Democratische verantwoording, integriteitsrisico’s en grote militaire uitgaven. Een historisch perspectief

van Dr. Ronald Kroeze Enkele weken voor de NAVO-top berichtte de NOS: "Nederlanders opgepakt voor corruptie bij NAVO-aanbestedingen". Een aantal functionarissen, waaronder een Nederlands oud-ambtenaar van Defensie was opgepakt vanwege omkoping en fraude bij de aanschaf van militaire drones en munitie.[1] In het belang van het onderzoek zal er de komende tijd weinig over worden bericht. Mede daardoor raken dergelijke voorvallen snel uit beeld. De geschiedenis kent echter veel voorbeelden van integriteitsaffaires rondom grootschalige defensie-uitgaven. Sterker, aanbestedingsprocedures in de defensie- en luchtvaartindustrie behoren samen met offshore-projecten tot de meest corruptiegevoelige.[2] Hoe valt dat te verklaren? En welke inzichten levert een nadere blik op de geschiedenis op? Deze vragen zijn des te relevanter nu op de onlangs gehouden NAVO-top in Den Haag een historische stijging van de defensie-uitgaven, tot 5% van het BNP, is afgesproken. Dat gebeurt een jaar nadat wereldwijd al de grootste stijging van de defensie-uitgaven sinds de jaren negentig werd geconstateerd.[3] Alleen al in Nederland zullen in de komende jaren tientallen miljarden extra worden uitgegeven aan defensie.[4] Die uitgaven komen bovenop eerdere besluiten voor de aanschaf van fregatten (€ 5-8 miljard) en onderzeeërs (€ 4-6 miljard), evenals munitie en Leopardtanks (€ 1-2,5 miljard) in reactie op de Rusland-Oekraïneoorlog. Een tweede reden om stil te staan bij dit onderwerp is de complexiteit ervan. Uit historische casuïstiek blijkt dat integriteitsrisico’s bij militaire uitgaven niet alleen gaan over simpele vormen van omkoping, maar ook over een inefficiënte besteding van belastinggeld, (on)doorzichtige besluitvormingsprocedures en gebrekkige verantwoording. Bovendien veranderen integriteitsnormen door de tijd heen. Ten derde raakt het onderwerp aan een kernvraagstuk van democratische orde: wat geldt als een (on)verantwoorde inzet van publieke middelen? ‘Oorlogsprofiteurs’ en drastische opschalingen tijdens oorlogen Historisch gezien is een oorlogssituatie een voedingsbodem voor militaire aanbestedingsaffaires. Berucht zijn de debatten over ‘oorlogsprofiteurs’; over individuen en bedrijven die financieel profiteerden van de handel en verkoop van producten – niet in de laatste plaats oorlogsmateriaal - tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918).[5] Een oorzaak was de gehaaste opschaling van het leger en de daarmee gepaard gaande, snel stijgende staatsuitgaven. Bedenk daarbij dat bijvoorbeeld het Duitse leger in een gemiddelde slag meer granaten afschoot dan tijdens de gehele Frans-Duitse oorlog (1870-71). Ook in Engeland was er al snel sprake van grote wapen- en munitietekorten en werd er drastisch opgeschaald. Daar stegen de militaire uitgaven in een paar jaar tijd van enkele honderden miljoenen pond tot ruim boven het miljard (40% van het BNP). Een speciaal megaministerie – het Ministry of Munitions onder leiding van Loyd George – werd in 1915 opgericht om de aanschaf en productie te coördineren. De output steeg, maar het ministerie werd ook bekritiseerd vanwege verspilling, misbruik en het verlenen van al te lucratieve orders. Dat brengt ons bij een tweede voedingsbodem voor integriteitskwesties als snel wordt opgeschaald in tijden van oorlog: (het risico op) belangenverstrengeling. Dit werd tijdens de Eerste Wereldoorlog in de hand gewerkt door de wens dat de oorlog politieke verschillen tenietdeed en dat niet de markt maar een innige samenwerking van leger, industrie en overheid het meest efficiënt zou zijn. Parlementair debat en controle golden als vertragend, kritiek in de media als onpatriottisch. Censuur volgde in haast alle landen. In het semi-autocratische Duitse keizerrijk ging die zover dat een goed gesprek over wat er misging pas na de oorlog op gang kwam. Toen raakte het echter vermengd met gevoelens van onvrede over de afloop van de oorlog en wierp zo een schaduw over de jonge Weimar-republiek. Het stilzwijgen van integriteitsvragen bleek geen goed recept te zijn geweest.