WW: Twee soorten Afrikaanse olifanten
De woensdagmiddag is op GeenCommentaar Wondere Woensdagmiddag. Met extra aandacht voor de nieuwste ontwikkelingen in Wetenschap- en Techniekland
Voor velen zijn de Kerstdagen een goede gelegenheid om de familiebanden eens flink aan te halen, dit geldt helaas niet voor de arme Afrikaanse olifant. Onlangs gepubliceerd onderzoek zegt een beslissend oordeel te kunnen vellen over een vermoeden dat al langer bestond: er zijn eigenlijk twee soorten Afrikaanse olifanten.
Dat er verschillen waren tussen de bosolifant, die voorkomt in de regenwouden van Midden-Afrika en de savanneolifant, die rondscharrelt in de rest van Afrika, was al langer duidelijk. De bosolifant is een stuk kleiner dan de savanneolifant en heeft rondere oren, anders gevormde slagtanden en minder teennagels. Dit was altijd al voldoende om de twee te scheiden als verschillende ondersoorten.
Maar volgens het nieuwe genetisch onderzoek is het DNA van de twee typen Afrikaanse olifant net zo verschillend als dat van de Afrikaanse olifant en de mammoet en die laatste is toch echt een (weliswaar uitgestorven) aparte soort. Volgens het onderzochte DNA zou de afsplitsing van de twee, de bos- en de savanneolifant, rond dezelfde tijd zijn gebeurd als die van de mammoet. Al met al reden genoeg om te stellen dat er dus drie soorten olifanten zijn: de Aziatische olifant, de Afrikaanse bosolifant en de Afrikaanse savanneolifant.
Dit najaar heb ik in kort bestek drie boeken van Barbara Ehrenreich gelezen en samen vormen ze een mooi drieluik over ‘waar het toch naartoe gaat met Amerika’. Vrolijk word je er niet van, terwijl één van de boeken toch over positief denken gaat.
