Stikstof: Boer zoekt eeuwigheid

Er zit een gek element in het Nederlandse landbouwdebat. Boeren worden daarin vaak behandeld alsof zij behalve eigenaar van een bedrijf ook houder zijn van een soort maatschappelijk verworven recht: het recht om boer te zijn, boer te blijven en dat bedrijf bovendien min of meer voort te zetten onder de voorwaarden waaronder het ooit is opgebouwd. Dat recht bestaat nergens anders. Een koetsenbouwer kon zich aan het begin van de twintigste eeuw ongetwijfeld beroepen op vakmanschap, familietraditie, gedane investeringen en het feit dat mensen altijd vervoer nodig zouden hebben. Het hielp hem weinig toen de auto doorbrak. Fabrikanten van typemachines konden even overtuigend uitleggen dat schrijven nooit zou verdwijnen. Daar hadden ze zelfs volkomen gelijk in (hoewel). Alleen volgde daar geen recht uit om tot in lengte van dagen typemachines te mogen produceren die dan moesten worden afgenomen. Economische activiteiten bestaan bij de gratie van de omstandigheden waarin ze rendabel en maatschappelijk aanvaardbaar zijn. Technologie verandert, consumenten veranderen, grondstoffen veranderen, concurrentie verandert en ook onze kennis over schade aan de omgeving verandert. Soms betekent dat dat een bedrijf zich moet aanpassen. Soms verdwijnt een sector grotendeels. Dat kan voor de betrokken ondernemers buitengewoon pijnlijk zijn zonder dat daarmee een aanspraak ontstaat op het stilzetten van de samenleving. Maar bij boeren ligt dat blijkbaar anders. Een verandering die al decennia onderweg is De huidige problemen rond mest, ammoniak en stikstof kwamen bovendien bepaald niet uit de lucht vallen. Nederland voert al sinds ongeveer 1990 beleid om de enorme milieudruk van mest en ammoniak terug te dringen. Het PBL spreekt zelfs expliciet over 'dertig jaar mestbeleid' en beschrijft hoe mestwetgeving en ammoniakregels sinds die periode zijn ingezet tegen de milieuproblemen van het Nederlandse boerenbedrijf. Dat beleid heeft ook effect gehad. Tussen 1990 en 2022 daalde de ammoniakuitstoot uit de land- en tuinbouw volgens het PBL met 67 procent. Tegelijk vlakte die verbetering sterk af en veranderde de uitstoot tussen 2013 en 2021 nauwelijks. Het onderliggende probleem is al evenmin nieuw: Nederland gebruikt door zijn intensieve veeteelt veel stikstof via kunstmest, dierlijke mest en geïmporteerd veevoer, met grote uitstoot als ammoniak en gevolgen voor stikstofgevoelige natuur. Wie vandaag doet alsof een boer plotseling wordt geconfronteerd met een volstrekt nieuwe maatschappelijke eis, moet dus een indrukwekkend deel van de recente Nederlandse boerengeschiedenis overslaan. Sterker nog, het bijzondere aan de sector is eerder hoeveel tijd er is geweest om die verandering uit te stellen. Decennialang is geprobeerd de bestaande productie zoveel mogelijk overeind te houden via technische maatregelen, mestregels, uitzonderingen, subsidies en steeds nieuwe beleidsconstructies, onder druk van een intensieve lobby. Ook het huidige beleid kiest nog steeds voor een route waarbij bedrijven veel ruimte krijgen om zelf te bepalen hoe zij hun uitstoot verminderen en waarbij de overheid financieel ondersteunt bij aanpassingen. Dat is een mate van begeleiding waarvan de gemiddelde ondernemer in een verdwijnende bedrijfstak alleen kan dromen. Boer zijn is een beroep, geen erfelijk recht De verwarring ontstaat deels doordat boeren blijkbaar meer is dan alleen een economische activiteit. Mensen worden als kind voorgelezen uit boekjes over idyllische boerderijen die in werkelijkheid al lang niet meer bestaan, Boerenbedrijven zijn vaak familiebedrijven. Een boerderij kan generaties in dezelfde familie blijven. Het werk hangt samen met grond, landschap, identiteit en levenswijze. Dat maakt verandering ingrijpender dan wanneer een fabrikant besluit voortaan een ander product te maken. Alleen verandert daarmee de maatschappelijke verhouding niet. Iemand kan een diepe persoonlijke band hebben met zijn beroep zonder daarmee het recht te verkrijgen dat de rest van de samenleving de voorwaarden voor dat beroep intact houdt. Een visser heeft geen recht op een zee waarin hij onbeperkt kan blijven vissen. Een mijnwerker heeft geen recht op een