Dubbeldoelkoe

een gastbijdrage van Hugo Durieux Schrijft een filmrecensent: “Filmmakers vragen ons om te kijken door de ogen van varkens, schapen en koeien. Ook in de rechtspraak wint het idee terrein dat dieren geen figuranten zijn in het leven van de mens.” Aardig van die filmmakers, maar intussen zijn er veehouders die hun dieren zonder schroom als  ‘dubbeldoelkoeien’ beschouwen – en dan gaat het nog om boeren die het goed voor hebben. De lachende koe Het blijft toch raar, zo over dieren praten, alsof het alleen maar productiemiddelen zijn. Ik ben gek op koeien. Het zijn zo’n leuke beesten, met dat grote logge lijf, altijd nieuwsgierig als je aan de rand van de wei komt staan, en altijd schrikachtig als je voorzichtig je hand naar ze uitsteekt. (Ja, voor mij horen koeien in de wei, niet in fabriekshallen.) Het mooist zijn ze als hun horens niet verwijderd zijn (overigens bijzonder pijnlijk voor de dieren), maar vooral bij het begin van de lente, als zij na een lange winter in de stal voor het eerst weer in de wei de zon zien. Dan zie je die grote logge beesten uitgelaten rennen en springen met hun paar honderd kilo. De lachende koe. De dubbeldoelkoe Nu heb je dus ook de dubbeldoelkoe. Er bestaat vrij algemeen overeenstemming dat de veestapel (ook zo’n woord!) in West-Europa veel te groot is. Dat is om allerlei redenen slecht voor het milieu (daarover verder meer) en overigens ook voor de kwaliteit van het voedsel en voor het dierenwelzijn. Sinds geruime tijd fokt men in de westerse landbouw ofwel vleeskoeien, ofwel melkkoeien. De dubbeldoelkoe nu (die noemde je vroeger gewoon een ‘koe’), die zorgt voor vlees én voor melk. Dan zou je denken: daarmee halveer je alvast die koestapel: één koe voor vlees en melk, in plaats van twee aparte gespecialiseerde koeien. Of is dat te simpel gedacht? Want als die ene koe gedood is voor het vlees, maakt zij natuurlijk ook geen melk meer aan. Heb je dan niet net meer koeien nodig, als je dezelfde hoeveelheden vlees en melk op de markt wil gooien? Of is het juist een slimme truc om het aanbod en dus de consumptie van vlees en melk te verminderen? Of maakt het allemaal niets uit? In ieder geval, het Vlaamse Boerenforum vindt dat men goed en strategisch moet nadenken over de toekomst van de veestapel en dat de dubbeldoelkoe daarbij een onmisbare schakel is. Zij pleiten voor het herwaarderen van lokale veerassen die zowel melk als vlees opleveren. De landras koe Je moet ervan uitgaan dat alle koeienrassen, ook degene die nu traditioneel of erfgoed-ras of landras worden genoemd, alsof zij altijd al hebben bestaan, er voor zeg maar 1880 niet waren. Zij zijn het resultaat van de coöperatieve en gedecentraliseerde arbeid van fokkers in de verschillende regio’s. Boerenforum omschrijft het zo: “Onder een landras verstaan we alle landbouwdieren en -plantenvariëteiten die ontstonden op boerenerven zonder al te veel kunst- en vliegwerk. Rassen die ‘aankwamen’ in een regio en dan vaak met de lokale genetica werden gekruist onder invloed van het lokale klimaat, de lokale bodemgesteldheid en geografie en de lokale ‘goesting’ van de boeren of de tuinders. Doordat er weinig transport was van vee of van landbouwgewassen bleven deze populaties stabiel en verankerden ze zich op het lokaal niveau. Daar pasten ze zich aan aan de lokale omstandigheden.” De grootdistributie koe Vandaag zijn de meeste telers in het kader van de massaproductie onderdeel geworden van een productieketen, gaande van de veevoederfabrikanten, over de banken, tot aan de  producenten van de piepschuim vleeswarenschaaltjes voor de supermarkt. Een beslissing aan het