In de Duitse deelstaten Hessen en Beieren zijn a.s. zondag Landtagswahlen. De resultaten van deze verkiezingen zullen worden beschouwd als een tussentijds oordeel over de Ampelkoalition in Berlijn. En dat ziet er niet veelbelovend uit. Hoge scores voor de oppositie kunnen met name ook gezien worden als een teken dat een deel van de Duitse kiezers inzake klimaatmaatregelen op de rem wil trappen. Het anti-groene sentiment achter dit standpunt wordt sterker en het leeft niet alleen in Duitsland.
De laatste opiniepeiling in Hessen laat zien dat de CDU daar de grootste partij kan worden. Daarachter volgen met gelijke scores de Groenen, SPD en AfD. De sociaaldemocratische minister van Binnenlandse Zaken Nancy Faeser die Berlijn voor Wiesbaden wil inruilen moet rekenen houden met een mager resultaat. De drie regeringspartijen verliezen, de FDP mag hopen de kiesdrempel te halen. Net als in Hessen staat ook in Beieren extreemrechts in vergelijking met de vorige deelstaatverkiezingen op winst ten koste van het midden en links. De CSU van Markus Söder is hier nog steeds de grootste, maar zal opnieuw geen regering kunnen vormen zonder de rechts-nationalistische Freie Wähler. Van een coalitie met de derde partij, de Groenen, wil Söder niets weten. Hij is een van de meest uitgesproken aanjagers van het anti-groene sentiment. In de landelijke polls is de AfD inmiddels met 21% de tweede partij in Duitsland. Een op de vijf Duitsers heeft zich bekeerd tot extreemrechts.
Migratie is voor de AfD nog steeds een belangrijk thema. Maar Karl Mathiesen wijst er op dat de opmars van de partij in Duitsland een stimulans heeft gekregen door het dispuut binnen de coalitie over de warmtepomp. De AfD heeft met succes de hoge kosten van de warmtepomp ingezet om nieuwe kiezers te trekken. De stijgende cijfers in de opiniepeilingen voor extreemrechts dateren van dit voorjaar toen in Duitsland de discussie over de verplichte warmtepomp bij de vervanging van de cv ketel tot een hoogtepunt kwam. Dat er uiteindelijk een sterk afgezwakt compromis is gesloten heeft niet kunnen verhinderen dat het anti-groene sentiment meer Duitsers dan ooit heeft geraakt. De warmtepomp bleek een katalysator voor de opleving van de weerzin van rechts tegen het activisme en de morele druk van de milieubeweging. 'Tegen de eco-dictatuur', zo luidt het frame. De Groenen, hoezeer bereid ook tot het sluiten van compromissen in de wankele regeringscoalitie, zijn het pispaaltje geworden van de conservatieven.
Terugtrekkende bewegingen
Volgens Mathiesen is dit een sentiment dat je ook in andere Europese landen aantreft. 'In heel Europa wint extreemrechts terrein en op veel plaatsen wordt verzet tegen het klimaatbeleid tot een kernprobleem gemaakt. Het is een ontwikkeling die de aandacht heeft getrokken van politici over het hele continent, vooral van conservatieve partijen die hun groene verplichtingen overboord hebben gegooid in het licht van de populistische aanval.' Ook centrum-rechts, christendemocraten en liberalen, zijn voorzichtiger geworden bij het steunen van de klimaatagenda. Zie de terugtrekkende bewegingen van premier Sunak in het Verenigd Koninkrijk die probeert het imago van zijn partij op te poetsen ten koste van uitstel van maatregelen tegen de klimaatopwarming. Zie ook de actie van Europese christendemocraten onder leiding van Commissievoorzitter Von der Leyen om een partijgenoot als Commissaris voor Klimaatzaken aan te trekken. Ook al moest Wobke Hoekstra tegenover het parlement vergaande beloftes doen, de Europese Volkspartij heeft met hem wel een man die bij de Europese verkiezingen van volgend jaar de nodige voorzichtigheid kan uitstralen om de concurrentie van rechts af te troeven.
Een politieke kettingreactie bedreigt zo de uitvoering van steeds urgenter wordende klimaatmaatregelen. Extreemrechts voedt en misbruikt anti-groene sentimenten. Centrum-rechts doet een pas op de plaats om niet te veel aan extreemrechts te verliezen en aan de macht te kunnen blijven. We mogen hopen dat links dit voorbeeld niet gaat volgen.