Generatie 9/11

In zijn essaybundel Imaginary Homelands observeert Salman Rushdie dat Groot-Brittannië een overzees imperium heeft vervangen door een empire within. Daarmee bedoelt hij dat de Engelsen altijd een neerbuigende houding hebben behouden tegenover anderen, of het nu ging om degenen die woonden in het ooit Britse India of om hun afstammelingen, wonend op de Britse eilanden. De outsiders waren ooit outside geweest maar ook nu ze within woonden bleven het outsiders. Nederlands interne imperium In Nederland is dat niet anders. Wie niet komt uit een oude Nederlandse familie, staat op achterstand. Ik vermoed dat elke lezer er wel iets van heeft gezien. Zelf heb ik gewerkt in de schoonmaak (met Turkse, Surinaamse en Marokkaanse collega’s), heb ik familie op Curaçao en had ik een relatie met een zwarte vriendin. Hoe diep de reflexen tegen het niet-westerse zitten, ontdekte ik toen ik een boek publiceerde over wat de Europese cultuur heeft ontleend aan oosterse culturen. Mijn betrokkenheid bij de multi-etnische samenleving is al met al niet wereldschokkend, maar ik zie wel eens iets van de complicaties. Zoals zoveel aloude Nederlanders – als dit een uitdrukking is – weet ik me niet goed houding te geven. U merkt het aan mijn woordkeuze. In de eerste alinea kon ik het woord “Britten” niet gebruiken, want Rushdie heeft hetzelfde paspoort als Farage en Johnson. Ik schreef dus “Engelsen”, maar dat riep meteen de vraag op hoe het zat met Schotten en Welshmen. Ik schreef “In Nederland is dat niet anders” om “Nederlanders” te vermijden. Had ik het moeten hebben over immigranten of autochtonen? Nee, ze zijn hier geboren. En dan is er “wit” in plaats van “blank”. Daarmee heb ik moeite, want er wordt me een identiteit en een conflict aangepraat waarin ik me niet herken. Wat natuurlijk precies het probleem is waar zoveel nieuwe Nederlanders tegenaan lopen. Anderen definiëren jouw identiteit. Misschien is dat universeel. Of misschien is het een Nederlandse traditie, teruggaand op het interne imperium dat de Republiek bezat in de Generaliteitslanden en de vooroordelen waarmee bijvoorbeeld katholieken lange tijd te maken hebben gehad. Nog Willem Drees vond dat een katholiek eigenlijk geen secretaris-generaal mocht zijn. Rooms ressentiment over deze achterstelling is weleens genoemd ter verklaring van de populariteit van Pim Fortuyn en Geert Wilders in Limburg. Generatie 9/11 Ik ben te onzeker om uitgekristalliseerde meningen te hebben, maar stel me, for argument’s sake, even op het standpunt dat minderheden zich nu eenmaal altijd moeten zien te verhouden tot vooroordelen. Ze moeten zich, met een woord van Mark Rutte, maar invechten. Maar zelfs als dit standpunt correct zou zijn, dan nog is er iets fout als mensen een stigma oplopen door een gebeurtenis waar ze part noch deel aan hadden. Dat is wat de islamitische Rotterdammer Lotfi El Hamidi overkwam op 11 september 2001. In Generatie 9/11 gaat hij in op een simpele vraag: wat als anderen, machtiger dan jij, jou ineens definiëren in termen waarin je je niet herkent? Wat als jij ineens De Ander bent, zo niet De Vijand? Voor El Hamidi veranderde het leven op een manier waarvan in elke geval ik mij vrijwel geen voorstelling kon maken. Alleen al daarom ben ik blij dat ik Generatie 9/11 heb gelezen. Het is niet voor ’t eerst dat El Hamidi erover schrijft, maar in Generatie 9/11 brengt hij de vluchtigheid van eerdere columns samen met een grondiger analyse. Hij schuwt de sociologische literatuur niet. Mede daardoor treft de analyse mij als eerlijk: hij is niet te beroerd misstanden in de Marokkaanse gemeenschap te benoemen, duidt racisten aan als wat ze zijn (namelijk racisten), hekelt de gemakzuchtige standpunten van bijvoorbeeld D66 en herkent hoe geprivilegieerd hij zelf is. Wat mij verraste, was dat hij het behoren tot een minderheid ook ziet als iets dat voordelig kan zijn. El Hamidi kan ook in Kreuzberg en Molenbeek thuis komen. Die observatie deed me denken aan de Netflix-serie “Mo”, over een Palestijnse migrant in Houston die in zijn contacten volledig deel uitmaakt van de Texaanse samenleving en overal kennissen heeft. En desondanks op een achterstand staat. De observator El Hamidi kijkt observerend naar zichzelf. Hij was vijftien toen de aanslag plaatsvond en constateert dat hij zich