einde van die keten kan direct gevolgen hebben voor de dierenhouders aan het begin. Als de supermarkten besluiten dat de koteletjes tien procent kleiner moeten omdat kleinere vleesschaaltjes beter stapelen, zullen de veehouders de teelt van hun dieren daarop moeten aanpassen. Een veeteler die volop geïntegreerd zit in zo’n keten, zal dus fokmethoden moeten toepassen, die niet vertrekken van de kenmerken van de kudde of van het land (de landstreek), maar van de wetten van de grootdistributie en de normen die gelden voor aanspraak op subsidies. De bio-koe De hoop dat met de opkomst van de bio landbouw de lokale rassen van dubbeldoelkoeien een nieuwe kans zouden krijgen, bleek ijdel, in ieder geval in het Vlaamse gewest: er zijn te weinig bio bedrijven, en daarvan doet dan nog geen kwart aan koeien. Of anders, zoals in Frankrijk, is tegenwoordig de bio veeteelt in hoge mate geïndustrialiseerd. Industriële bio-veeteelt berust op twee principes. Ten eerste, om massaconsumptie van voedsel van gecertificeerde bio kwaliteit te bereiken, moet je gebruik maken van methoden van massaproductie. Ten tweede, er is niets mis met het gebruik van methoden van massaproductie in de landbouw, aangezien werkinstrumenten in principe niet bepalend zijn voor wat je ermee doet en welk resultaat je behaalt. Met andere woorden, het gebruik van industriële productiemethoden hoeft niet te leiden tot industriële landbouwproducten; het hangt er gewoon maar van af hoe je ze effectief aanwendt. Dat is quatsch natuurlijk. Bio veeteelt is meer dan alleen maar 60% voer van biologische teelt geven. Kijk even naar wat de site Alles over bio vermeldt: de biorundveeteler kiest sterke rassen die zich goed kunnen aanpassen aan de lokale omstandigheden; het aantal dieren in de wei wordt beperkt om overbegrazing, bodemerosie en te veel mest te voorkomen – de mest wordt op biologische gronden hergebruikt; de dieren krijgen biologisch voer, dat lokaal wordt geteeld, op het bedrijf zelf of op boerderijen in de regio; bij de voortplanting worden alleen natuurlijke methoden gebruikt – kunstmatige inseminatie is ok, maar het gebruik van hormonen of klonen niet; zogende kalfjes krijgen natuurlijke melk, bij voorkeur moedermelk; bij ziekte worden dieren behandeld met fytotherapeutische of homeopathische producten – klassieke medicatie kan alleen onder strikte voorwaarden worden gebruikt. Kom daar allemaal eens om in een fabriekshal waar duizend koeien bij elkaar staan. De lage kosten koe Boerenforum haalt verschillende economische argumenten aan waarom het voor landbouwers slim is om landrassen of dubbeldoelrassen te houden. Hoge melkkwaliteit, vanwege ‘stevig hoef- en beenwerk’ de mogelijkheid om te grazen op extensievere percelen (land waarop minimaal wordt ingegrepen), lage veeartskosten, heel lage voerkosten door de kleine hoeveelheid of zelfs de afwezigheid van krachtvoer. Zij verwijzen ook naar een rapport van Université Catholique de Louvain la Neuve (UCL) dat aangeeft dat “de dubbeldoelkoe door haar robuustheid een onderdeel is van een duurzaam veeteelt scenario waar de melkproductie en de productie van kwaliteitsvol vlees uit dezelfde kuddes komen die worden gehouden op duurzame bedrijven met veel productie van gras-klaver en een doordachte weidegang (rotational grazing is het buzz-woord).” De record koe Maar ja, dat dacht ik dus ook: geen mais uit Zuid-Amerika, geen krachtvoer, gewoon gras uit de eigen korte keten en vanop de wei van de boer. Te simpel gedacht, meent De Groene Amsterdammer. “Nederlandse koeien verbreken elk jaar records. Goed voor de sector. Slecht voor de natuur (stikstof). En