[6] De vraag naar mens en materieel was van een nog grotere omvang tijdens de Tweede Wereldoorlog. In de Verenigde Staten stegen de federale uitgaven van onder de 5% naar bijna 45% van het BNP in 1944, ofwel naar meer dan een biljoen dollar. Als leider van de Westerse geallieerden en als ‘arsenal of democracy’ moesten de VS een inhaalslag maken na jaren van isolationisme om Nazi-Duitsland en Japan te kunnen verslaan. In die tijd maakte senator Harry Truman een tour door Amerika om de uitgezette orders en productielocaties te inspecteren. Hij zag allerlei voorbeelden van verspilling en misbruik. President Franklin D. Roosevelt twijfelde over de noodzaak maar nog tijdens de oorlog werd een ‘Special Committee to Investigate the National Defense Program’ onder voorzitterschap van Truman ingesteld. Truman stelde: “There will be no attempt to muckrake the defense program, neither will the unsavory things be avoided. The welfare of the whole country is at stake in the successful conclusion of our national defense policy. Where there has been so much haste in the expenditure of such enormous sums there are bound to be leaks and mistakes of judgment. Many people believe in both patriotism and profits, but sometimes, unfortunately, profits come first with them.” De door Truman geleide parlementaire onderzoekscommissie legde onder andere bloot dat door het leger ingehuurde aannemers excessieve bedragen ontvingen, dat duurbetaalde vliegtuigmotoren voor de luchtmacht niet functioneerden en dat vertegenwoordigers van wapenproducenten hoge vergoedingen kregen. Truman werd gewaardeerd om zijn kritische houding die de verspilling van miljarden hielp voorkomen. Hij bouwde veel krediet op en volgde in 1945 Roosevelt op als de 33e president van de Verenigde Staten. Dit voorbeeld toont ook iets anders: de inherente spanning tussen democratie en oorlogvoeren. De eerste vereist zorgvuldige controleprocedures, openbaarheid en betrokkenheid van politieke stakeholders om draagvlak te waarborgen, maar tijdens een oorlogssituatie neemt de druk toe om deze principes terzijde te schuiven, want oorlog vereist discretie, efficiëntie, daadkrachtige hiërarchische beslisstructuren en eensgezindheid (rally around the flag) om de vijand moreel en materieel te kunnen verslaan.[7] Debatten na 1945 stonden nog meer in het teken van hoe deze twee uitersten te verenigen. Hogere democratische eisen en complexere orders na 1945 De ervaringen met nazidictatuur en oorlog maakten dat de democratie veel nadrukkelijker werd gewaardeerd in het Westen na 1945. Nieuwe oorlogen dienden zich echter alweer aan. In Nederland eiste de koloniale oorlog tegen Indonesië een snelle opschaling van het leger. Na het einde daarvan in 1949 was het vooral de Koude Oorlog die om grote uitgaven vroeg. Als lid van de NAVO en onder druk van de Amerikanen besloot de Nederlandse politiek het toen ongekende bedrag van fl.1,5 miljard aan defensie te besteden, ofwel 6,5% van het BNP.[8] Enkele jaren later brak het eerste grote naoorlogse aanbestedingsschandaal uit – de Helmenaffaire (1958-1960) – toen uitkwam dat de voor veel geld aanschafte helmen en gasmakers van ondeugdelijke kwaliteit waren. Tevens bleek dat door vertegenwoordigers en militairen aan deze transacties was verdiend. Een Tweede Kamercommissie onder leiding van Theo Koersen – de Commissie Onderzoek Militair Aankoopbeleid (COMA) – deed onderzoek. De commissie constateerde geen structurele corruptie maar wel enkele misstanden en deed voorstellen voor de verbetering van het aanschafbeleid en de controle daarop door parlement en Algemene Rekenkamer.[9] Het meest beruchte militaire aanbestedingsschandaal uit de Nederlandse geschiedenis is de Lockheedaffaire (1976). Nadat de eerste geruchten over mogelijke omkoping van prins Bernhard vanuit Amerika waren overgewaaid, stelde het kabinet-Den Uyl (1973-1977) een commissie van drie onafhankelijke onderzoekers aan. Deze Commissie van Drie stelde vast dat prins Bernhard – naast prins-gemaal tevens actief als lobbyist en inspecteur-generaal van het leger – in ruil voor het vragen en deels ook ontvangen van geld van het Amerikaanse Lockheed de regering had gepoogd te beïnvloeden voor de aanschaf van vliegtuigen. Nadien werd ook een Commissie voor het Onderzoek naar het Aanschaffingsbeleid op het gebied van defensiemateriaal en de Controle daarop (COAC) ingesteld. Deze parlementaire onderzoekscommissie analyseerde de aanschaf van 105 Northrop F-5 gevechtsvliegtuigen in 1967.