niet kan herinneren wat er door hem heen ging. Bijna afstandelijk. Wél herinnert hij zich de angst van zijn ouders: de vrees dat dit de islamhaat zou aanwakkeren. Op dat moment werd ik als jonge tiener geacht antwoorden te geven op onmogelijke vragen over mijn religie en gemeenschap. In het klaslokaal, maar naar mijn gevoel eigenlijk overal. Dit ging niet zozeer over mij, een westerse tiener die toevallig een migrantenkind was; nee, hier werden de cultuur, godsdienst en levenswijze van mijn ouders aangevallen. Die konden zich niet verweren, dus voelde ik de noodzaak voor ze op te komen, door juist de traditionele waarden te verdedigen waar Nederlanders zo’n probleem mee hadden. Het is typerend voor El Hamidi’s werkwijze dat hij na deze schets van zijn persoonlijke verwarring meteen een sociologische observatie heeft, die hij weer koppelt aan wat anderen schreven, om weer naar een eigen ervaring terug te keren. Een kenmerk van een minderheidsgroep is dat de leden ervan bij een aanval van buitenaf de rangen sluiten. Collega-journalist Nadia Ezzeroili legde al eens uit hoe het gebeuk op minderheden funest was voor de individuele ontplooiing binnen die groepen. We rebelleerden niet meer op de eerste plaats tegen het ouderlijk gezag, maar eerder tegen gezag buiten de gemeenschap. El Hamidi zou zich anders hebben ontwikkeld, zich meer afzettend tegen zijn ouders en wellicht individualistischer, als de aanslag zijn generatie niet had gedwongen verdedigers te zijn van waarden die ze liefst anders hadden willen interpreteren. Gijzeling Hij schrijft dat er naast de doden in New York en de oorlogsslachtoffers in landen als Afghanistan en Irak nog een slachtoffer was: de islam. Die religie is zo pluriform als elke andere religie. Bin Laden gijzelde haar echter: hij maakte gebruik van culturele frames waarmee elke moslim vertrouwd is, zodat wie zich van het terrorisme wilde distantiëren, meteen belandde in een complex net van uitleg waarom die traditionele frames anders bekeken moesten worden. De crux is natuurlijk dat er niet één ware, benoembare islam is. De geloofspraktijk is pluriform, Daar waar gelovigen een orthodoxie ontwaren, is de consequentie altijd dat ze denken dat zij zelf die orthodoxie kennen, dat zij die als enigen kennen en dat ze anderen dwingen zich ertoe te verhouden. President Bush Jr. dacht precies hetzelfde: er was maar één vrijheid, die kende hij toevallig perfect en anderen moesten het maar met hem eens zijn. Niet alleen de islam is in 2001 gegijzeld, ook de open samenleving. De puber die El Hamidi in 2001 was, was verward en moest verdedigen wat hij liever zou hebben veranderd dan verdedigd. Dat definieert Generatie 9/11. De toekomst El Hamidi biedt in Generatie 9/11 meer dan een schets van zijn generatie. Zijn hoofdstuk “Het nieuwe Nederland” is scherp. De multiculturele samenleving is geen ideaal en niet mislukt, maar een gegeven. Zo bezien zijn veel reacties aan de conservatieve zijde van het politieke spectrum ronduit anachronistisch, zoals ook progressieve signalen als zou de multiculturele samenleving een doorslaand succes zijn, onzinnig zijn. Zonder in mijn oordeel al te stellig te willen zijn, lijkt het me dat El Hamidi gelijk heeft. De multiculturele samenleving is een gegeven; etnische en religieuze minderheden zijn er, gaan niet meer weg en zijn niet te negeren. De vraag is niet of dat een doorslaand succes of doffe ellende is. De vraag is of we burgers opvatten als individuen die zich individueel kunnen ontplooien of als representanten van deze of gene vaststaande en onveranderlijke identiteit. Een les die ik aan het recente verleden zou willen verbinden is dat de overheid teveel heeft geluisterd naar islamisten en islamofoben, die allebei beweerden dat de islam militant was. De overheid heeft te weinig geluisterd naar de meerderheid van de moslims. Misschien is de overheid in Nederland ook wel in het nadeel. Immers, ze heeft een calvinistische erfenis die de nadruk legt op doctrine in plaats van geloofspraktijk, en ze heeft een Verzuilingserfenis waardoor ze instinctief kijkt naar groepen met definieerbare identiteiten en herkenbare aanspreekpunten. Als dat zo is, ziet het er niet best uit voor Nederland. Generatie 9/11 - Migratie, diaspora en identiteit, Lotfi El Hamidi, uitgeverij Pluim, € 22,99