nóg slechter voor het klimaat: hoe meer melk een koe geeft, hoe meer methaan ze uitstoot, een broeikasgas dat dertig keer krachtiger is dan CO2.” En als Nederland tegen 2030 de doelen van de klimaatakkoorden van Parijs wil halen, zou het de uitstoot van het broeikasgas methaan tegen die tijd moeten halveren. Wereldwijd is de veehouderij (varkensfokkers en zuivelboeren) de grootste uitstoter van methaan. Maar terwijl het methaan van de varkens opgesloten zit in hun uitwerpselen, stoten koeien het gas vooral uit in de vorm van boeren en winden. Nu zou je wel koeien kunnen fokken die minder methaan uitstoten, maar die produceren dan ook minder melk. Of je kan hun menu aanpassen. “Gras eerder oogsten, als het minder hard is, kan al veel opleveren. Ook meer mais of krachtvoer voorzetten, in plaats van gras, zorgt voor een reductie”, schrijft De Groene. Ja, wat nu? Eigen lokale productie van gras en klaver, of mais en krachtvoer? Probeer het hier maar eens goed te doen. Agro-ecologische koe In het algemeen, denk ik, is er veel te zeggen voor een agro-ecologische landbouw, die streeft naar voedselsoevereiniteit, voederautonomie op de boerenbedrijven, een verbetering van de bodemvruchtbaarheid en de versterking van ecosysteemdiensten zoals gezonde lucht en zuiver water, zoals Boerenforum het formuleert. Op het Nyéléni Forum 2007 in Mali kwamen honderden vertegenwoordigers van verschillende internationale organisaties, landbouwers, vissers, inlandse volkeren, landloze volkeren, landarbeiders, migranten, herders, consumenten, … tot een standpunt inzake voedselsoevereiniteit. Die omvat onder meer: prioriteit geven aan lokale landbouwproductie om de bevolking te voeden, de toegang van boeren en landlozen tot land, water, zaden en krediet. Vandaar de noodzaak van agrarische hervormingen, om te vechten tegen GGO's voor vrije toegang tot zaden, en om water te behouden als een publiek goed dat duurzaam gedistribueerd kan worden. het recht van boeren om voedsel te produceren en het recht van consumenten om te beslissen welk voedsel ze willen eten, wie het produceert en hoe het recht van staten om zich te beschermen tegen landbouw- en voedselimporten tegen een te lage prijs, en tegen landbouwprijzen die gekoppeld zijn aan productiekosten. Hiervoor moeten de staten of vakbonden het recht hebben om invoerbelasting te heffen tegen een te lage prijs, zich inzetten voor duurzame boerenproductie en de productie op de interne markt controleren om structurele overschotten te voorkomen. inspraak van burgers bij landbouwbeleidskeuzes de erkenning van de rechten van boeren, die een belangrijke rol spelen in de landbouwproductie en voedsel Tot slot toch nog even terug naar de terminologie van Boerenforum. Ik vraag mij af hoe je agro-ecologisch bezig kan zijn, als je zo economistisch denkt over gemeengoed als gezonde lucht en zuiver water (“ecosysteemdiensten”) en zo weinig respect betoont in je taal voor de dieren met wie je werkt. De koe herleid tot wat zij oplevert. Ik ben natuurlijk geen boer, ik sta niet midden in de methaanwinden en de vlaaien van die schattige koeien, maar ik bevind mij in goed gezelschap (o.m. Via Campesina) als ik ervan uitga dat een boer, of een veehouder, deel uitmaakt van een kluwen van ecosystemen, van complexe relaties tussen dieren, planten, mensen, leven en dood, natuur en cultuur. Daarin dieren herleiden tot niet meer dan grondstof die je voor één of twee doelen kan exploiteren, lijkt mij een grove miskenning van het streven naar ecologisch evenwicht dat juist ook in de agro-ecologie een leidend principe is. Verscheen eerder op Rivieren & meren.

