Hardleers: kletskoek over Irakese vluchtelingen

,,En dan zou het toch te gek voor woorden zijn dat als de storm voorbij is, dat iemand dan zegt: ‘Ja maar, ik ga niet meer terug, ik blijf hier bij u in de huiskamer zitten.’’ Dat klinkt als een heel redelijk standpunt van minister Leers. Maar is het dat ook? ,,Mensen moeten terug, er is geen keus’’ Gerd Leers wil graag dat Irakese asielzoekers vrijwillig terugkeren naar Irak, vertelde hij gisteren aan het NOS Journaal. Zo graag zelfs, dat hij zijn Irakese collega deze week als wortel een zak geld met 5,5 miljoen euro voorhield. Shafiq Duski wil, de Irakese minister van Migratie, wil zich wel inzetten voor vrijwillige terugkeer, maar werkt voorlopig niet mee aan gedwongen terugkeer. Er is te weinig werk, te weinig opvang en te veel onveiligheid. Terugkeer moet volgens hem gefaseerd gebeuren, omdat het in totaal om miljoenen mensen gaat. Irak kan dat zomaar niet aan. Overigens is er natuurlijk wel degelijk een keus, alleen maakt Leers die niet. Leers spiegelt de zaken graag eenvoudig voor: ,,Laat ik het gewoon simpel houden. We hebben mensen opgevangen, in een tijd dat Saddam Hoessein veel mensen vervolgde. Toen hebben we steeds gezegd: ‘Als de situatie daar weer veilig is, moet u terug.’ Dus net als u thuis iemand opvangt die moet schuilen voor de regen of voor een enorme storm. En dan zou het toch te gek voor woorden zijn dat als de storm voorbij is, dat iemand zeg: ‘Ja maar, ik ga niet meer terug. Ik blijf hier bij u in de huiskamer zitten.’ Dat kan niet. Maar ze moeten terug, liefst vrijwillig, en als het niet anders kan op een alternatieve manier.’’ Versimpeling van de werkelijkheid

Door:

Closing Time | Dope, man!

Ja mensen, Gerd Leers van het CDA in de Closing Time. Aanleiding is natuurlijk de slepende discussie over onze wiet-experimenten die woedt in Nederland. De regering geeft ruimte voor een lokaal experiment. Lokale politici en coffeeshops klagen steen en been dat de geboden ruimte te beperkt is, en een fatsoenlijk experiment op deze manier niet kan.*

Ondertussen wordt het Nederlandse drugsbeleid links en rechts ingehaald. Recent nog door Luxemburg, maar ook al eerder door Canada, Portugal en zelfs de Verenigde Staten.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Daar had hij moeten staan

Gerd Leers keek naar de cover van het ongevraagd advies dat voor hem lag. ‘Tussen afkomst en toekomst’, stond er.  Daaronder: ‘Etnische categorisering van de overheid.’ En daaronder een balpen, een Bic-pen, een zaklamp, een pen die hij niet thuis kon brengen (een vulpotlood?), een vulpen, een voorzittershamer en een wat chiquere pen, vermoedelijk ook een balpen. Het lukte Gerd Leers maar niet om de betekenis van deze voorwerpen te doorgronden. Hij keek er nu al een klein kwartier naar. Wat hadden deze voorwerpen in godsnaam met ‘etnische categorisering van de overheid’ te maken? Waarom konden die mensen niet gewoon iets duidelijks bedenken? Waarom moest een ongevraagd advies, dat ongetwijfeld ten doel had iets wat onduidelijk was duidelijk te maken, zo’n onduidelijke voorkant hebben?

Hij keek opzij en werd vanuit de opengeslagen krant van maandag toegelachen door een stralende Henk Bleker die met gifgroene petjes in de weer was waarop ‘Eerlijk helder Henk’ te lezen stond. Henk Bleker. Met z’n schminkloze clownskop. Omhoog gevallen paardenhandelaar. Daar had hij moeten staan. Met petjes waarop Eerlijk helder Gerd stond. Of: Gerd Leers. Duidelijke keus. Gerd Leers. Eer en geweten. Gerd Leers. Altijd integer.

Hij, die zo’n geweldige, eigenzinnige, geliefde burgemeester was geweest, had de moeilijkste post moeten bezetten. Maxime had hem persoonlijk gevraagd. Hij had getwijfeld. Maar Maxime had hem overtuigd. Hij was de enige die het kon. Met bezwaard gemoed, maar met een zuiver hart, moeilijke beslissingen nemen. Van hem zouden de mensen het pikken. Ze zouden het begrijpen. Hij zou een eerlijk, helder beleid voeren. Hard, maar fair. En na vier jaar zou hij klaar zijn om het CDA naar een klinkende overwinning te leiden.

