Verdedigde Immanuel Kant ooit theïstische evolutie?

Een boek over geloof en wetenschap, van de hand van de Verlichtingsfilosoof Immanuel Kant (1724-1804) – zo kan Kants natuurfilosofische werk Allgemeine Naturgeschichte und Theorie des Himmels uit 1755 wel gekenmerkt worden. Het boek is recentelijk voor het eerst in het Nederlands vertaald, door Kant-vertaler Willem Visser, en met de mooie titel Het ontstaan van het heelal en de goede God. Maar kosmologie uit de 18e eeuw, is dat niet volledig achterhaald? Niet helemaal dus. Een korte bespreking.

Door: Foto: copyright ok. Gecheckt 11-02-2022

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Ed Yourdon (cc)

Minder opleiding en training voor flexwerkers

ACHTERGROND - Een Duitse studie laat zien dat er steeds minder geïnvesteerd wordt in ‘a-typische’ werknemers. Dat is ook van belang voor Nederland, waar steeds meer flexwerkers zijn.

In Duitsland noemt met flexibele arbeidscontracten “a-typisch”, en mensen die geen vast contract hebben, worden in een rapport van de Bertelsmann Stiftung “atypical workers” genoemd.

De onderzoekers verstaan daaronder mensen met één van de volgende contracten: een contract voor bepaalde tijd, deeltijdcontracten, tijdelijke contracten en zogenaamde “minibanen” waarbij men maximaal 400 euro per maand verdient. Al deze contractvormen zijn in het afgelopen decennium met tientallen procenten gestegen. Inmiddels gaat het om miljoenen mensen, dus helemaal a-typisch is het ook in Duitsland niet meer.

De onderzoekers hebben gekeken wat het effect van deze contractvormen is op de bereidheid om te investeren in opleiding en training van werknemers. Ze concluderen dat deze groep er eigenlijk nog slechter van af komt dan werklozen: werklozen krijgen meer training en opleiding aangeboden dan de “atypical workers”.

Frank Frick, Dr. Martin Noack, Dr. Miika Blinn. Summary of a study commissioned by Bertelsmann Stiftung (2013). Losing out on further training. Fewer training opportunities for the increasing number of atypical workers

Dat is een serieuze bevinding. Het opleiden en trainen van de beroepsbevolking kost tijd, geld en inspanning. Werkgevers zijn daartoe bereid als ze verwachten dat ze ook de vruchten kunnen plukken van die investeringen. Dat is vaak een zaak van langere adem. Bij flexibele arbeidscontracten is het maar  de vraag of de werkgever de investering terugverdient. In plaats van opleiden kan de werkgever ook kiezen voor een andere werknemer. Vanuit het oogpunt van de werkgever is minder opleiding en training dus een begrijpelijke beslissing.

Foto: Post-Atheïst

Post-atheïst | Julianus de Afvallige

COLUMN - Het is vandaag op de kop af 1702 jaar geleden dat even ten noorden van Rome, bij de zogeheten Milvische Brug, twee legers op elkaar stuitten. De verdediger van de eeuwige stad was Maxentius, de aanvaller en overwinnaar is de geschiedenis ingegaan als Constantijn de Grote. Zijn zege maakte hem tot alleenheerser in het westelijke deel van het Romeinse Rijk, maar de legende heeft de betekenis van zijn zege nog vergroot: de keizer zou vlak voor de veldslag een visioen hebben gehad dat hij had uitgelegd als een oproep christen te worden.

Historisch klopt daarvan weinig, maar het is wel waar dat Constantijn het christendom begunstigde, zeker nadat hij ook de oostelijke, meer christelijke provincies had veroverd. Zijn zoons zetten het beleid voort en in 382, zeventig jaar na de veldslag bij de Milvische Brug, kwam een einde aan de subsidiëring van de heidense gebedsplaatsen.

Eén keizer heeft geprobeerd de oude erediensten nieuw leven in te blazen: Julianus de Afvallige. In 355 werd hij benoemd tot bestuurder van de westelijke gebiedsdelen, waar hij spectaculaire militaire successen boekte. In 360 kwam hij in opstand en hij had geluk: zijn tegenstander overleed. Nu hij alleenheerser was, kon Julianus zich richten op de heropening van de oude tempels. Zijn tijdgenoten – zowel heidenen als christenen – keken verbijsterd naar de enorme aantallen offerdieren die naar het altaar werden geleid en waren onthutst over de schoolwet waarmee de keizer de christenen uit het onderwijs weerde. Aan deze poging het heidendom te herstellen, dankt hij de bijnaam Apostata, ‘de afvallige’.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Hoe je rellen kunt voorspellen

ACHTERGROND - Naar aanleiding van de rellen in Londen in 2011 hebben wiskundige Hannah Fry en haar collega’s naar de data gekeken en komen ze tot de conclusie dat de verspreiding van de rellen veel lijkt op de overdracht van besmettelijke ziektes en winkelgedrag. Op basis van hun bevindingen komen ze met een wiskundig model om verdere escalatie van rellen te voorkomen.