Door: Foto: Jan Ubels (cc)
Foto: caroline_says (cc)

Hoe we een tweede ‘silent spring’ kunnen voorkomen

Bijna 60 jaar na het verschijnen van Silent Spring luiden experts nog steeds de noodklok over het afnemen van de biodiversiteit en uitsterven van soorten. Terwijl de oplossing er al lang ligt.

Er heerste een verontrustende, doodse stilte. De vogels, waar waren ze gebleven? De voedertafels in de tuinen bleven onbezocht. De weinige vogels die nog gezien werden, waren stervende, trilden en konden niet vliegen. Het was een lente zonder lentestemmen.

In haar befaamde boek Silent Spring schetst biologe Rachel Carson een stadje in de toekomst, waar alle vogels zijn verdwenen door het grootschalige gebruik van chemische middelen. Het boek komt uit in 1962 en slaat in als een bom. Als één van de eersten toont ze aan hoe een enkele chemische stof een heel ecosysteem kan verwoesten, met dodelijke gevolgen voor planten en dieren. Milieukundige dr. Jerry van Dijk (UU): “Ik kon het boek niet in één keer doorlezen. Als ecoloog houd ik me bezig met biodiversiteit en de invloed van dit soort stoffen daarop. En als je dit boek leest met de kennis van nu… ik kreeg er buikpijn van.” In zijn lezing ‘Silent Spring‘ laat hij zien waarom Carsons boek iconisch was, en dat we desalniettemin weinig lijken te hebben geleerd. “De oplossingen zijn er wel, maar we gebruiken ze niet.”

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Quote du Jour | Trends for conservation

Medicine is about health. So is conservation. And as with medicine, the trends for conservation in this century are looking bright. We are re-enriching some ecosystems we once depleted and slowing the depletion of others. Before I explain how we are doing that, let me spell out how exaggerated the focus on extinction has become and how it distorts the public perception of conservation.

Ecoloog en natuurbeschermer Steward Brand laakt de alarmistische berichtgeving over massa-uitsterven van de soorten. Volgens Brand is dat schromelijk overdreven, en hij illustreert aan de hand van tal van voorbeelden waarom.

Foto: Peg Hunter (cc)

‘Het probleem is dat we het geld aan de vrije markt hebben overgelaten”

ACHTERGROND - De Britse econoom Ann Pettifor bepleit opnieuw een Green New Deal.

Ann Pettifor (Zuid-Afrika, 1947) was een van de weinigen die de economische crisis van 2008 zag aankomen. In 2006 publiceerde ze The Coming First World Debt Crisis. Toen de crisis daar was schreef ze met een kleine groep economen, milieuactivisten en ondernemers een Green New Deal, een  plan voor hervorming van de economie naar het voorbeeld van Roosevelt’s New Deal uit de jaren dertig. Maar in al het rumoer rond de financieel-economische crisis kreeg de verbinding die zij legde met de crisis in het ecosysteem erg weinig aandacht. Met als uitzondering de Europese Groene Partij, waar onder de bezielende leiding van de Belgische Europarlementariër Philippe Lamberts eveneens gewerkt werd aan een Green New Deal. Helaas had deze poging slechts beperkte invloed op het beleid van de nationale groene partijen.

In 2018 ontwikkelde Ann Pettifor een nieuw document onder de titel Green New Deal op verzoek van de Amerikaanse politica Alexandria Ocasio-Cortez. Zij wist hiermee voor een New York’s district een zetel in het Huis van Afgevaardigden te veroveren. De leiding van de Democratische Partij heeft haar Green New Deal inmiddels onderschreven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Grootschalig landherstel

REPORTAGE - Op Sargasso besteden we regelmatig aandacht aan ontwikkelingen op gebied van duurzame energie, maar minder aan andere oplossingen voor de ecologische crises waar we voor staan. Vandaag een korte film over hoe een stuk Egyptische woestijn regeneratief hersteld werd door Sekem. Sekem is een initiatief uit 1977 van het echtpaar Ibrahim en Gudrun Abouleis, dat 40 jaar geleden begon met het omvormen van 70 hectare woestijngrond tot landbouwgrond. Inmiddels is het project zowel sociaal, cultureel, economisch als ecologisch fors gegroeid. Het project omvat inmiddels scholingsprogramma’s, verschillende bedrijven en er wordt gewerkt aan het herstel van nog eens 2500 hectare woestijn.