[10] Er werd wederom geen systematische corruptie geconstateerd, maar wel gebreken en integriteitsrisico’s: militairen die beslissingen namen zonder toestemming van de minister, de invloed die uitging van lobbyisten, machtige internationaal opererende defensiebedrijven en andere NAVO-regeringen, in het bijzonder de VS. Daardoor verliep het aanschafproces onverantwoord rommelig. Bovendien werd de Kamer nauwelijks geïnformeerd. Zelfs niet over het feit dat het goedgekeurde budget van fl. 605 miljoen met fl. 65 miljoen zou worden overschreden. De aanbevelingen van COMA en COAC zouden in de jaren tachtig, steeds duidelijker hun beslag krijgen. Dat gebeurde in het kielzog van de parlementaire enquête naar het faillissement van Rijn-Schelde-Verolme (RSV) in 1983/84. Die enquête ging over gebreken bij de besluitvorming omtrent de miljardensteun aan het verliesgevende RSV. Tijdens het onderzoek kwam ook mogelijke corruptie bij Marineorders naar boven, zoals bij de aanschaf van fregatten voor Indonesië en onderzeeboten voor Taiwan. De meest relevante bijvangst was de enorme kostenoverschrijding inzake de aanschaf van nieuwe onderzeeboten van de Walrusklasse voor de Nederlandse marine. Een nader onderzoek van de Rekenkamer naar de ‘Walrusaffaire’ wees op een kostenoverschrijding van honderden miljoenen.[11] Er werd lering uit getrokken: nadien werden grotere militaire aanbestedingen nauwkeuriger onder de loop genomen door de Rekenkamer en parlement. Laatstgenoemde gebruikte daarvoor een nieuwe regeling ‘Grote Projecten’ om extra controlemomenten en informatie af te dwingen, zoals gebeurde bij de aanschaf van de F-16 en de Joint-Strike Fighter (JSF).[12] Aanbestedingsprocedures werden daarna ook verder aangescherpt, ook onder druk van de EU. Maar die procedures bevatten, om het nog complexer te maken, ook weer allerlei uitzonderingen.[13] Bekijken we deze naoorlogse zaken in samenhang dan worden andere voedingsbodems voor integriteitsaffaires inzichtelijk. Ten eerste zorgde de hernieuwde grote uitgaven tijdens de Koude Oorlog als onderdeel van de NAVO-taakstelling voor risico’s. Ten tweede was daar de toenemende omvang, technische complexiteit en het grensoverschrijdende karakter van de ontwikkeling en productie van militaire producten, en hoe daarop, ten derde, in een democratie controle kon worden gehouden. Afgenomen tolerantie voor corruptie sinds Lockheed Tot slot levert een nadere blik op de Lockheedaffaire zicht op nog een andere voedingsbodem voor integriteitskwesties: de afgenomen tolerantie voor giften en commissies bij het realiseren van grote orders. Het bleek immers dat Lockheed wereldwijd ruim 200 miljoen dollar aan commissies had betaald aan functionarissen om orders binnen te halen. Weliswaar verbood bestaande wetgeving dat niet expliciet, maar de omvang en geraffineerdheid van het ‘Lockheed-model’ werd gezien als immorele vorm van omkoping, politiek destabiliserend en concurrentievervalsend. In reactie hierop werd de Foreign Corrupt Practices Act (FCPA) in 1977 afgekondigd, waarmee een verbod op omkoping van buitenlandse ambtsdragers werd ingesteld. Tevens stelde de FCPA extra eisen aan de interne en externe controle van de boekhouding om het verdoezelen van omkoping en witwassen tegen te gaan. In de jaren negentig diende de FCPA als voorbeeld voor het OESO-anticorruptieverdrag dat deelnemende landen, waaronder Nederland, verplicht om nationale anticorruptie-wetgeving aan te passen. Nadien is het aantal vervolgingen voor omkoping bij grote orders, waaronder defensieorders, toegenomen. Zo werd de bouw van marineschepen door het Nederlandse Damen voorwerp van onderzoek naar omkoping. Bovendien werden de afgelopen jaren zeer hoge boetes uitgekeerd, zo kreeg het Britse defensiebedrijf BAES-industries in 2010 een megaboete van 400 miljoen dollar voor omkoping bij de verkoop van defensiemateriaal aan Saudi-Arabië. Concluderende opmerkingen Historisch bezien zijn er verschillende oorzaken aan te wijzen die het risico op integriteitskwesties bij defensieorders vergroten. Een haastige en snelle opschaling van het militair potentieel in tijden van oorlog en de grote sommen belastinggeld die daarmee zijn gemoeid. In dergelijke tijden neemt de kans ook toe dat er geld aan tussenpersonen wordt betaald om voorrang te verkrijgen bij het binnenhalen van schaarse militaire producten of dat er te veel geld wordt betaald, met verspilling en misbruik van publieke middelen tot gevolg. Ook een innige publiek-private samenwerking