Foto: Colby Stuart (cc)

Burgerinitiatieven in zorg nog schaars

ACHTERGROND - Door de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zijn gemeenten zich meer gaan richten op ondersteuning van burgerinitiatieven. Burgers hebben zich verenigd rond collectieve inkoop van energie, behoud van bibliotheken en zwembaden en de inrichting van het eigen woongebied.

Het Sociaal en Cultureel Planbureau voert de tweede evaluatie van de Wmo (2010 t/m 2012) uit. Eén deelrapport beschrijft een verkenning van vrijwillige inzet en burgerinitiatieven in vijf gemeenten. We beperken ons hier tot bevindingen uit dat rapport. Het eindrapport verschijnt in 2014. Een voorzichtige, voorlopige conclusie: het wemelt niet van de ondersteuningsinitiatieven.

Vorig jaar gingen we op zoek naar ‘ondersteuningsinitiatieven’: lokale initiatiefgroepen die op overwegend vrijwillige basis mensen met een participatiebeperking ondersteunen, en daar als groep de regie over voeren. Denk aan eetgroepen, klussen- en vervoersdiensten, maar ook de zorgcoöperaties die in Nederland hun opgang doen.

Moeilijk kon die zoektocht toch niet zijn. De Boer et al. schreven recentelijk dat het in de Nederlandse zorg ‘wemelt’ van de initiatieven. Wel voegden ze er eerlijkheidshalve aan toe dat de omvang ervan nou ook weer niet moet worden overdreven. Wij beamen vooral dat laatste. We zochten naar gemeenten waar meerdere initiatieven actief waren en niet naar het bekende succesverhaal. Dit bleek niet makkelijk. Uiteindelijk selecteerden we vijf gemeenten in verschillende delen van het land. Twee (wijken van) grote steden, een middelgrote stad en twee krimpgemeenten op het platteland. We spraken er met initiatiefnemers, beleidsmakers en welzijnswerkers.

Foto: Marco (cc)

Publiek in de slaapkamer

ACHTERGROND - Seks, intimiteit en lichamelijkheid zien we vaak als een echte privéaangelegenheid, iets dat letterlijk binnen de muren van de slaapkamer blijft. Maar in werkelijkheid worden deze intieme ervaringen in grote mate door maatschappelijke en culturele invloeden gekleurd en beïnvloed. Meest opvallend zijn waarschijnlijk de stereotypen van man en vrouw die ook tussen de lakens een rol spelen: stoer, sterk en autonoom of juist lief, sexy en zorgzaam. Ook andere, subtiele invloeden spelen een rol, zoals mores en normen, educatieve voorlichting, maar ook voorzieningen in de gezondheidszorg en politieke verhoudingen.

Dat stelde sociaal psycholoog prof. dr. Ine Vanwesenbeeck in haar lezing voor de reeks Over de bloemetjes en de bijtjes van Studium Generale Utrecht. Hoewel we bij seks vaak alleen aan de geslachtsdaad denken, benadrukt Vanwesenbeeck dat er veel meer mee samenhangt, zoals kennis, attitudes en tradities. Deze aspecten zijn alles behalve privé. Met name jongeren zijn geneigd zich door deze heersende normen over seksualiteit te laten beïnvloeden. Welke gevolgen heeft dit voor seksuele identiteitsontwikkeling? En hoe worden we allemaal beïnvloed door een spreekwoordelijk publiek in de slaapkamer? Vanwesenbeeck betoogt dat de dominante traditionele moraal alles behalve gezond is, en dat we momenteel in een ‘half veranderde’ wereld leven waarin nieuwe mores opkomen, maar nog niet dominant zijn.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Sue Clark (cc)

Transport in zenuwcellen: over John op blauw-roze badslippers

ACHTERGROND - Wetenschapscommunicatie kan heel leuk zijn, laat de co-promotor van Eva Teuling zien.

In 2003 begon ik aan een promotieonderzoek bij het ErasmusMC in Rotterdam. Mijn onderzoek richtte zich op een ziekte van de zenuwcellen: Amyotrofe Laterale Sclerose (ALS). Bij deze ziekte gaan de zenuwcellen die de spieren in het lichaam aansturen, de motor-neuronen, dood, waardoor spieren verlamd raken. De patiënt overlijdt uiteindelijk door verlamming van de ademhalingsspieren. Hoe ALS precies ontstaat is nog steeds grotendeels onbekend, en er is ook nog geen medicijn beschikbaar. Mijn promotie-onderzoek richtte zich op het transport van stoffen in de zenuwcellen. Een motor-neuron kan namelijk enorm lang worden: het centrum van de zenuwcel bevindt zich in het ruggemerg, terwijl de uitlopers, de axonen, tot in de uiterste puntjes van de tenen en de vingers komen om de spieren aan te kunnen sturen. De hypothese was dat een verstoring van dit transport zou kunnen leiden tot de dood van zenuwcellen, en dit zou kunnen bijdragen aan het ontstaan van de ziekte ALS.