Naast Sekem is ook het Nederlandse Commonland actief met grootschalig landschapsherstel. Een van de projecten van Commonland is het ecologisch herstel van de veenweidegebieden in de Vechtstreek. Twee andere Nederlandse initiatieven die zich richten op een duurzamere landbouw zijn Land van Ons (disclaimer: ik ben sinds begin dit jaar lid van Land van Ons) en Herenboeren.

Klimaateffect

Het herstel van gedegradeerde grond is niet alleen van belang voor lokale mensen, dieren en planten. Het kan ook een bijdrage leveren aan het tegengaan van klimaatverandering. Volgens berekeningen van Project Drawdown kan met het herstellen van gedegradeerde landbouwgronden wereldwijd 12 tot 25 gigaton CO2 worden vastgelegd tot 2050. De kosten van deze maatregel bedragen US$100 tot US$160 miljard. De financiële opbrengsten over de levensduur worden ingeschat op US$2.660 tot US$4.300 miljard. Dat staat nog los van de effecten van herstel van tropisch regenwoud, bossen in gematigde klimaatzones of het planten van boomplantages op gedegradeerde landbouwgronden.

Lezen: Mohammed, door Marcel Hulspas

Wie was Mohammed? Wat dreef hem? In deze vlot geschreven biografie beschrijft Marcel Hulspas de carrière van de de Profeet Mohammed. Hoe hij uitgroeide van een eenvoudige lokale ‘waarschuwer’ die de Mekkanen opriep om terug te keren tot het ware geloof, tot een man die zichzelf beschouwde als de nieuwste door God gezonden profeet, vergelijkbaar met Mozes, Jesaja en Jezus.

Mohammed moest Mekka verlaten maar slaagde erin een machtige stammencoalitie bijeen te brengen die, geïnspireerd door het geloof in de ene God (en zijn Profeet) westelijk Arabië veroverde. En na zijn dood stroomden de Arabische legers oost- en noordwaarts, en schiepen een nieuw wereldrijk.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: david silver (cc)

De maakbaarheid van een gezonde samenleving

COLUMN - “Het coronavirus deelt nu al een gevoelige klap uit aan de globalisering” (Trouw, 21 maart).

“De staat blijkt twee keer in twaalf jaar tijd onmisbaar om de wereld voor een depressie te behoeden. Het neoliberalisme is nu echt dood, maar wat komt er in de plaats?” (MO*, 19 maart).

“Er is momentum voor grote veranderingen” (Volkskrant, 20 maart)

In plaats van in één keer de draconische maatregelen te treffen die een Chinees communistische bestuurde staat nam, wordt in ons land eerst geëxperimenteerd met het vertrouwen in de eigen verantwoordelijkheid van het individu en stapje voor stapje naar een algehele noodtoestand toegewerkt.

Nog even en ‘gans het raderwerk staat stil’ omdat het coronavirus dat zo wil.

Optimisten beweren dat uit deze crisis heel wat te leren is en die lessen toegepast moeten worden als we weer gezond zijn.  Is het mogelijk, terwijl er hard getimmerd wordt aan de inrichting van de huidige zieke samenleving, te werken aan de maakbaarheid van een gezonde maatschappij?

Testen, testen, testen

Het enige vuiltje aan de lucht lijkt het virus te zijn. Verder knapt de boel aardig op omdat er minder met de auto wordt gereden (van 130 via 100 naar 0 km maximumsnelheid), er minder wordt gevlogen en de industrie op een lager pitje draait.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Terug naar Cuba

RECENSIE - © Eburon cover Gebroken Kringlopen van Ronald Rovers‘De wereld staat in brand. Letterlijk. Als je kijkt naar wat er verstookt wordt en de lucht in gaat. Rook en smog van kolencentrales, van houtvuurtjes in Afrika, van bosbranden, van auto’s in steden, van ontdooiende moerassen. Maar meer nog figuurlijk. Voedselprijzen schieten omhoog, biodiversiteit daalt schrikbarend, oceanen plastificeren, het aantal weer-gerelateerde rampen stijgt onrustbarend, de Arabische wereld is in rep en roer, culturen en religies polariseren, migrantenstromen groeien, de werkloosheid onder jongeren is in veel landen torenhoog, de economie van de geïndustrialiseerde wereld is een puinhoop.’

