Levensbedreigende dingen

RECENSIE - “Het tikken van de klok / had zich voorgoed op de voorgrond geplaatst”, schrijft Bernard Wesseling in het gedicht Het is geen feest tot de doemprofeet is langsgeweest (uit: Naar de daken, zijn nieuwste dichtbundel). Nu stond het tikken van de klok eigenlijk altijd al op de voorgrond in de gedichten van Bernard, die ik alweer meer dan tien jaar geleden leerde kennen als stamgast en huisdichter van café Festina Lente (dat u weet dat mijn oordeel over deze wonderschone bundel wellicht gekleurd is door enige gevoelens van genegenheid). De gedichten die ik mij kan herinneren (uit zijn voordrachten en zijn 'bekroonde eersteling' Focus) en de twee romans die ik van hem heb gelezen (De Favoriet en Portret van een onaangepaste, dat ik hier ooit besprak) gingen al over dat wat nooit meer terugkwam. En stonden ook al bol van herinneringen aan momenten die voorgoed waren opgelost in de tijd en enkel nog in Bernards hoofd bestonden.

Door: Foto: Sargasso achtergrond wereldbol
Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Tweespalt | Media en verdriet

Journalist Timothy Vermeir
  De andere journalisten ‘Maar we geven alleen maar wat de mensen willen lezen en zien.’ Ik ken het argument, …, maar het houdt hier geen steek. Journalisten … moeten hun werk doen, en moeten informatie brengen aan lezers, luisteraars en kijkers. Maar dat is geen vrijgeleide om zonder scrupules, zonder respect en zonder ook maar de minste blijk van medeleven mensen te blijven bestoken tijdens de moeilijkste uren van hun leven
Bekijk eerste filmpje bij het artikel.

 
 
Nieuws is het vermelden van het ongeluk en het melden van wat daar feitelijk over te zeggen is. Nieuws is het melden van de begrafenissen en herdenkingsdiensten. Al het overige is schaamteloos profiteren van het leed van anderen.

Misschien dat we eens kunnen kijken naar de besteding van het geld voor de publieke omroepen in deze. Waarom betalen voor deze “scrupuleuze” vorm van journalistiek van onze belastingcenten? Alleen al de dag na het ongeval met de bus had het Radio1 journaal twee man in Lommel. Waartoe?

Doneer voor ¡eXisto!, een boek over trans mannen in Colombia

Fotograaf Jasper Groen heeft jouw hulp nodig bij het maken van ¡eXisto! (“Ik besta!”). Voor dit project fotografeerde hij gedurende meerdere jaren Colombiaanse trans mannen en non-binaire personen. Deze twee groepen zijn veel minder zichtbaar dan trans vrouwen. Met dit boek wil hij hun bestaan onderstrepen.

De ruim dertig jongeren in ¡eXisto! kijken afwisselend trots, onzeker of strak in de camera. Het zijn indringende portretten die ook ontroeren. Naast de foto’s komen bovendien persoonlijke en vaak emotionele verhalen te staan, die door de jongeren zelf geschreven zijn. Zo wordt dit geen boek óver, maar mét en voor een belangrijk deel dóór trans personen.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Aantallen huilende mensen

