Kunst op Zondag | Mijn wetenschapsgedicht

Serie:

Mijn moeder somt als ze in de file staat, of de slaap
niet vatten kan, de cijfers van Pi op, die achter de komma.
Dan kijkt ze tot hoever ze dit keer komen zal.
Pi heeft geen eind, dus dan gaat ze: 3,14159 2653…

Van mijn broer krijg ik een mail waarin hij wenst
dat iedereen in goede gezondheid verkeerd.
Ik heb hem nog niet discreet kunnen zeggen
dat dat verkeert is, als hij begrijpt wat ik bedoel.

Bij handvaardigheid op school wilde mijn zus
van houten balkjes de oneindige, onmogelijke
Driehoek van Escher namaken. Het boek met de
tekening had zij voor zich op de werkbank gezet.

En mijn vriend Erik, stak zijn hand op in de klas
toen de basen en de zuren werden behandeld.
‘De zuurgraad wordt gemeten op de zuurgraadmeter,
okay, maar waarop meet men dan de basen?’

Maar mijn liefje die weet echt niets van wetenschap.
Gister zei ze nog: ‘Michiel, jij kunt naar de maan lopen.’


Op 27 oktober verleden jaar, stond er een oproep op Sargasso: Schrijf een gedicht dat de wetenschap als thema heeft. De Vereniging voor Wetenschapsjournalistiek en -communicatie bestaat 35 jaar, en ter gelegenheid van dat feit werd er een gedichtenwedstrijd uitgeschreven.
Het aantal inzendingen was hoog: 700 gedichten werden beoordeeld door de jury. Mijn gedicht kreeg niet de eerste of de tweede prijs, maar belandde wel in de dichtbundel met nog honderd anderen. Ik sta op bladzijde 101 van de (leuke en gevarieerde) bundel ‘En dat was kennis, zeg je dan.’  Joepie!

 

Reacties zijn uitgeschakeld