Closing Time | Ska-P
Jullie raden nooooooit wat voor soort muziek Ska-P maakt ;) Ondanks dat we dit niet zo heel vaak doen: lekker vrolijk.
De dagelijkse afsluiter met muziek en heel soms wat anders
Jullie raden nooooooit wat voor soort muziek Ska-P maakt ;) Ondanks dat we dit niet zo heel vaak doen: lekker vrolijk.
Vanochtend is Glen Hansard overleden, na een motorongeluk. Om eerlijk te zijn ben ik niet zo bekend met de muziek die hij maakte als singer-songwriter en met zijn bands The Frames en The Swell Season. Niet genoeg om één favoriet nummer uit dat grote repertoire te kunnen pikken. Op mij maakte hij een grote indruk met zijn optreden bij de uitvaart van Shane MacGowan in 2023. Daarom hier zijn eerbetoon aan Shane als eerbetoon aan hemzelf.
Terwijl de strijd tegen misbruik van auteursrechtelijk beschermd werk hooguit leidt tot juridische touwtrekkerij, zijn er ondertussen mensen die er prat op gaan dat ze door AI gegeneerde content menen te herkennen. Vanavond een casus waarbij dat volgens mij erg moeilijk is.
Op muziekgebied werd ik door iemand attent gemaakt op een song, waarvan ik niet meteen door had dat artiest, tekst en muziek volledig artificieel zijn. Pas na een paar keer luisteren viel me op dat een gitaarsolo twee keer precies hetzelfde voorbij kwam. Noten, ritme, timing en klankleur verschillen nauwelijks tot niet van elkaar en dat is erg ongebruikelijk bij door mensen gespeelde muziek.
Na acht contrabassen en acht trombones vroeg deze reageerder zich af: “benieuwd wat het volgende achttal wordt in Closing Time”.
Niet zo’n heel lastige uitdaging, want het octet (een uit acht muzikanten bestaande groep) is geen zeldzame uitzondering. Zo hadden we hier al eens acht cello’s.
Nu wordt onder een octet meestal een groep met acht verschillende instrumenten verstaan. Stravinsky’s ‘Octet voor blaasinstrumenten’ is geschreven voor 2 trompetten, 2 trombones, 1 dwarsfluit, 1 klarinet en 2 fagotten. Beethoven’s Blaasoctet in E-majeur telt 2 hobo’s , 2 klarinetten, 2 fagotten wen 2 hoorns en Schubert’s ‘Octet in F’ heeft een bezetting van 2 twee violen, altviool, cello, contrabas, fagot, hoorn en klarinet.
Volendam heeft de palingsound, LA heeft Eels. Tot mijn verbazing is de band van Mark Oliver Everett, alias E, nog maar een keertje langsgekomen in Closing Time en toen niet eens met een eigen nummer. En de video op die pagina is inmiddels verdwenen. Hoog tijd om daar wat aan te doen. Maar welk nummer? Ik overwoog I Like Birds, als ode aan de familie pimpelmezen die mijn balkon heeft uitgekozen als hun favoriete hangplek. En Susan’s House, de sfeerschets van de wijk van LA waar E woonde in de jaren ’90. Het was geen Volendam. Novocaine For The Soul, die andere klassieker van hun eerste plaat, had ook gekund.
We hadden hier eerder een barokachtig klinkend werkje voor acht contrabassen. Gecomponeerd in 1978 door Bertold Hummel.
Wie aan barok denkt, denkt al gauw aan Bach. Die heeft nooit muziek voor acht contrabassen gecomponeerd. Ook niet voor enig ander instrument dat met acht stuks tegelijk Bach’s composities ten uitvoer brachten.