uit efficiëntie-overwegingen doet de risico’s op belangenverstrengeling toenemen, evenals besloten lobbywerk en geheimhouding bij aanbestedingen, om concurrenten en de vijand zo min mogelijk informatie te verschaffen. Na de Tweede Wereldoorlog kwam daar als extra voedingsbodem nog de toegenomen complexiteit van de ontwikkeling en productie van militaire goederen bij. Daarnaast verminderde de tolerantie voor omkoping als reactie op het Lockheedschandaal in de jaren zeventig. Tegen deze achtergrond wordt de aloude inherente spanning tussen zorgvuldige, transparante en verantwoorde democratische besluitvorming en het kordate en daadkrachtig optreden dat oorlog voeren vereist, eerder groter dan kleiner. Toch is er ook ruimte voor een positieve noot. De afgelopen decennia hebben onderzoekscommissies de complexiteit van het vraagstuk inzichtelijker gemaakt, zijn er lessons learned-rapporten gepresenteerd,[14] zijn de parlementaire verantwoordingsstructuren verbeterd en is de aanbestedings- en anticorruptiewetgeving aangescherpt. Hiervan kunnen nu de vruchten geplukt worden. Ook vanuit het besef dat de oorsprong van de parlementaire democratie voor een belangrijk deel is gelegen in de wens tot betrokkenheid bij en controle op de besluiten over overheidsuitgaven, opdat ze procedureel zorgvuldig zijn en voor legitieme doeleinden worden ingezet. Dergelijke historische inzichten kunnen in het achterhoofd worden gehouden in deze tijden van hernieuwde drastische opschaling van de defensie-uitgaven en enkele maanden voor Prinsjesdag waarop de begrotingen worden gepresenteerd. Zo bezien, is de onlangs overeengekomen stijging van de uitgaven op de NAVO-top ook een gewichtig moment in de geschiedenis van de parlementaire democratie. Dit artikel verscheen eerder in De Hofvijver (uitgave van het Montesquieu Instituut) van juni 2025. Ronald Kroeze, is hoogleraar en directeur van het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis, Radboud Universiteit. Noten: [1] https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2025/05/14/onderzoek-navo-corruptie/ [2] Frank Badua, “Laying down the law on Lockheed: how and aviation and defense fiant inspired the promulgation of the Foreign Corrupt Practices Act of 1977”, Accounting Historians Journal, 1 Juni 2015; 42 (1): 105–126. https://doi.org/10.2308/0148-4184.42.1.105 [3] https://www.sipri.org/media/press-release/2025/unprecedented-rise-global-military-expenditure-european-and-middle-east-spending-surges [4] Zie ook Kamerstukken, 2024-2025, 28676, nr. 504, 20 mei 2025: ‘Brief van minister van Defensie aan de voorzitter van de Tweede Kamer’, https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2025Z09887&did=2025D22695 [5] Ronald Kroeze, Een kwestie van politieke moraliteit. Politieke corruptieschandalen en goed bestuur in Nederland, 1848-1940 (Hilversum 2013), hoofdstuk 3. [6] Ronald Kroeze en Annika Klein, ‘Governing the first world war in Germany and the Netherlands, Journal of Modern European History, 2013. [7] Peters, Dirk, and Wolfgang Wagner. 2011, “Between military efficiency and democratic legitimacy: Mapping parliamentary war powers in contemporary democracies, 1989–2004” Parliamentary Affairs 64 (1): 175-192. https://doi.org/10.1093/pa/gsq041. [8] Carla van Baalen en Jan Ramakers (red.), Het kabinet-Drees III. Barsten in de brede basis (Den Haag 2001), 206-215; Bert van den Braak, ‘Omstreden defensie-uitgaven?’, 20 juni 2025, column parlement.com https://www.parlement.com/id/vmo7eejb6hpb/column/onomstreden_defensie_uitgaven [9] Kamerstukken II, 1959-1960, 6450, nr. 3, pp 1-45. ‘Verslag van de van de Commissie Onderzoek Militair Aankoopbeleid (COMA)’. [10] Kamerstukken II 1976-77, 14511 nr. 2, pp. 1-43. ‘Verslagen van de bijzondere commissie voor het onderzoek naar het aanschaffingsbeleid op het gebied van defensiemateriaal en de controle daarop (COAC)’. [11] Ronald Kroeze, De herontdekking van de parlementaire enquête. Het RSV-schandaal en de transformatie van de democratie (Amsterdam 2025). [12] Kamerstukken II, 2018-2019, 26 488, nr. 447: Rekenkamer-rapport Lessen van de JSF. Grip krijgen op grote projecten voor aanschaf Defensiematerieel, 6 maart 2019. [13] ‘Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied’, https://wetten.overheid.nl/BWBR0032898/2019-04-18 [14] Zoals de Rekenkamer-rapporten naar de aanschaf van de F-16 en JSF, zie noot 12.