De onmogelijke positie van Gerd Leers

Minister Leers lijkt nauwelijks de ruimte te hebben om ook maar iets te kunnen doen. Dat ligt aan zijn portefeuille, maar ook aan de ingewikkelde bestuurlijke constructie waarin immigratieministers moeten opereren, zegt Peter Scholten, Universitair Hoofddocent Beleid & Politiek aan de Erasmus Universiteit Rotterdam

Ongeacht of de recente geruchten van de Volkskrant rondom zijn positie waar zijn, kan rustig gesteld worden dat Minister Gerd Leers van Immigratie, Integratie en Asiel zich in een weinig benijdenswaardige positie bevindt.  Niet alleen heeft hij een politiek bijzonder gevoelige portefeuille, bestuurlijk gezien is zijn positie erg beperkt en complex.

Waar aan de ene kant deze minister een enorme politieke en maatschappelijke druk ervaart tot het voeren van een zeer restrictief immigratiebeleid en een zeer voortvarend integratiebeleid, zijn de bestuurlijke mogelijkheden daartoe zeer beperkt. Zijn beleidsruimte is beperkt, integratiebeleid is iets voor lokale overheden, migratiebeleid voor Europa, en assimilatie is niet af te dwingen zeker niet als je ook wilt bezuinigen.

De portefeuilles immigratie, integratie en asiel hebben veel van Leers’ voorgangers weinig goed gedaan, denk  maar aan Nawijn, Verdonk en Vogelaar. Dit geldt overigens in mindere mate Van der Laan en Donner, die tot zijn aftreden ook integratie in zijn portefeuille had maar zich erg weinig op die portefeuille profileerde.

Bestel je boeken bij Bazarow

Bazarow is een verkopende boekensite, waar je ook recensies, nieuws, een agenda en een digitaal magazine kan vinden. Nog niet alles is af, maar veel boeken zijn al te vinden en er komt de komende maanden steeds meer bij.

Het doel van Bazarow is om een site te vormen die evenveel gemak biedt als de online giganten maar die wél teruggeeft aan de boekensector. Tegen roofkapitalisme, en voor teruggeefkapitalisme, bijvoorbeeld door te zorgen dat een flink deel van de opbrengst terug naar de sector gaat en door boekhandels te steunen.

Foto: Eric Heupel (cc)

Factsheet: Angolezen in Nederland

Minister Leers was in Angola om te praten over verdere verwijdering van Nederlandse Angolezen. Mooie gelegenheid om eens nader naar die groep in Nederland te kijken.



Bron: CBS

Niet erg gebruikelijke figuren. Het linker figuur laat de migratie van alle leeftijden zien. Vanaf 1998 sterk oplopende immigratie, met als hoogste aantal 3.500 immigranten in 2002, en vervolgens een vrijwel volledige instorting: gemiddeld 150 immigranten de laatste jaren. De emigratie laat een omgekeerde trend zien: vrijwel niet bestaand tot 2002. Maar vanaf 2002/2003 een sterk stijgende lijn tot 2006. De emigratie bleef ook in de jaren daarna hoger dan de immigratie.

Figuur 2 laat zien de migratie tot 20 jaar. We zien dat de immigratie van jongeren (vrijwel allemaal minderjarig) het grootste deel de immigratie uitmaakt. Dat is een ongewoon patroon. Meestal vormen minderjarigen een veel kleiner deel. Dat kunnen we zien als we naar het percentage asielaanvragen kijken naar leeftijd van een aantal landen waar de meeste asielzoekers vandaan komen:

Bron:CBS

Minderjarigen maken bij Angolezen bijna 60% van de migratie uit. Nu zijn niet alle minderjarigen AMA’s -Alleenstaande Minderjarige Asielzoekers- er kunnen er ook zijn die met hun ouders meereizen, maar dit zijn er wel veel.

Vluchteling, wees welkom

Aan vluchtelingenbeleid moeten humane overwegingen ten grondslag liggen, niet economische, vindt onderzoekster Evelien van Roemburg.

Nederland nodigt jaarlijks 500 vluchtelingen uit die vastzitten in vluchtelingenkampen over de hele wereld om zich definitief in ons land te hervestigen. Minister Gerd Leers is van plan om daarbij voortaan aanvullende eisen te stellen: hij wil een selectie maken op basis van de achtergrond en ‘integratie-potentie’ van deze vluchtelingen. Dit plan heeft de terechte kritiek gekregen van diverse partijen in de Tweede Kamer en van vluchtelingenorganisaties. Leers verdedigt zich door te stellen dat het Nederlandse hervestigingsbeleid solidariteit betuigt aan de ontwikkelingslanden die grote aantallen vluchtelingen opvangen. Die stelling is echter een gotspe, niet alleen door het voornemen om enkel de succesvolle vluchtelingen uit de kampen te halen, maar ook door het geringe aantal vluchtelingen dat door Nederland wordt uitgenodigd.

