Bestuurswetenschap in wereld zonder waarheid

Bevlogen wetenschappers zijn meer dan ooit nodig om het Schip van Staat op koers te houden, zegt Willem Trommel bij zijn afscheid als hoogleraar Bestuurskunde aan de VU. Hij roept op tot activisme (dit artikel is een door Jan van Dam ingekorte versie van de rede waarmee VU-hoogleraar Beleid en Bestuur Willem Trommel op 2 april 2026 afscheid nam). Vandaag pak ik mijn biezen, maar niet omdat ik denk dat de rol van mijn vak is uitgespeeld, integendeel. Juist nu de democratische besluitvorming wordt geteisterd door stelselmatige misleiding en desinformatie, moet de bestuurswetenschappelijke missie nieuwe glans krijgen. Kan dat? Hoe dan? Dat zijn de vragen die ik in mijn afscheidsrede ga bespreken.[1] Zwaar weer Voordat ik hierop inga, lijkt het me nuttig een korte aanloop te nemen. Hoe is het eigenlijk gesteld met de actuele wereld van politiek, beleid en bestuur? Niet best, hoor ik u meedenken, de lijst hoofdpijndossiers wil maar niet krimpen. Wooncrisis, klimaatverandering, stikstof, energietransitie, zorgkosten, immigratie en zo nog meer. Maar wat als de gemeenschap verkruimelt, uit elkaar valt, geen gemeenschapszin meer ervaart? Het Schip van Staat, een begrip ontleend aan Plato, verkeert in zwaar weer. In een liberale democratie is het de gemeenschap die het politieke gezag voert. Maar wat als de gemeenschap verkruimelt, uit elkaar valt, geen gemeenschapszin meer ervaart? Dan moeten we sturen zonder een wij, een moeizame zo niet onmogelijke exercitie. Een tweede probleem is dat het Schip van Staat haar bestemming uit het oog is verloren. Hadden we ooit de grote vergezichten - socialisme, liberalisme en christendemocratie - momenteel is sprake van een ideologisch tekort. Waar we heen gaan, we weten het niet meer. De staat werd de afgelopen decennia een bedrijf, met doelmatigheid als hoogste goed. Dit neoliberalisme is moreel leeg, en vastgelopen. Wat resteert, zijn gemankeerde ideologieën. Solidariteit? Jawel, maar uitsluitend met het eigen volk. Liberale vrijheden? Jawel, maar vooral voor hen die zich kunnen verschansen in Fort Europa. Als de kapitein in een identiteitscrisis verkeert, en de bestemming in nevelen is gehuld, dan is het de vraag of het nog wel zin heeft om over een vaarplan, van oudsher het domein van de bestuurswetenschap, nog na te denken. Voorbij de waarheid Als de politiek verzaakt en geen richting geeft, ontstaan initiatieven om tastend en zoekend pragmatische antwoorden te vinden op maatschappelijke problemen. Zo gek is het dus niet om toch met vaarplannen bezig te zijn. Waar de politieke gemeenschap de weg kwijt is geraakt, kunnen kennis en inzicht immers richting geven. We worden echter steeds vaker geconfronteerd met leiders die misleiden Maar dan stuiten we tegenwoordig op het probleem dat feiten speelbal zijn geworden van leugen en bedrog. Experts kunnen nog zo hun best doen het klimaatprobleem te doorgronden, maar wat als het probleem simpelweg wordt ontkend? Dan wordt een vaarplan potsierlijk en verliest het Schip van Staat haar laatste baken. Als kinderen van de Verlichting hebben we geleerd ons oordeel over de wereld te ontlenen aan zorgvuldige waarneming en redelijk nadenken. We worden echter steeds vaker geconfronteerd met leiders die misleiden. Met influencers die sprookjes vertellen, en systemen die leugens fabriceren, verspreiden en verwerkelijken. Daardoor zijn er drie maatschappelijke dimensies ontstaan in het denken over waarheid. Allereerst is er de zwendelsamenleving, dan is er de sceptische samenleving en tenslotte is er de redeloze samenleving. Afzonderlijk en in onderlinge samenhang bedreigen deze vormen van post-truth de mogelijkheid van rationeel democratisch bestuur. Zwendelsamenleving Zwendel is van alle tijden, maar er is iets nieuws aan de hand. Er is een technologie beschikbaar gekomen die vrij eenvoudig de suggestie van waarheid en waarachtigheid kan genereren. Of het nu gaat om een nieuwsbericht, een kunstuiting, een wetenschappelijk onderzoek of een foto, de echtheid ervan is in de zwendelsamenleving niet meer zeker. Technologie maakt het mogelijk, (hyper)kapitalisme is de belangrijke aanjager. Met misleiding valt grof geld