Quote du Jour | Heel vervelend

De hoogste baas van onze strijdkrachten vindt het heel vervelend, maar

“We moeten blijven oefenen om klaar te zijn voor crises en om onze mensen op te leiden”

Drie natuurgebieden staan in de fik omdat daar waarschijnlijk door defensie pyrotechnische hulpmiddelen zijn gebruikt, midden in een code oranje wegens ‘hoog gevaar’ op brand, met enorme schade tot gevolg voor natuur en mens. En dan te bedenken dat onze militairen 10 jaar geleden nog ‘pang, pang’ riepen tijdens oefeningen, althans als ze een semi-automatisch geweer nadeden. Anders gewoon ‘pang’ natuurlijk. Of ‘ratatatata’. Konden ze daar niet een paar weekjes naar terug?

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: Live demonstratie in de haven.

Ik hou mijn hart vast met die Navo-norm

COLUMN - Een van de grote thema’s in de verkiezingsstrijd is de Navo-norm van minimaal 3,5, maar op termijn zelfs 5%. Nu ben ik persoonlijk helemaal voor een weerbare defensie, en het is een feit dat we wat dat betreft de afgelopen decennia als een luie puber achterover hebben geleund, in de veronderstelling dat papa Amerika de boel wel een beetje in de gaten hield en ons hachje wel zou beschermen. Dat moet natuurlijk anders, helemaal nu een megalomane oranje gek het Witte Huis van papa heeft overgenomen.

Maar het is waanzin om zoiets belangrijks op te hangen aan een percentage, een bedrag. Dat is de omgekeerde wereld! Normale mensen bedenken eerst wat ze willen, hoe ze iets voor zich zien, en gaan dan uitrekenen wat dat kost.

Dus wat zijn de bedreigingen, en waar zitten onze zwakke plekken? Je hoeft geen expert te zijn om zo een aantal van die zaken op te lepelen, in elk geval wat dat laatste betreft.

Poetin

Waar de bedreigingen allemaal vandaan komen kan ik als leek niet beoordelen, behalve van Rusland, want dat ziet iedereen. Dat – in de vorm van Poetje – voelt zich blijkbaar ook bedreigd door “ons”, ergo de Navo, omdat hij (ook al) een megalomane gek is die een Groot Rusland voor zich ziet naar het voorbeeld van de Sovjet Unie, en “wij” die landen die in zijn waanbeeld tot dat grootse rijk behoren, zo zoetjes aan richting EU en Navo aan het leiden zijn.

Foto: Fred Davis (cc)

Militairen en boeren houden niet van transparantie

COLUMN - Defensieminister Hennis (VVD) heeft de Tweede Kamer “keer op keer” onjuist geïnformeerd over de luchtaanval op de Iraakse stad Hawija in 2015, zo blijkt uit onderzoek van een commissie onder leiding van oud-minister Winnie Sorgdrager. Het zal niemand meer verbazen. Defensie heeft wat openbaarheid betreft een bijzonder slechte reputatie (zie bijvoorbeeld hier, hier, en hier). Dat wordt nu ook bevestigd door hoogleraar staatsrecht Wim Voermans. Hij deed onderzoek naar het onjuist of onvolledig informeren van het parlement. In de jaren 2001 tot 2020 telde hij 69 incidenten. 14 keer was Defensie de ‘schuldige’. Een greep uit die incidenten: in 2003 misleidde toenmalig minister Kamp (VVD) de Kamer over een schietincident in Irak. Eimert van Middelkoop (ChristenUnie) hield tussen 2007 en 2010 informatie achter over de kosten van de JSF. En in 2020 bleek dat de voortgang van de politietrainingsmissie in Afghanistan te rooskleurig en positief werden voorgesteld om politiek draagvlak te behouden. De huidige minister van Defensie Ruben Brekelmans belooft beterschap. De vraag is of dat gaat lukken in het huidige politieke en bestuurlijke klimaat. Dit kabinet staat bepaald niet bekend als voorvechter van de openbaarheid van bestuur.