Closing Time | Goodness Gracious Me

In de jaren negentig was Goodness Gracious Me een Brits TV-programma met sketches over het leven van Indiërs in Groot-Brittannië. Het had een prettig soort zelfspot, zoals in het bovenstaande nummer, maar kon van tijd tot tijd ook hard zijn, zoals in de terecht beroemde sketch “going out for an English”, waarin de cast een omkering biedt van lompe Britten in een Indisch restaurant (na de break).

Foto: Markus Reinhardt (cc)

Afrikaanse roots maken jongeren niet ‘minder Nederlands’

ACHTERGROND - Je ziet het op social media, in het uitgaansleven, op festivals, in mode en lifestyle: Afrikaans is cool. Dat was lange tijd bepaald niet het geval: als Nederlandse jongere legde je liever niet te veel nadruk op je Afrikaanse afkomst.

Maar de laatste jaren raken jonge mensen van Surinaamse, Antilliaanse, Ghanese, Somalische en andere Afrikaanse achtergronden steeds meer geïnteresseerd in hun Afrikaanse roots en willen die ook laten zien, bijvoorbeeld met kleding in kleurrijke prints en afrobeats muziek. Kinderen van Chinese en Koreaanse ouders vinden op Asian parties aansluiting bij een pan-etnische Aziatische identiteit (Kartosen, 2016). En ben je trots op je Indonesische erfgoed, dan is dit I.N.D.O. T-shirt – ‘In Nederland Door Omstandigheden’ – voor jou. Zijn dit oppervlakkige modetrends of is er meer aan de hand?

Er ontstaan nieuwe, gemixte identiteiten

Als het gaat over etnische minderheden denken we vaak over culturele identiteit als een bagage die mensen gewoonweg met zich meedragen vanuit het verleden, en in het geval van een migratieverleden van elders, van buiten Nederland. En vooral ook als iets dat integratie in de weg zou staan.

Ik zie culturele identiteit liever als een project van self-making, in het hier en nu, van het actief vormgeven van het zelf en de groepen waartoe je wilt behoren. Zo ontstaan allerlei nieuwe, gemixte identiteiten, die etnische grenzen overstijgen en gedragen worden door nieuwe cultuuruitingen. Nieuwe vormen van integratie ook. De Afro-Nederlandse identiteit is er een van, net als de Nederlands-islamitische jongerencultuur en de pan-Aziatische identiteit.

Foto: copyright ok. Gecheckt 09-02-2022 copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

Geen bal op tv | Stef Blok

COLUMN - Stef Blok gaat diep door het stof, hoor ik Mariëlle Tweebeeke zeggen. Ik zie Blok zeggen dat hij dingen heeft gezegd die hij niet had moeten zeggen tijdens de bewuste ‘besloten bijeenkomst met Nederlanders die werkzaam zijn bij internationale organisaties’.

De Volkskrant vroeg zich af of er opzet in het spel was, want: ‘Op beelden die vorige week dinsdag zijn gemaakt, is duidelijk te zien dat de camera recht voor de neus van Blok moet hebben gestaan.’ Oftewel: hij wist dat hij werd opgenomen. Dat klopt, alleen zijn de beelden die wij te zien krijgen niet gemaakt door de camera die daar recht voor Bloks neus stond. De beelden die Zembla had bemachtigd, zijn beelden van de tv waarop de beelden te zien waren waar de betreffende camera opnames voor maakte. Stef Blok werd gefilmd, zodat ook mensen die in een belendend zaaltje zaten op een groot scherm konden meegenieten van zijn woorden. Dat scherm is vervolgens gefilmd. 

Hoe komt zo’n opname van een opname tot stand, vraag ik me dan af. Wie besluit om het scherm te gaan filmen waarop Blok zijn speech geeft?

Eerste mogelijkheid is dat iemand van tevoren heeft besloten om de complete speech (was het eigenlijk een speech, of was het meer een geïmproviseerde Q&A?) van Stef Blok op te nemen. Dat soort mensen bestaan. Misschien hebben we hier met een Blokfan te maken. Iemand die alle media-optredens van Blok opneemt. Koffie drinkt uit een Blokmok. Slaapt onder een dekbedovertrek met het uitvergrote gezicht van Blok die, aan zijn zelfgenoegzaam glimlach te oordelen, net aan zijn ambtenaren heeft gevraagd om een land op te noemen waar verschillende culturen vreedzaam naast elkaar leven. Maar zou zo’n dergelijke fan z’n beelden aan de staatszender geven?