te verdienen. Het sjoemelen zit goed verstopt. Sensationele fake berichten lokken je naar sites waar influencers klaar staan om het geld uit je zakken te kloppen. Politieke macht is een andere prominente aanjager. Het loont om met leugens het opinieklimaat te beïnvloeden, te interveniëren in buitenlandse verkiezingen, of eenvoudigweg voor maatschappelijke verwarring en ophef te zorgen. Achterdocht begint de norm te worden in het sociale verkeer Zwendel heeft via algoritmische verspreiding en vermenigvuldiging een enorme vlucht genomen en is inmiddels gemeengoed geworden. Een eerste consequentie lijkt te zijn dat we ons vermogen verliezen het eens te worden over de aard van de sociale werkelijkheid. In termen van Habermas’ democratietheorie betekent dit dat de publieke sfeer verdampt, en daarmee de open en eerlijke uitwisseling van argumenten. Een tweede ingrijpend gevolg is de opbloei van wat we een low trust society plegen te noemen. Empathie en wederzijds vertrouwen maken plaats voor een argwanend mens- en wereldbeeld. Achterdocht begint de norm te worden in het sociale verkeer. Gestaag groeit zo een cultuur waarin onoprechtheid eerder regel dan uitzondering is. Als Donald Trump zijn zoveelste aperte leugen opdist, lijkt zijn aanhang niet geschokt of beschaamd, maar eerder verheugd over zoveel moed. De zwendel is de schaamte voorbij en wordt langzaamaan gewoon. Sceptische samenleving In de zwendelsamenleving delen bedriegers en bedrogenen min of meer dezelfde opvatting van waarheid, die in de wetenschapsfilosofie wel wordt aangeduid als de correspondentieleer. Een uitspraak is waar wanneer deze correspondeert met een waargenomen toestand in de werkelijkheid. We zien echter een groeiende scepsis over gevestigde waarheden. We geloven nog wel in waarheid, maar verstaan daar niet perse hetzelfde onder en wantrouwen de gangbare institutionele bronnen van ware kennis. Welbeschouwd gaat die achterdocht terug op een serieuze traditie in de sociale wetenschappen, die van de kritische theorie. Meer dan vijftig jaar geleden legden Herbert Marcuse, Max Horkheimer en Jürgen Habermas uit dat uitspraken over de sociale werkelijkheid niet zelden halve waarheden bevatten. Gehalveerde rationaliteit noemden zij dat. Het scepticisme bevindt zich nu vooral aan de rechterkant van het politieke spectrum De kritische school relateerde de productie van sociale feiten aan de kapitalistische inrichting van de samenleving en werd destijds een belangrijke inspiratiebron voor de linkse goegemeente. De verbeelding moest aan de macht komen. Immers, als de maatschappelijke werkelijkheid een product was van macht, dan zouden er ook andere werkelijkheden kunnen bestaan, andere waarheden. Het scepticisme bevindt zich nu vooral aan de rechterkant van het politieke spectrum. De nieuwe sceptici menen dat we heimelijk worden geregeerd door links-globalistische elites die langzaam maar zeker alle belangrijke instituties in hun greep hebben gekregen. Het staatsapparaat, de rechterlijke macht, het onderwijs, de media: overal zouden hun halve en halfzachte woke waarheden klinken, gevoegd bij een globaliseringsagenda die de opheffing van natiestaten najaagt. Ik wil het hier niet hebben over de ongeloofwaardigheid van het nieuwe scepticisme, maar over het feit dat er nog maar weinig kritisch onderzoek plaatsvindt naar de werking van macht. Dat heeft alles te maken met de wijze waarop de wetenschap de afgelopen decennia werd georganiseerd en gefinancierd. Kennis moest vooral nuttig en bruikbaar zijn. Redeloze samenleving De radicaalste variant van de post-truth wereld is de redeloze samenleving. Het is de variant waarin weinig of geen waarde aan waarheid wordt toegeschreven. Ook hier is er een link met klassieke filosofische denkrichtingen. In de negentiende eeuw werden in de geneeskunde ideeën ontwikkeld die zich verzetten tegen de wetenschappelijke, mechanistische benadering van leven. In het vitalisme wordt een onstoffelijke levensvonk verondersteld, een kracht die doet leven, een levensdrift, een ziel. Het vitalisme vinden we vandaag de dag, danig verminkt, terug in extreemrechtse kringen Dit denken verloor in de medische wetenschap geleidelijk terrein, maar in de filosofie, ethiek en sommige takken van de menswetenschap speelt het vitalisme tot op de dag van vandaag een rol. De filosofie van Friedrich Nietzsche heeft daartoe belangrijke aanzetten gegeven.