De heilige drie-eenheid van NSC: Bestaanszekerheid, Herstel rechtsstaat ,Goed Bestuur, onder de loep genomen

De nieuwe staatssecretaris voor Rechtsbescherming, Teun Strucken, werd uitgenodigd voor de radiorubriek van Sven OP1. Struycken belichaamt alles wat NSC is en wil zijn: Strucyken is een bewindspersoon ‘van buiten’, dat wil zeggen dat hij voorgedragen is namens NSC maar geen lid is. Dit zou een wezenlijke bijdrage leveren aan het extraparlementaire karakter van het kabinet, dat een grote distantie tussen Kamer en regering voorstaat. Daarnaast heeft Struycken, zo blijkt uit het radio-interview, de grondconcepten van NSC meer dan goed uit zijn hoofd geleerd. Immers, de termen ‘Goed Bestuur’ en ‘herstel van de rechtsstaat’ vallen frequent tijdens het interview. Het radio-interview bracht mij dan ook  op het idee om eens de grondconcepten van NSC te toetsen: ‘Goed Bestuur’, ‘restauratie rechtsstaat’ en ook ‘Bestaanszekerheid’. Welke definitie hebben deze concepten exact en zullen deze concepten omgezet worden in concreet beleid? Goed bestuur en herstel rechtsstaat Het gedachtegoed van de NSC-voorman, Pieter Omtzigt, kan prachtig samengevat worden met drie kernconcepten: bestaanszekerheid, restauratie van de rechtsstaat en goed bestuur. In het eerste deel zal ik de laatste twee genoemde concepten behandelen, en in het laatste deel afzonderlijk de pijler ‘bestaanszekerheid’. Alvorens NSC ‘herstel rechtsstaat’ en ‘goed bestuur’ toelicht in het NSC-verkiezingsprogramma en tijdens talrijke mediaoptredens, stelt NSC eerst een soort probleemanalyse op. Omtzigt en zijn NSC zien dat de overheid en de rechtsstaat tijdens verschillende voorvallen de burger niet voldoende heeft beschermd. Tijdens ‘Groningen’ en de toeslagenaffaire was de overheid afwezig om de getroffenen te helpen. Sterker nog: de overheid werkte de burger in veel gevallen tegen. De rechtsstaat bleek vervolgens niet zodanig te functioneren dat deze slachtoffers van deze schandalen uiteindelijk tegen onrecht beschermd werden door de rechter. Deze weeffouten in het juridische en politiek-bestuurlijke apparaat moeten volgens NSC opgelost worden. De vertrouwensrelatie tussen overheid en burger moet hersteld worden: ‘Goed bestuur’. En de rechtsstaat moet weer recht doen aan benadeelde burgers: ‘Herstel rechtsstaat’. Om het bestuur en rechtsstaat drastisch te verbeteren en om de civiele vertrouwensbreuk recht te zetten doet NSC allerlei voorstellen: zoals de installatie van een constitutioneel hof om daarmee de rechtsbescherming van burgers te verzekeren, daarnaast moet het hof wetgeving toetsen aan de constitutie. Voorts moet het politieke besluitvormingsproces inzichtelijk worden gemaakt voor volksvertegenwoordigers en betrokken burgers, zodat het bestuur transparanter wordt. En de toezichthoudende instanties, zoals de Algemene Rekenkamer, zouden onafhankelijker moeten kunnen opereren. Om dus ‘goed bestuur’ te verwezenlijken moet de overheid weer volledig in dienst zijn van de burger. Het besluitvormingsproces moet daarvoor beter gecheckt worden door onafhankelijke actoren. De verbetering van de rechtsbescherming van individuele burgers zou verwezenlijkt moeten worden door simpelweg meer juridische ‘loketten’ te installeren. Dit leest dus allemaal als een bestuurskundige aanbeveling en/of overheidsrapport dat door ijverige, zeer goed ingevoerde ambtenaren is opgesteld. Immers, welke politieke partij is tegen een goede verstandhouding tussen de burger en overheid, waarbij de overheid de wensen en de rechten van burgers maximaliseert? U raadt het al, geen enkele politieke partij; het is een totaal gedepolitiseerde kwestie. De aanleiding voor de oprichting van NSC is slechts de bestuurlijke tekortkomingen die sinds ‘Groningen’ en het toeslagenschandaal aan het licht zijn gekomen, NSC put verder niet uit een overduidelijke ideologische inspiratiebron. Ook dat is