‘Geen spoor van beschaving’

Het dagboek van Kolonel Willem de Veer, die in 1913 op een internationale vredesmissie Albanië bezocht, geeft niet alleen een beeld van de politieke situatie op de Balkan aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog maar ook van de culturele kloof tussen Nederland en Albanië. Een boekbespreking van gastauteur Raymond Detrez (op de foto de Brug van de Vezier bij Kukës in Noord-Oost Albanië). Albanië wordt over enkele jaren ongetwijfeld de zoveelste volwaardige lidstaat van de Europese Unie, maar toen het land in 1912 als onafhankelijke staat onstond leken zijn overlevingskansen niet bijster groot. Griekenland, Servië, Montenegro en Bulgarije hadden eerder een militair bondgenootschap gesloten om de Osmanen definitief van de Balkan te verdrijven en meteen ook in grote lijnen afgesproken hoe ze het veroverde gebied onder elkaar zouden verdelen. Daarbij claimden Servië en Montenegro het noorden van Albanië (met Kosovo); Griekenland wilde het zuiden. Mochten ze hun zin krijgen, dan waren de Albanezen als volk tot verdwijnen gedoemd. Om dat te voorkomen riepen Ismail Qemali en enkele andere Albanese leiders op 28 november 1912, kort na het uitbreken van de Eerste Balkanoorlog, in Vlorë de onafhankelijkheid uit. Gelukkig bleken de Grote Mogendheden van die tijd in mei 1913 bereid om met het Verdrag van London die onafhankelijkheid te erkennen. De Albanezen hadden het Osmaanse Rijk decennia lang beschouwd als de beste bescherming tegen de expansiedrift van hun buren (al hadden ze wel geijverd voor meer autonomie binnen dat rijk), maar toen de Osmanen van de Balkan werden verdreven, was onafhankelijkheid de enige overlevingskans. Kibbelende politici De nieuwe staat stond op wankele benen. De Albanezen waren altijd goed in het Osmaanse Rijk geïntegreerd geweest, ze hadden de sultans vezieren, militairen, ambtenaren en geleerden geleverd. Velen van hen namen dan ook tegen hun zin afscheid van de Osmanen. Pro-Osmaanse groeperingen bleven actief. Het gezag van premier Ismail Qemali werd buiten Vlorë en omstreken niet erkend. In Centraal-Albanië zwaaide, met Servische steun, Essad pasja Toptani de plak. Het noorden werd gedomineerd door krijgslustige en vrijheidlievende katholieke clans. De Osmanen hadden altijd een grote mate van lokaal zelfbestuur toegestaan en dat had een stempel gedrukt op de politieke cultuur. Lokale potentaten hadden vooral oog voor lokale – of eigen – belangen en als er dan toch iemand aan het hoofd van de staat de plaats van de sultan moest innemen, dan vond ieder zichzelf daarvoor de aangewezen persoon. De buurlanden erkenden de grenzen van de nieuwe staat niet; ze bleven Albanees grondgebied claimen en zochten onder de kibbelende Albanese politici naar handlangers om alsnog hun slag thuis te halen. De Grote Mogendheden vonden het dan ook verstandig om een Internationale Controlecommissie in het leven te roepen, bestaande uit vertegenwoordigers van Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Italië, Rusland, Oostenrijk-Hongarije en Duitsland, met de bedoeling een oogje in het zeil te houden. Ook binnen de Controlecommissie werd veel geruzied. De Eerste Wereldoorlog wierp zijn schaduw vooruit. Hoe dan ook, ze belastte een Nederlandse missie, bestaande uit kolonel Willem De Veer en majoor Lodewijk Thomson, met de taak om een Albanese gendarmerie op te richten. Verkenning van een ontoegankelijk land Om te beginnen moesten De Veer en Thomson overal in Albanië de diverse politieke leiders gaan opzoeken om ze te polsen over hun bereidheid om aan dat project mee te werken. Dat was geen sinecure, gezien de legendarische ontoegankelijkheid van het land (door de hoge bergketens), de verloederde of onbestaande infrastructuur, het gebrek aan informatie over land en volk, de taalbarrière enzovoort, maar ze speelden het klaar. We zijn goed ingelicht over hun wederwaardigheden dankzij het dagboek, dat kolonel De Veer over hun eerste verkenningsreis bijhield en dat naderhand is verschenen in De Nieuwe Courant. Hij rapporteerde ook aan de Nederlandse minister van Oorlog en schreef brieven aan zijn vrouw. Het dagboek, hier en daar aangevuld met fragmenten uit de brieven, werd onlangs heruitgegeven onder de titel Reisindrukken uit Albanië 1913 bij Skanderbeg Books. De reis van beide verkenners begon op zondag 10 november 1913 in de zuidelijke havenstand Vlorë, waar een jaar eerder de Albanese onafhankelijkheid was uitgeroepen. Op 11 november is De Veer al met zijn oordeel over Albanië klaar en dat oordeel zal in de loop van de volgende anderhalve maand die hun reis duurt nauwelijks veranderen: 'Er was geen spoor van beschaving; de bevolking maakte in hoge mate een apathische en indolente indruk. Alles, letterlijk alles wat men hier zag, was bouwvallig, oud en in hoge mate vervuild; niets werd hier onderhouden of opgeruimd, alles moest maar een natuurlijke dood sterven, nimmer werd een behulpzame hand uitgestoken om het verval ook maar enigermate te stuiten. Toch maakten de Albanezen met hun fantastische