[2] Nietzsche verkondigde de dood van God; de mens en zijn wetenschap hadden hem vermoord. En zo was er geen ijkpunt meer voor de moraal. In zekere zin heel goed, zo vond Nietzsche, want het christendom had vooral een weke slavenmoraal voortgebracht, waarin lijdzaamheid en zwakte als deugden gelden. Met de dood van God moest er een nieuwe moraal komen, door de mens zelf te bepalen. Vitalisme Wetenschap kon zo’n moraal niet bieden, want het zoeken naar kennis, vanuit de zogenaamde wil tot waarheid, is fundamenteel anders dan het zoeken naar het goede. Nietzsche redeneerde dat de nieuwe moraal gevonden moest worden in menselijke kracht, tegenover de slapheid van de christelijke moraal. In die de wil tot macht zouden klassieke deugden als moed en strijdlustigheid een herwaardering ondergaan. Waarheid is waardeloos, als het gaat om een vurig en vitaal leven. Het vitalisme vinden we vandaag de dag, danig verminkt, terug in extreemrechtse kringen, zoals alt-right in de Verenigde Staten en in Nederland bij de soevereinen en bij Forum voor Democratie. Gepaard aan die ontwikkeling, zien we dat we in de zwendelsamenleving niet meer zeker kunnen zijn of uitingen waar en waarachtig zijn. Dat in de sceptische samenleving gevestigde waarheden worden uitgedaagd en alternatieve waarheden het licht zien. En dat in de redeloze samenleving waarheid niet langer geldt als prominente waarde. Politieke en economische motieven bevorderen zwendel, aanzwellende onzekerheid over globalisering en de macht van elites voeden de scepsis, en een virulent vitalisme ondermijnt ten slotte de wil tot waarheid. Deze ontwikkelingen grijpen op elkaar in, mede omdat ze dezelfde aanjager delen, namelijk de informatietechnologie en in het bijzonder de artificiële intelligentie. Slimme, zelflerende algoritmes die frauduleuze representaties van de werkelijkheid vervaardigen, verspreiden en vervolgens verwerkelijken, in een razend tempo en op steeds grotere schaal. Waarheid blootleggen, waar eigenbelang en ideologische dwaalwegen de blik vertroebelen De vraag is of beleids- en bestuurswetenschappen hierop met wijsheid kunnen reageren. De Noord Amerikaanse politicoloog Aaron Wildavsky vatte de missie van het vakgebied samen als speaking truth to power. Ofwel: mensen in machtsposities voorhouden hoe de probleemwerkelijkheid in elkaar steekt. Oproep tot activisme Waarheid blootleggen, waar eigenbelang en ideologische dwaalwegen de blik vertroebelen. Willen beleids- en bestuurswetenschappen deze missie vervolgen – ze zouden dat beslist moeten willen - dan moeten ze activistisch worden, om te verdedigen wat dezer dagen zo hevig wordt aangevallen. Dat activisme zou op verschillende manieren vorm kunnen worden gegeven. In het licht van de zwendelsamenleving kan de bestuurswetenschap nog meer aan fact checking gaan doen. Nu gebeurt dat vooral door geëngageerde journalisten en burgerorganisaties zoals Bellingcat en Global Witness. Input vanuit onze tak van wetenschap kan helpen waarheidsvinding in de wereld van politiek, beleid en bestuur te bevorderen en te verankeren in hiertoe op te zetten instituten. Met daarbij de uitdagende onderzoeksvraag hoe aan deze instituten uitstraling, gezag en legitimiteit kan worden verleend. Daarnaast zou het klassieke bestuurskundig thema van reguleringsvraagstukken nieuw leven moeten worden ingeblazen, met name voor het internet. Hoe kan het bestaan dat ophef een verdienmodel is geworden, dat bedrijven jongeren betalen om klinkklare onzin te verkopen, dat we valse identiteiten toestaan leugens en haat rond te pompen, dat vitale informatiestromen niet afgeschermd zijn van kwaadaardige en criminele netwerken. Het internet heeft dringend herontwerp nodig, waarbij de publieke functie ervan recht wordt gedaan met vormgevingsprincipes die de perverse verdienmodellen verdringen. We hebben het hier over publieke infrastructuur en daar weten bestuurswetenschappers wel raad mee, dacht ik. Een stap verder op de activistische agenda brengt ons bij de sceptische