kenmerkend voor een ambtelijke óf academische aanbeveling. Daardoor blijven de oplossingen voor de probleemanalyse (de aanleiding voor de oprichting van NSC) beperkt tot technocratische oplossingen. Iedere partij zal dus zeggen dat het ook voorstander is van ‘goed bestuur’. Het wezenlijke verschil met NSC is dat zij hiervoor wél vertrekken vanuit een bepaalde ideologie met sterke historische wortels. De sociaaldemocraten (GL-PvdA) zullen betogen dat goed bestuur inhoudt dat er een actief opererende overheid moet zijn met relatief grote bevoegdheden, die met name dienstbaar is aan de kwetsbaren van de samenleving. De liberalen (VVD/D66) zullen zeggen dat goed bestuur inhoudt dat de overheid zich beperkt tot haar kerntaken en dat de regeldruk en/of bureaucratie niet te groot moet zijn om zo het ondernemersklimaat te beschermen, de overheid heeft daarbij met name een faciliterende taak om het individu en de gehele economie tot bloei te laten komen. De christendemocraten (CDA) zoeken daarin een balans: de overheid heeft een belangrijke rol, evenals de markt, maar de rol van het maatschappelijke middenveld moet niet uit het oog verloren worden. NSC laat zich niet herkenbaar inspireren door zo’n politieke stroming, het hanteert naar mijn mening een nauwe ambtelijke/academische benadering van het functioneren van de overheid. NSC profiteert op dit moment nog van de enorme reputatie die Omtzigt heeft opgebouwd nadat hij het toeslagenschandaal aan het licht bracht. Maar als dit in de toekomst minder relevant wordt, dan zal NSC zich toch echt meer in ideologische zin moeten profileren. Want het electoraat zal zich dan afvragen waar NSC eigenlijk voor staat? Dit is naar mijn mening een belangrijk gegeven waarom NSC geen duurzame ‘volkspartij’ kan zijn. Het is te bureaucratisch en te apolitiek. In het voorgaande heb ik aangetoond dat NSC gedepolitiseerde standpunten uitdraagt waar eigenlijk iedereen mee eens is; eentje uit de categorie ‘iedereen zou rijker, gezonder en gelukkiger moeten zijn’. Ik wil nu een bescheiden inschatting maken of die restauratie van de rechtstaat en goed bestuur worden gerealiseerd. In het Hoofdlijnenakkoord hebben de vier coalitiepartijen, incluis NSC, enkele plannen van NSC hieromtrent 1 op 1 overgenomen. Zoals het voorstel om tot een constitutioneel hof te komen, de invoering van het recht om te vergissen en een herziening van de Archiefwet. De tijd zal uiteraard uitwijzen of deze ambities inderdaad realiteit worden en of dit het vertrouwen in de overheid kan herstellen. Persoonlijk denk ik dat bijvoorbeeld dat zo’n consitutioneel hof uiteindelijk helemaal niet van de grond komt, omdat dit een herziening van onze constitutie vergt. Als het voorstel er dan toch van komt dan denk ik dat het enkel tot meer polarisering en politisering leidt: rechters die politieke besluiten eventueel gaan terugfluiten zullen van politieke vooringenomenheid worden beticht, zoals dat overigens nu ook wordt gedaan door radicaalrechts (het bekende D66-rechters- frame). Daar staat tegenover dat er ook veel maatregelen in het hoofdlijnenakkoord staan die lijnrecht ingaan met rechtsstatelijke beginselen. Het kabinet wil bijvoorbeeld telefoons van asielzoekers uitlezen. Verder moet de nieuwe regering relschoppers tijdens demonstraties harder aanpakken en er moet strenger toezicht gehouden worden op ‘informeel onderwijs’. Deze plannen zijn volgens (hooggeplaatste) Rijksambtenaren vrij moeilijk te realiseren zonder schade aan de rechtsstaat te berokkenen. Denk aan het demonstratierecht, de vrijheid van onderwijs (art. 23 GW) en andere mensenrechten. Dus waar NSC enerzijds in het akkoord allerlei veelbelovende maatregelen neemt om de rechtsstaat sterker te maken, staat NSC het anderzijds toe dat de overheid een grotere toezichthoudende rol mag innemen ten opzichte van de burger. We hebben met de toeslagenaffaire gezien wat doorgeschoten