Boeren

Dat blijkt ook uit de steun die landbouworganisaties van minister Femke Wiersma krijgen in een zaak van journalisten van FTM, NRC en Omroep Gelderland. Zij waren op zoek naar cijfers over aantallen dieren in Nederlandse boerenbedrijven. Boerenorganisaties hebben publicatie ervan tot dusverre weten te voorkomen. Dat deden ze via de rechter, de media en recentelijk ook via hun goede contacten met landbouwminister Wiersma (BBB). Tijdens een rechtszaak op 13 januari trok zij plots een bijna twee jaar oud besluit tot openbaarmaking van gegevens van boeren in. De journalisten werden al twee jaar aan het lijntje gehouden. De overheid hield al die tijd vol die gegevens wel te willen verstrekken, maar vanwege juridische procedures van boeren is dat tot op de dag van vandaag nog niet gebeurd. Op het laatste moment maakte Wiersma een draai met een telefoontje naar haar vertegenwoordiger in de rechtszaal om te vertellen dat ze van mening is veranderd. De BBB minister toonde zich daarmee een werktuig van de branchebelangen, waarbij je je kunt afvragen hoe serieus zij de rechterlijke macht neemt.

De geopolitiek van een Europese Unie voorbij de groei

Een Europese Unie die het dogma van economische groei afzweert, kan gemakkelijker haar afhankelijkheid van energie en grondstoffen uit Rusland en China verminderen. Dat versterkt de Europese veerkracht. Minder afhankelijk worden van de Verenigde Staten op veiligheidsgebied is daarentegen een ingewikkelder opgave voor een post-groei-EU. Een gastbijdrage van Richard Wouters

Meer dan een jaar na de Russische invasie van Oekraïne importeert de EU nog steeds aardgas en uranium uit Rusland, waardoor de oorlogskas van Vladimir Poetin wordt gespekt. De reactie op de oorlog in Oekraïne, waaronder een versnelde overgang naar hernieuwbare energiebronnen, heeft de EU afhankelijker gemaakt van China. Dit land domineert de toeleveringsketens van kritieke grondstoffen en van de zonnepanelen, batterijen en magneten die daarvan worden gemaakt. Zo zitten we klem tussen twee agressieve autocratieën.

Om uit deze catch-22 te komen, hebben de Europese beleidsmakers een aantal dogma’s losgelaten, zoals onbeperkte vrijhandel. Eén dogma blijft echter overeind: dat van economische groei. Toch zou een ’tragere’ economie de EU in staat stellen de riskante afhankelijkheid van ingevoerde energie en materialen sneller te verminderen. Neem bijvoorbeeld mobiliteit: het een-op-een vervangen van benzine- en dieselauto’s door elektrische auto’s vraagt enorm veel lithium, kobalt en zeldzame aardmetalen. Het terugdringen van de privéauto ten gunste van de fiets, openbaar vervoer en deelvervoer zou de Europese vraag naar kritische metalen aanzienlijk temperen.

Foto: Susanne Nilsson (cc)

Finland wijst NAVO-lidmaatschap voorlopig af

De spanningen tussen Rusland en Oekraïne raken ook de Scandinavische landen Zweden en Finland die beide geen lid zijn van de NAVO. De Finse premier Sanna Marin zei deze week dat zij het zeer onwaarschijnlijk acht dat haar land in haar regeerperiode toe zal treden tot het militaire bondgenootschap. Net als de NAVO-landen maakt zij zich ook ongerust over de dreigende situatie rond Oekraïne. Een inval van Rusland zal ook van de kant van Finland beantwoord worden met harde sancties. En niemand zal ons kunnen verhinderen toe te treden tot de NAVO, zei ze. Maar voorlopig houdt Finland het bij een onafhankelijke positie en bij de praktische samenwerking met Rusland die ook al tijdens de Sovjettijd bestond. In de publieke opinie is er onvoldoende steun voor een koersverandering. Een recent onderzoek laat zien dat 28% van de Finnen voor aansluiting bij de NAVO is, een stijging ten opzichte van vorige polls. Maar 42% is nog altijd tegen. De rest weet het niet.