samenleving. De aanpak hier is niet om aanhangers van alternatieve waarheden honend op hun ongelijk te wijzen maar om serieus kritisch onderzoek te doen naar de relatie tussen macht en kennisproductie. Dan komt vanzelf wel bovendrijven dat het niet de linkse elites zijn die een monopolie op de waarheid hebben gevestigd, maar dat het langzamerhand veeleer techbedrijven zijn die de wereld definiëren. Big Tech, met haar duizelingwekkende miljarden, haar omvangrijke lobbynetwerk, de wurgcontracten, het inzicht in al ons doen en laten en denken, haar vermogen de politieke agenda te dicteren. Strijd voeren tegen de redeloosheid, waar dat maar kan en nodig is Kritisch onderzoek doen, is één kant van het wetenschappelijk activisme. De andere kant bevindt zich nadrukkelijker aan de activistische kant. Strijd voeren tegen de redeloosheid, waar dat maar kan en nodig is. Overigens is het dan wel gewenst dat sociale wetenschappers ook zelf uitstralen waarde te hechten aan waarheidsvinding. Dat is in de afgelopen decennia nog wel eens anders geweest. Wijs besluit Strijd voeren dus, zoals ook de Verlichting in de zeventiende en achttiende eeuw begon als een activistische beweging die ijverde voor de emancipatie van rede en wetenschap, voor tolerantie en vrijheid van denken en spreken. Maar ik pleit niet voor een herhaling van zetten, maar om een verlichting van de Verlichting, om het in de cryptische taal van de kritische school te zeggen. De eerste Verlichting draaide vooral om de instrumentele rede, om doelrationaliteit in plaats van waarderationaliteit. Dat heeft de mensheid veel gebracht, maar de nieuwste loot aan deze stam, de informatietechnologie, lijkt ons terug te voeren naar de duisternis, naar een wereld die we weliswaar zelf hebben gemaakt, maar niet meer doorgronden, met zelflerende algoritmes die hun eigen goddelijke gang gaan, en met de terugkeer van mythisch denken, alternatieve waarheden, complotten en vitalistische redeloosheid.[3] De tweede Verlichting moet de instrumentele rede inbedden, aan de hand van wat Jurgen Habermas de communicatieve rede heeft genoemd, verwijzend naar het vermogen van mensen een gedeeld, waardegeladen begrip van de werkelijkheid op te bouwen. Wederopbouw van dit vermogen zou onze nieuwe politieke bestemming kunnen zijn, en de wereldwijde verbinding tussen mensen die zich hieraan wijden het nieuwe wij. Technologie, mits losgeweekt van Big Tech, zou daarbij kunnen helpen. Denk aan al die internetplatforms die gelijkgestemde mensen over de grenzen heen verbinden en zich toeleggen op doelen als gelijkheid, duurzaamheid, menswaardigheid. Nieuwe bootjes die zich razendsnel langs het dobberende Schip van Staat manoeuvreren, om alsnog een sociaal-politiek verschil te maken. Nieuwe entiteiten en identiteiten met een verlichtingsoogmerk. Lichtpuntjes. De communicatieve rede, zo leerde ik als student sociologie, berust noodzakelijkerwijs op idealisme. Immers, als we veronderstellen dat alleen het beste argument telt, dan kunnen we niet anders dan veronderstellen dat er een samenleving mogelijk is waarin misleiding, intimidatie, brute kracht structureel zijn uitgebannen, of in ieder geval in toom gehouden worden. Communiceren is anticiperen op een machtsvrije samenleving. Ik vond het destijds een eyeopener en in de dreigende context van vandaag, alsnog een hoopvolle constatering. En, zo u wilt, een wijs besluit van mijn loopbaan aan de VU. Noten: [1] Deze rede berust op inzichten die ik eerder naar voren bracht in de afscheidsbundel voor ex-collega Romke van der Veen (Verdeel en beheers, 2025) en in een paper gepresenteerd op de conferentie The Global Rise of Post-Truth, Sapienza University, Rome, 18-20 september 2025. Met dank aan Aad Sosef voor enkele rake observaties. [2] Sue Prideaux (2018) schreef een prachtige biografie over Nietzsche, met de veelzeggende titel Ik ben dynamiet. De biografie biedt naast een sfeervol levensverhaal een goede kennismaking met de ideeën van de man. [3] De Amerikaanse staatsman Henry Kissinger schreef hierover op 95-jarige leeftijd een prikkelend essay: How the Enlightenment ends. In The Atlantic, june 2018 issue. Dit artikel is eerder verschenen bij Sociale Vraagstukken

