Wit-Rusland, Noord-Korea en de kunstmest
De president van Wit-Rusland, Alexander Loekasjenko, bracht deze week een bezoek aan Noord Korea. Hij sloot daar met de Noord-Koreaanse leider Kim Yong Un een vriendschapsverdrag dat het begin zou moeten zijn voor een nieuwe periode van samenwerking. Loekasjenko had Kim wel eens eerder ontmoet maar was nog nooit in Pyongyang op bezoek geweest. “Ja, we hebben niet nauw samengewerkt, grotendeels door onze eigen schuld. Maar ik ben oprecht blij te constateren dat de samenwerking nu aanzienlijk is geïntensiveerd,” aldus Loekasjenko in een voor autoritaire leiders nogal opmerkelijk reflectief moment. Was dat ingegeven door Poetin die beide steunpilaren van de oorlog in Oekraïne nog sterker aan zich wilde binden?
Loekasjenko lijkt ook nog steeds gevoelig voor toenadering vanuit het westen. Kort voor zijn bezoek aan Noord-Korea ontving hij Trumps afgezant John Coale die aankondigde dat de Verenigde Staten de sancties opheft tegen de Belinvestbank en de Ontwikkelingsbank van Belarus en bedrijven die potas produceren, een grondstof voor kunstmest. Als tegenprestatie heeft Loekasjenko 250 politieke gevangenen vrijgelaten. In december werden ook al 123 gevangenen vrijgelaten in een deal waarbij onder anderen Maryya Kalesnikava, leider van de protesten van 2020, en Nobelprijswinnaar Ales Byalyatski, evenals burgers van verschillende andere landen, betrokken waren. Eerder vorig jaar waren de Wit-Russische oppositieleider Siarhei Tsikhanouski en anderen vrijgelaten en maakte het Witte Huis een einde aan de sancties tegen de Wit-Russische luchtvaartmaatschappij Belavia. Er zitten volgens mensenrechtenorganisaties nog steeds honderden politieke gevangenen vast in Wit-Rusland.

