Duopolie | Grootte van de financiële sector
COLUMN - Is de financiële sector uit zijn voegen gegroeid? De financiële sector groeit sneller dan de rest van de economie en neemt daardoor een steeds groter deel van het bbp in. De vraag is of een grote financiële sector betekent dat de financiële sector veel waarde toevoegt, of zich alleen maar veel waarde toe-eigent, als een soort parasiet op de reële economie.
In principe maakt de financiële sector niets, maar faciliteert slechts de rest van de economie. Banken trekken korte termijn spaargeld aan en herinvesteren dit in langere termijn projecten waar ze toezicht op houden. Hierdoor maken banken investeringsprojecten mogelijk die er anders niet geweest zouden zijn. In zekere zin geeft het aandeel van de financiële sector in het bbp de kosten van de financiële sector weer, terwijl de opbrengsten blijken uit de groei van andere sectoren.
En een goed ontwikkelde financiële sector lijkt ook echt voor economische groei te zorgen. In veelgeciteerd onderzoek laten Rajan en Zingales zien dat sectoren die van externe financiering afhankelijk zijn, sterker groeien in landen met een grotere financiële sector. Een grotere financiële sector kan dus goed zijn voor de reële economie, zolang de reële economie meegroeit wanneer de financiële sector groeit.