klederdracht hun residentie tot een schilderachtig geheel, dat evenwel toch in hoge mate vuil en weerzinwekkend oogde.' Een week voor zijn terugkeer naar Nederland, eind december, luidt het in een brief aan zijn vrouw: “Hoe meer ik de Albanees leer kennen des te meer begin ik het volk te minachten. Ze zijn allen te lamlendig om iets uit te voeren.” Schapenvlees De 19e eeuwse dichter Lord Byron noemde de Albanezen “brave, rigidly honest, and faithful”, “the most beautiful race”, maar De Veer had nu eenmaal niet zo’n romantische ziel als de Engelse poëet. De Veer komt uit zijn reisindrukken naar voren als een gewetensvol man, die niet terugdeinst voor de ongemakken en gevaren die de ritten te paard over de grotendeels onbestaande wegen door het Albanese hooggebergte met zich meebrachten, maar ook als iemand die op zijn strepen staat en overal met de nodige egards wil worden behandeld. De twee onderofficieren-oppassers die hij en Thomson hebben meegekregen, worden al enkele dagen na aankomst in Albanië teruggestuurd wegens hun familiair gedrag. Het liefst verkeert De Veer in het gezelschap van de Italianen en de Oostenrijkers die in Albanië verblijven en vooral in dat van hun dames. Hij is ook vol lof voor de gerechten die hij, bij hen op bezoek, voorgeschoteld krijgt en die hij beschrijft als een echte gourmet. De Albanese keuken vervult hem, wegens het overvloedige gebruik van schapenvet, met afkeer, al laat hij de enkele keren dat een Albanese gastheer hem culinair verwent niet onvermeld. De Veer ontmoet op zijn pad ook wel vriendelijke, behulpzame en efficiënte Albanezen. Hij staat er echter nooit bij stil dat hij in hun ogen een even curieus fenomeen is – iemand die geen schaap lust! – als de Albanezen dat voor hem zijn. Al begrijpen de gesprekpartners van De Veer en Thomson wel dat het onafhankelijke Albanië zijn bestaan te danken heeft aan de Internationele Controlecommissie, ze moeten die twee Nederlanders toch ook beschouwd hebben pottenkijkers, van wie ze niet precies konden weten wat ze uiteindelijk met het land voorhadden. Terug bij af De Veers reisindrukken bestaan hoofdzakelijk uit beschrijvingen van ontberingen onderweg. De vele door Thomson gemaakte foto’s die in het boek zijn opgenomen, vormen een kostbare aanvulling. Soms lees je het reisverslag zelfs als een boeiend commentaar bij de foto’s. De Veer houdt ons ook op de hoogte van zijn hobbies. Zo is hij voortdurend op zoek naar Albanese postzegels – Osmaanse postzegels overgedrukt met de Albanese adelaar –, die hem blijkbaar ook een goede investering lijken. “Ik denk dat de serie die wij voor ± 4 francs kochten op het ogenblik misschien reeds meer dan 100 francs waard zijn.” Beide militairen ontmoeten ook een aantal belangrijke Albanese leiders: de reeds genoemde Ismail Qemali, in de ogen van De Veer een zwakke figuur; Essad pasja Toptani, heer en meester van Centraal-Albanië, die beide heren in Durrës ontvangt in “een gouvernementsgebouw, door de inrichting en het decorum dat er gehandhaafd werd, meer overeenkomstig de waardigheid van een staatshoofd” dan de loods aan het strand in Vlorë, waarin de regering van Ismal Qemali onderdak had gevonden; de charismatische Prenk (prins) Bibë Doda, leider van de katholieke stam van de Mirdieten in Noord-Albanië, “die een bijzondere voorliefde lijkt te hebben om alles van een belachelijke zijde te bezien”. Wat beide militairen precies bespreken met hun Albanese gesprekspartners overlegden komen we niet te weten. Vermoedelijk was de informatie daarover enkel bestemd voor de leden van de Controlecommissie of de Nederlandse minister van Oorlog. Op de politieke situatie in Albanië, het beleid van de Controlecommissie en de oprichting van de Albanese gendarmerie gaat De Veer pas tegen het einde van het boek wat dieper in. Hij had van de gendarmerie een erezaak gemaakt, maar vreesde dat de Controlecommissie de Albanese staat als niet levensvatbaar zou beschouwen en niet bereid zou zijn de nodige financiële middelen te leveren voor de organisatie van de gendarmerie. Curieus genoeg was het beeld dat hij in zijn reisindrukken van de Albanezen gaf eerder koren op de molen van degenen die Albanië een doodgeboren kind waanden. Zijn gendarmerie is er uiteindelijk wel gekomen, maar aan de samenwerking met de Nederlandse militairen kwam aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog een einde. Beide heren hadden ondertussen ruzie met elkaar gekregen, nadat koning Wilhelm zu Wied Thomson en niet De Veer promoveerde tot hoofd van het Albanese leger. In juni 1914 sneuvelde Thomsom bij Durrës; een maand later verliet De Veer Albanië voorgoed. Na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog hief de Internationale Controlecommissie zichzelf op. Het grootste deel van Albanië werd bezet door Oostenrijk-Hongarije; het zuiden werd gecontroleerd door Italië en Frankrijk. Na de oorlog begon Albanië terug bij af. Raymond Detrez was tot zijn emeritaat hoogleraar geschiedenis van Zuidoost-Europa aan de Universiteit Gent [boeklink]9789076905402[/boeklink]