eeuwigdurende kolenmijn. Een taxichauffeur heeft geen garantie dat technologie, regelgeving of vervoerspatronen nooit veranderen. En een boer heeft geen afdwingbaar maatschappelijk recht op een bepaalde veestapel, een bepaalde hoeveelheid uitstoot, een bepaalde grondprijs of een bedrijfsmodel dat alleen rendabel blijft wanneer de externe kosten ervan elders terechtkomen. Toch wordt het debat regelmatig precies zo gevoerd. Een maatregel wordt beoordeeld vanuit de vraag of boeren hun huidige bedrijfsvoering kunnen voortzetten. Wanneer het antwoord nee luidt, geldt dat op zichzelf al als bewijs dat de maatregel onredelijk zou zijn. Daarmee wordt de volgorde omgedraaid. De relevante vraag is welke veeteelt binnen ecologische, juridische en maatschappelijke grenzen mogelijk is. Vervolgens kun je bekijken hoe boeren bij de overgang daarnaartoe geholpen kunnen worden. Het uitgangspunt kan onmogelijk zijn dat de grenzen zich moeten aanpassen aan ieder bestaand bedrijf. Zonder boeren geen eten Een van de meest effectieve slogans in dit debat is: zonder boeren geen eten. Dat klopt natuurlijk. Zonder landbouw geen voedselproductie. Alleen wordt met die constatering vervolgens vaak een veel sterkere conclusie meegesmokkeld: dat Nederland daarom ongeveer evenveel boeren, bedrijven, dieren en productie moet behouden als nu. Maar er zit een enorme ruimte tussen geen boeren en minder boeren. Nederland hoeft geen land zonder landbouw of veeteelt te worden om het aantal bedrijven, de veestapel of de totale milieudruk fors te verminderen. De relevante vraag is niet of we boeren nodig hebben, maar hoeveel productie we nodig hebben, voor welke markt en onder welke voorwaarden. Dat onderscheid is extra belangrijk omdat de Nederlandse landbouw en veeteelt veel meer produceert dan nodig is om alleen Nederland te voeden. Een aanzienlijk deel van de productie is onderdeel van internationale handelsstromen. De gedachte dat iedere vermindering van de sector automatisch betekent dat Nederlandse supermarkten leeg raken, is daarom vooral retoriek. Zelfs bij een kleiner aantal boeren kan Nederland ruim voldoende voedsel produceren voor de eigen bevolking, zeker wanneer het boerenbedrijf sterker wordt ingericht op voedselproductie voor menselijke consumptie in plaats van op maximale dierlijke productie en export, waarvoor enorme hoeveelheden plantaardig voer moet worden ingevoerd. “Zonder boeren geen eten” is dus waar op ongeveer dezelfde manier waarop “zonder bouwvakkers geen huizen” waar is. Het zegt niets over hoeveel bouwvakkers er precies moeten zijn, hoeveel huizen er jaarlijks gebouwd moeten worden of welke bouwmethoden maatschappelijk acceptabel zijn. De slogan verdedigt het bestaan van de sector. Vrijwel niemand betwist dat. In het politieke debat wordt hij alleen vaak ingezet ter verdediging van de huidige omvang en structuur. Dat is iets heel anders. De eeuwige boerderij Misschien is juist het romantische beeld van de boer hier een probleem. Niemand organiseert trekkerdemonstraties om de laatste Nederlandse fabrikant van faxapparaten te redden. Een boerenbedrijf wordt sneller gezien als iets wat er altijd was en er daarom altijd moet blijven. Landbouw zal er uiteraard blijven. Mensen moeten eten. Daaruit volgt alleen weinig over de vorm waarin landbouw wordt georganiseerd, hoeveel dieren Nederland houdt, hoeveel grond daarvoor nodig is of hoeveel milieuschade een individueel bedrijf mag veroorzaken. Mensen zullen over vijftig jaar nog steeds eten. Dat betekent evenmin dat iedere boer die vandaag bestaat het recht heeft om in 2076 op dezelfde manier hetzelfde product met dezelfde hoeveelheid grondstoffen en dezelfde milieudruk te produceren. Wie van boeren werkelijk ondernemers wil maken, zal dus ook de minder romantische helft van ondernemerschap moeten accepteren: soms verandert de wereld en moet je mee veranderen. Na ruim dertig jaar waarschuwingen, regelgeving, subsidies, uitzonderingen, innovatierondes en uitstel kan moeilijk worden volgehouden dat die wereld boeren onverwacht heeft overvallen. De vraag is inmiddels vooral hoeveel langer de rest van Nederland geacht wordt te wachten tot iedereen vrijwillig besluit dat de twintigste eeuw voorbij is.

