zich later in Palestina te vestigen, in de achtergelaten huizen van de verdreven Joden. Zij zijn, in overwegende mate, afstammelingen van de oorspronkelijke bewoners van het gebied en hebben er continu gewoond. Dat hun identiteit over de eeuwen veranderde, maakt hun aanwezigheid niet minder reëel en hun claim niet minder geldig. De Joden die in de diaspora terechtkwamen, vormden bovendien geen statische gemeenschap die onaangeroerd bleef wachten op terugkeer. Zij mengden zich met hun nieuwe omgevingen, namen talen en gebruiken over en werden onderdeel van andere samenlevingen. Het idee dat deze gemeenschappen na eeuwen nog steeds een direct, collectief territoriaal recht hebben op een specifiek stuk land waar anderen onafgebroken woonden, is historisch niet te verdedigen. De absurditeit van dit principe wordt zichtbaar zodra men het toepast op andere situaties. Stel dat over tweeduizend jaar een Oekraïense diaspora, na eeuwen van verspreiding en vermenging met andere culturen, terugkeert en Oekraïne opeist op basis van historische en culturele verbondenheid, terwijl de bevolking die er al die tijd is gebleven als tijdelijk of minder legitiem wordt bestempeld. Zo'n claim zou in het nu onmiddellijk als onhoudbaar worden gezien. Wat overblijft van de Israëlische claim is daarmee primair cultureel en religieus, een beroep op herinnering en symboliek. Dat kan als identiteitsverhaal betekenis hebben, maar mag geen algemeen geaccepteerde basis vormen voor soevereiniteit. Dat alles zou theoretisch blijven, als Israël dit verhaal ook als zodanig behandelde. Maar dat doet het niet. De staat Israël gebruikt deze claim actief als politiek instrument en vertaalt haar naar beleid, grenzen en feiten op de grond. De voortdurende uitbreiding van nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, ondanks internationale veroordelingen en de kwalificatie als strijdig met internationaal recht, wordt gelegitimeerd met een beroep op historisch en moreel recht. Hier wordt geschiedenis niet gebruikt om het verleden te begrijpen, maar om het heden te herstructureren. Palestijnen worden in deze logica geen bewoners met rechten, maar obstakels in een historisch verhaal. De groep die continu aanwezig was, wordt gedegradeerd tot indringer. De groep met een lange historische onderbreking wordt gepresenteerd als oorspronkelijke eigenaar. Het probleem is niet alleen dat de historische claim zwak is. Het probleem is dat zij wordt afgedwongen met macht. Militaire controle, juridische constructies en internationale rugdekking zetten een cultureel verhaal om in territoriale realiteit. Geschiedenis wordt daarbij niet ingezet als verklaring, maar als legitimatie. Dat maakt de westerse steun aan Israël tot meer dan een geopolitieke keuze. Wie de "terugkeer"-framing klakkeloos overneemt, neemt ook de impliciete degradatie van de Palestijnse aanwezigheid over, en daarmee hun dehumanisering. De vraag is niet of Joden recht hebben op een veilig thuis, dat staat buiten kijf. De vraag is of een historisch verhaal dat feitelijk niet klopt, de basis mag vormen voor beleid dat mensen van hun land verdrijft.

Foto: Gravure uit 1850 van 'tot-slaaf-gemaakte-mannen' (detail) Collectie Rijksmuseum

Erkenning van de ernst van de slavernij blijft moeilijk

(Bewerk) OPINIE - De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties heeft vorige week met een grote meerderheid van 123 landen een resolutie van Ghana aangenomen die de transatlantische slavernij veroordeelt. De meeste landen uit wat genoemd wordt de ‘global south‘ stemden voor. De VS, Israël en Argentinië stemden tegen. Nederland onthield zich van stemming, samen met alle EU landen, Canada en Australië. De noord-zuid verdeling van de wereld is compleet.

In alle westerse media wordt de resolutie bekritiseerd vanwege een passage waarin de transatlantische slavernij de ‘ernstigste misdaad tegen de mensheid’ wordt genoemd. Over de rest van de resolutie is minder bekend geworden. Daar is toch wel wat meer over te zeggen. In de resolutie staat:

‘Het verhandelen van tot slaaf gemaakte Afrikanen en hun raciaal gemotiveerde uitbuiting was de ernstigste misdaad tegen de menselijkheid, vanwege de ingrijpende breuk in de wereldgeschiedenis, de omvang, duur, systematische aard, wreedheid en de blijvende gevolgen die tot op heden het leven van mensen beïnvloeden via raciaal bepaalde systemen van arbeid, bezit en kapitaal.’

