Innovatiebeleid is obstakels opruimen

Een gastbijdrage van Bart Nooteboom, hoogleraar innovatiebeleid aan de Universiteit van Tilburg. Het stuk is ook te lezen op Me Judice.

innovate ore dieMinister Verhagen richt zijn innovatiebeleid op gebieden ‘waar Nederland goed in is’. Bestaande sectoren en bestaande spelers innovatieplannen laten maken kan bijna geen vernieuwing opleveren. Beter is het ruimte te geven voor nieuwe spelers. Een effectief innovatiebeleid is uiteindelijk niets meer dan het wegnemen van obstakels voor vernieuwende ideeën.

Om te bewegen hebben we twee benen nodig: rechts en links. Om te bewegen in de economie hebben we nieuw rechts nodig en nieuw links. Volgens nieuw rechts moeten we zo weinig mogelijk centraal plannen en maximaal putten uit de rijkdom aan verspreide ideeën en initiatieven, van burgers in de politiek en van ondernemers in de economie.

Een voorbeeld van een teveel aan centraal ontwerp en planning in de economie is het denken in termen van ‘focus en massa’ dat momenteel de beleidsvorming in innovatie en onderzoek beheerst, en onder andere leidt tot het benoemen van bestaande gebieden ‘waar Nederland goed in is’ tot ‘topgebieden’.

Dat is oud links beleid, en ik begrijp niet dat minister Verhagen daar mee doorgaat.

Als je uitgaat van bestaande sectoren, en je bestaande spelers daarin vraagt om het met elkaar eens te worden over een groot plan en ontwerp vooraf, dan bevestig je het bestaande, en de bijbehorende belangen. Dan kan het al haast geen innovatie meer opleveren. Innovatie ontstaat juist uit nieuwe, onverwachte combinaties over de grenzen van bestaande sectoren heen, op initiatief van nieuwe spelers.

Geef ruimte aan verspreide, locale ideeën
Het idee dat je niet centraal moet plannen, maar ruimte moet geven aan verspreide, locale ideeën en initiatieven kwam van Friedrich von Hayek, een Oostenrijkse econoom die voor nieuw rechts een belangrijke bron van inspiratie was. Hayek verbond daar ook de conclusie aan dat er dan voor centrale overheden nauwelijks nog een taak is, anders dan de spelregels en wetten vastleggen en op hun uitvoering toezien. Daar nu wordt een denkfout gemaakt.

Innoverende ondernemers en vernieuwende burgers lopen aan alle kanten op tegen obstakels, en daar ligt een taak van de overheid, om obstakels op te ruimen, mensen die knel komen te zitten in maatschappelijke valkuilen, doolhoven en obstructie te bevrijden, initiatieven te faciliteren en middelen en toegang te verschaffen.

Rechtvaardigheid wordt vaak gezien als een sociaal contract waarin mensen vanuit hun individuele belang tot een overeenkomst komen om zichzelf zo in te perken dat ze niet elkaar vernietigen in blind individueel belang van de ene ten koste van de andere. Maar de filosofe Martha Nussbaum heeft laten zien dat het idee van een soort contract tussen min of meer gelijke partijen de realiteit niet dekt. De realiteit is dat verschillende mensen verschillende mogelijkheden (capabilities) hebben, met ongelijke toegang en middelen. Dat is een gevolg niet alleen van individuele capaciteiten, maar ook van afkomst, achtergrond, omstandigheden, pech en gemangeld worden in bestaande structuren van macht, belangen, posities en rollen.

Groepsbelangen verstikken vernieuwing
De economie loopt vaak vast, of vliegt uit de bocht, doordat partijen elkaar vastzetten in de onmacht van prisoner’s dilemma’s waar omarming in een groepsbelang het wijdere maatschappelijke belang fnuikt. Kijk maar naar de bankencrisis. Maar we zien het ook in het feit dat terwijl automobielfabrikanten al lang in staat zijn tot het maken van elektrische auto’s ze de invoering ervan uitstellen om de winsten uit bestaande technologie en producten zo lang mogelijk te rekken, totdat een ondernemende buitenstaander de doorbraak forceert, en dan moeten ze wel mee en drukken ze als het kan die ondernemer opzij.

En hier ligt nu de uitdaging voor een nieuw links: ervoor zorgen dat de mogelijkheden voor innovatie in orde zijn, het systeem deblokkeren waar het vast loopt en corrigeren waar het uit de bocht vliegt. Dat gaat veel verder dan alleen vermindering van administratieve lasten en ingewikkelde regels.

  1. 1

    +1, maar dit is allemaal veel te hoog gegrepen voor politici. Die willen gewoon zien: als ik hier zoveel miljoen in stop, dan levert dat over vijf jaar zoveel procent op. Onzekerheid in errug eng.

  2. 2

    Toch een vraag aan de auteur: innovatie door commerciële bedrijven is één ding, maar veel komt ook voort uit de wetenschap. Nu hebben instanties als NWO altijd wel een meerjarenstrategie.

    Is dat ook teveel top-down gedacht, of moet er toch enig houvast zijn? Het heeft ook geen zin om werkelijk alle projecten individueel te gaan beoordelen, daarnaast is het voor wetenschappers belangrijk enige financiële zekerheid te hebben om langlopende onderzoekslijnen te ondernemen.