Hervestiging, of ‘resettlement’, stuit al decennia op bezwaren bij de ontvangende landen. Ook net na de Tweede Wereldoorlog ging de hervestiging van ontheemden zeer moeizaam. Voor zo’n 1 miljoen vluchtelingen uit met name Oost-Europese landen en de Sovjet Unie was een terugkeer naar het land van herkomst geen optie. Zij verbleven in grote vluchtelingenkampen in Duitsland, Italië en Oostenrijk, waar zij niet konden (of wilden) blijven. Voor hen probeerden de Verenigde Naties een plek te vinden in West-Europa, Zuid-Amerika, de Verenigde Staten en Australië. Deze landen selecteerden vooral de vluchtelingen die in de mijnen en in de fabrieken konden werken – doorgaans de jongeren en de gezonden. De ouderen, de zieken en de kinderen kwijnden weg in kampen waar niet genoeg voedsel, medische hulp of onderdak was.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Gidsland

Vanochtend las ik dat Gerd Leers naar Polen is gegaan om ze daar voor te houden dat Nederland een gidsland is en blijft voor de rest van Europa. Nu kun je geen Italiaanse journaaluitzending bekijken of er zit nieuws uit Europa bij. Europa leeft hier, en dat was al zo lang voordat de EU Berlusconi de wacht aanzegde en Mario Monti het stokje overnam. Maar Nederland?

Europees nieuws draait om Angela Merkel. De Duitse bondskanselier is Europa, je zou bijna vergeten dat ze ook nog de regeringsleider van haar eigen land is. Merkel is zo belangrijk dat ze zelfs geïmiteerd wordt. Mijn vriendin wist vanochtend zowaar de naam van de Duitse minister van Financiën op te dissen – Skobel of Strubel, die ene in die rolstoel. Wolfgang Schäuble kennen ze dus ook hier. Net als Vaan Rompooi, Nicolas Sarkozy, José Manuel Barroso en David Cameron. En die hele dikke – dat is de Griekse minfin, dat weten veel mensen ook. Dat die man Evangelos Venizelos heet, is al kennis voor gevorderden.

Maar eh… Roete of De Iakere zijn volstrekt onbekend, om nog maar te zwijgen van Kert Lers. Je ziet die eerste twee wel eens voorbijkomen op beelden uit de Brusselse wandelgangen, maar meestal duurt dat zo kort dat ik de tijd niet heb om mijn vriendin te vertellen dat dat nu een Nederlandse bewindspersoon is. Ze zitten aan een vergadertafel of lopen door het beeld heen achter Monti en Merkel aan. Ze zijn er wel, maar ze zijn helemaal niet belangrijk.

Foto: Eric Heupel (cc)

Het nieuwe CDA en de schrijnende gevallen

In een jaar tijd heeft Nederland drie min or meer schrijnende asielgevallen verwerkt via de media. Allereerst was er Sahar, het toen veertienjarige Afghaanse meisje, dat na veel gedoe uiteindelijk mocht blijven. In de tweede helft van 2011 kwam Mauro Manuel in het nieuws. Een waar mediacircus volgde en Mauro werd, net als Sahar, in korte tijd een bekende Nederlander. De afgelopen weken kwam conciërge Abdul en zijn twee kinderen om de hoek kijken en leek het heel even alsof het circus zich zou herhalen. Daar waar Mauro en Sahar maandenlang het nieuws beheersten, kreeg Abdul echter redelijk snel zijn verblijfsvergunning terug. Binnen twee weken lag de brief van Minister Leers al op de deurmat met de voor hem blijde boodschap dat hij mocht blijven.

Wat is hier aan de hand? Waarom moest voor Sahar en Mauro een waar mediaoffensief op touw gezet worden om tot enig resultaat te komen, terwijl Abdul redelijk in de luwte zijn verblijfsvergunning herkreeg en hij hier mocht blijven met zijn kinderen?

Allereerst moet worden opgemerkt dat Abdul specifiek niet koos voor aandacht op grote schaal. De school, waar Abdul als conciërge werkte, zocht weliswaar de media zelf ook op, maar wilde de invloed van die media niet opblazen. De aandacht van de politiek moest getrokken worden, maar de situatie moest niet worden uitgemolken, zoals bij Sahar en Mauro. De reden hiervoor was een bewuste keuze om de politici in alle rust en met weinig druk van de publieke opinie tot een afgewogen beslissing te laten komen. De landelijke media berichtten er wel over, maar over het algemeen beperkte zich dat tot twee berichten: “Hij moet weg” en “Hij mag blijven”. Een uitnodiging voor Pauw en Witteman bijvoorbeeld werd echter afgeslagen.

Volgende