Ook roept de resolutie de VN-lidstaten op om in gesprek te gaan

“over herstelrecht, inclusief een volledige en formele verontschuldiging, maatregelen voor restitutie, compensatie, rehabilitatie, genoegdoening, garanties dat de misdaden zich niet zullen herhalen en wijzigingen in wetten, programma’s en diensten om racisme en systemische discriminatie aan te pakken.”

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Lina Bob on Unsplash

Wit-Rusland, Noord-Korea en de kunstmest

De president van Wit-Rusland, Alexander Loekasjenko, bracht deze week een bezoek aan Noord Korea. Hij sloot daar met de Noord-Koreaanse leider Kim Yong Un een vriendschapsverdrag dat het begin zou moeten zijn voor een nieuwe periode van samenwerking. Loekasjenko had Kim wel eens eerder ontmoet maar was nog nooit in Pyongyang op bezoek geweest. “Ja, we hebben niet nauw samengewerkt, grotendeels door onze eigen schuld. Maar ik ben oprecht blij te constateren dat de samenwerking nu aanzienlijk is geïntensiveerd,” aldus Loekasjenko in een voor autoritaire leiders nogal opmerkelijk reflectief moment. Was dat ingegeven door Poetin die beide steunpilaren van de oorlog in Oekraïne nog sterker aan zich wilde binden? 

Loekasjenko lijkt ook nog steeds gevoelig voor toenadering vanuit het westen. Kort voor zijn bezoek aan Noord-Korea ontving hij Trumps afgezant John Coale die aankondigde dat de Verenigde Staten de sancties opheft tegen de Belinvestbank en de Ontwikkelingsbank van Belarus en bedrijven die potas produceren, een grondstof voor kunstmest. Als tegenprestatie heeft Loekasjenko 250 politieke gevangenen vrijgelaten. In december werden ook al 123 gevangenen vrijgelaten in een deal waarbij onder anderen Maryya Kalesnikava, leider van de protesten van 2020, en Nobelprijswinnaar Ales Byalyatski, evenals burgers van verschillende andere landen, betrokken waren. Eerder vorig jaar waren de Wit-Russische oppositieleider Siarhei Tsikhanouski en anderen vrijgelaten en maakte het Witte Huis een einde aan de sancties tegen de Wit-Russische luchtvaartmaatschappij Belavia. Er zitten volgens mensenrechtenorganisaties nog steeds honderden politieke gevangenen vast in Wit-Rusland. 

Foto: "nikozz is licensed under CC BY-NC-ND 2.0

De mythe van ‘minder polarisatie’

De oproep tot “minder polarisatie” klinkt redelijk, bijna vanzelfsprekend. Wie kan er immers tegen zijn dat mensen elkaar weer wat beter begrijpen en in verbinding blijven. Echter, ze wordt opvallend vaak neergelegd bij links, alsof juist daar de bron van het probleem ligt.

Het idee van polarisatie veronderstelt symmetrie. Twee uitersten die verder uit elkaar drijven en een midden dat wordt uitgehold. In die lezing dragen beide kanten gelijke verantwoordelijkheid voor de verscherping van het debat. Die symmetrie is analytisch aantrekkelijk, maar ze schuurt met de werkelijkheid. Extreemrechts ontleent zijn politieke kracht namelijk juist aan conflict. Het denken in scherpe tegenstellingen, het construeren van een vijandbeeld, het benadrukken van culturele en etnische grenzen: het vormt de kern.

Tegen die achtergrond krijgt de oproep tot depolarisatie een merkwaardige lading. Ze richt zich vaak op progressieve stemmen die ongelijkheid, racisme of klimaatbeleid agenderen, en minder op de politieke stromingen die hun legitimiteit juist uit die tegenstellingen halen. De impliciete boodschap luidt dan dat het benoemen van structurele problemen al snel als “polariserend” geldt, terwijl het institutionaliseren van uitsluiting als een harde, maar begrijpelijke politieke positie wordt gepresenteerd.

