Het IOC heeft de deur voor Rusland weer verder opengezet. Het Russische olympisch comité is voorlopig gerehabiliteerd, waardoor Russische sporters en ploegen weer richting internationale competities en uiteindelijk Los Angeles 2028 kunnen bewegen. Of dat straks ook weer met vlag, volkslied en nationale kleuren mag, moet nog worden beslist. Voorlopig heet het dus nog voorzichtigheid, maar laten we het voor het gemak ‘gewenning’ noemen.
Aan de oorlog is intussen niets wezenlijks veranderd. Rusland voert nog altijd een bloedige aanvalsoorlog tegen Oekraïne. De reden waarom Russische sporters en teams ooit werden geweerd, bestaat dus nog steeds. Alleen de bestuurlijke rek is eruit. De morele verontwaardiging heeft zijn houdbaarheidsdatum blijkbaar bereikt.
Het IOC zal wijzen op neutraliteit. Sport mag niet worden gegijzeld door politiek, heet het dan. Maar die neutraliteit werkt opvallend vaak één kant op. Oekraïense sporters trainen in een land waarvan sportfaciliteiten zijn verwoest, waar ploeggenoten en familieleden aan het front zitten of zijn omgekomen, en waar een gewone voorbereiding al een privilege is geworden. World Athletics gebruikte precies dat argument vorige week nog om de uitsluiting van Rusland en Belarus te handhaven: er is geen tastbare beweging richting vrede en de positie van Oekraïense atleten is ernstig beschadigd.
Het IOC kiest voor een andere logica. Niet de oorlog is doorslaggevend, maar de bestuurlijke vraag of het Russische olympisch comité juridisch nog buiten de deur gehouden kan worden. Daarmee verschuift het probleem van agressie naar procedure. De kernvraag wordt niet langer: wat betekent deelname van Rusland voor Oekraïne? De vraag wordt: kunnen we Rusland nog formeel tegenhouden?
Zo worden sancties vanzelf symbolisch. Eerst wordt er groot aangekondigd dat agressie consequenties heeft. Daarna komen de uitzonderingen. Eerst individuele neutralen. Daarna kwalificaties. Daarna teams. Daarna misschien weer vlaggen, kleuren en volksliederen. Iedere stap wordt gepresenteerd als technisch, beperkt en zorgvuldig afgewogen. Opgeteld ontstaat precies wat Rusland nodig heeft: normalisering.
Sport is voor autoritaire staten nooit alleen sport. Grote toernooien zijn decor, legitimatie en reputatiebeheer. Een land dat steden bombardeert, kan tegelijk op televisie verschijnen als nette deelnemer aan de olympische familie. De camera registreert geen loopgraven, maar warming-ups. Geen kapotgeschoten sporthallen, maar teamfoto’s. Geen deportaties, maar medaillespiegels.
Dat is de functie van sportswashing: niet ontkennen wat er gebeurt, maar het laten wegzakken in een stroom van ceremonieel, vlaggen, interviews en tranen op het podium. Rusland hoeft niet te bewijzen dat het veranderd is. Het hoeft alleen lang genoeg te wachten tot internationale bestuurders hun eigen principes gaan nuanceren.
De hardste les is niet dat het IOC cynisch is. De hardste les is dat zulke maatregelen blijkbaar zelden bedoeld zijn als echte drukmiddelen. Ze zijn nuttig zolang de publieke verontwaardiging nog groot is. Zo laten bestuurders zien dat ze “iets doen”. Zodra het ongemakkelijk wordt voor de kalender, de kwalificaties, de sponsors en het olympische verhaal van wereldwijde verbroedering, begint het terugkrabbelen.
Voor Oekraïne is de boodschap helder. Zelfs een oorlog op Europese bodem heeft in de sportwereld vooral tijdelijke gevolgen. Rusland mag stap voor stap terug naar het podium, terwijl Oekraïne buiten beeld de prijs betaalt.
De olympische beweging noemt zichzelf graag universeel. In dit geval betekent universeel vooral dat iedereen uiteindelijk weer welkom is, zolang de oorlog maar lang genoeg duurt, en de agressie is genormaliseerd.
Reacties (4)
Is de Olympische gedachte niet zonder meer een lachertje gezien de deelname van andere agressors en het feit dat rijkdom de uitkomst goeddeels bepaalt. Zijn die spelen niet per saldo een marketing event waar moraliteit er geen zak toe doet?
[De reden waarom Russische sporters en teams ooit werden geweerd, bestaat dus nog steeds.]
Volgens mij klopt de opzet van je artikel niet.
De reden waarom Russische sporters en teams ooit werden geweerd was NIET de oorlog met Oerkraine. De reden was het massale van staatswege opgezette dopingsgebruik door Russische sporters tijdens de winterspelen in Sotchi.
Er werd simpelweg op grote schaal vals gespeeld, en dit werd door de Russische staat zelf georganiseerd.
Waarmee de reden waarom ze geweerd werden natuurlijk nog steeds bestaat, namelijk Vladimir Poetin. Er waren alle aanwijzingen dat Poetin zelf een dikke vinger in het opzetten van dit dopingsschandaal had.
Aangezien Poetin nog steeds aan de macht is, en nimmer enige verantwoording afgelegd heeft over dit dopingschandaal, noch op ook maar enige wijze een excuus gemaakt heeft, is het weer toelaten van Rusland inderdaad een schandaal.
Maar met de oorlog in Oekraine heeft het allemaal niet zo veel te maken.
Mijn stuk klopt #faber. World Athletics heeft de schorsing wegens doping opgeheven, maar dat maakte weinig uit, want de sanctie wegens de oorlog werd niet opgeheven, met hetzelfde resultaat. Het IOC kiest nu voor een andere route.
Nu ik er wat dieper induik zijn dit de redenen voor het IOC om Rusland te schorsen (naast de doping), het NOS-stuk waar ik mijn verhaal op baseer gaat ook wat kort door de bocht.
– schending van de Olympische Wapenstilstand na de invasie van Oekraïne;
– inlijving van sportorganisaties uit bezet Oekraïens gebied.
Beide zijn natuurlijk nog steeds het geval, en tast de strekking van het stuk denk ik niet aan.
[World Athletics heeft de schorsing wegens doping opgeheven]
OK, dank voor de aanvulling.
Dat vind ik dan weer heel raar. Degene die voor die dopingaffaire verantwoordelijk was, heeft voor geen draad enige spijt betuigd of verantwoording afgelegd. Dus zou dat zo weer kunnen doen. Ik snap niet waarom je zo’n schorsing dan opheft. Er moet toch op z’n minst iets van erkenning komen van de geschorste partij, lijkt mij zo. Zeker wanneer degene die toen aan de macht was dat nog steeds is.