Foto: Susanne Nilsson (cc)

Finland wijst NAVO-lidmaatschap voorlopig af

De spanningen tussen Rusland en Oekraïne raken ook de Scandinavische landen Zweden en Finland die beide geen lid zijn van de NAVO. De Finse premier Sanna Marin zei deze week dat zij het zeer onwaarschijnlijk acht dat haar land in haar regeerperiode toe zal treden tot het militaire bondgenootschap. Net als de NAVO-landen maakt zij zich ook ongerust over de dreigende situatie rond Oekraïne. Een inval van Rusland zal ook van de kant van Finland beantwoord worden met harde sancties. En niemand zal ons kunnen verhinderen toe te treden tot de NAVO, zei ze. Maar voorlopig houdt Finland het bij een onafhankelijke positie en bij de praktische samenwerking met Rusland die ook al tijdens de Sovjettijd bestond. In de publieke opinie is er onvoldoende steun voor een koersverandering. Een recent onderzoek laat zien dat 28% van de Finnen voor aansluiting bij de NAVO is, een stijging ten opzichte van vorige polls. Maar 42% is nog altijd tegen. De rest weet het niet.

Militairen op Gotland

Zowel in Zweden als in Finland zijn de militairen extra waakzaam. In Zweden heeft het leger zijn aanwezigheid op het strategisch gelegen eiland Gotland in de Oostzee versterkt. Vorige week arriveerde een groot aantal militairen op het eiland met groot materieel. Aanleiding was de toename van Russische landingsvaartuigen in de Oostzee. ‘Het is glashelder dat er een risico is.’ zegt de Zweedse minister van Defensie Peter Hultqvist ‘Een aanval op Zweden kan niet worden uitgesloten. Het is belangrijk te laten zien dat we niet naïef zijn.’ Ook het Nederlandse amfibische marinetransportschip Zr Ms. ‘Rotterdam’, dat onderdeel is van de militaire structuur van de NAVO, is richting de Oostzee gestuurd.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Quote du Jour | Ongelijkheid

QUOTE - Een paar cijfers van Thomas Piketty die onze nieuwe regering ter harte zou moeten nemen naar aanleiding van het Wereld Ongelijkheidsrapport 2022 van Oxfam/Novib: ‘Om de sociale en milieutechnische gevaren die haar ondermijnen het hoofd te bieden zal de planeet meer dan ooit rekening moeten houden met de ongelijkheidsbreuklijnen die haar doorkruisen’, schreef hij in Le Monde (vertaald door 360 Magazine, januari 2022)

De algehele conclusie is dat de hyperconcentratie van vermogen, die tijdens de pandemie nog eens is verergerd, voor alle regio’s van de wereld geldt. Wereldwijd bezat de armste 50% in 2020 amper 2% van het totale privé-eigendom, terwijl de rijkste 10% 76% van het totaal bezat (…) In Europa is de situatie minder extreem [dan in bv. Latijns Amerika, Rusland, het Midden-Oosten en sub-Sahara Afrika] maar er is ook geen reden om de vlag te hijsen: de armste 50% bezit 4% van het totaal tegen 58% voor de rijkste 10%.