Foto: Sreehari Devadas on Unsplash

India staakt tegen economische hervormingen van de regering-Modi

In India legden miljoenen mensen woensdag het werk neer in een nationale staking tegen het economische beleid van de regering van Narendra Modi. De staking van werknemersorganisaties werd ook gesteund door boeren, studenten, vrouwen en verschillende beroepsvakbonden, zoals leraren, journalisten en IT-medewerkers in het land. Een brede coalitie van de tien grootste vakbonden had opgeroepen tot de eendaagse actie onder de leus Bharat Bandh, wat Hindi is voor zoiets als “Leg India plat”. Terwijl Modi zich voorzichtig beweegt tussen de grootmachten China en de Verenigde Staten en hij tegenover buurland Pakistan de vinger aan de trekker houdt neemt de binnenlandse onrust toe. 

De belangrijkste aanklachten van de vakbonden betreffen de privatisering van publieke diensten, het afzwakken van werknemersrechten, stijgende werkloosheid en economische ongelijkheid, met gelijktijdige bezuinigingen op de uitgaven in de sociale sector. Verder keren de bonden zich tegen het uitblijven van centraal overleg met de regering, het criminaliseren van protest en het intrekken van burgerrechten, met name voor migranten. Stakers hebben op verschillende plaatsen wegen en openbaar vervoer geblokkeerd. In de deelstaat Kerala lag het openbare leven volledig stil. 

De staking steunde ook de eisen van de grootste boerenorganisaties van het land voor een wettelijke minimumprijs voor alle landbouwproducten, het kwijtschelden van leningen voor boeren, een einde aan alle gedwongen landonteigening en betere kansen op werkgelegenheid. De boeren verzetten zich ook tegen de handelsakkoorden die Modi zonder enige betrokkenheid van belangenorganisaties afsluit met westerse landen. De Indiase regering heeft in mei een vrijhandelsovereenkomst met het Verenigd Koninkrijk afgerond, waardoor de Indiase markt voor Britse producten, waaronder landbouwproducten, vrijwel zonder tarieven of beperkingen wordt geopend. India bevindt zich volgens berichten in de Indiase media ook in de laatste fase van het bereiken van een bilaterale handelsovereenkomst met de VS. De besprekingen over de overeenkomst begonnen in februari, tijdens een bezoek van Modi aan de VS. Het verminderen of afschaffen van de invoerrechten op belangrijke landbouwproducten zal volgens de boerenorganisaties de bestaansmiddelen van miljoenen Indiase boeren in gevaar brengen. Ook zal hierdoor de groei worden gestuit van micro-, kleine en middelgrote ondernemingen, die de ruggengraat van de werkgelegenheid in het land vormen. 

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Britse aardappeltelers in moeilijkheden

Nieuwe aardappelboerderijen verdwijnen in het Verenigd Koninkrijk bij bosjes, zo meldt het online agromagazine Fresh Talk Daily. Hoofdoorzaak? Britse boeren kunnen nauwelijks seizoensarbeiders vinden.

Vóór Brexit werden die vooral betrokken uit de Europese Unie, maar de Britse bevolking vond al die buitenlanders die zomaar binnen konden wandelen maar niks. Men wilde de controle over de eigen grenzen terug. De Britse overheid heeft wel visumprogramma’s opgezet om Europese seizoensarbeiders tijdelijk toe te kunnen laten, maar die blijken onvoldoende te werken.