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Foto: summerbl4ck (cc)

Stropoppen over de multiculturele samenleving

OPINIE - Ik ben geen fervente tegenstander van de multiculturele samenleving – dat wist u vermoedelijk al. Wat u wellicht nog niet wist is dat ik eigenlijk ook niet echt een voorstander ben van de multiculturele samenleving. Misschien wel nooit geweest ook. Ik zou ook eigenlijk niet zo goed weten waar ik voor of tegen moet zijn – een samenleving is multicultureel of niet, en dat lijkt me in niet zozeer een ideaal, als wel een demografisch feit. Je kan dat mooi of lelijk vinden, maar het blijft eerst en vooral een feit. En over dat simpele feit heb ik niet zo’n sterke mening, eigenlijk. Het is zo.

Ik begreep ook niet waarom iedereen zo boos werd op Ella Vogelaar, toen ze tien jaar terug zei dat, op termijn, de islam deel van onze cultuur zou worden. Het leek me dat ze sprak over een simpele, op demografische gronden gebaseerde waarschijnlijkheid, niet over of zoiets wenselijk of onwenselijk was. Ik denk ook nog steeds dat ze gelijk heeft, trouwens, en ik denk dat het zogenaamde ‘islamdebat’ waar we nu al jaren middenin zitten een belangrijke eerste stap in die onvermijdelijke richting is. Maar dat terzijde.

Multiculturalistische wegkijkers? Nou…

Wat om die reden ronduit storend is zijn de onweersproken spookverhalen over zogenaamde ‘multiculturalisten’ die zouden menen ‘dat moslims gevrijwaard moeten blijven van kritiek omdat zij daarvan psychologische schade zouden ondervinden’. Misschien voel ik me te snel aangesproken door deze woorden van Machteld Zee uit het interview met Wierd Duk, maar in Nederlandse context gaat het bij ‘multiculturalisten’ bij uitstek over mensen van linksprogressieven huize – zoals ondergetekende (zie ook de subtiele hint van Ewout Klei in deze richting).

Foto: Michael Coghlan (cc)

Wat ging er fout?

ANALYSE - Nu we een dochter hebben, is het in mijn huis woekeren met de ruimte. Vandaar dat nogal wat boeken richting buurtweggeefkast zijn gegaan. De boeken van de arabist Hans Jansen – althans: die uit zijn late periode – dorst ik echter niet aan de wereld te schenken zonder er eerst commentaar in de kantlijn bij te zetten. De volgende lezer zou immers aan de nogal gekleurde opinies van de professor doctor geloof kunnen gaan hechten. Mijn glossomanie zette me ook weer aan het denken: wat is er nu eigenlijk misgegaan in dat ‘multiculturele debat’, een dijk van een eufemisme, want het gaat maar over één ding: de islam. Mijn gedachten ordenend kwam ik tot de volgende punten.

Ik zeg er overigens bij dat die ordening nog steeds aan de gang is en dat ik enkele argumenten niet wil behandelen. Zo speelt xenofobie zeker een rol, maar dat is in algemene zin waar met elke minderheid en  verklaart niet waarom nu juist de discussie over de islam is verworden tot een dialoog tussen doven.

Khomeiny, Salman, Osama

Traditioneel wordt de explosieve toename van een kritische houding jegens de islam in het westen toegeschreven aan de Iraanse revolutie die eindigde in een Islamitische Republiek en dan vooral Khomeiny’s fatwa tegen de Britse schrijver Salman Rushdie. Op zichzelf had die revolutie voor westerlingen weinig te betekenen – al was de gijzeling van diplomaten natuurlijk wel ongehoord – en ook de fatwa had makkelijk in vergetelheid kunnen raken, als niet ineens in Europa demonstrerende moslims hun bijval hadden betuigd. Dat bracht – om het zo maar eens te zeggen – ‘het probleem binnenshuis’.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

Politiek Kwartier | Aanpassen of oprotten

COLUMN - Deze week behandelt Klokwerk het verschijnsel dat wat zich niet aanpast, verdwijnt.

In eerste instantie leek de oplossing in de Zwarte-Pietendiscussie nog redelijk voor de hand te liggen. Ondanks de heftigheid van het debat pleitten veel mensen, waaronder de hoofdpiet zelf, voor een milde aanpassing om het feest voortaan zonder discussie te laten verlopen.