Foto: © Tweede Kamer Plenair zaal tijdelijke Tweede Kamer

Regering verklaart zich over haar termijn heen

Aldus sprak Rutte bij het afleggen van de regeringsverklaring, gisteren in de Tweede Kamer:

Ik begin bij de constatering dat veel grote problemen niet in een paar jaar kunnen worden opgelost. Daarom is dit allereerst een akkoord dat over één kabinetsperiode heen kijkt.

Wacht even… Lezen we hier een volkomen doorgeslagen ambitie van heer Rutte? Is een Rutte IV niet genoeg en mikt hij op minstens een Rutte V? Over 196 dagen, zo’n 28 weken, zal hij de langstzittende premier worden. Dus waarom gaat-ie voor de aller-allerlangstszittende premier? De man is nu al de premier met de meeste records.

Ruttes records als minister-president (lees ook hier en hier): Het langst demissionair, de langste kabinetsformatie, de meeste opgestapte bewindslieden, de meeste excuses, de wolligste troonrede ooit. Verwacht in 2022: de langstzittende premier.

Alleen een kabinetscrisis kan roet in het eten gooien. De kans erg klein dat Rutte IV binnen 196 dagen ergens over valt. Of heeft u daar een idee over?

Maar wacht, met “over één kabinetsperiode heen kijken” bedoelt hij een beleid zoals hij dat eigenlijk al jaren gewend is: zaken voor zich uit schuiven. Heel welwillend toezeggen dat ergens naar gekeken zal worden, dat iets zal worden meegenomen in nader overleg, dat er eerst onderzoek moet komen, dat eerst de Europese partners meegekregen moeten worden.

Foto: виталий туманов (cc)

Dichterbij Donbas

RECENSIE - Wat weten we eigenlijk van de situatie in de oostelijke provincies van Oekraïne, Donetsk en Loehansk? In aanvulling op de spaarzame berichten die we in de kranten kunnen vinden over deze oorlogsgebieden heeft Ardy Beld een bundel verhalen samengesteld over de actuele situatie in de Volksrepublieken, de oorlog die er sinds 2014 woedt en een aantal hoofdrolspelers. Ook zijn verslagen opgenomen van de gesprekken  die hij in het afgelopen jaar heeft gevoerd en waarvan er ook enkele eerder door Sargasso zijn gepubliceerd. Donbas, verscheurd tussen Oekraïne en Rusland biedt achtergronden en inside-informatie uit een gebied dat dezer dagen opnieuw in de actualiteit staat.

Uitschot

Een van de mensen met wie Beld gesproken heeft is de kunstenaar Sergej Zacharov die oorspronkelijk in Donetsk woonde. Hij maakte in 2014 levensgrote karikaturen van de nieuwe machthebbers en zette ze op straat te kijk. Daarvoor heeft hij moeten boeten met opsluiting en marteling in een van de gevangenissen van de separatisten. De gevangenisbewaarders voerden schijnexecuties uit. ‘Een heel gevaarlijke situatie ontstond toen een ladderzatte man zijn pistool tegen mijn voorhoofd zette’. Zacharov wist met behulp zijn vriendin te ontsnappen. Over op de separatistenleiders en hun handlangers zegt hij nu: ‘Het uitschot maakte duizelingwekkende carrières.’

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Foto: Smythe Richbourg (cc)

Rutte IV graait in gemeentekas

ANALYSE - Een gastbijdrage van David Rietveld.

Het gemeentefonds is voor gemeenten de belangrijkste bron van inkomsten, onder andere omdat gemeenten zelf nauwelijks belasting mogen heffen. En de startnota is de financiële vertaling van het regeerakkoord. Daar zitten namelijk toch wel wat opvallende dingen in, zeker als het over het gemeentefonds gaat.

