Stemmen voor verandering

OPINIE - Stemmen voor echte verandering in Den Haag: hoe dan?

Woede naar het establishment

Er heerst woede onder veel kiezers. Er is steeds minder baanzekerheid, verhuizen is voor veel mensen onbetaalbaar en de woningmarkt zit op slot. Op de handen aan het bed in de zorg wordt flink bezuinigd, terwijl bestuurders in de zorg steeds meer verdienen.

Er is ook angst voor de veranderingen op het wereldtoneel. Angst voor de harde woorden uit Washington, Moskou en Ankara. Angst voor de oorlogen om Europa heen, die alleen maar lijken te zijn begonnen voor geld en macht, en voor de vele vluchtelingen die deze opleveren.

Er is terechte woede naar de Europese Unie, die maar niet weet te reageren op de bedreigingen van vandaag de dag. De Europese Unie, die als een autist het vernietigende bezuingingsbeleid blijft opleggen aan de lidstaten, ook al wordt de economische misère daar alleen maar groter van.

Mensen voelen zich verraden door politici in Den Haag en Brussel, die hun oren liever laten hangen naar financiële instellingen dan naar werknemers, en mensen in een afhankelijke positie. Verraden door politici die meer aan de inhoud van hun eigen zakken en die van hun vriendjes in het bedrijfsleven denken dan aan het belang van burgers.

Het is tijd voor verandering, toch? Zeker. Maar hoe? En met wie? We gaan de partijen af.

Een kabinet met de PVV?

Wilders profiteert van de bovengeschetste woede. Veel mensen zien in de PVV de partij die radicaal breekt met de zittende politiek.

Er zijn dan ook maar weinig partijen die met Wilders willen regeren. Als Wilders wil regeren, dan kan dat waarschijnlijk alleen maar in een kabinet met de VVD, en eventueel de SGP en de Ouderenpartij. Ik denk zelf echter dat Geert Wilders geen regering gaat willen vormen. Wat Wilders in ieder geval wil is zo groot mogelijk worden, want groot zijn betekent geld en invloed. Maar laten we eens kijken wat er zal gebeuren als de PVV bovengenoemd kabinet zou vormen:

Er vanuit zo’n kabinet strenge taal komen naar asielzoekers, naar allochtonen, en naar Brussel. Tot wezenlijk ander beleid zal het echter niet komen. Want de strengheid die Wilders en ook Rutte voorstaan, is in realiteit ofwel al lang staand beleid, ofwel in praktijk niet mogelijk zonder internationale verdragen af te zeggen. En zover zullen de partners van de PVV het niet laten komen.

Dit rechtse kabinet zal op economisch vlak en op het dossier Europa verder de VVD-lijn gaan volgen: bezuinigen, en zoveel mogelijk dwarsliggen in Brussel, zodat er uiteindelijk zo min mogelijk verandert. Dit is met name goed voor de bestuurlijke en financiële elite die deze wereld bestuurt, de natuurlijke belangengroep achter de VVD. Het rechtse geluid is daarmee een bliksemafleider voor het huidige beleid, om de collectieve sector uit te kleden ten gunste van de internationale handel.

In het geval van een rechts kabinet gaat er naar ik vrees dus niet veel veranderen in dit land. Wat Trump in de VS doet is het voorland van wat in Nederland zal gebeuren onder Wilders: de sociale zekerheid wordt versneld afgebroken ten gunste van het wild om zich heen graaiende grootkapitaal, terwijl de aandacht afgeleid wordt door relletjes met de media en over de ruggen van vluchtelingen.

Verder met de VVD

Maar wat wil de VVD? Rutte wil doorregeren, en heeft daarvoor zoveel mogelijk partijen nodig die net links of net rechts van hem zitten. Dat rechtse kabinet zoals boven geschetst zal Rutte waarschijnlijk minder goed bevallen, omdat hij niet zoveel zin zal hebben in het oplossen van alle relletjes die dat met zich mee zal brengen. Liever gaat Rutte verder op de manier waarop hij nu bezig is.

In dat geval dumpt hij de PVV na de verkiezingen, en probeert hij met partners die zo dicht mogelijk bij hem liggen een meerderheid te vormen. Denk dan in ieder geval aan het CDA en D66. Die combineert hij desnoods met de grootste winnaar op links, welke hij zo van de andere linkse partijen zal willen isoleren. Rutte III zal op die manier niet veel verschillen van Rutte II.

Het verraad van de PvdA

Interessant is de rol van de PvdA. Vorige keer won Samsom de linkse kiezer te elfder ure voor zich, toen hij één maand voor de verkiezingen alle winst voor de neus van Roemer weg wist weg te kapen.

De PvdA bleek voor de linkse kiezer echter een slechte kaart om op te wedden. Samsom zelf was na de verkiezingen van de aardkloot verdwenen, en zijn PvdA heette niet meer dan een minimale correctie op het neoliberalisme van Rutte. In praktijk was het zelfs nog erger: de PvdA vormde geen correctie maar een katalysator van het afbraakbeleid van de VVD. Bewindslieden als Dijsselbloem, Asscher en Klijnsma betekenden voor de linkse kiezer een nog grotere ramp dan de VVD zelf. Dijsselbloem draaide de Grieken de nek om. Asscher en Klijnsma veranderden de sociale zekerheid verder in een vernietigende bureaucratische moloch van dwang en strafboetes, en verhoogden de drempel tot de uitkeringen.

Verwonderlijk? Nee. Dit had de kiezer kunnen verwachten. Dit is namelijk sinds de jaren 90 altijd al de lijn geweest van de PvdA: steeds verder bezuinigingen op zorg en sociale zekerheid, en slechts een correctie te willen zijn op een steeds voortdenderende neoliberale agenda van steeds verdere privatisering. Tijdens iedere regering met de PvdA is de bijstand strenger geworden, is het ontslagrecht verder uitgehold, is er meer geprivatiseerd, en meer bezuinigd op de zorg. Als de kiezer gedesillusioneerd is, en praat over ‘het verraad van links’, dan is dat de schuld van de PvdA.

Links wordt buiten de macht gehouden

Niet alleen op inhoudelijk vlak, ook op strategisch vlak is de PvdA buitengewoon schadelijk geweest voor linkse partijen. De PvdA heeft namelijk bewust altijd de andere linkse partijen van de macht weggehouden. Wouter Bos heeft in 2006 geen serieuze moeite gedaan een regering te vormen met de SP en andere partners: hij ging in een kabinet met het CDA en de ChristenUnie. Samsom heeft in 2012 een alternatief voor regeren met Rutte zelfs niet eens onderzocht, terwijl dat getalsmatig zeker mogelijk was, en een dergelijke coalitie wél had kunnen steunen op een meerderheid in de eerste kamer: het bleek het onderzoeken niet waard.

Het resultaat is dat GroenLinks en de SP de enige gevestigde partijen zijn die nooit hebben geregeerd. Alle andere gevestigde partijen hebben ooit op het pluche gezeten. Zelfs Wilders mocht een keer meedoen. Maar GroenLinks en de SP zijn altijd buiten de macht gehouden.

Een andere koers met de SP

Maar dat kan dit keer zomaar anders worden. De kans daarop is het grootst als de PvdA een nog hardere klap gaat krijgen dan nu wordt verwacht. Wanneer de PvdA zodoende geen rol van betekenis meer speelt, geeft dit kansen aan anderen. Dit kon wel eens de beslissende beweging worden tijdens deze verkiezingen: dat de twee grote outsiders in de politiek, de SP en GroenLinks, eindelijk de kans krijgen mee te regeren.

Wat willen de SP en GroenLinks? We kijken eerst naar Roemer. Zijn kansen op regeringsdeelname lijken nog klein. Maar hij heeft de troefkaart in handen dat hij zegt nooit zullen regeren met Rutte. Dit is voor hem een gerieflijke uitsluiting. Hij weet immers dat Rutte de SP zelf als laatste als partner zal uitkiezen om mee te regeren. Maar juist dat maakt dat een stem op Roemer de ultieme anti-Rutte stem, en dat kan voor veel kiezers uiteindelijk een aantrekkelijke optie blijken te zijn.

Klavers keuze

Maar om de SP te laten regeren in een kabinet zonder Rutte, is er voldoende ‘massa’ nodig om een centrum-linkse meerderheid te kunnen vormen. Het ziet er op dit moment naar uit dat een kabinet-met-Roemer alleen zou kunnen lukken met partners als GroenLinks, de PvdA (nog steeds), D66 en het CDA.

De vraag is of deze partijen na de verkiezingen liever zullen gaan regeren met Roemer (waarschijnlijk op de zijbank), of met Rutte (waarschijnlijk als premier). Jesse Klaver is de enige van de lijsttrekkers van die partijen die een coalitievoorkeur uitgesproken heeft. Hij wil na de verkiezingen met D66, de SP, en eventueel de restanten van de PvdA, een links blok vormen om daarmee te gaan onderhandelen met CDA en CU.

Dat gaat een harde kluif worden, want CDA en D66 zullen waarschijnlijk eerder kiezen voor Rutte dan voor de SP. Maar met voldoende stemmen zullen GroenLinks en de SP als blok het CDA en D66 kunnen dwingen een andere keuze te maken.

De sprong naar die positie is niet al te groot. Wanneer GroenLinks en de SP vanaf de huidige dertig zetels in de peilingen nog met tien zetels weten te groeien, vormen zij samen een blok waar voor een-meerderheid-zonder-Wilders niet omheen te werken is. Deze groei kan dan ten koste gaan van PvdA, en waar GroenLinks nog kan profiteren van de Partij voor de Dieren en Denk, profiteert de SP ten koste van 50+ en Wilders.

Een centrum-links kabinet

Wat voor beleid zal zo’n centrum links kabinet gaan voeren? Wat er uit zo’n mix van partijen gaat komen is altijd moeilijk te zeggen, maar laten we kijken naar waar de ambities van die partijen liggen.

GroenLinks en de SP zullen eisen dat het eigen risico in de zorg naar nul gaat, en de zorgpremie wordt gefiscaliseerd. Er komt geen nationaal zorgfonds, maar de marktwerking in de zorg wordt teruggedraaid en de macht van verzekeraars en bestuurders in de zorg wordt zwaar ingeperkt. Er komt een veel meer ontspannen beleid voor de bijstand, waarbij bezuinigd wordt op controleambtenaren, in plaats van op uitkeringsgerechtigden.

Daarbij zullen Klaver en Pechtold elkaar vinden als het gaat om belastinghervorming. Er komen hogere belastingen voor internationale ondernemingen, op vervuiling en voor grotere vermogens, en minder belasting op arbeid. Kolencentrales gaan sluiten, en de gaswinning gaat omlaag. Autorijden wordt duurder per kilometer, maar goedkoper in het bezit. Openbaar vervoer wordt gestimuleerd, en daardoor komen er minder files.

D66 zal daarbij haar winst willen pakken op de dossiers buitenland en Europa, maar daarin haar gemene deler moeten vinden met de SP. Het resultaat? In de EU zal eindelijk een heel ander geluid uit Nederland te horen zijn. In plaats van neoliberale hardliners die Nederland altijd naar Brussel stuurde, zal er een stem komen voor verregaande democratisering van de Europese Unie, en voor schuldensanering. Buitenlandse relaties worden met het oog op de mensenrechten opnieuw onder de loep genomen, en Nederland zal pleitbezorger worden voor het versneld van de olie en het gas afgaan van de EU, om meer onafhankelijk te worden van Rusland en het Midden Oosten.

Het CDA zal haar winst pakken in de vorm van douceurtjes voor gezinnen en de landbouw, en hervormingen van het softdrugsbeleid en het bijzonder onderwijs blokkeren. Feitelijk is zij de conservatieve rem op dit kabinet. Met de SP zal het CDA zich echter hard maken voor een beter armoedebeleid, met name voor ouderen. En alle partijen zullen de nadruk willen leggen op een inclusieve samenleving, als antwoord op het kabaal van Wilders. Dit kabinet zal dus waarschijnlijk ook duidelijk optreden tegen discriminatie.

Misschien ben ik wat rooskleurig nu, maar u begrijpt, na het hardvochtige beleid van steeds maar verder privatiseren en bezuinigen van het afgelopen kabinet, en eigenlijk alle kabinetten daarvoor sinds Paars, snak ik naar dit centrum-linkse en vooral progressieve kabinet. Het is tijd voor een nieuwe koers.

Strategisch stemmen voor verandering

De strategische kiezer die wil stemmen voor verandering, stemt dus niet op de PVV. Bent u economisch rechts, maar vindt u dat échte ondernemers en hardwerkende burgers beloond mogen worden in plaats van het luie grootkapitaal? Dan stemt u D66. De kans dat u daarmee een VVD regering steunt is dan weliswaar erg groot, maar dat wordt dan in ieder geval een regering zonder de PVV, en waarschijnlijk een stuk eerlijker dan de huidige regering. Want hoe economisch rechts D66 ook mag zijn, als het gaat om mensenrechten, justitie en eerlijke handel valt er op deze partij weinig aan te merken.

Voor de linkse kiezer is er meer keuze. Een stem op één van de vele kleintjes op links, op de Partij voor de Dieren, Artikel 1 of Denk, gaat echter helaas niets veranderen aan hoe dit land geregeerd wordt. En een stem op de PvdA was en is naar ik vrees een stem op het neoliberale beleid van de VVD. Deze verkiezingen zet ik daarom graag in op SP of GroenLinks. Want het is tijd voor een nieuwe koers.

 

  1. 1

    In de tijd dat er ieder jaar meer energie, arbeid en grondstoffen te besteden waren maakte het wel degelijk uit welke politici gekozen werden om te bepalen waaraan dat energie-surplus werd besteed en in welke sectoren banen gecreëerd werden. In die tijd was politiek nog leuk, want je kon echt je idealen in de praktijk brengen.

    In de 21e eeuw is er ieder jaar minder energie beschikbaar. Er is voor de politici niets meer om uit te delen. Ze moeten nu kiezen welke voorzieningen worden geschrapt en welke banen er verdwijnen.
    Ik zou het niet kunnen: hardop roepen dat er nog groei is en dat het volgend jaar nog beter zal gaan, terwijl je diep van binnen weet, dat het groei-tijdperk voorbij is.

    In het komende decennium gaan er grote veranderingen plaatsvinden, ongeacht op welke partij je stemt. #WTSHTF

  2. 2

    Angst voor de oorlogen om Europa heen, die alleen maar lijken te zijn begonnen voor geld en macht, en voor de vele vluchtelingen die deze opleveren

    Veel van deze oorlogen zijn ook begonnen als bejubelde ‘Twitter-revoluties’. Kort geheugen is kort.

  3. 3

    Een combinatie met het CDA lijkt me buitengewoon lastig. En niet alleen vanwege allerlei ethische kwesties. Mona Keizer maakte woensdag het gat tussen haar partij met de PVV wel erg klein. Ze kroop bij Fleur Agema op schoot en bleef het puur symbolische voorstel om het verheerlijken van terrorisme strafbaar te maken (dat door de Raad van State is afgebrand) met alle macht verdedigen.