Bullshit banen zijn een voedingsbodem voor het populisme

The Economist interviewt David Graeber, de auteur van het boek “Bullshit Jobs: A Theory.

I think a lot of the—often quite legitimate—rancor directed at the “liberal elite” is based on resentment of those working-class people see as having effectively grabbed all the jobs where you’ll actually get paid well to do something that’s both fun and creative, but also, obviously benefits society.

For everybody else, unless you get very lucky, your choices are largely limited to two options. You can get a basically bullshit job, which will pay the rent but leave you wracked with the guilty feeling that you are being forced, against your will, to be a fraud and a parasite. Or, you can get a helpful, useful job taking care of people, making or moving or maintaining things that people want or need – but then, likely you will be paid so little you won’t be able to take care of your own family.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Jim Alden (cc)

Die arme managementgoeroes!

RECENSIE - Ooit verkondigde hij zelf het positief denken. De kracht van positief denken! Blijf optimistisch, blijf hopen, en het komt allemaal goed. Een light versie van het vertrouwde NLP, het ‘neurolinguïstisch programmeren’ waarbij werknemers geacht worden om anders te gaan denken om zichzelf te veranderen en hun kans op succes te vergroten. Maar het werkt allemaal niet.

Richard Engelfriet: ‘Als u met een auto zonder benzine langs de weg staat, kunt u positief denken wat u wilt, maar het schijnt beter te werken als u naar de bezinepomp gaat lopen.’

Dit korte citaat illustreert Engelfriets stijl én de kern van het betoog van zijn boekje ‘De Succesillusie’.

Succesformules: gebakken lucht

Engelfriet schrijft vrolijk (een erfenis uit zijn positieve periode, geeft hij toe) en helder, maar het komt er op neer dat al die zogenaamde formules voor succes die de talloze trainers, goeroes’s en consultants aan argeloze kantoorklerken en vertegenwoordigers opdringen, klinkklare onzin zijn.

Geloof ze niet. Niemand. Succes is géén keuze. Het is niet af te dwingen, Al die mooie theorieën kunnen de toets der wetenschappelijke kritiek niet doorstaan. En de voornaamste reden daarvoor is dat de toekomst nu eenmaal fundamenteel onvoorspelbaar is. En dat komt weer omdat die positieve werkers, met hun net verzonnen ‘missie-visie’, hun SMART geformuleerde doelen en hun ‘stip op de horizon’, nu eenmaal niet alleen op aarde zijn. Ze zijn afhankelijk van andere mensen die zich met hun succes bemoeien. Die verzinnen een beter product, willen iets anders, doen iets wat niet in de boekjes staat. En wég is het succes.

Foto: copyright ok. Gecheckt 09-02-2022

Radicalisering

COLUMN - Berichtje uit The Guardian met een nogal sprekende foto, waarop een vrouw staat afgebeeld die, zo blijkt uit het onderschrift, een boete krijgt omdat ze een boerkini draagt. Zo begint radicalisering dus: op het moment dat je publiekelijk wordt vernederd. Ik zeg niet dat die vrouw nu een bomgordel zal omdoen en zichzelf gaat opblazen, maar het is wel iemand die voorgoed kwaad is op de westerse samenleving en haar kinderen niet bepaald zal stimuleren daarin te assimileren.

Ik weet het: in de vorige alinea trapte ik een wagenwijd openstaande deur in. Iedereen weet dit, omdat iedereen het weleens heeft meegemaakt. Er zou een boek zijn te vullen met alledaagse ervaringen op kantoor of ervaringen met de overheid. Sterker nog, zulke boeken zijn er al. Het is gewoon lesstof voor personeelsmanagement. De loketmedewerkers van uw gemeente volgen cursussen om conflicten te beheersen en te verhinderen dat een klagende burger nóg kwader wordt. Of die cursussen zo goed zijn, zal ik in het midden laten, maar het mechanisme waarmee je mensen kwaad krijgt, is welbekend.

En dat is waarom ik de wagenwijd openstaande deur nog maar eens intrap: het zorgwekkende is namelijk dat onze bestuursklasse – of het nu managers zijn van het bedrijfsleven of onze volksvertegenwoordigers – de elementairste inzichten niet lijkt te kennen en, alsof het een vooropgezet plan is, een rancuneuze onderklasse schept.