Militairen op Gotland

Zowel in Zweden als in Finland zijn de militairen extra waakzaam. In Zweden heeft het leger zijn aanwezigheid op het strategisch gelegen eiland Gotland in de Oostzee versterkt. Vorige week arriveerde een groot aantal militairen op het eiland met groot materieel. Aanleiding was de toename van Russische landingsvaartuigen in de Oostzee. ‘Het is glashelder dat er een risico is.’ zegt de Zweedse minister van Defensie Peter Hultqvist ‘Een aanval op Zweden kan niet worden uitgesloten. Het is belangrijk te laten zien dat we niet naïef zijn.’ Ook het Nederlandse amfibische marinetransportschip Zr Ms. ‘Rotterdam’, dat onderdeel is van de militaire structuur van de NAVO, is richting de Oostzee gestuurd.

Doneer!

(Bewerk) Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Doctrine onder F-35 / JSF gebaseerd op drijfzand

ANALYSE - De doctrine waarop het idee van de JSF / F-35 is gebaseerd, berust op drijfzand:

Sindsdien heeft een aantal denkfouten zich vastgezet in de geest van toonaangevende militaire denkers in de VS en daarbuiten. Voortaan moet elke militaire operatie een herhaling zijn van Desert Storm, zij het met nog geavanceerder middelen. Maar dat denken berust op een aantal verkeerde aannames.

Foto: IISG (cc)

Nederland en de Amerikaanse kernwapens

ACHTERGROND - In mei 2020 onthulde de Amerikaanse National Security Archives een geheim document over de rol van Amerikaanse kernwapens en de opslag daarvan op overzeese bases. Nederland blijkt met enkele andere bondgenoten te behoren tot een categorie landen die de beoordeling om kernwapens in te zetten, en of dat die inzet conform NAVO-beleid is, geheel overlaten aan Washington. Het is opmerkelijk dat het wettelijke openbaarheidstraject in de VS kennelijk meer onthult over het Nederlandse veiligheidsbeleid dan de regering in Den Haag zelf wenst prijs te geven. Antimilitaristen zullen niet verrast zijn over deze onthulling, maar het is, zoals defensieanalist Ko Colijn in een commentaar in het Historisch Nieuwsblad opmerkt, toch schokkend om daarvan een bevestiging te vinden in een ‘top secret’-document uit 1961. Ook een aanval op de VS zelf, waarmee Nederland niets te maken zou hebben, zou de Amerikanen de bevoegdheid geven om de in Volkel opgeslagen kernbommen te gebruiken. Colijn stelt vast dat, nu in Amerikaanse documenten eindelijk man en paard genoemd worden, de Nederlandse regering haar verkrampte geheimhouding moet loslaten. Het kan nu immers niemand meer ontgaan dat Nederland een nucleaire vazal is van de VS.

Soesterberg

Over Soesterberg hebben altijd geruchten de ronde gedaan dat daar kernwapens waren opgeslagen, maar de vredesbeweging kon er nooit de vingers achter krijgen. Een belangrijke onthulling in de documenten van het National Security Archive is, dat er begin jaren zestig concrete plannen zijn geweest om ook in Soesterberg een kernwapendepot in te richten voor de daar aanwezige Amerikaanse eenheid. Er was een verzoek van de commandant van United State Air Forces in Europe (USAFE) van 11 december 1961 aan de Nederlandse luchtmacht om voorzieningen te treffen voor de opslag van kernwapens op Soesterberg. Bij de documenten in het Nederlandse Nationaal Archief is het antwoord van de Nederlandse plaatsvervangend luchtmachtcommandant, commodore Thijssen, aangetroffen. Hij zegt dat hij “nu in staat is om te verklaren dat hij in principe instemt met de opslag van de wapens op voorwaarde dat er overeenstemming wordt bereikt over de te treffen voorzieningen”. Die moeten worden vastgelegd in een Technische Overeenkomst tussen USAFE en de Nederlandse luchtmacht “betreffende de ondersteuning van kernwapens voor het Tactical Fighter Squadron van de USAF dat is gestationeerd op het vliegveld Soesterberg.” Een voorstel zit bij die brief. Daarin worden de bevoegdheden van de Nederlandse luchtmacht en van de VS omschreven en de plaats van het kernwapendepot op een bijgevoegde kaart aangewezen. De wapens vallen onder het gezag van de US Air Force en worden bewaakt door Amerikanen. De wapens zullen worden vrijgegeven door “de bevoegde autoriteit” en ingezet “alleen in overeenstemming met de militaire planning van de NAVO en de procedures die zijn vastgesteld door SACEUR”. SACEUR is de opperbevelhebber van de NAVO in Europa, dit is altijd een Amerikaanse generaal.