Toen kwam echter mevrouw Shepherd van de VN, die voorstelde het hele Sinterklaasfeest maar af te schaffen. Een groter dedain voor cultuur kan men zich niet voorstellen, en de Nederlandse verontwaardiging was dan ook massaal.

Maar ondertussen bleek Zwarte Piet gecorrumpeerd door minder onschuldige zaken. De PVV nam triomfantelijk de vind-ik-leuks van de “Pietitie” in ontvangst. Zwarte-Pietdemonstraties trokken extreem rechtse types aan, en echt zwarte personen bleken bij zo een demonstratie maar beter een blokje om te kunnen lopen.

Inmiddels is de beerput open. Twittertijdlijnen staan vol scheldkanonnades en bedreigingen over en weer. Nederland op zijn zwartst. En dat zonder schmink. 

Toch komt de agressie waarmee Zwarte Piet wordt verdedigd niet nergens vandaan. Voedingsbodem is de angst van veel mensen dat ‘hun’ Nederland verandert en verdwijnt. Aanpassen of oprotten, wordt daarom gebruld. En vreemd genoeg: daar zit dan weer wat in.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Marokkaanse man zoekt blonde prinses

Een bijdrage van Mohammed Benzakour.

Dacht even dat ik was beland op een datingsite: ‘Marokkaanse vrouw zoekt blonde prins’. Maar nee, gewoon de opiniepagina. Een geschoolde Marokkaanse vrouw maakt gewag van haar vruchteloze zoektocht naar de Marokkaanse prins en ziet zich nu gedwongen haar geluk te zoeken bij een blonde proseliet.

Nieuw is deze hartenkreet niet. Met de regelmaat van de biologische klok duikt wel ergens een artikel of interview op van een ‘hoogopgeleide Marokkaanse vrouw’ (HMV) die zucht onder het juk van een onvervuld verlangen: waar is toch die Marokkaanse prins? Hoewel volgens CPB-statistieken er duizenden van rondlopen (academisch, stropdas, baan, ABN), bevallen ze de HMV niet. Want luttele kopjes koffie verder, soms met beschuit toe, blijkt hij toch niet de ware prins. Aan de titel ‘prins’ hangt immers een protocol: de Marokkaanse man mag niet erg gehecht zijn aan Marokkaanse tradities, vindt familiebanden triviaal en crèches ideaal, moet zijn potje kunnen koken, is bekend met de werken van Bowles en Weiss, neemt geen aanstoot aan leggings, en niet te vergeten: moppert niet als vrouwlief structureel na tienen thuiskomt omdat haar ‘social network life’ nu eenmaal vergt dat ze in vijf bestuurscommissies zit en alle recepties afstruint met een doos visitekaartjes. Tja, kom daar maar eens om, gij hopeloos ouderwetse Marokkaanse man.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Multiculturele discussie officieel afgerond

[speld]

In Veenendaal is gistermiddag de maatschappelijke discussie over de multiculturele samenleving afgerond. Met de woorden “Ja, daar heb je misschien ook wel weer gelijk in” maakte publicist Paul Scheffer officieel een einde aan het oeverloze debat dat Nederland ruim elf jaar in zijn greep hield.

Meer dan vijftig publicisten en columnisten waren naar Hotel Ibis in Veenendaal gekomen, om nog een laatste keer te debatteren over de multiculturele samenleving. De feestelijke bijeenkomst werd georganiseerd door het Nederlands Debat Instituut. Volgens oprichter en directeur Roderik van Grieken werd het na elf jaar tijd voor iets anders: “Eigenlijk zouden we nog jaren vooruit kunnen met de uitzichtloze impasse van het huidige debat. Toch hebben we het nu willen afronden, omdat we denken dat je op het hoogtepunt moet stoppen.”

Van Grieken weet nog goed hoe elf jaar geleden besloten werd de multiculturele samenleving tot hoofdthema van het maatschappelijk debat te verklaren: “Scheffer verzorgde de aftrap met zijn opiniestuk, Het multiculturele drama. Het leek ons vervolgens een goed idee als alle columnisten zich tien jaar lang uitsluitend zouden bezighouden met de multiculturele problematiek, al dan niet in combinatie met de islam en immigranten. Het is nu eenmaal overzichtelijker als opiniemakers zich eindeloos blijven fixeren op hetzelfde onderwerp, waarbij het vinden van consensus nooit een doel op zich mag zijn.”

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Volgende