Zuid-Holland bestaat niet

Zuid-Holland bestaat niet. Er is een provincie die zo heet, maar dat is toeval. De provincie heeft nauwelijks iets zeggen: de grote steden regelen het zelf wel. Er is geen Zuid-Hollandse gemeenschap, geen Zuid-Hollandse identiteit. En dus is een Zuid-Hollands fingerspitzenprognose een gotspe. We kunnen de landelijke ontwikkelingen vertalen naar de Zuid-Hollandse situatie, maar dat is simpel rekenwerk. Want men stemt niet voor de Zuid-Hollandse Staten om provinciale redenen, men stemt voor de Zuid-Hollandse Staten voor landelijke redenen. Uit onvrede met het kabinet, uit bezorgdheid over het klimaat of de natuur, of omdat men zonder file door wil kunnen rijden naar Utrecht.

Prognose voor Provinciale Staten van Zuid-Holland

Zuid-Holland is geen eenheid. Het heeft grote steden als Rotterdam en Den Haag waar de populisme welig tiert. Er loopt een Bible Belt doorheen. En er liggen studentensteden in als Delft en Leiden, waar vrijzinnige partijen het goed doen. Dit ligt allemaal om een christen-democratisch georienteerd Groene Hart heen. Zo is Zuid-Holland eigenlijk Nederland in het klein.

Maar als provincie stelt het weinig voor: grote gemeenten als Rotterdam en Den Haag stellen zich autonoom op, als kloppend hart van de Randstad wordt veel door het Rijk bepaald, Schiphol, een bron van overlast en werkgelegenheid ligt net over de grens met Noord-Holland. Weinig burgers voelen zich dan ook Zuid-Hollander: je bent geboren Rotterdammer of Hagenees, met passend accent. Als je in Leiden studeert ben je een corpsbal, studeer je in Delft ben je een fietsenmaker. Je komt van Goerree Overflakkee, uit een gesloten christelijke gemeenschap of uit de bruisende hindoestaanse gemeenschap in Den Haag. Misschien voel je je Hollander, waarschijnlijk voel je je Nederlander, maar niemand, niemand voelt zich Zuid-Hollander.

En dus kunnen we de landelijke ontwikkelingen doorslaan naar de provinciale situatie, zonder veel acht te slaan op lokale factoren. In vergelijking met 2007 zal het CDA flink verliezen. Maar ook de PvdA en de SP stonden toen sterker dan nu. De PVV zal flink winnen, en ook de progressieve partijen D66 en GL kunnen hun zetel aantal uitbreiden. Maar hoe sterk?

Het CDA zal in Zuid-Holland echt een klap krijgen: zij was met 13 zetels de grootste partij, maar ze houdt er maar vijf over. De VVD neemt haar plek in, met 13 zetels worden de liberalen de grootste partij. Overal in de provincie zal zij domineren: op het platteland waar kiezers op zoek zijn naar een partij die stabiliteit belooft, in de grote steden waar een populistisch rechts verhaal steeds beter aankomt en onder corporale studenten. De SGP, altijd betrouwbaar komt op twee zetels uit.

Ook links krijgt in Zuid-Holland een knauw: de PvdA verliest bijna een derde van haar electoraat, de SP bijna 40%. Ook de ChristenUnie verliest een zetel. Dit wordt gedeeltelijk goed gemaakt door de ‘progressieve’ linkse partijen: D66 springt van een naar vijf zetels en ook GroenLinks weet een zeteltje erbij te pakken, met name dank zij de lijstverbinding met de PvdA. De Partij voor de Dieren zal wel meer stemmen halen dan in 2007 maar dat weet zich nog niet te vertalen in meer zetels.

Maar dan hebben we grootste winnaar nog overgeslagen: de PVV gaat in een keer van nul naar tien zetels. De reden? Het zal weinig te maken hebben met Zuid-Hollandse factoren. En des te meer met landelijk: onvrede over parlementaire politiek, onveiligheid in verkleurende volkswijken en onbehagen in kleine kerkdorpjes.

Dit artikel verscheen ook op fispr.nl.