Wel had heer Bach een aantal motetten geschreven waarvan een deel bestemd was voor achtstemmig dubbelkoor. Bijvoorbeeld Singet dem Herrn ein neues Lied. Maar achtststemmig wil alleen maar zeggen dat de vier zangstemmen in een gemengd koor (Sopraan, alt, tenor en bas) met twee groepen aanwezig zijn, daarmee een dubbelkoor vormend. Het totaal aantal vocalisten hangt af van hoeveel leden het koor telt. Luister en kijk mee met de partituur.
Het had het lijflied kunnen zijn van een zeker type hedendaagse boze burgers, ware het niet dat degenen die zich er het meest in zouden moeten herkennen, dat het minste zullen doen. Dit nummer kwam uit in 1991; de tijd waarin wij ons nog verheven voelden boven de Vlamingen, omdat daar het Blok in opkomst was. Of dat de inspiratie vormde voor dit nummer weet ik niet, maar het zou zomaar kunnen. Enkele jaren laten nam Raymond van het Groenewoud wat nadrukkelijker stelling tegen het Vlaams Blok, met het nummer l’étranger c’est mon ami.
Je krijgt ze tegenwoordig niet zo vaak meer aan de deur, maar vroeger was het wel een dingetje: de Jehova Getuigen, met hun blaadje de Wachttoren. De Duitsers van Sodom waren er niet zo van gediend.
Van het gelijknamige album ‘A Question of Angles’ in een bezetting van piano, cello, altviool, bassax en baritonsax, horen we iets wat op een menselijke stem lijkt, maar een door Lydia Kavina bespeelde theremin blijkt te zijn.
De Franse, in Engeland woonachtige Angèle David-Guillou zegt geïnspireerd te zijn door muziek van Philip Glass en films van jean Costeau.
De muziek beweegt zich ritmisch en vloeiend, met texturen die geïnspireerd zijn op de wisselwerking tussen illusie en realiteit, in het bijzonder het magisch realisme van de films van Jean Cocteau. “Ik wilde dit idee vertalen naar muziek, iets groots en gedurfds creëren, maar waarbij je tegelijkertijd niet zeker weet wat je precies hoort,” (bron website Angèle David-Guillou)
‘I don’t think there are many perfect records,’ she says, ‘but maybe [Kraftwerk’s] Computer World and [Philip Glass’s] Glassworks are some of them.’ (bron The perfect Magazine)
Componist Micheal Nyman kent u misschien niet, zijn muziek heeft u vast wel eens gehoord. Bijvoorbeeld in de films The Piano (1993), The Cook, the Thief, His Wife & Her Lover (1989). Drowning by Numbers (1988) en de Japanse animatiefilm The Diary of Anne Frank (1995).
Verder heeft hij een indrukwekkend oeuvre met composities in diverse bezettingen en schreef hij als liefhebber van opera’s graag voor dat medium.
Als liefhebber van bijna alle basinstrumenten heb ik al vaker ‘het laag’ in de spotlights van Closing Time gezet.
Vanavond nog eens een keer de contrabas. En niets anders dan acht stuks om precies te zijn. Geen slagwerk er bij, geen hoger strijkers, geen blaastoeters… Nee, louter het geknor en gebrom in de lage registers en het afgeknepen geschuur in het hoog.
Een compositie van Bertold Hummel (1925-2002): “Sinfonia piccola (kleine symfonie) voor 8 contrabassen”. In vier delen: I. Prologue; II. Burlesque; III. Andante sostenuto; IV Finale.
Nog wat vrolijke gekte, maar dan van het ongecompliceerde type. Deze Annabelle, die eigenlijk Lindsey blijkt te heten, zal niet de geschiedenis ingaan als grote muzikale vernieuwer. Waarom zou je dat ook willen, als je ook gewoon zo’n beetje raar, maar gruwelijk aanstekelijk rock’n’roll liedje kunt maken? Mijn humeur vindt het meer dan genoeg. Dat schakelt vanzelf een standje omhoog, als dit voorbijkomt. Ook dankzij die ontzettend lekker getimede roffeltjes waarmee de drummer de refreintjes aanvliegt.