Daar komt een tweede asymmetrie bij. Uitspraken of acties van een kleine, radicale minderheid aan de linkerkant worden door rechts routinematig uitvergroot en vervolgens als representatief gepresenteerd. Denk aan zogenaamde ‘woke’ en feministische excessen en acties van XR die geheel links worden aangewreven. Het frame schuift door: wat feitelijk vrij marginaal is, wordt behandeld als de norm en daarna als verwijt teruggelegd bij links als geheel. Aan de rechterkant lijkt een vergelijkbare dynamiek veel minder door te werken. Extreemrechtse posities lopen vaker naadloos over in wat als “gewoon” rechts wordt gepresenteerd, zonder dat die nabijheid dezelfde electorale of morele schade oplevert. Extreem rechtse demonstraties worden niet in dezelfde mate geïdentificeerd met rechts als geheel. De grens vervaagt, maar de consequenties blijven uit.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Het Grote Sargasso Verkiezingscafé

Ergens tussen de stembureaus, de lokale partijprogramma’s en de kandidaten die plots overal op lantaarnpalen verschijnen, staat vandaag ons popup politieke café, een plek waar iedereen die de gemeenteraadsverkiezingen volgt even kan aanschuiven. Een houten vloer die plakt, een toog met krassen van jarenlange discussies, en een barvrouw die al lang geleden is gestopt met neutraal blijven, en een tyfushekel heeft aan de PVV, FvD, BBB, JA21 en elke lokale kloon daarvan.

Foto: "In Zandvoortse klederdracht gestoken leden van het stembureau aan de Louis Davidsstraat 17, vrolijken de gemeenteraadsverkiezingen op. NL-HlmNHA 54036918" by Poppe de Boer is licensed under CC CC0 1.0

Hogere opkomst, grotere verharding

van Prof.Dr. Joop van den Berg

De Nederlandse politiek wordt sedert de eeuwwisseling gekenmerkt door drie verschijnselen die als schadelijk moeten worden beschouwd voor de democratie.[1] Ten eerste is de vluchtigheid van het kiesgedrag groter dan in andere Europese landen, groter zelfs dan in Italië. Daarnaast is er sprake van ernstige verbrokkeling van de meeste politieke partijen, voorop de grote oude volkspartijen. Ten slotte is er onmiskenbaar sprake van ernstige verharding van politieke tegenstellingen.

Deze drie verschijnselen zijn niet alleen te zien in de nationale politiek maar ook in de lokale democratie. Daarbij moet worden gezegd dat de sterke opkomst van lokale partijen geleidelijk de polarisatie in de gemeentelijke democratie eerder verzachtte dan versterkte. Er ontstonden op veel plekken betrekkelijk grote en redelijk stabiele lokale fracties, die weliswaar meestal lichtelijk naar rechts overhelden, maar de politieke verhoudingen vreedzaam en constructief hielden. De prijs daarvoor was een steeds lagere opkomst bij gemeenteraadsverkiezingen.[2]

Gemeenten werden daarnaast, meer nog dan de landelijke politiek, geteisterd door verbrokkeling: grote partijen werden ‘middelgroot’ en daarnaast kwamen er reeksen kleine partijtjes. Ter linkerzijde is die fragmentatie wel wat verminderd door het samengaan van GroenLinks en de Partij van de Arbeid en de bijna-verdwijning van de SP. Daar staat verdere verbrokkeling aan de rechterzijde van het politieke spectrum tegenover. De volatiliteit van het kiesgedrag richt zich bovendien nog meer op nationale partijen dan op de grote lokale lijsten, die opmerkelijke stabiliteit tonen.

Foto: Jonathan Hunt on Unsplash

Medicijnen voor mineralen

Regeringen proberen een gebrek aan moraal over het algemeen te verdoezelen met mooie praatjes. Niet zo de regering Trump. Die grossiert in acties die gespeend zijn van elk moreel besef maar verbergt ze niet en presenteert ze aan de rest van de wereld als standaard machtsinstrument en chantagemiddel. Deals. De nieuwste slachtoffers zijn de 1,3 miljoen HIV patiënten in Zambia. Zij lopen het risico geen medicijnen meer te krijgen als het land de Amerikanen niet tegemoet komt inzake de winning van mineralen.

