Het wordt druk in de ondergrond
We mogen het bovengronds druk en vol vinden in Nederland, ondergronds is dat niet veel anders. Ondergrondse ruimtelijke ordening is daarom noodzakelijk. Hoe moet die ordening eruit zien?
Ruimtelijke ordening van de ondergrond begint op gang te komen
Aan de winning van kolen, olie, gas en water zijn we inmiddels wel gewend, maar warmte- en koudeopslag, geothermie en de opslag c.q. berging van aardgas, CO2 en radioactief of chemisch afval zijn relatief nieuwe fenomenen. In toenemende mate claimen ze een plekje onder de, eh tja, zon. Vooral wanneer claims op de ondergrond concurrerend of strijdig zijn, is er behoefte aan een helder afwegingskader.
Ondergronds polderen?
Dat een landelijke structuurvisie voor de ondergrond nodig is, staat buiten kijf. Het is dan ook toe te juichen dat hieraan door Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen wordt gewerkt. Maar volgens welke principes en vertrekpunten straks wordt geordend, is nog niet zo helder. Wie het eerst komt, het eerst maalt? Maar hoe lang blijven die historische rechten dan geldig? Concessies bij opbod verkopen? En wat dan te doen met basisvoorzieningen, zoals drinkwater? Of bijvoorbeeld toch maar gewoon een beetje schuiven en schipperen, net zo lang iedereen min of meer tevreden is – de ondergrondse variant van het Nederlandse poldermodel? De startbrief van december vorig jaar geeft in ieder geval nog niet veel uitsluitsel over de richting waarin de oplossingen worden gezocht, evenmin als het voornemen structuurvisie ondergrond dat in maart in de Staatscourant verscheen.