Vier jaar promotieonderzoek lijkt lang, maar uiteindelijk is het maar net genoeg om een heel klein puzzelstukje op te lossen. Maar nu, tien jaar later, is mijn co-promotor Casper Hoogenraad hoogleraar Celbiologie aan de Universiteit van Utrecht, en nog steeds gefascineerd door transport in zenuwcellen. In Utrecht heeft hij nu een grote onderzoeksgroep waarin meerdere postdocs en promovendi verschillende aspecten van dit proces bestuderen. Het onderzoek focust zich op de moleculaire biologie van dit transport: hoe werkt het transport precies, welke eiwitten zijn erbij betrokken, en wat gebeurt er met de cel als het transport niet meer goed werkt? Dit onderzoek kan uiteindelijk leiden tot inzichten in het ontstaan en het behandelen van ziektes.

Foto: Photos et Voyages (cc)

Voor de leider geldt: elke centimeter telt!

ANALYSE - Een recente studie van Melvyn Hamstra laat zien dat de lengte van een leider positief correleert met hoe charismatisch hij – het geldt niet voor een zij – gevonden wordt. Dit suggereert dat lange politici succesvoller zijn. Young and French vinden inderdaad dat de vier beste presidenten van de VS (bepaald via een survey) maar liefst tien centimeter langer zijn dan de vijf slechtste presidenten. Wikipedia wijdt een pagina aan een vergelijking tussen presidentskandidaten en hun lengtes. Sinds 1900 heeft in 19 gevallen de langste kandidaat gewonnen, in twee gevallen waren ze even lang en in slechts acht gevallen won de kleinste kandidaat. Een studie in Polen laat zien dat kiezers verliezers van verkiezingen groter inschatten voor de verkiezing en winnaars van verkiezingen groter inschatten na de verkiezing.

Lengte doet er dus toe. Geen wonder dus dat op deze foto Sarkozy met z’n 1 meter 65 de hulp van een hak en een hups inroept om bij Obama (1.85m) in de buurt te komen.

Maar hoe doen de Nederlandse politici het? Hoe lang zijn ze? Met dank aan ome Google en vooral veel navraagwerk kom je een eind. Maar in sommige gevallen blijft het gissen; de ‘miezerige’ Pechtold is naar schatting 1.84m. Ik dacht dat hij veel kleiner was (dankzij Wilders?). Het figuur hieronder laat op de y-as de schattingen van de lengtes van de politici zien (laat een bericht achter als de schatting verkeerd is). Wilders is dus het langste (1.95m). Sowieso zijn de heren politici (1.84m) langer dan de gemiddelde Nederlander (1.81m). Ik heb geen recente meting van charisma gevonden, in plaats daarvan gebruik ik het rapportcijfer dat mensen aan politici hebben gegeven in een onderzoek van TNS-Nipo. Ik heb ook naar andere datasets en factoren gekeken (leiderschap, bekwaamheid en sympathie uit de UvA/VK dataset van Philip van Praag over de verkiezingen van 2012, sympathie uit de LISS data). Het beeld is min of meer hetzelfde als in figuur 1.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Fabio Bruna (cc)

Kinderarbeid bestaat in Nederland, maar daar word je hard van

ACHTERGROND - Tegenwoordig wordt het kind opgevoed als jonge autonome consument die zijn eigen broek ophoudt. Dat hij daarvoor hard moet werken onder slechte omstandigheden nemen we met z’n allen zonder morren voor lief. Dat het kind zich sociaal verplicht voelt om luxe gadgets aan te schaffen, ook.

Fokke en Sukke besloten kortgeleden op de achterpagina van de NRC de Veiligheidsraad bijeen te roepen: ‘De Albert Heijn heeft kindvakkenvullers ingezet … in de supermarktoorlog’!  Het zou zomaar een oproep kunnen zijn die gebaseerd is op ons boek over werkende kinderen in Nederland. Voor dit boek deden we onderzoek onder ongeveer 2600 leerlingen tussen de twaalf en vijftien jaar oud op vwo-, havo- en vmbo-scholen, met een ruime spreiding over het land. Wat wij ons niet realiseerden bij de opzet van het onderzoek en bij het verzamelen van het materiaal, bleek bij de analyse. Ongeveer 300.000 pubers van de circa 750.000 in die cohorte werkt voor geld. Het meest opmerkelijke van de gegevens is dat ongeveer een derde daarvan de wetgeving op kinderwerktijden en arbeidsvoorwaarden overtreedt. Formeel kan men dan ook concluderen dat Nederland om en nabij de 100.000 kindarbeiders heeft.

Joop van de Ende werkte ook als kind en kijk eens hoe ver die het heeft geschopt

Vorige Volgende