“We kunnen onze prioriteiten alleen veiligstellen door openlijk en op grote schaal onze steun aan Zambia in te trekken,” staat in een concept memo dat door medewerkers van het Afrika-bureau van het ministerie is opgesteld voor minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio en gelekt is naar de New York Times. Na rigoreuze bezuinigingen op alle ontwikkelingshulp is de Amerikaanse regering nu onderhandelingen gestart met afzonderlijke Afrikaanse regeringen. Die krijgen aanzienlijk beperkte hulpbedragen voorgeschoteld onder nieuwe voorwaarden. De financiering voor de gezondheidszorg zou volgens berekeningen van een NGO met 69 procent dalen voor Rwanda, met 61 procent voor Madagaskar, met 42 procent voor Liberia en met 34 procent voor Eswatini, waar een kwart van de volwassenen met HIV leeft. De Zimbabwaanse regering heeft zich onlangs teruggetrokken uit de onderhandelingen, omdat de eisen met betrekking tot het delen van gegevens en biologische monsters een onaanvaardbare inbreuk op de soevereiniteit vormden. Activisten in Kenia hebben de overeenkomst van dat land om soortgelijke redenen voor de rechter gebracht. 

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Mike Andrews (cc)

We hebben democratisch goud in handen, laten we dat koesteren én beschermen

Gisteren mochten Nederlandse kiesgerechtigden (wederom) naar de stembus, ditmaal voor de gemeenteraadsverkiezingen. Een van de belangrijkste verworvenheden van de afgelopen 150 jaar is het recht op zelfbestuur: burgers kunnen via vrije verkiezingen hun bestuur vormgeven, zowel in passieve vorm (kandidaatstelling voor openbare lichamen) als in actieve vorm (het stemrecht). Dat we gisteren vrije verkiezingen hadden, kan dan ook met recht “het feestje van de democratie” genoemd worden. Dit jaar maak ik ook zelf, als nummer 6 van het CDA Lingewaard, gebruik van ons passieve kiesrecht.

Het zijn momenten als deze waarop ik besef in wat voor bevoorrecht land we leven. Het vorige moment waarop ik mij dit realiseerde was bij de aanstelling van het kabinet-Jetten. De voorganger van Rob Jetten, Dick Schoof, droeg met slechts één krabbel de macht over aan het huidige kabinet. Hoe anders is dat in dictatoriale en autoritaire landen, waar geen sprake is van een vreedzame machtsoverdracht als sluitstuk van vrije en eerlijke verkiezingen.

We bevinden ons in een “democratische recessie”

Toch treedt er binnen de democratische wereld betonrot op. Vijf jaar geleden, op 6 januari 2021, bleek dat bij “de leider van de vrije wereld” ,in casu de VS, een vreedzame machtsoverdracht geen vanzelfsprekendheid meer is. De huidige president Donald Trump beraamde een staatsgreep en bracht de als eerlijk erkende verkiezingen in diskrediet. Ook aan onze kant van de Atlantische Oceaan vormen autoritaire partijen een steeds vastere machtsbasis; denk aan de AfD in Duitsland, Rassemblement National in Frankrijk en Reform UK in het VK. In Midden-Europese landen hebben potentaten, zoals Orbán met zijn Fidesz-partij en Robert Fico met zijn SMER-SD de staatsinrichtingen bovendien zodanig “verbouwd” dat deze staten zijn verworden tot autoritaire, corrupte roversnesten.

Foto: Jeremy Bishop on Unsplash

De top van je eigen piramide

Er bestaat een hardnekkig misverstand over macht. Dat die zich concentreert in een kleine, overzichtelijke top, waar een handvol mensen het geheel overziet en bestuurt. In werkelijkheid lijkt macht eerder op een verzameling piramides, in elkaar geschoven als een Russische matroesjka. Iedereen zit ergens in zo’n constructie. En vrijwel iedereen ervaart zichzelf als de top van zijn eigen deelpiramide.

Dat geldt niet alleen voor organisaties, maar voor de samenleving als geheel. De huiseigenaar die neerkijkt op de huurder. De vaste werknemer die zich onderscheidt van de flexkracht. De burger die zich afzet tegen de bijstandsgerechtigde of de nieuwkomer. Het zicht naar beneden is scherp. Je ziet wie er volgens jou minder bezit, minder status heeft, minder zekerheid geniet. Het zicht naar boven is diffuus. Multinationals, investeringsfondsen, geopolitieke blokken, financiële markten. Abstracties waar je weinig directe invloed op ervaart.

Die asymmetrie vormt het fundament van maatschappelijke nervositeit. Naar beneden zie je concrete mensen die mogelijk aanspraak maken op wat jij hebt. Naar boven zie je structuren die als natuurwetten worden gepresenteerd. Zo ontstaat een permanente valangst. De angst om af te glijden op de sociale ladder.

