‘Hoe drones oorlogen permanent maken’

ANALYSE - Perfecte timing na The Drone Papers van gisteren: socioloog Willem Schinkel voorziet (o.a. Nederlandse) drones van politieke duiding.

Deze doctrine heeft Barack Obama in staat gesteld definitief te breken met de oorzaak van het Guantánamoprobleem: Obama neemt geen gevangenen, hij neemt levens. Voor de winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede van 2009 geldt: ‘Kill rather than capture.’

[…]

Waarom is dit belangrijk?

Omdat er duizenden (onschuldige) doden vallen. En omdat de uitzonderingstoestand van de oorlog een normale conditie dreigt te worden. We dreigen medeplichtig te zijn aan een permanente moordmachine op arme delen van de wereld. En we dreigen daarbij onze democratie uit te hollen.

Open waanlink

  1. 2

    Daarbij hanteren de VS het concept ‘Military Age Male’: wie in de buurt van een doelwit staat en man is van militaire leeftijd, is zelf ook legitiem doelwit. Op die manier kunnen lage burgerslachtoffers gerapporteerd worden.

  2. 4

    @3: Voor de duidelijkheid: met de video wilde ik niet echt iets suggereren. Ik moest meteen aan deze sketch denken toen ik de badges zag in het artikel van Schinkel, dit kwam omdat ik me – hoewel ik het onderwerp drones aardig heb gevolgd – toch enigszins verbaasde over het feit dat deze mensen schaamteloos en misschien zelfs met enige trots dergelijke badges dragen. De video vond ik daarbij aansluiten en ik voelde de behoefte deze met jullie te delen.

    Overigens, ik begrijp denk ik wel waarom je een drone-aanval op een bruiloft terrorisme wilt noemen, namelijk om aan te geven dat de aanvallers de bad-guys zijn: het concept ‘terrorisme’ kan binnen een ideologisch frame fungeren als een teken van het kwaad, door het bombarderen (van bruiloften) door drones ook als zodanig (terrorisme) te willen kwalificeren, vergroot je de reikwijdte van wat doorgaans (in de media, politiek) met terrorisme wordt aangeduid. Schinkel geeft in het artikel – net als jij – al aan dat de term ‘oorlog’ in de context van de drone-aanvallen problematisch is (alleen al omdat in veel gevallen de VS niet in oorlog is met de landen waar zij dergelijke bombardementen uitvoert). Hij noemt deze aanvallen echter geen terrorisme maar ‘slachten’.

    In het door Schinkel genoemde (en geschreven) essay ‘On the concept of terrorism’ (het essay dat hij aanbiedt eventueel te e-mailen), wordt denk ik ook duidelijker waarom hij er bijvoorbeeld niet voor kiest om te volstaan met het plakken van het predicaat ‘terrorisme’ op een drone-aanval (op een bruiloft). Juist omdát terrorisme zo’n ideologisch begrip is, en er dus ideologie wordt bedreven wanneer een partij van terrorisme wordt beschuldigd, kiest hij voor een reflectie op de plaats van het concept terrorisme binnen dat (ideologische) kader. Het wordt dan duidelijk, zo kunnen we lezen in zijn essay, dat een terroristische daad doorgaans gereserveerd is voor mensen die de zittende macht aanvallen, deze macht beschuldigt hen namelijk vervolgens van terrorisme. Dit geeft aan dat terrorisme, zo stelt Schinkel, paradoxaal genoeg is vervlochten met de reacties op ‘terrorisme’. Belangrijk hierbij is denk ik ook zijn constatering dat het bij terrorisme gaat om mensen die niet de macht hebben om de entiteiten die ze willen veranderen, bijvoorbeeld staten, direct aan te vallen en daarom kiezen voor een aanval op derden. Aan deze ongelijkheid refereert hij ook al even in zijn artikel op De Correspondent.

    Het doel van deze serie artikelen van Schinkel op De Correspondent is ‘politisering’. Dit gaat verder dan het politiek-ideologische statement dat drone-aanvallen slecht zijn, en houdt in dat hij verschillende concepten ‘politiseert’. Hij maakt inzichtelijk welke politieke rol bepaalde, soms ogenschijnlijk ‘neutrale’, concepten spelen. Het artikel over drones (maar ook terrorisme) is een van deze uitwerkingen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren