Kunst op Zondag | Alter ego

Het zelfportret als kritische beschouwing van identiteit, het zegt natuurlijk veel over de kunstenaar én over ‘de ander’. Vandaag vier kunstenaars/fotografen wiens zelfportretten geen letterlijke weergave van zichzelf zijn, maar waar ze iets of iemand anders zijn geworden. Een ‘andere ik’ waardoor een ander aan het denken kan worden gezet over identiteit, kracht of kwetsbaarheid, rol- en gedragspatronen en onderlinge menselijke verhoudingen. In Londen viert de National Portrait Gallery de 65e verjaardag van Cindy Sherman met een retrospectief van haar vroege jaren-70 werk tot haar huidige werk. Vrijwel vanaf het begin van haar carrière acteerde ze zelf op haar foto’s. Al haar werken die  ‘Untitled’ heten laten alleen daardoor al ruimte voor interpretatie, bijna allemaal suggereren ze in ieder geval een of ander drama. Dat geldt zeker voor de serie fictieve filmscènes. Iemand die geen keukenprinses wil zijn? Untitled Film Still #10, 1978.

Door: Foto: Joan (cc)
Foto: Mark B. Schlemmer (cc)

Kunst op Zondag | De mens achter de drol

Een mens is meer dan de som der delen. Dat wordt wel eens vergeten door mensen die anderen denken te kennen, louter op beoordeling van huid of haar.

Willen we een kunstenaar leren kennen dan is aanschouwing van een zelfportret niet voldoende. Het traditionele zelfportret is niet meer dan een pasfoto, een selfie. Maar kunstenaars laten soms op geheel ander wijze (delen van) zichzelf zien. Afgietsels van lichaamsdelen, zelfs lichaamsvocht, mogen we zeker zien als ego-documenten, maar kennen we dan de kunstenaar?

Neem nu ‘Merde d’artista’ (‘poep van de kunstenaar’, hierboven afgebeeld) van Piero Manzoni, momenteel te zien in het Stedelijk Museum Schiedam.

Volgens de principes van de ‘Arte povera’ heeft Manzoni het zelfportret ontdaan van alle overbodige poeha en teruggebracht tot wat volgens hem essentiële weergaven van zijn persoon konden zijn: vingerafdrukken (“the fingerprint is the only sign of the personality that can be accepted”), zijn adem (“breathing my soul into an object that becomes eternal…”), zijn faeces (“if collectors want something intimate, really personal to the artist, there’s the artist’s own shit, that is really his”).

Wie meer van de kunstenaar tot zich wilde nemen kon (in 1960) gekookte eieren eten waarop zijn duimafdruk was aangebracht. Maar kent men dan de mens achter de drol?

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: Joan (cc)

Kunst op Zondag | Zelfafbeelding

Hoe kun je een massa kunstenaars van alle tijden en stromingen in één tentoonstelling bij elkaar zetten? Da’s makkelijk want één thema hebben ze bijna allemaal gelijk: zichzelf. En omdat er dus een schat aan zelfportretten is, pimpen musea, curatoren en recensenten de zelfafbeelding op door het van deze tijd te maken. Jawel, dankzij de ‘selfie’ zou het zelfportret razend populair zijn. Hoe je een trend met smoel maakt.

Ook de kunstenaars die in de vorige twee afleveringen (hier en hier) aan bod kwamen deden (en doen) aan zelfafbeelding.

Diego Rodríguez de Silva y Velázquez (1599 – 1660) – Zelfportret, 1645.
cc commons.wikimedia.org Self-portrait by Diego Velázquez

Het traditionele zelfportret, de ‘oerselfie’, kunnen we zowel bij Velázquez als bij Charlotte Salomon (1917 – 1943) zien als veredelde pasfoto.
Charlotte Salomon, Zelfportret, 1940. Collection Jewish Historical Museum, Amsterdam, © Charlotte Salomon Foundation, Charlotte Salomon®

Francis Bacon trekt zijn eigenaardige stijl door in zijn zelfafbeelding.

Francis Bacon (1909 – 1992) – Drie studies voor een zelfportret, 1967.
cc Flickr cea+ [ B ] Francis Bacon - Three Studies for a Self-Portrait (1967)

Keith Haring overdrijft het stileren dermate dat zijn zelfportret wel iedereen zou kunnen zijn. Maar stijl en kunstenaar zijn natuurlijk een en hetzelfde.

Keith Haring (1958 – 1990) – Zelfportret, 1989.
cc Flickr Ron Cogswell photostream Keith Haring's 'Self-Portrait' -- Astor Place Greenwich Village (NY) April 2016

Caspar Berger (1965 – heden) vraagt zich af of niet elk kunstwerk per definitie een zelfportret van de maker is. We vroegen hem of dan elk kunstwerk als een gehele of gedeeltelijke replica van de kunstenaar zelf gezien moet worden. Ja, antwoordde Caspar Berger, het kunstwerk is een uiting van de “the back story” van de kunstenaar.