overheidstoezicht wel niet voor een schade kan veroorzaken. Hier lijkt NSC dus kennelijk niets geleerd te hebben van het toeslagenschandaal. Als vervelende demonstranten en asielzoekers harder aangepakt kunnen worden, dan is ‘goed bestuur’ en ‘herstel rechtsstaat’ niet meer zo belangrijk. Naast de beloften van het kabinet om de rechtsstaat te verbeteren, is de samenstelling van het nieuwe kabinet uiteraard een belangrijke indicator om te bepalen of er inderdaad sprake zal zijn van ‘goed bestuur’ en ‘herstel rechtsstaat’. Hun (vermoedelijke) werkcultuur speelt hierbij eveneens een cruciale rol. Ik denk dat er op grond van het zomerreces al een zeer betrouwbare inschatting gemaakt zou kunnen worden. Het lijkt mij zeer waarschijnlijk dat die kundige NSC-bewindspersonen primair bezig zijn met het handhaven van de status quo. Dit komt vanwege de roekeloosheid van de PVV-bewindspersonen. Minister Faber (PVV) kondigde bijvoorbeeld de asielcrisis aan, terwijl de juridische onderbouwing hiervoor ontbeerde. Even later moest Faber terugkomen op haar asielcrisis-uitspraak, vermoedelijk werd ze door haar ministerploeg of haar eigen ambtenaren teruggefloten. Faber zal in de toekomst, onder druk van haar autoritaire partijleider alle middelen die zij tot haar beschikking heeft, inzetten om de ‘asielkraan’ dicht te draaien. De NSC-bewindspersonen zullen waakzaam moeten zijn dat de PVV op dit punt niet al te veel bewegingsruimte krijgt. Ook van die eerder genoemde autoritaire partijleider, Geert Wilders, zullen NSC-ministers en staatssecretarissen hun handen vol hebben. Wilders vaart bijvoorbeeld een eigen koers ten aanzien van buitenlandse kwesties. Wilders onderhoudt daarbij vriendschappen met Midden-Europese autocraten en er wordt een geradicaliseerd pro-Israël beleid voorgestaan. Ik noemde Caspar Veldkamp in een eerder Anti-Populista-artikel al ‘de puinruimer van Wilders’, na afloop van de diplomatieke rel met Jordanië. Toen werd Veldkamp al aan het werk gezet om de geradicaliseerde taal (inzake het Israël-Palestina conflict) recht te zetten. Dat zal de komende jaren niet anders zijn: Wilders heeft na ‘Jordanië’ zijn Twittergedrag geenszins gematigd, integendeel. Op 1 september Tweette Wilders dat de vrede in het Midden-Oosten enkel bewerkstelligd kan worden als Hamas bij de wortel bestreden is. Dit staat haaks op het buitenlandbeleid van kabinet-Schoof dat voor de-escalatie zegt te staan. Het uitwerken van een coherent buitenlandbeleid en degelijke uitvoering hiervan hoort naar mijn mening ook bij ‘Goed Bestuur’ waarbij Nederland een betrouwbare, constructieve factor is in de wereld. Het is afwachten of Wilders dit streven van Veldkamp niet onnodig in de wielen gaat rijden en of de betrouwbaarheid van Nederland in het buitenland en in het diplomatieke verkeer geen deuken gaat oplopen. Je kan je dus stellig afvragen hoe betrouwbaar de overheid wordt gepercipieerd door burgers als de PVV een destructieve, verstorende interne factor blijkt te zijn. Het is zaak voor NSC dat zij deze bewindspersonen zoveel mogelijk inkapselen, anders zal er chaos ontstaan. Het roekeloze gehalte van PVV-ministers en politici an sich zal dus een extra bemoeilijkende factor zijn voor NSC om ‘goed bestuur’ af te dwingen. Daarnaast zijn de ideologische overtuigingen van de PVV ook een factor om rekening mee te houden. De PVV heeft dan wel een basislijnakkoord ondertekend met daarin een verklaring de rechtsstaat te beschermen. Maar de PVV heeft zich in 15 jaar tijd nooit geïnteresseerd voor rechtsstatelijke beginselen. Sterker nog: de PVV schopte altijd tegen die rechtsstaat aan met haar islamofobe, discriminatoire gedachtegoed. Ik vraag me daarom af wat zo’n akkoord waard is? Deze PVV-bewindspersonen zijn in die jaren helemaal gesocialiseerd binnen die PVV-kringen, een basislijnenakkoord doet dat niet zomaar allemaal teniet. In ieder geval zullen deze