“Mladic was er niet bij” zegt zijn echtgenote

ELDERS - In Den Haag is het proces heropend tegen de Servische generaal Ratko Mladic die beschuldigd wordt van de moord op duizenden moslims uit Srebrenica na de overgave door de Nederlandse VN-troepen in juli 1995. Nederland is inmiddels wel klaar met deze geschiedenis. Servië is nog dagelijks bezig met de gevolgen van de oorlogen uit de jaren negentig.

Bosiljka Mladic, de echtgenote van Mladic, zat woensdag in de getuigenbank van het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag (foto). “Mijn man was in juli 1995 bij mij in Belgrado”, verklaarde ze. Hij kan dus niet aanwezig zijn geweest bij het bloedbad dat de Serviërs hebben aangericht onder de mannen die zij uit Srebrenica hadden weggevoerd. Ze ontkende ook dat haar man er orders voor had gegeven. Ze had het hem ook gevraagd en zijn antwoord was: twijfel je aan me? Nee, natuurlijk. Hoe relevant is de getuigenis van de echtgenote van een aangeklaagde?

Bosiljka bevestigde dat haar man tot de arrestatie van Milosevic in 2001 beschermd werd door de Servische regering. Daarna is hij ondergedoken. Ze dacht dat hij al wel dood zou zijn toen hij tien jaar later alsnog werd gevonden en uitgeleverd. Hij had eerder al eens een hartaanval gehad en leefde ondergedoken in moeilijke omstandigheden. De verdediging van Mladic zegt dat de 73-jarige oud-generaal inmiddels te ziek is om het proces te doorstaan. Russische dokters zijn ingeschakeld om zijn toestand te onderzoeken. Een dergelijk scenario is al eerder vertoond bij het Joegoslavië-tribunaal.

Nederland herdenkt elk jaar nog steeds de massamoord op de 8000 moslims die na de val van Srebrenica door Bosnisch-Servische troepen zijn vermoord. Maar zes jaar geleden al vond een meerderheid van Nederlanders dat er maar eens een punt achter de geschiedenis gezet moest worden. Volgens een onderzoek van EénVandaag in 2009 vond 54 Procent dat de massamoord niet jaarlijks in Nederland herdacht zou moeten worden. Slechts een derde was voorstander. Het vermoeden van schuld en medeplichtigheid blijft bij een steeds kleinere groep bestaan. Het Joegoslavië-tribunaal is vrijwel verdwenen uit de de Nederlandse media.

Voor de Servische premier Vukovic is het allesbehalve geschiedenis. Hij moest vorige maand de herdenking in Srebrenica hals over kop verlaten.  Een woedende menigte bekogelde hem met stenen, flessen en schoenen. Onlangs stelde hij voor een gezamenlijke herdenking te organiseren voor alle slachtoffers van de Balkanoorlog. Maar vanuit andere delen van het voormalige Joegoslavië kreeg hij te horen dat men er daar nog lang niet aan toe was.

Kosovo

Ook de oorlog in Kosovo heeft een juridische nasleep die Servië nog steeds bezighoudt. Oliver Ivanovic, voormalig leider van de Serviërs in Kosovo staat onder auspiciën van de EU en de VN terecht in Pristina, de hoofdstad van Kosovo, voor de moord op etnische Albanezen in Mitrovica. Ivanovic is in hongerstaking gegaan en Servië heeft gevraagd hem in afwachting van de uitspraak van de rechtbank vrij te laten.

De berechting van Albanese oorlogsmisdadigers in Kosovo laat nog even op zich wachten. Het parlement is begin deze maand akkoord gegaan met een speciaal hof voor oorlogsmisdaden begaan door Albanezen die lid waren van het Kosovaarse bevrijdingsfront. Maar de oppositie vindt dit besluit in strijd met de grondwet en spande deze week een procedure aan bij het Constitutioneel Hof.

Een van deze oppositiepartijen, de beweging voor zelfbeschikking, heeft gedreigd met een opstand die “niet ver verwijderd zal zijn van een oorlog” als de plannen voor autonomie van Servische gemeenten worden doorgezet. Deze plannen zijn onderdeel van de overeenkomst die in 2013 is gesloten tussen Servië, Kosovo en de EU. “We leggen alles plat”, zei de leider van de beweging Dardan Molicaj deze week op de Kosovaarse televisie. In de uitwerking van de overeenkomst probeerde de regering van Kosovo de autonomie van door Serviërs gedomineerde gebieden zo beperkt mogelijk te houden. Het zou niet verder mogen gaan dan de uitvoering van het beleid. Volgens de oppositie zijn ze dus veel te ver gegaan. Een van de twistpunten betreft de zeggenschap over een waterkrachtcentrale bij het meer van Gazivoda. Zowel de levering van drinkwater als van elektriciteit aan de rest van het land is hierbij in het geding. En Pristina vertrouwt dit niet toe aan Servisch management.

In Servië worden al deze ontwikkelingen met argusogen gevolgd. Iedereen in de regio lijkt zich op te maken voor een nieuw gevecht, zei premier Vukovic woensdag. Maar Servië moet daar niet aan meedoen, vond hij. Vukovic zal al zijn diplomatieke vaardigheden ook nog moeten aanwenden om een dreigend conflict met Griekenland het hoofd te bieden. Griekenland, dat als trouwe bondgenoot van Servië Kosovo nog steeds niet heeft erkend, zou na een bezoek van de minister van Buitenlandse Zaken aan Pristina een verandering van standpunt overwegen. Servië suggereerde in een reactie dat de Griekse steun voor Kosovo de Servische steun voor Griekenland op het spel zet inzake de erkenning van de naam Macedonië. Dat land mag van Griekenland die naam niet voeren omdat Griekenland die zelf claimt voor het noordelijk deel van het eigen land.

 

 

  1. 1

    “Mijn man was in juli 1995 bij mij in Belgrado”, verklaarde ze
    Je vraagt je af waarom iemand dat statement maakt. Er zijn gewoon beelden van Mladic die in juli 1995 met Karremans een borrel staat te drinken op de goede afloop. Daarmee wordt ook de rest van haar getuigenis meteen een stuk ongeloofwaardiger.