  3. 3

    Hayek was natuurlijk een beetje een extremist. Dat je innovatie niet volledig te plannen is, omdat het dan niet echt innovatief kan zijn, is nogal “Duh!” Maar je kan vanuit economisch, maar ook maatschappelijk belang wel goede voorwaarden en infrastructuur scheppen. Bedrijven die innovatief bezig zijn op het gebied van groene energie wil je liever dan een fabriek die SUV’s maakt (hoewel, met dit kabinet…) Je kan ook zeggen: we hebben in Amsterdam al twee universiteiten en het NKI. Laten we proberen daar een kankerinstituut neer te zetten dat top-3 is van de wereld. Niet door exact te plannen wat ze moeten onderzoeken, maar door een goede infrastructuur te bieden en er geld in te stoppen.

  4. 4

    Je kan ook zeggen: we hebben in Amsterdam al twee universiteiten en het NKI. Laten we proberen daar een kankerinstituut neer te zetten dat top-3 is van de wereld. Niet door exact te plannen wat ze moeten onderzoeken, maar door een goede infrastructuur te bieden en er geld in te stoppen.

    Dat wordt inderdaad om de twee jaar geroepen. Met nul resultaat. Ik denk dat de schrijver zegt dat je er niet komt door “de slager zn eigen vlees te laten keuren” (niet helemaal passend spreekwoord, maar je snapt wat ik bedoel)

  5. 5

    met de universiteiten hier is niet veel mis, ook onderzoeksinstituten niet… maar het is nauwelijks mogelijk om startups hier goed te draaien, of om gerenommeerde onderzoekers vrij te laten onderzoeken obv een goeie grant. intiatieven als senternovem zijn goed bedoeld maar hebben dezelfde planningsdoctrine die indruist tegen innovatie.

    Als hij het op recente onderzoeken zou baseren..zoals bijv. von hippel deed voor de UK:
    Artikel over crowdsource & innovatie

    zou je inderdaad wat stimulerende voorwaarden moeten creeren door laagdrempelige faciliteiten, basisondersteuning e.d.

    Enige wat er hier op lijkt is de hightech campus in Eindhoven, maar zelfs daar zie je dat een Philips spinoff als shapeways naar de VS uitwijkt vanwege de investeerder en de martktperspectieven… jammer.

  6. 6

    met de universiteiten hier is niet veel mis, ook onderzoeksinstituten niet… maar het is nauwelijks mogelijk om startups hier goed te draaien, of om gerenommeerde onderzoekers vrij te laten onderzoeken obv een goeie grant.

    Zijn die universiteiten dan wel zo goed? Ik vraag het je omdat ik deze redenering vaker hoor over Nederland “het … systeem is wel goed, maar “.

  7. 7

    Laatst profiel met Dick Swaab, dan is er bij hersenonderzoek weinig mis. Zolang de dingen waar we goed in moeten zijn maar goed draaien, zoals Wageningen, Erasmus en de VU. Rest maakt niet uit.

  8. 8

    @6:

    Waar meet je de kwaliteit van een universiteit aan af?

    Uit m’n hoofd doen we het niet slecht in productie van wetenschappelijke artikelen, promoties en prestaties van de onderzoeksinstituten.
    Let wel, dit is voornamelijk ondanks regeringsbeleid, niet dankzij. En de topprestaties worden getrokken door individuele wetenschappers die hun scholing in ver verleden hebben gehad.. dit soort mensen waarschuwt regelmatig voor de dunne basis waarop zij moeten werken. ook is frappant dat de promovendi in toenemende mate uit oost-Europa of Azie komen, omdat onze eigen studenten onvoldoende gekwalificeerd of gemotiveerd lijken te zijn (verschilt erg per vakgebied)

    Dus daar valt heel veel te verbeteren.

    Mijn punt is vooral dat voor tastbare innovatie er iets gedaan moet worden met bevindingen en onderzoeksresultaten. Dat hoogleraren en studenten gestimuleerd moeten worden om de boer op te gaan met hun uitvindingen.

    Enige tijd geleden werd me door een hoogleraar economie dit voorbeeld gegeven:
    VU al gerespecteerde, middelgrote universiteit kende in een jaar 2 spin-offs/start-ups
    Daar tegenover een B-universiteit van vergelijkbare grootte in Duitsland: 144

    Dus wij doen de wetenschap vooral als hogere kunst, maar onvoldoende behoefte om er ook in praktische zin veel mee te doen.
    Dit ondanks mooie dingen als senternovem en technostarter, daar wordt onvoldoende gebruik van gemaakt.

    Een initiatief als http://www.devlab.nl/?projecten is een mooie uitzondering. Maar helaas een uitzondering

  9. 9

    Waar meet je de kwaliteit van een universiteit aan af?

    Als zoals je zegt toponderzoekers weinig ruimte krijgen in Nederland (dus dat zij in de geglobaliseerde wereld snel verkassen), dan volgt het toch dat Nederlandse universiteiten het in die zin slecht doen?

    Uit m’n hoofd doen we het niet slecht in productie van wetenschappelijke artikelen, promoties en prestaties van de onderzoeksinstituten.

    Die eerste twee gaan toch uitsluitend over kwantiteit?

  10. 10

    Spannend probleem professor, maar wat is de oplossing nou? Het systeem deblokkeren en corrigeren? Wie gaat dat dan doen? Links niet en rechts ook niet, vrees ik.
    Innoveren is in zichzelf strijdig, zoiets als een ontdekking plannen.
    Het gaat dus om belemmeringen opruimen, dus grenzen tussen disciplines overgaan, minder streng toetsen op resultaat van een systeem. Hoe laat je die ruimte?
    En dan, als er iets bedacht is, hoe bereik je dan dat het wordt ingevoerd, tegen allerlei bestaande belangen in? Het bestaande is doorgaans de vijand van het nieuwe. Je zult dus in het bestaande ruimte moeten maken voor het nieuwe; als zwammen op een dode omgevallen boom.
    Kortom, niet oneens professor, maar brengt ons dit verhaal een streepje verder?