Wantrouwen als maatschappelijk smeermiddel
Wie bang is om te dalen, ontwikkelt reflexen. Afbakenen. Uitsluiten. Strenger willen zijn voor wie onder je staat in de veronderstelde hiërarchie. Politieke voorkeuren verschuiven mee. Wie zich bedreigd voelt in zijn relatieve positie, zoekt bescherming in beleid dat de onderlaag disciplineert.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: Verkiezingsbord 2021

De strijd om de verkiezingsposters

COLUMN - De Amsterdamse burgemeester Femke Halsema keert zich tegen de vernieling van verkiezingsposters. „Het is niet alleen vandalisme , het is ook ondemocratisch”, stelt ze maandag. „Wat je idealen of motieven ook zijn, ondermijn vrije verkiezingen niet. Poten af van de verkiezingsposters!” Vooral de posters van Forum voor Democratie moeten het ontgelden met hakenkruizen en Hitlersnorretjes op de foto van Lidewij de Vos.

Ook posters van D66 in Sittard en van Leefbaar Rotterdam zijn beklad met swastika’s en verwijzingen naar het fascisme. Een ‘rondje langs de velden’ levert verder meldingen op uit de Betuwe, De Bilt, Hendrik-Ido-Ambacht, Berlicum, Oisterwijk, Leiderdorp, Ronde Venen, Woerden en Hoogmade. Ook CDA, SGP, CU, VVD en GroenLinks-PvdA hebben te lijden onder de vernielingen. En overal worden ze betreurd door burgemeesters die eenzelfde boodschap hebben als Halsema. Burgemeester Haverkamp van De Bilt: ‘Dit veroordeel ik ten zeerste; dit hoort niet thuis in onze democratie. Ik roep u daarom op elkaar in elkaars waarde te laten en u goed te laten informeren door deze uitingen.’

De burgemeesters hebben gelijk. In de verkiezingsstrijd moeten alle stemmen gehoord kunnen worden. Het dwarsbomen van de uitingen van een concurrent is uit den boze. Vrije verkiezingen in een democratisch land vereisen tolerantie ten opzichte van alle deelnemers. Burgemeesters staan in Nederland boven de partijen en het is duidelijk dat zij zich in die functie zorgen maken over dit soort acties, die velen met hen ook zullen zien als een betreurenswaardige uiting van de toenemende politieke polarisatie en de vijandigheid tegen alle politiek.

Foto: Chandler Cruttenden on Unsplash

In Iran helpt elke bom het regime

Wanneer buitenlandse aanvallen op Iran plaatsvinden, duikt in westerese media vaak dezelfde verwachting op: dat militaire druk het regime zal verzwakken en de oppositie ruimte zal geven. In werkelijkheid gebeurt meestal het omgekeerde. Buitenlandse bombardementen verschuiven het politieke kader in Iran onmiddellijk. Protest verandert van binnenlandse kritiek in vermeende samenwerking met een vijand.

Het Iraanse regime gebruikt dat mechanisme al jaren. Demonstranten worden geregeld beschreven als instrumenten van buitenlandse machten. Zodra er daadwerkelijk een militaire aanval plaatsvindt, krijgt dat frame enorme kracht. Elke demonstratie kan en wordt dan neergezet als steun aan een agressor. Repressie krijgt zo een nieuwe rechtvaardiging. Veiligheidsdiensten krijgen daarmee een vrijwel onbeperkte ruimte om protest hard neer te slaan.

Van protest naar verraad
Voor demonstranten verandert de situatie fundamenteel. Wat eerst een politieke demonstratie was, wordt nu gepresenteerd als hulp aan een vijandige staat. Arrestaties worden dan verdedigd als nationale veiligheid. Schoten op demonstranten als noodzakelijke verdediging van het land. Verschilt dat van hoe de protesten hiervoor werden neergeslagen? Niet per se, maar een groot deel van het land accepteert deze uitleg wél.

De Iraanse oppositie is zich van dit risico al lang bewust. Activisten benadrukken regelmatig dat buitenlandse interventie hun positie verzwakt. Veel protestbewegingen proberen juist te voorkomen dat ze worden gezien als instrument van buitenlandse belangen. De geschiedenis van buitenlandse inmenging in Iran, maakt dat stigma politiek explosief.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Volgende