Europese afhankelijkheid van VS & Qatar
ACHTERGROND - Terwijl de doldwaze oranje oempa loempa in het Witte Huis steeds vreemdere fratsen uithaalt zitten de EU-lidstaten (waaronder Nederland) in een drievoudige strategische klem bij de VS: ICT, betalingssystemen en energie. De afhankelijkheid van Amerikaanse ICT hebben we eerder besproken. Voor een grotere onafhankelijkheid op gebied van betalingssystemen zet de EU in op IDEAL opvolger WERO en de digitale Euro. Dat dat geen overbodige luxe is laten de ervaringen van de rechters van o.a. het Internationaal Strafhof zien. Voor energie resteert een simpele keus: de VS & Saoedi-Arabië achterna als petrostate of China en India achterna als electrostate.
De Europese droom van waterstof blijkt net zo vluchtig als het goedje zelf. Veel van de met veel fanfare aangekondigde projecten worden afgeblazen als het aankomt op de investeringsbeslissing, ook de vele pilots met waterstoftreinen, bussen en vrachtauto’s worden een voor een opgedoekt. Batterij-elektrische alternatieven blijken bedrijfseconomisch beter te renderen en dat geldt breder voor investeringen in wat Ember Energy als electrotech bestemd. Wat resteert is een forse overinvestering in waterstofleidingen en een continent breed tekort aan investeringen in het elektriciteitsnetwerk, wat in veel lidstaten leidt tot netcongestie.
Petrostate vs electrostate
Voor de EU ligt de electrostate meer voor de hand dan petrostate. Europa is afhankelijk van import van olie, gas en uranium. Een afhankelijkheid die pijnlijk duidelijk werd bij de Russische inval in Oekraïne, waarmee de toegang tot goedkoop Russisch aardgas werd afgesneden. De afhankelijkheid van Russisch gas werd in hoog tempo omgebogen in afhankelijkheid van de import van duurdere LNG uit vooral de VS en het Midden-Oosten. In sneltreinvaart werden importterminals voor LNG gerealiseerd, de afhankelijkheid van Russisch uranium bleef. Nu blijkt de nieuwe afhankelijkheid van de VS en Qatar ons niet ongevoelig te maken voor prijsschokken, al valt de impact vooralsnog mee vergeleken met het prijseffect van de Russische invasie in Oekraïne.