‘Romeinse slavenhouders waren de eerste managementtheoretici’

Subtiele satire van Jerry Toner:

Above all, the story shows how comfortable the Romans were with leadership and command. They believed that there is a world of difference between having the organisational skills to run a unit and actually being able to lead it. By contrast modern managers are often uncomfortable with being promoted above their staff. I worked in a large corporation for a decade and I had numerous bosses who tried to be my friend. Raising yourself over others sits uneasily with democratic ideals of equality. Today’s managers have to pretend to be one of the team.

The Romans would have scoffed at such weakness. Did Julius Caesar take his legions off-site to get them to buy-in to his invasion of Gaul? Successful leaders had to stand out from the crowd and use their superior skills to inspire, cajole and sometimes force people to do what was necessary. Perhaps we would do well to learn from their blunt honesty.

Foto: Jason Kuffer (cc)

Voorkom klokkenluiden, organiseer tegenspraak!

Aandacht voor klokkenluiders is prima, meent Aart G. Broek, maar als organisatie kun je beter proactief tegenspraak en tegendraads denken organiseren. Dat voorkomt een hoop ellende achteraf.

In Utrecht opent een Huis voor Klokkenluiders. Daar kunnen mensen terecht die een misstand op werk in de openbaarheid willen brengen en hiertoe advies en steun behoeven.

Vele getraumatiseerde klokkenluiders en jarenlange Haagse lobby waren nodig om deze pleister op de wonde te kunnen plakken. Wanneer het klokkenluiden begint, is het kwaad echter al geschied. Zowel de organisatie als de klokkenluider lijdt.

Hoog tijd om het klokkenluiden te voorkómen. Dat kan door het geven en nemen van tegenspraak te agenderen, de noodzaak van dwarsliggers te onderkennen en ze de ruimte te geven. Geen eenvoudige aangelegenheid, maar wel te doen: een uitdaging dus.

Voorbeelden te over

Er is een lange lijst van bedrijven en (overheids)organisaties samen te stellen, die tijdig en met gegronde kritiek zijn gewaarschuwd voor de fiasco’s die zij doende waren te creëren.Te denken valt aan Enron, Imtech, Ahold, Worldcom, Parmalat, Lehman Brothers, SNS Reaal, Vestia, Dewey & LeBoeuf, Arthur Anderson en andere bedrijven die te gronde gingen of nog maar net van de ondergang gered konden worden.

Foto: Richard Rhee (cc)

Het manager-syndroom

OPINIE - (Onderwijs)bestuurders ontvangen, gezien hun positie in de organisatie, onvoldoende feedback en lijden daardoor aan stelselmatige zelfoverschatting, meent René Kneyber.

Enige tijd geleden was ik uitgenodigd voor een lunch over onderwijs bij een politieke partij. Tegenover me zat een bestuurder, in pak – want dat zijn ze meestal – en voerde het hoogste woord – ook meestal zo. Dat klinkt wellicht wat generaliserend, maar ik schat zo in dat assertiviteit een belangrijke voorwaarde is om bestuurder te worden en te kunnen zijn. Het pak komt daar, zo neem ik ook aan, vanzelf bij.

Hij vertelde tegen een overdreven nadruk op cijfers te zijn, ‘voor mijn middelbare scholen is het advies van de basisschool het meest zwaarwegend’. En zo had hij nog meer verhalen over hoe fantastisch hij en zijn scholen het deden, vooral die school ‘met kansarme kinderen waar leraren kei- en keihard moeten werken.’ Naast hem zat een schoolleider geduldig te wachten tot hij kon interrumperen – en eerlijk is eerlijk het duurde wel enige tijd voordat de bestuurder met zweet op zijn voorhoofd na zijn oratie een slok water nam.

‘Ik wilde even terugkomen op je eerdere punt, over die adviezen.’ Begon hij, ‘Ik heb een van jouw scholen vorig jaar bijna voor de rechter gesleept omdat ze weigerden ons advies serieus mee te nemen. Het was Cito-score, hup, niet welkom op de havo.’

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Michael Day (cc)

Incompetentie en lafheid

COLUMN - Volgens de Volkskrant van zaterdagochtend hebben de managers van de NS bij de aanschaf van de treinstellen van de Fyra allerlei waarschuwingen in de wind hebben geslagen.

(Voormalig)NS-medewerkers schetsen een beeld van een staatsbedrijf waar managers met geringe inhoudelijke spoorkennis zich niet laten corrigeren door hun eigen vakmensen.

Tja. Hierover zullen weinig mensen verbaasd zijn, zowel binnen als buiten de NS. De afgelopen jaren zagen we de opkomst van een klasse van managers die meer wisten van besturen dan van wat de organisatie nu eigenlijk deed. Daarover wordt steen en been geklaagd. Het Volkskrantartikel is slechts één voorbeeld.

Helemaal eerlijk is de kritiek niet. Organisaties worden steeds complexer en het besturen ervan veronderstelt speciale vaardigheden, wat met zich meebrengt dat je mensen moet aantrekken die deze vaardigheden hebben geleerd – en dus wat minder inhoudelijke kennis bezitten. Dat is onvermijdelijk en het is al even onvermijdelijk dat er beslissingen worden genomen waarvan men op de werkvloer ziet dat ze onuitvoerbaar zijn. Klagen over de incompetente leiding behoort inmiddels tot de kantoorfolklore, en dus luisteren de bestuurders er niet meer naar. De gemiddelde krantenlezer kijkt er evenmin van op.

Een veel interessantere vraag is waarom medewerkers, als ze zo scherp zien dat iets verkeerd gaat, niet ingrijpen. Akkoord, het vergt wat moeite. Je baas zal niet staan trappelen van ongeduld om zijn eigen incompetentie te krijgen uitgespeld, maar een medewerker hoeft toch niet steeds de weg te kiezen van de minste weerstand? Waarom verbinden zo weinig mensen aan het negeren van hun vakkennis de conclusie dat ze bij een zieke organisatie werken en dat ze beter kunnen opstappen? Zijn onze hypotheekschulden dan echt de gouden boeien waarmee we vast zitten aan incompetente managers?

Foto: Cris Pierry (cc)

Inefficiëntie in de vrije markt

ACHTERGROND - Inefficiëntie wordt lang niet altijd afgestraft in de vrije markt, zo wijst recent grootschalig onderzoek van het Amerikaanse Census Bureau uit.

In 2010 ondernam het Amerikaanse Census Bureau een uitgebreide inventarisatie van de managementpraktijken van meer dan dertigduizend productiefaciliteiten, zogenaamde plants, in de maakindustrie. De resultaten (pdf) van dit onderzoek zijn onlangs gepubliceerd. De onderzoekers concludeerden onder meer het volgende:

First, more structured management practices are tightly linked to better performance: establishments adopting more structured practices for performance monitoring, target setting and incentives enjoy greater productivity and profitability, higher rates of innovation and faster employment growth. Second, there is a substantial dispersion of management practices across the establishments. We find that 18% of establishments have adopted at least 75% of these more structured management practices, while 27% of establishments adopted less than 50% of these.

De eerste conclusie is weinig verrassend: bedrijven met een goed georganiseerd, doelbewust opererend (personeels)management presteren beter dan bedrijven die hun werknemers en productieprocessen op minder gestructureerde wijze aansturen. Kortom: goed management heeft een duidelijke (zij het niet oneindige) toegevoegde waarde.

Het is echter de tweede bevinding die met recht opmerkelijk is te noemen. Minder dan een vijfde van de onderzochte plants past tenminste 75% toe van een verzameling bewezen managementpraktijken. Over het algemeen zijn juist deze faciliteiten dan ook het meest productief en winstgevend. Niettemin weet ruim een kwart van de onderzochte bedrijven al jaren- zo niet decennialang te overleven, ondanks het feit dat minder dan de helft van de bewezen, efficiëntiebevorderende managementpraktijken wordt toegepast.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Waarom de markt niet vrij kan zijn

De blaaskaken krijgen de bonussen, het toptalent kan de tering krijgen. Een betere samenvatting van waar het mis gaat in een groot deel van het (westerse) bedrijfsleven is er niet.

Een bedrijfsbobo die in een half jaar tijd 10 procent van de werknemers kan lozen in het kader van “costcutting” krijgt onmiddelijk waardering van de aandeelhouders. Een visionair directeur die ervoor zorgt dat over vijf jaar het toptalent volledig tot bloei komt die vervolgens de nieuwe generatie producten het levenslicht laat zien, is een loser. Nauwelijks meetbaar, duurt te lang, geen bonus, daag.

Veel bedrijven kunnen door hun aandeelhouders niet anders doen dan korte termijn sturing. Aandeelhouders spinnen er garen bij, werknemers en de economie in het algemeen niet. Al het geklets over marktwerking en stimulans ten spijt.
Maar aandeelhouders en bedrijven gaan echt niet zelf hun gedrag veranderen. Waarom zouden ze? De mensen met de grootste belangen (geld) denken geen baat te hebben bij verandering.

En dus kan een markt niet vrij zijn. Wil je als land een bloeiende economie op lange termijn, moet je de perverse prikkels uit het systeem halen. Bijvoorbeeld door bij wet vast te leggen dat aandelen minimaal 2 jaar in handen moeten zijn voor ze weer verhandeld kunnen worden. Dan gaat het aandeelhouderschap weer terug naar de essentie, het doen van lange termijn (risico-)investeringen in bedrijven. Aandringen op de zoveelste panieksnijronde staat gelijk aan schieten in je eigen voet.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Gewetenloos en innemend

De combinatie van begrippen speelt al een tijd door mijn hoofd: gewetenloosheid en persoonlijke charme. Beide eigenschappen worden in hoge mate toegeschreven aan Rebekah Brooks, bazin van News of the World. The Guardian  noemt haar  “a ruthless, charming super-schmoozer”. Als  je het woord Schmoozer intikt in Google krijg je een artikel in the Guardian van 8 juli. Zij wordt afgeschilderd als een harde, zeer ambitieuze, zeer innemende netwerkster. Murdoch lijkt haar als een vijfde dochter te beschouwen. Zij is zeer intiem met Cameron. Die bestreed dat in het parlement, met de mededeling dat hij haar nooit in pyama had gezien: fris hoor, die Britten.

Hoe komt ze aan die invloed, vraagt de Guardian, een beetje suggestief. Zij wordt verhoord door een parlementaire commissie en vervolgd voor het overschrijden van fatsoensnormen en wellicht omkopen van politiemensen. Sinds ik het stuk heb gelezen, denk ik er over na. Is de combinatie van gewetenloos en innemend een voorwaarde voor een succesvolle loopbaan? Hoe algemeen is dat? En hoe speelt het in de journalistiek?

Je hebt keurige en minder keurige kranten. Wat mij bezig houdt, is dat minder keurig handelen kennelijk soms nodig is om dingen op tafel te krijgen: zie Elsberg, Watergate, Wikileaks. De parlementaire controleurs van de macht zijn tamelijk afwezig, of liever: zij maken deel uit van de heersende macht. De klokkenluiders moeten het vaak niet van hen hebben, maar van de onafhankelijke pers. De opwinding in Engeland laat dat zien: er is geen autonomie in de controle op de macht, want het parlement onderzoekt maar weinig. En de pers houdt zich doorgaans  aan de regels.

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Foto: Sargasso achtergrond wereldbol

Everybody happy?

GC heeft ruimte voor gastloggers. Onze maandelijkse gast, P.J. Cokema, steekt u een hart onder de riem voor de komende donkere dagen. Een doodsteek of een opstekertje?

Happy? (Foto: Flickr/Jordan Pérez Órdenes)

Een schip drijft op de wet van Archimedes. Maar wat drijft een mens? Een vraag die voor de kapitein op het schip misschien wel belangrijker is dan zijn kennis van de machinekamer. Want wat moet hij met een depressieve machinist, die aan de drank is? Overboord gooien wegens wangedrag? Of een peptalk houden, in de hoop dat de man van drank afblijft?

Een vraag die de komende tijd voor bijna iedereen belangrijk wordt. Niet alleen staan de donkere winterse dagen voor de deur, de geplande bezuinigingen gaan ook heel wat vragen van leidinggevenden en de mensen op de vloer. Als je dan weet wat mensen drijft, kun je iedereen bij de les en gemotiveerd houden. Worden we gedreven door de moed der wanhoop of door toewijding en vitaliteit?

Wie denkt een opstekertje te kunnen gebruiken kan zich inschrijven voor de masterclass Psychologisch kapitaalmanagement. Vanaf woensdag 17 november kun je op de Erasmus Universiteit in drie dagen en voor 1975 euro leren hoe positieve psychologie de hypochonders in je organisatie in het gareel houdt. Kan bruikbaar zijn voor elke hoofdredacteur die een groepsblog aan de gang moet houden. Of voor arbofunctionarissen die met de zwaarmoedigen te maken krijgen, als ze weer eens een dagje ziek thuis zitten te sippen. Voor hen is er 18 november een congres, waar ze opgepept kunnen worden door Willem van Rhenen, hoogleraar in bevlogenheid en productiviteit aan de Nyenrode Business Universiteit.

Volgende