Enige tijd geleden vroeg mijn vrouw me welke muziek er op mijn begrafenis gedraaid moet worden. Er was een aanleiding voor de vraag, maar die kan ik me niet meer herinneren. Ik geloof niet dat ik de dood ter sprake had gebracht.
      Er is een periode geweest, een jaar of tien geleden, dat ik vrienden schoffeerde door hun persoonlijk kwesties samen te vatten in vier woorden: angst voor de dood. Ik deed overigens hetzelfde voor mijn eigen persoonlijke kwesties. Ik had de dood ontdekt en hij bleek een handzame verklaring te bieden voor allerlei zaken waar ik mezelf mee kwelde op dat moment. Anderen waren er minder van gecharmeerd. Ze meenden dat ik hun vragen niet serieus nam. Ik geef toe dat mijn antwoorden wat eentonig werden, maar wat ernst betreft is de dood moeilijk te overtreffen – hooguit door de verloren WK-finale van 2010 of de metafysische vragen die mijn kinderen stellen. Zoals: wat is een gat?
      Bovendien gaf het verwijzen naar doodsangst  een zweem van diepgang aan de narcistische kwesties die ons als jonge dertigers bezig hielden. De beste rechtvaardiging voor een obsessie met jezelf is het feit dat je binnenkort ophoudt te bestaan.
      Laat ik zeggen dat mijn vriendendienst niet op waarde werd geschat. Het kwam zover dat gesprekspartners mij, nog voor ik iets had kunnen zeggen, interrumpeerden met de opmerking: ‘Ja ja, jij vind dat weer angst voor de dood, natuurlijk.’
      Dat was meestal zo, maar door hun vroegtijdige onderbreking kon ik veinzen dat ik een ander antwoord in gedachten had gehad. Dat antwoord wenste ik niet langer mede te delen.
      Het is een wonder dat ik vrienden heb overgehouden uit die tijd. Twee, om precies te zijn.
      Het leed is hardnekkig. Vorige week nog, betichtte een van hen me ervan doodsangst te gaan opvoeren als verklaring voor zijn persoonlijke ongemak. Voor zover ik weet, heb ik dat al jaren niet gedaan. Maar het kan zijn dat hij daar anders over denkt.
      Afijn.
      Mijn vrouw vroeg dus naar muziek voor mijn begrafenis. Ik had meteen een antwoord, hetgeen verraadde dat ik hier vaker over nagedacht moest hebben. Vermoedelijk bezondigen de meeste mensen zich wel eens aan fantasieën over de eigen begrafenis, maar dat maakt het niet minder pathetisch. De eigenwaarde meten in aantallen huilende mensen. Aantallen verzonnen huilende mensen.
      Toen ik dit vorige week bij vrienden ter sprake bracht – inderdaad, dezelfde twee vrienden – kreeg ik prompt allerlei Youtube-filmpje toegestuurd. Nog net geen draaiboeken.
      Ik stelde me voor hoe de heren op tochtige perrons hadden gestaan of op de bank hadden gezeten naast een wrokkige geliefde en hoe ze kortstondig troost hadden gezocht in het beeld van hun eigen begrafenis. Als het om troost gaat, zijn veel middelen geoorloofd. Zo niet alle.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Boekrecensie | Culinaire troost

culinaire troostWeinig mensen zullen graag op begrafenissen komen of er zelfs maar graag aan denken. Je moet dan ook best wel lef hebben om een boek te schrijven over een onderwerp waar menigeen zich ongemakkelijk bij zal voelen als culinaire troost rond uitvaarten. Jeanette Diepenbroek deed het.

’t Is nog een leuk boekje ook. Gelukkig maar, want goed rouwen is belangrijk en een goede maaltijd kan daar uitstekend bij helpen. En dat geldt óók voor nuchtere Nederlanders, die de uitvaart zo dikwijls afdoen met een kopje (slechte) koffie en een plakje (matige) cake. Want dat Nederlanders rondom het thema van de dood nuchter zijn, kun je in deze tijd met al zijn stille tochten toch nauwelijks volhouden. Wat dat betreft is het back to the future, want eeuwen geleden moet het op begraafplaatsen een dolle boel zijn geweest. Men kwam er graag bijeen voor handel, cultuur, spel, drank en zelfs seks, vertelt Diepenbroek in Wat eet je op een begrafenis? Culinaire Troost.

Eén ding gebeurt overal ter wereld op uitvaarten: er wordt gegeten en gedronken. Heel soms is dat sober, maar meestal uitbundig. In veel culturen lijkt de uitvaartwens van Jacques Brel zoals hij die uitte in het onsterfelijke Le Moribond (“maak er een dolle boel van”) een vanzelfsprekendheid van de eerste orde.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Sport en Rouw

[i]GeenCommentaar heeft ruimte voor gastloggers. Vandaag een stuk van Peter over een andere historische gebeurtenis aanstaande zondag.[/i]

Gelukkig is er geen directe band tussen het WK en de kabinetsvorming. Wie verder voetbal in verband met politiek wil brengen, krijgt natuurlijk absoluut geen gehoor. Al was het alleen maar omdat een legioen vuvuzela’s niet te overstemmen is. Hooguit maken we ons een beetje druk om de tirannie van de FIFA die een land dat de WK wil hebben, zo haar eigen regels betreffende bierconsumptie oplegt.

Geen land is van alle smetten vrij, dus is het Zuid-Afrika gegund. Een land waar heel wat loos is, maar nog altijd in opbouw. Daar draagt een WK een steentje aan bij, zo wil voetbalminnende politici doen geloven.

Boycotacties zoals in 1978, toen de WK in Argentinië werd gehouden, zijn niet aan de orde. Het Nederlands elftal speelde gewoon, maar verzuimde in de finale Argentinië te verslaan om nog enig statement te maken.

Moeten we sport altijd van politiek gescheiden houden, omdat het niets met elkaar te maken heeft? Velen menen van wel. Toch heeft journalist Leen Vervaeke in De Volkskrant een opening gezien, de vraag nog eens aan de orde te stellen. En wel omdat de herdenking van het Sebrenicadrama op dezelfde dag valt als “onze jongens” de WK-finale spelen.

Vorige