Foto: Fred Davis (cc)

Militairen en boeren houden niet van transparantie

COLUMN - Defensieminister Hennis (VVD) heeft de Tweede Kamer “keer op keer” onjuist geïnformeerd over de luchtaanval op de Iraakse stad Hawija in 2015, zo blijkt uit onderzoek van een commissie onder leiding van oud-minister Winnie Sorgdrager. Het zal niemand meer verbazen. Defensie heeft wat openbaarheid betreft een bijzonder slechte reputatie (zie bijvoorbeeld hier, hier, en hier). Dat wordt nu ook bevestigd door hoogleraar staatsrecht Wim Voermans. Hij deed onderzoek naar het onjuist of onvolledig informeren van het parlement. In de jaren 2001 tot 2020 telde hij 69 incidenten. 14 keer was Defensie de ‘schuldige’. Een greep uit die incidenten: in 2003 misleidde toenmalig minister Kamp (VVD) de Kamer over een schietincident in Irak. Eimert van Middelkoop (ChristenUnie) hield tussen 2007 en 2010 informatie achter over de kosten van de JSF. En in 2020 bleek dat de voortgang van de politietrainingsmissie in Afghanistan te rooskleurig en positief werden voorgesteld om politiek draagvlak te behouden. De huidige minister van Defensie Ruben Brekelmans belooft beterschap. De vraag is of dat gaat lukken in het huidige politieke en bestuurlijke klimaat. Dit kabinet staat bepaald niet bekend als voorvechter van de openbaarheid van bestuur.

Boeren

Dat blijkt ook uit de steun die landbouworganisaties van minister Femke Wiersma krijgen in een zaak van journalisten van FTM, NRC en Omroep Gelderland. Zij waren op zoek naar cijfers over aantallen dieren in Nederlandse boerenbedrijven. Boerenorganisaties hebben publicatie ervan tot dusverre weten te voorkomen. Dat deden ze via de rechter, de media en recentelijk ook via hun goede contacten met landbouwminister Wiersma (BBB). Tijdens een rechtszaak op 13 januari trok zij plots een bijna twee jaar oud besluit tot openbaarmaking van gegevens van boeren in. De journalisten werden al twee jaar aan het lijntje gehouden. De overheid hield al die tijd vol die gegevens wel te willen verstrekken, maar vanwege juridische procedures van boeren is dat tot op de dag van vandaag nog niet gebeurd. Op het laatste moment maakte Wiersma een draai met een telefoontje naar haar vertegenwoordiger in de rechtszaal om te vertellen dat ze van mening is veranderd. De BBB minister toonde zich daarmee een werktuig van de branchebelangen, waarbij je je kunt afvragen hoe serieus zij de rechterlijke macht neemt.

Foto: Juan Enrique Gilardi (cc)

Laat links BBB de hand reiken

COLUMN - Het stikstof-dossier lijkt Nederland in een impasse te brengen. Een wat onverwachte samenwerking kan het begin van een oplossing zijn.

Als Rutte erop uit was ons weer even te doen vergeten met wat voor problemen hij Nederland allemaal heeft opgezadeld dan is hij daar in geslaagd. Een scheefgegroeide woningmarkt, een disfunctionerende belastingdienst, een schreeuwend lerarentekort, maar natuurlijk vooral de behandeling van Groningers, van ouders in het toeslagenschandaal en van vluchtelingen. Maar al die onder zijn leiding veroorzaakte problemen worden nu aan het zicht onttrokken door het stikstof-dossier. En vooralsnog wijst niets erop dat Rutte bij machte is om ons daaruit te halen.

Over links of over rechts?

Over links, of over rechts. Daar ging het in de duidingen van de verkiezingen over. Maar misschien wel het beste antwoord op de vraag hoe we uit deze impasse komen is over links en over rechts.

Linkse partijen en de (kiezers van de) BBB hebben meer raakvlak dan je op het eerste gezicht zou denken. Want voor welke mensen verwacht je dat linkse partijen opkomen? Voor de kleine man of vrouw die niet word gehoord en die niet kan opboksen tegen de grote maatschappelijke en economische krachten waar hij of zij geen invloed op heeft? Als ik Josse de Voogd zo goed parafraseer dan zijn dat de mensen die ook aangetrokken worden door de BBB.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Closing Time | Bots Boerendans

Geen boterberg, geen melkplas meer
Maar een gezonde juttepeer
En frisse lucht, tot besluit
Ieder voelt zich fijn, een keer er tussenuit

In 1990 wist Bots de boeren wel een hart onder de riem te steken: als het je allemaal even teveel wordt, ga dansen!

En Bots was ook niet te beroerd een advies mee te geven voor de malaise waarmee boeren destijds mee werden geconfronteerd: De veestapel moest
 (u raadt het al?).
Welnu, zong Bots, doe de koeien weg en ga fruit telen. Een lekkere Hollandse juttepeer bijvoorbeeld.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Meer of minder zelfstandige boeren?

