Librairie Jona

COLUMN - Ik was woensdagavond in Brussel en toen ik vanaf Laken naar de binnenstad peddelde, zag ik in de Avenue de la reine Koninginnelaan ineens de Librairie Jona. Voor wie, zoals ik, Jona heet, is dat leuk, zelfs al was het een kantoorboekhandel waarvan er dertien in een dozijn gaan. Vooral tijdschriften, ook wat boeken. Ik stopte, nam mijn telefoon en maakte bovenstaande foto. De baardige man achter de counter keek door de openstaande deuren naar die vreemde snuiter op z’n stoep, vroeg waarom ik de pui van zijn winkel had gefotografeerd en barstte in lachen uit na mijn “Moi, je m’appelle Jona”.

Pas toen ik thuis kwam, realiseerde ik me dat het winkeltje tevens een gokkantoor was. Eigenlijk vond ik het wel een mooie metafoor voor de boekhandel. Anders dan de vertrouwde dingen die je bij de supermarkt haalt – de kaas en de groente zullen morgen precies hetzelfde smaken als gisteren – heb je de boeken die je koopt nog niet gelezen. Elke aanschaf in de boekhandel is een gok. Elk boek is een verrassing.

Mijn laatste aanschaf was Whisky, wapens en weelde van Herman Langeveld en Bram Bouwens, de biografie van de joodse ondernemer Daniël Wolf, die ik met veel plezier heb gelezen. Ik heb sowieso nog nooit een boek gelezen waar ik niet iets aan heb gehad. Er is namelijk, zoals Plinius de Oudere al wist, geen boek zo slecht of er staat wel iets goeds in.

Nu ben ik niet al te optimistisch over de boekenbranche. De spanning tussen het goeds dat je feitelijk kunt krijgen en wat je potentieel had kunnen krijgen, wordt volgens mij steeds groter. Ik wil vandaag echter iets anders benadrukken.

Ooit zag ik in Italië een Romeinse inscriptie waarin de stervende zich richtte tot de lezers en hun een simpele waarheid voorhield: het ergste aan haar dood was dat nu niemand zich de dierbare mensen nog zou herinneren die alleen zij nog herinnerde. Onze liefde is tijdelijk en zal eens vergeten zijn, net als onze vriendschappen. Of de lach van een baardige kantoorboekhandelaar in Brussel. Wees eens aardig tegen iemand vandaag, want uw liefdes en uw vriendschappen zijn tijdelijk en kwetsbaar.

Informatie daarentegen, of ze betrouwbaar is of niet, kunnen we van generatie naar generatie naar generatie naar generatie doorgeven en groeit cumulatief. We worden er misschien geen betere mensen van maar krijgen wel meer potentie betere mensen te zijn. Doordat we ons corpus aan kennis kunnen doorgeven, is het het dichtste waarmee we de eeuwigheid kunnen benaderen. Daarom vormen boekhandels en bibliotheken, vol verrassingen als ze zijn, onze dichtste benadering van de hemel.

  1. 4

    @3: Waar val je over? Die straatnaam? Lijkt me een grapje.

    Verder zou ik zeggen: zo’n lofzang op boeken en bibliotheken moeten we vaker laten klinken. Voordat het te laat is en we beroofd worden van ons collectieve geheugen.

  2. 6

    @4: Het doorstrepen van een woord/zin en die daarna herschrijven is volgens mij altijd een (al dan niet sarcastische) grap, ik zou niet weten hoe je dat anders moet interpreteren.

    En verder sluit ik me geheel aan bij je laatste alinea. Lezen heerst! Niet alleen vanwege dat collectieve geheugen, maar voor het concentratievermogen, leren associëren en het leggen van verbanden, de prikkeling van je (visuele) fantasie en uiteraard gewoon het opdoen van kennis.

    Ik heb door allerlei omstandigheden nooit de opleiding/studie kunnen doen die ik had willen en kunnen doen, maar door heel veel te lezen heb ik toch een aardig kennisniveau opgebouwd en behoorlijk wat inzichten op gedaan, ook op gebieden die normaal buiten mijn interesse zouden hebben gelegen. En dan lees ik bijna alleen maar fictie nota bene…

  3. 9

    Ook frappant dat Vlamingen veel vaker Frans spreken, dan dat Walen Nederlands spreken. Waar zou dat toch aan liggen, dat Franstaligen het blijkbaar moeilijk vinden zich een andere taal eigen te maken? Er is natuurlijk een behoorlijk verschil tussen Germaanse en Romaanse talen, maar waarom lukt dat de ene kant op, beter dan de andere kant op?

  4. 12

    @11: Het is gewoon niet grappig. Of dacht je dat de foto’s in de eerste link van #10 ook “een (al dan niet sarcastische) grap” zijn?