Startnota kabinet Rutte IV tabel 19 gemeentefonds

Allereerst valt de reeks voor het gemeentefonds zelf op. Die loopt niet op, maar af. In 2026 krijgen de gemeenten veel minder dan nu. Dat is gek, want de afgelopen jaren hebben we vooral gehoord over financiële problemen bij gemeenten. Medio vorig jaar stuurde Minister Ollongren nog het rapport ‘Gemeenten in de knel’ naar de Kamer. Conclusie uit dat rapport was dat gemeenten investeringen uitstellen en voorzieningen sluiten door tekorten. Dit leidt volgens het rapport ’tot een sluipende uitholling van het gemeentelijke voorzieningenniveau’.

Belangrijke boosdoeners voor het feit dat gemeenten in de knel zitten zijn de opschalingskorting en de tekorten jeugdzorg, maar eerst iets over het ‘accres’. Dit zegt de startnota erover:

De jaarlijkse indexatie van het Gemeentefonds, Provinciefonds en Btw-compensatiefonds heet het accres. Dit accres is bij het coalitieakkoord tot en met 2025 grotendeels berekend op basis van de bestaande afspraken. Dit wil zeggen dat de stijging van de rijksuitgaven ook leidt tot een hogere algemene uitkering aan gemeenten en provincies. Voor 2026 en verder is het accres niet berekend, maar vastgezet op een plus van 1 miljard euro ten opzichte van de stand bij miljoenennota 2022.

Foto: Michael Eisenriegler (cc)

Het blijft onrustig in Oostenrijk

In Wenen kwam de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) gisteren bijeen om de spanningen tussen Rusland en de NAVO-landen te bespreken. De OVSE is een overlegorgaan van circa 55 landen in Europa, Centraal-Azië en Noord-Amerika, dat zich sinds 1973 bezighoudt met samenwerking op het gebied van militair, economisch en humanitair beleid. Dat deze organisatie in Wenen zetelt heeft alles te maken met de neutrale status van de Oostenrijkse hoofdstad na de Tweede Wereldoorlog. De stad heeft in de loop van de tijd vele diplomatieke initiatieven gehuisvest. Met dank aan een onverminderd stabiele Oostenrijkse regering. Maar nu zijn in de afgelopen jaren over die stabiliteit toch twijfels gerezen.

Even afgezien van de crisis rond Jörg Haider, de rechtspopulistische voorman van de Freiheitspartei (FPÖ), eind vorige eeuw, is het allemaal begonnen met zijn opvolger Heinz-Christian Strache die in 2017 met de FPÖ een coalitie aanging met de Oostenrijkse christendemocratische ÖVP. In 2019 raakte Strache in opspraak nadat er een video was verschenen, waarin te zien was dat hij in de aanloop naar de verkiezingen bereid was geweest om een vrouw die zich valselijk voordeed als de nicht van een Russische oligarch, overheidsopdrachten toe te spelen in ruil voor steun tijdens de verkiezingscampagne. Niet alleen de FPÖ raakte in opspraak. In het onderzoek naar deze affaire kwam aan het licht dat de ÖVP ook niet vies was van corruptie en vriendjespolitiek. Premier Sebastian Kurz, die de FPÖ als coalitiepartner had ingeruild voor de Groenen, trad vorig najaar terug en verdween tenslotte helemaal van het politieke toneel. Maar de coalitie bleef intact met sinds december een tweede opvolger van Kurz uit de ÖVP, Karl Nehammer. Hij ontkent bij hoog en bij laag dat zijn partij corrupt is. Er moeten nog rechtszaken komen tegen mensen uit het netwerk van Kurz.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Foto: Flickr ianus raadzaal Gemeenteraad Werkendam CC BY-NC-SA 2.0.

Stemgedrag gemeenteraadsleden

Een beetje betrokken burger wil een weloverwogen keuze maken bij de verkiezingen. Bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer zijn stemwijzers en nieuws over politieke partijen volop te vinden. Zelfs het stemgedrag van politieke partijen in Eerste en Tweede Kamer is niet zo heel moeilijk te vinden.

Met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht (14, 15 en 16 maart) kan een nieuwsgierige kiezer de website van zijn/haar gemeente napluizen, op zoek naar de prestaties van de raadsleden. Ook onderzoekers en journalisten zullen de komende tijd gemeentelijke websites raadplegen.

Probeert u het ook eens. Kies willekeurig een tiental gemeenten en probeer het stemgedrag van de raadsleden eens te vinden. Grote kans dat u na drie tot vier gemeenten het bijltje er al bij neer gooit. Hoe komt dat?