De afgelopen twintig jaar is door schaalvergroting één op de twee zelfstandige boerenbedrijven gestopt – de afgelopen zeventig jaar zelfs zes op de zeven. Van wat zich nu nog ‘boer’ noemt, is een groot deel de mega-investeerders die voor platte winst de plattelandsgemeenschappen kapot hebben gemaakt. Het gevolg van staand beleid.

Deze investeerders hebben minder verstand van dieren dan van leningen, subsidies en spreadsheets. De stal zien ze nooit, het schoonmaken, melken, voeren en slachten laten ze over aan machines en dagloners. Voor het eigen land produceren ze niet: het voer wordt geimporteerd en het vlees wordt weer geexporteerd. Daarbij: de boer melkt het vee, de agro-industrie en de bank melken de boer. Een heel verdienmodel. De boer van nu zit gevangen in het systeem, de boeren van toen zijn in meerderheid al lang stadsbewoner geworden.

Nu wil ‘de boerenstand’ in de waterschappen het grondwater zo laag mogelijk hebben, zodat meer vee kan grazen. Maar als dat gebeurt, verzilt het land, zodat we over een decennium op een zoutkorst zitten waar niets meer op groeit. Daarnaast raakt onze bodem vertieft, niet alleen met ammoniak (stikstof), maar ook met bestrijdingsmiddelen – die we vervolgens zelf binnenkrijgen, de boer voorop.

Foto: The Green Party of Ireland Comhaontas Glas (cc)

Ierse boeren moeten CO2 uitstoot reduceren

Ook de Ierse boeren worden door hun regering onder druk gezet. Het gaat daar niet over stikstof maar over CO2. Het Klimaatactieplan 2021 van de Ierse coalitieregering heeft voor 2030 een reductie aangekondigd van 22-30 procent in de uitstoot van broeikasgassen door de landbouw. De precisering van dat doel leidde in de laatste kabinetszitting voor het zomerreces tot een conflict binnen de coalitie van twee centrumrechtse partijen en de Groenen, in Ierland Comhaontas Glas geheten. Minister van Landbouw Charlie McConalogue (Fianna FĂĄil) zou vasthouden aan een doelstelling van 24 procent reductie, terwijl de minister voor Milieu Eamon Ryan van de Groenen (foto) aanvankelijk niet bereid was om onder de 26 procent te komen. Gisteren werd verder onderhandeld en, jawel, de partijen zijn overeen gekomen de reductie vast te leggen op 25%.

Milieuminister Eamon Ryan had wel redenen om niet te snel akkoord te gaan. Deze week werd ook bekend dat nog niet de helft van de voor april, mei en juni voorgenomen maatregelen uit het klimaatactieplan geïmplementeerd zijn. Het zal ongetwijfeld leiden tot flink gemor in zijn partij. Eerder deze week dreigde senator Pauline O’Reilly regeringsdeelname ter discussie te stellen als het doel voor de reductie van de CO2 uitstoot zou blijven steken op 22%. Dat was de eis van enkele rechtse parlementsleden die de boerenlobby volgden. Meer zou onhaalbaar zijn voor de Ierse boeren. De Ierse Groenen zijn twee jaar geleden met de nodige scepsis akkoord gegaan met regeringsdeelname. Een eerste ervaring met het nemen van regeringsverantwoordelijkheid, in 2007, was de partij slecht bekomen. De Groenen verloren in 2011 al hun zetels. Er was te weinig bereikt. Maar nu zouden ze echt zaken kunnen doen met de twee centrumrechtse partijen, Fianna Fáil en Fine Gael, die bij de verkiezingen in het voorjaar van 2020 samen net geen meerderheid kregen. Comhaontas Glas was in tegenstelling tot de vorige keer nu onmisbaar voor de regeringsvorming. Maar dan moeten er nu wel resultaten behaald worden om straks niet weer te verliezen.

Closing Time | Jump Jive An’ Wail

Een paar weken terug bezocht ik het Gelderse dorpje Hummelo. Er was daar een kleinschalige kunstroute over het landgoed Enghuizen van graaf Van Rechteren-Limpurg (geen typo). En als je in Hummelo bent, dan drink je natuurlijk een kopje koffie bij De Gouden Karper, en ga je ook even op bedevaart naar het standbeeld, brons, van Normaal, niet te missen aan de Dorpsstraat.

