Post-atheïst | ISIS’ reality show
ACHTERGROND - U hebt de beelden ongetwijfeld gezien: aanhangers van de zogenaamde Islamitische Staat vernietigden oudheden in het museum van Mosul. Ik ga er niet naar linken, om redenen die u zo zult horen. Dat hoeft ook niet: u bent mediavaardig genoeg om te weten dat de vraag niet is wát het nieuws is maar waaróm het nieuws is. Waarom kreeg u deze beelden te zien?
Het is namelijk, om te beginnen, bepaald geen nieuws dat religieuze fanatici de musea in het Midden-Oosten plunderen of kapot maken. Een maand geleden werd het museum van El Arish in Egypte onder handen genomen. Dat kreeg u niet te zien. De musea van Deir ez-Zor, Palmyra, Malawi en Bani Walid zijn eveneens geplunderd en ook dat was geen echt nieuws.
Wat u dit keer te zien kreeg, was bovendien maar een heel klein deel van het verhaal. Die musea worden namelijk geplunderd met een concreet doel: de voorwerpen verkopen aan rijke westerlingen. De kleitabletten uit het museum van Mosul, ooit opgegraven in de Assyrische hoofdstad Nineve, lijken al eerder te zijn verkocht (al is een deel van de collectie in veiligheid gebracht in Bagdad). Wat u vorige week zag was slechts de vernietiging van het onverkoopbare materiaal: standbeelden die te groot waren om te vervoeren en te bekend om te verkopen, samen met gipsafgietsels van voorwerpen in westerse musea. De echte schade was al eerder toegebracht. Dit was slechts het laatste bedrijf, vergelijkbeer met een soldaat die nog even een handgranaat werpt in een al geplunderd huis.