Een onderzoek van acht jaar geleden bracht aan het licht  dat het vinden van raadsinformatie tijdrovend is. Vooral omdat in veel gevallen de gemeentelijke websites weinig gebruiksvriendelijk bleken.

Bij de helft van het aantal (77) onderzochte gemeenten kost het minimaal 5 klikken voordat een bezoeker bij de raadsinformatie terechtkomt.

De onderzoekers constateerden dat er geen eenduidige benamingen voor notulen of verslagen van de raadsvergaderingen werden gehanteerd.  Bij de ene gemeente waren de stukken voor de gemeenteraadsvergaderingen verborgen onder ‘Politieke dag’, een andere gemeente had het onder gebracht bij ‘Politieke Maandag’. Weer een ander vond ‘Politieke Markt’ wel een aardige verzamelplaats voor agenda’s en notulen.

Foto: Fotomovimiento (cc)

Moria-deal op herhaling

Hè, hè, zijn we eindelijk van dat demissionaire kabinet af. Nu kan de Tweede Kamer ook weer voortvarend verder en wel met de controversieel verklaarde onderwerpen.

Nadat Rutte III ten val kwam stelden de Tweede en Eerste Kamer vast welke onderwerpen als politiek gevoelig beschouwd konden worden. Pas bij aantreden van een nieuw kabinet kunnen die onderwerpen weer op de Kameragenda gezet worden. Een traditie die moet voorkomen dat een demissionair kabinet niet fluks nog wat van die politiek gevoelige zaken er door jast.

Van de 308 controversieel verklaarde onderwerpen, werden er 54 migratierechtelijke onderwerpen op ‘non-actief’ gesteld. Van de 89 controversieel verklaarde onderwerpen van het Ministerie van Justitie en Veiligheid, gaan er 54 over het migratierecht (bron: Verbijfblog van de sectie migratierecht van de Vrije Universiteit Amsterdam).

De thema’s integratie, immigratie, asielzaken en vreemdelingenzaken kregen bij de meeste naoorlogse kabinetten een ‘rechts’ VVD/CDA stempel gekregen, met hier en daar wat kleine puntjes van D66 en ChristenUnie (bron: Republiek Allochtonië). Dat was onder Rutte I tot en met III niet anders.

Rutte I: Gerd Leers (CDA) minister voor immigratie, integratie en asielzaken, Ministerie Binnenlandse Zaken.
Rutte II: Fred Teeven (VVD) staatssecretaris voor Integratie, Immigratie, Asielzaken en Vreemdelingenzaken,  Ministerie van Veiligheid en Justitie.
Rutte III: Mark Harbers (VVD) staatssecretaris voor vreemdelingen- en vluchtelingenzaken, migratie en aangelegenheden betreffende mensenhandel, opgevolgd door Ankie Broekers-Knol (VVD), Ministerie van Veiligheid en Justitie.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Reinier Sierag (cc)

Ondersteuningsverklaring in lockdown

Net als bij de Tweede Kamerverkiezingen lijken er ook voor de komende gemeenteraadsverkiezingen wat corona gerelateerde probleempjes te zijn. Onder ander bij het verkrijgen en inleveren van ondersteuningsverklaringen. Dat raakt alleen nieuwe partijen.

De Tweede Kamerverkiezingen van maart 2021 vonden plaats toen de ‘derde golf’ het land teisterde. Oplopende besmettingen waren aanleiding de toen geldende maatregelen niet te versoepelen. Maar de verkiezingen moesten wel doorgaan. Van uitstel was geen sprake.

De semi-lockdown leidde wel tot problemen voor nieuwe partijen. Voor deelname aan verkiezingen moeten bij de gemeenten ondersteuningsverklaringen ingeleverd worden. Partijen als Volt, Lijst Krol en NLBeter vonden dat lang niet alle gemeenten “hun zaken niet op orde hadden”.

Sommige  gemeenten boden niet altijd de mogelijkheid om zonder afspraak langs te komen. En dat niet alleen: het maken van een afspraak ging her en der moeizaam. Een woordvoerder van NLBeter wist van gevallen waar een afspraak niet telefonisch maar online mest worden gemaakt. “En soms ben je dan twee weken verder voordat een ambtenaar tijd heeft”, verzuchtte de woordvoerder.

Ook Henk Krol had soortgelijke ervaringen en stelde Kamervragen. De minister antwoordde dat ze er begrip voor had dat gemeenten vooral op afspraak wilden werken, maar gaf ook aan dat kiezers ook zonder afspraak hun verklaring konden af leggen.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Volgende