Zeg je Normaal, dan zeg je boeren. Je weet waar hun sympathie ligt, zie bijvoorbeeld het zydeco-achtige nummer De boer is troef. En er is wantrouwen tegen de politici in Den Haag en sowieso alle mensen in de Randstad, lui uit het westen.

Geen koeien maar huizen

Hele kleine huisjes, om precies te zijn:

Het credo van Peel Natuurdorpen is daarom: stop met meer voedsel produceren, maar ga landschap en natuur maken. ‘Er is voedsel voldoende, de maatschappij vraagt om nieuwe natuur en om woningen’, zegt Ottens. ‘De omslag wordt gerealiseerd door boeren het recht te geven om maximaal drie tiny houses neer te zetten op elke hectare landbouwgrond die ze in de Peel omzetten in nieuw bos.’

Foto: Sebastiaan ter Burg (cc)

Remkes goed voor boeren

COLUMN - Met boeren kun je twee dingen doen: in beton storten en onder water zetten. Dat is in ieder geval wel traditie geworden sinds begin 70’er jaren er een Deltaplan kwam tegen de tsunami’s melk die het land verspoelden. De oplossing werd: inkrimping van de boerenstand.

Maar wat doe je dan met al de grond die dan vrij komt? Juist: volbouwen en onder water zetten. Soms gaat dat samen, bijvoorbeeld de Blauwestad in Groningen. Een groot stuk land onder water zetten (Oldambtmeer), een paar duizend luxe woningen er omheen en voilĂ : Oost-Groningen weer in de vaart der volkeren!

Daar kan Johan Remkes vast iets over vertellen. Hij maakte immers als lid van de Provinciale Staten en als Gedeputeerde van Groningen (1978 – 1993) nog net de voorbereidende schermutselingen mee. Wat zou hij nog weten van de inspraakrondes die in 1993 van start gingen?

Remkes zat al hoog en breed in de Tweede Kamer toen de Blauwestad verder werd ontwikkeld tot het rampzalige project waarvan gesteld kan worden dat het grootste succes is, dat het in het water is gevallen.

Daar zal hij ongetwijfeld een en ander van hebben meegekregen toen hij van 1998 tot 2002 staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer. In zijn portefeuille zat onder andere de uitvoering van de Vinexdoelstellingen. Hij heeft er dus met zijn neus bovenop gezeten toen hele stukken polder onder beton en baksteen werden bedolven.

Foto: Brian Evans (cc)

Mijnbouw versus mensenrechten en milieu

ACHTERGROND - In november 2018 werd de Filippijnse mensenrechtenadvocaat Benjamin Ramos vermoord. Saskia Harkema tekende het verhaal op van zijn echtgenote Clarissa die zijn strijd voortzet.

Op de 43e  zitting van de Mensenrechtenvergadering van de Verenigde Naties in maart 2020 ontmoette David Boyd, speciaal VN-verslaggever voor mensenrechten en milieu,  Clarissa  Ramos – echtgenote van wijlen Benjamin Ramos – van de  “Paghida-et  sa  Kauswagan” Development Group (PDG) van de Filippijnen (zie foto).

vlnr Clarissa Ramos, Eufemia Cullamat en David Boyd

Benjamin Ramos was een mensenrechtenadvocaat, oprichter van de National Union of People’s Lawyers (NUPL) en de secretaris-generaal van zijn afdeling in de provincie Negros Occidental. Hij was een bekende pleitbezorger voor boerenrechten en de directeur van de PDG, een niet-gouvernementele organisatie (NGO) die boeren in Negros bijstaat. Hij verleende pro-bono rechtsbijstand aan slachtoffers van mensenrechtenschendingen, de meest gemarginaliseerde groep in de Filippijnen. Hij stond onder meer de families van negen boeren bij, die omkwamen na een protest op een suikerrietplantage in Sagay in de provincie Negros. Op 6 november 2018 werd hij in de stad Kabankalan doodgeschoten door schutters op motoren.

Benjamins vrouw Clarissa Ramos zet zijn werk voort en treedt met vastberadenheid en toewijding in zijn voetsporen. In een recent interview in april 2020 beschrijft ze de situatie in de Filippijnen sinds haar man werd doodgeschoten. Hier is haar verhaal.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Volgende