Goeiemorgen! De opening van het voorwoord van Gebroken Kringlopen laat er geen twijfel over bestaan. Dit is het zoveelste boek waarin het Einde der Tijden wordt voorspeld. En er valt niks meer aan te doen, constateert auteur Ronald Rovers. De goedwillende burger staat machteloos want de democratie is allang overleden: ‘de macht van het volk is overgegaan in de macht van de multinationals’. En toch schrijft hij even verderop: ‘We gaan anders leven en wonen, de rollen veranderen, prioriteiten veranderen.’ Heel mooi – maar wie zal dat nog levend meemaken?

Ronald Rovers is bouwecoloog, verbonden aan Wageningen Universiteit, Hogeschool Zuyd en de TU Eindhoven. Maar hij is bovenal natuurkundige (of beter, hij koketteert daarmee) en de fysica maakt dat hij buitengewoon weinig moet hebben van alle pogingen om de wereld te verbeteren. Hij haalt de zweep over ‘circulair denken’, of ‘de circulaire economie’,  ideeën die in zijn ogen helemaal niet circulair zijn. Écht circulair denken, daar heb je de natuurkunde voor nodig. En in dat licht is ‘circulair’ eigenlijk onmogelijk. (De lezer krijgt een lesje thermodynamica-voor-beginners.) Tegelijkertijd denkt hij vol weemoed terug aan de paradijselijke toestand (zoals hij letterlijk zegt) van vóór de industrialisatie, toen alle kringlopen (volgens hem) praktisch gesloten waren.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: heckrund (foto: Rinke Hoekstra)

“Echte” natuur moet vooral geld opleveren: vertroebelde discussie over Oostvaardersplassen

ACHTERGROND - Recentelijk is de discussie rond de Oostvaardersplassen opnieuw opgelaaid. Omdat het gebied sinds kort onder de verantwoordelijkheid van Provincie Flevoland valt, zagen de VVD en SGP van Flevoland hun kans schoon. Ze kwamen prompt met een voorstel om het gebied open te stellen voor publiek, en de populaties grote grazers in toom te houden door veel meer afschot. Het voorstel is een drastische breuk met het beleid tot nu toe, waarbij het doel vooral was het gebied zo veel mogelijk met rust te laten zonder ingrijpen van de mens.

De discussie hierover is vooral politiek, want het raakt aan de vraag wat we willen met het gebied. Het is echter wel zaak om de politieke discussie te stoelen op een wetenschappelijke basis van feiten. De wetenschappelijke discussie over wat die feiten zijn zou daarom dus eerst gevoerd moeten worden. Daarbij valt op dat we eigenlijk nog nauwelijks weten hoe dingen werken in de natuur en dat het merendeel van de beweringen die gedaan wordt op drijfzand berust.

Te gelde maken

Het VVD/SGP voorstel zelf is weinig concreet. Er wordt op z’n hoogst gesuggereerd dat het gebied overbelast is door grazers, maar de bewoordingen daarin zijn zorgvuldig gekozen: “onderzoek doen naar de draagkracht van het gebied” en “aantallen grazers in overeenstemming brengen met de draagkracht”. De harde conclusies vallen vooral buiten het voorstel om: zowel woordvoerders van SGP en VVD hebben in de media meermalen geroepen dat de aantallen grote grazers volkomen uit de hand lopen, dat het gebied zwaar overbelast is, en dat dat een onaantrekkelijke kale vlakte tot gevolg heeft. Harde woorden die niet in het voorstel zelf staan, en die ook nergens op gestoeld zijn.