Foto: ippnw Deutschland (cc)

Oh ja, die kernwapens….

COLUMN - In het kader van opvallende moties, in het bijzonder de moties waarbij de coalitiepartijen niet eensgezind waren (zie ook de artikelen van 13 juli, 14 juli en 28 juli), vandaag: schiet toch eens op met dat regeerakkoord!

De regeerperiode van Rutte III zit er bijna op en een paar dossiers worden zeker niet afgerond (lees: doelen worden bij lange na niet gehaald). U denkt nu natuurlijk vooral aan de klimaatdoelstellingen, maar er is meer.

Dat ontdekten we toen we tussen de 350 moties die de Tweede Kamer er even doorjoeg, een paar moties tegenkwamen die betrekking hadden op het kernwapenbeleid.

In het regeerakkoord staat dat het kabinet, binnen het kader van de bondgenootschappelijke verplichtingen, zich actief inzet “voor een kernwapenvrije wereld, gezien de grote risico’s van proliferatie van deze wapens”.

Het ligt natuurlijk niet aan het Nederlandse kabinet dat een kernwapenvrije wereld verder lijkt dan ooit, maar er ligt nu een kans het iets dichterbij te brengen.

Amerika gaat haar nucleaire wapens moderniseren en verwacht wordt dat de atoomraketten die op Europees grondgebied zijn gestationeerd ook vervangen zullen worden. Dat was aanleiding voor een paar moties die de regering oproepen tot wat, heel voorzichtige, actie.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: nico1959 (cc)

Jan Soldaat vervangt Bromsnor niet

COLUMN - Er dient nadrukkelijk een bijdrage in operationele capaciteit gevraagd te worden aan het ministerie van Defensie om het stelsel bewaken en beveiligen op korte termijn te versterken.

Deze opdracht kreeg het bestuur van de VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) afgelopen vrijdag mee toen een motie van de burgemeesters van De Bilt, Utrechtse Heuvelrug en Veenendaal met een dikke meerderheid werd aangenomen.

De pers pikte deze bijzonder motie op en repte van inzet van militairen. Minister van Justitie en Veiligheid, Ferdinand Grapperhaus ziet daar niets in. Natuurlijk snapt hij de zorgen over de personeelstekorten bij de politie, aan empathie ontbreekt het hedendaagse bewindslieden niet, en ja, er gaat hard aan gewerkt worden, maar dat kost wat tijd.

Dat is logisch, het kabinet haalt het te laat zijn met maatregelen niet in door binnen een paar weken nieuwe politieagenten te rekruteren, op te leiden  en inzetbaar te maken.

Maar de minister is de beroerdste niet.

Hij draagt ook oplossingen aan voor de korte termijn. Bijvoorbeeld  `mensen zonder politieopleiding inzetten voor werk waarvoor die scholing niet vereist is`.

“Daar moeten we mee beginnen, dan kunnen we altijd nog zien of er wellicht een noodgreep nodig is. Maar zover ben ik nog niet.”
(citaat uit RTL Nieuws bericht).

Foto: Frans de Wit (cc)

Een EU-leger gaat er niet komen

ELDERS - De Europese Unie is er om een oorlog te voorkomen niet om er een te voeren. Maar hoe lang kan men dat standpunt nog verdedigen?

De Oostenrijkse minister van Defensie Mario Kunasek (FPÖ) maakte deze week duidelijk dat er wat zijn land betreft geen sprake kan zijn van de vorming van een Europees leger met één commando en één uniform. Samenwerking op defensiegebied wijst hij niet af. Tijdens het Oosterijks voorzitterschap van de EU is daar het afgelopen halfjaar ook aan gewerkt met de overeenstemming over een fonds van 13 miljard. Maar met het idee van één gezamenlijk leger zoals dat door de Franse president Macron is geopperd kan Oostenrijk niet instemmen. Macron zei begin november: “We kunnen de Europeanen niet beschermen als we geen echt Europees leger oprichten. Ten aanzien van Rusland dat aan onze grenzen staat en toont dat het bedreigend kan zijn hebben we een Europa nodig dat zich alleen kan verdedigen, zonder steeds volledig afhankelijk van de Verenigde Staten te zijn.” De Duitse Bondskanselier Merkel wijst een Europees leger ook niet direct af.  “Nationalismus und Egoismus dürfen nie wieder eine Chance in Europa haben” zei zij in een rede voor het Europees Parlement met verwijzing naar een van de oorspronkelijke motieven voor de Europese samenwerking.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Volgende