Foto: Phillip Chee (cc)

Murray Bookchin en het eco-anarchisme

RECENSIE - Een Amerikaanse activist bekende mij ooit dat hij communist was: dat was dapper in de jaren tachtig, want dan was je volksvijand. Hij had gedemonstreerd en uit een rijdende auto was op hem geschoten. Gaat dat hier zo? Ik was Mokum gewend, waar de menigte “water” riep en het politie-waterkanon vervolgens voor vertier zorgde. In de V.S. werd met echt links strijd geleverd.

Tot klein, echt links moet ook Murray Bookchin worden gerekend. In de meeste literatuur komt hij niet voor, hij heeft geen formele opleiding gehad, geen academisch curriculum. Hij heeft wel een aantal boeken en nog meer artikelen geschreven, maar in indexen is hij niet te vinden. Zijn betekenis in het ecologisch activisme, de anti-kernenergie beweging, de ontwikkeling van een linkse vakbeweging in de V.S. lijkt niettemin aanwezig. Spreken kon hij als geen ander en dat deed hij veel. Schrijven deed hij ook.

Zijn vriendin, Janet Biehl, voltooide vorig jaar een boeiende biografie: ‘Ecology or Catastrophe – The Life of Murray Bookchin’.

Ik struikelde over zijn naam toen ik met enkele lezers van Sargasso in discussie raakte over Rojava, een Koerdisch staatje in Noord Syrië. De vormgeving van het bestuur daar lijkt, in zijn nog prille vorm, afkomstig uit zijn denken en overgebracht, via de gevangenis van Öcalan. Daar wordt Erdogan nerveus van: stel dat zijn Turkse Koerden dat model gaan volgen…

Lezen: De wereld vóór God, door Kees Alders

De wereld vóór God – Filosofie van de oudheid, geschreven door Kees Alders, op Sargasso beter bekend als Klokwerk, biedt een levendig en compleet overzicht van de filosofie van de oudheid, de filosofen van vóór het christendom. Geschikt voor de reeds gevorderde filosoof, maar ook zeker voor de ‘absolute beginner’.

In deze levendige en buitengewoon toegankelijke introductie in de filosofie ligt de nadruk op Griekse en Romeinse denkers. Bekende filosofen als Plato en Cicero passeren de revue, maar ook meer onbekende namen als Aristippos en Carneades komen uitgebreid aan bod.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Wild in de stad

ACHTERGROND - Door Nienke de Haan (student-assistent)

Het gaat erom hoe tolerant we zijn tegenover de wolf als die in onze achtertuin staat. Die tolerantie bepaalt waar de grens van de oprukkende wilde natuur komt te liggen.

Wilde wolven, lynxen en beren keren terug naar Europa. Voor het eerst in duizend jaar neemt de ruimte voor natuur weer toe op ons continent. “Elke vier jaar komt er een natuurgebied vrij zo groot als de oppervlakte van Nederland,” zegt Wouter Helmer (Rewilding director) enthousiast. Oorzaak van de oprukkende natuur in Europa is de leegloop van het platteland. Boerderijen worden verlaten en steeds meer mensen trekken naar de stad. Op het achtergelaten braakliggende akkerland krijgen natuur en dier steeds meer de ruimte. Maar hoe wild kan het worden? Willen we wel samenleven met wolven en beren? Volgens Helmer moet de vraag anders geformuleerd worden: hoe wild mag het worden?

Paarden als grasmaaiers
Woekerende natuur klinkt mooi, maar er is een grens. De helft van de dieren in ons ecosysteem leeft juist in open natuurgebieden. Reptielen bijvoorbeeld, hebben beschutting maar ook zonlicht nodig. De woekerende natuur zorgt dan juist voor een bedreiging. De oplossing om te zorgen dat Europa niet helemaal dichtgroeit kan volgens Helmer komen vanuit de natuur zelf. Als we wilde paarden en runderen laten grazen in de gebieden zullen zij het gebied deels open houden. Door het grazen van de dieren ontstaan bovendien natuurlijke brandgangen, die ervoor zorgen dat bosbranden niet in één keer een heel gebied kunnen wegvagen, zoals nu soms gebeurt in landen als Portugal en Griekenland.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Volgende