PVV-bewindspersonen zich met hun ‘PVV-idealen’ gaan verhouden tot het aanstaande Regeerprogram. Ook dat is zeer risicovol. Op basis van deze vraagtekens en onzekerheden vermoed ik dat het voor NSC een hels karwei wordt om de staat van de rechtsstaat en het bestuur na de Ruttiaanse jaren te handhaven, laat staan te verbeteren. De laatste bekende pilaar van Omtzigt: bestaanszekerheid Dan het laatste concept van de heilige drie-eenheid van Omtzigt: ‘bestaanszekerheid’. Bestaanszekerheid houdt in dat mensen verzekerd moeten zijn van toegang tot voedsel en energie, maar ook tot huisvesting. Het hoort bij zijn bredere opvatting dat de overheid een belangrijke rol heeft in het verzekeren van het welzijn van haar burgers. Ook dit raakt overigens weer aan dat herstel van de vertrouwensrelatie tussen burger en overheid: de overheid die er voor de burger is. Naar aanleiding van een motie van Omtzigt werd er een commissie in het leven geroepen met deskundigen die zouden becijferen en aanbevelingen zouden doen hoe de bestaanszekerheid van minima zou kunnen worden verzekerd. Deze commissie publiceerde vorig jaar het rapport ‘Een zeker bestaan II’ en overhandigde dit aan toenmalig minister van Armoedebeleid Carola Schouten. Het rapport bestaat uit meer dan 200 pagina’s dus ik zou enkel de kernpunten behandelen. De commissie adviseert om structureel het minimumloon en de bijstand te verhogen. De bijstand zou volgens de commissie met 14% verhoogd worden om bestaanszekerheid te verzekeren en het minimumloon met maar liefst 7%. Vooral het inkomen van huishoudens met kinderen krijgt bijzondere aandacht, dit moet verhoogd worden door de kinderbijslag te verhogen en/of het kindgebonden budget. De commissie erkent dat de prikkel om meer te gaan werken verminderd wordt als je dit adviesrapport integraal overneemt. Echter, volgens de commissie moet dit beschouwd worden als een investering. De inkomensondersteuning leidt er namelijk op termijn toe dat het gebruik van zorg en sociale ondersteuning (door minima) zal verminderen. Als je deze aanbevelingen integraal zou overnemen, dan zou het 6 miljard euro structureel kosten, dat zou ongeveer anderhalf procent van de Rijksbegroting zijn (1,38%). Een aanzienlijk bedrag, maar niet gigantisch veel. Je zou dus verwachten dat Omtzigt tijdens de formatieonderhandelingen ervoor zou knokken dat deze adviezen overgenomen worden, of in ieder geval een afgeslankte versie ervan. Echter, in het Hoofdlijnenakkoord is hier weinig over terug te lezen. Terwijl Omtzigt vandaag nog kenbaar maakte dat hij specifiek opkomt “voor mensen die in de knel zitten”. In het Hoofdlijnenakkoord komt de stelling weliswaar aan bod dat dat de kosten voor algehele levensonderhoud te hoog worden voor mensen, maar er is een ideologische visie die verhindert dat het Hoofdlijnenakkoord het SCP-rapport overneemt. In het akkoord staat dat iedereen erop vooruit moet gaan, ook de middeninkomens en de hardwerkende mensen. Armoede moet wel bestreden worden, zonder dat dit nivellerende effecten veroorzaakt. ‘Nivellering’ heeft in het Hoofdlijnenakkoord, zonder enige vermelding, per definitie een negatieve connotatie. Zodoende worden de aanbevelingen van de Commissie nauwelijks overgenomen, omdat dit nivellerende gevolgen kan hebben. Het nieuwe kabinet heeft het rapport echter niet compleet genegeerd. Net zoals in het SCP-rapport adviseert, belooft het kabinet aan de slag te gaan met de verbetering van de schuldhulpverlening, en er wordt gewerkt aan een knelpuntenaanpak voor specifieke groepen onder het bestaansminimum. Het is verder niet uitgewerkt hoe deze ambities worden uitgevoerd, het toekomstige Regeerprogram zal naar waarschijnlijkheid dit verhelderen. Maar de eerder vermelde kernpunten uit rapport zijn dus niet terug te vinden. Om aan de ideologische visie rondom sociaal-financieel beleid te voldoen: ‘Iedereen moet erop vooruitgaan’ en ‘werken moet lonen’ worden er wél plannen voorgesteld die niet-inkomensafhankelijk zijn, zoals de halvering van het eigen risico. Dat zal natuurlijk enige verlichting beiden voor minima, maar je gaat zo niet goed om met het kostbare belastinggeld. Ook inkomensgroepen die zulke steuntjes in de rug geenszins nodig hebben, profiteren hier namelijk van. Het dogmatische afwijzen van nivellering, zorgt er, zoals eerder vermeld, voor dat de maatregelen van het SCP grotendeels niet worden overgenomen. Ik ben van mening dat nivellering ook niet noodzakelijkerwijs een doelstelling op zich moet zijn, maar ik vind het aan de andere kant ook zeer raar om bepaalde sociale maatregelen per definitie af te wijzen omdat dit mogelijk wel eens -als onbedoeld bijeffect- voor wat nivellering zorgt. Alsof ‘nivellering’ een vies en eng fenomeen is, dat schadelijk is voor de samenleving. De ambitie van het kabinet was tot slot om de uitkeringen met ongeveer twee procent te verhogen. De begrotingsplannen zijn echter vandaag (toevalligerwijs) uitgelekt en daaruit blijkt dat de uitkeringen met slechts 1% verhoogd zullen gaan worden. Dit is derhalve een fractie van wat de commissie adviseerde voor bijvoorbeeld de bijstand (14% verhoging). Eerder werd bovendien bekend dat aangekondigde verhoging van het minimumloon teruggedraaid wordt; de commissie adviseerde echter een verhoging van 7%. Omtzigt is er dus niet in geslaagd om tijdens het onderhandelingsproces de aanbevelingen van de commissie grotendeels in het Hoofdlijnenakkoord te krijgen, diezelfde commissie die naar aanleiding van zijn motie nota bene in het leven was geroepen. Ik vind het ook belangrijk om de middeninkomens te helpen, maar ik mis hier een prioritering: eerst de minima helpen en dan kijken wat je voor de rest van de samenleving kan betekenen. Voorts is het zo dat de overheid nu niet op een doelmatige wijze financieel-sociale maatregelen treft, groepen die eigenlijk geen verlichting van het uitgavenpatroon nodig hebben, krijgen die wel van het kabinet. Hierdoor wordt er naar mijn mening onnodig gemeenschapsgeld verkwist. Allemaal om dat ogenschijnlijk rechtvaardige idee ‘iedereen moet erop vooruitgaan’ in beleid om te zetten. Met als resultaat dat de minima nog altijd niet verzekerd zijn van hun bestaan. Daarnaast help je de middeninkomens op de lange termijn meer met fikse investeringen in het Nederlandse verdienmodel. Dit doe je door fors te investeren in innovatie en onderwijs, zodat de middenstand afdoende gekwalificeerd is om de banen van de toekomst te kunnen uitvoeren of deze toekomstig banen zelfs te creëren (ondernemerschap). Dit kabinet gaat daarentegen flink snijden in de financiën voor onderwijs en innovatie, dus dat gebeurt ook al niet. Bovendien help je de gehele samenleving, dus ook de middeninkomens ermee als het gebruik van sociale hulpverlening en zorg (zoals de commissie stelt) op termijn vermindert als de minima voldoende kunnen rondkomen. Dit biedt immers weer soelaas op de Rijksbegroting waar ‘hardwerkend Nederland’ vanzelfsprekend aan meebetaalt. Conclusie: de drie zuilen van NSC zullen spoedig omvallen Kort gezegd ziet het er naar uit dat NSC zijn heilige drie-eenheid niet om gaat zetten in concreet beleid. Herstel van de rechtsstaat en goed bestuur zijn namelijk lastig met de roekeloze PVV-politici te bereiken, daarnaast twijfel ik aan hun (=van de PVV’ers) rechtsstatelijke inborst en hun bereidwilligheid om de rechtsstaat te verbeteren. Ik zou het al een zeer knappe prestatie vinden als NSC de Ruttiaanse status quo weet te handhaven. Tot slot, zijn de aanbevelingen in het SCP-rapport omtrent bestaanszekerheid slechts mondjesmaat overgenomen. Dat komt omdat dit kabinet van mening is dat iedereen erop moet vooruitgaan, en dan met name de middenklasse/hardwerkend Nederland. Hierdoor verkwist het kabinet veel geld en onder de streep kunnen minima nog altijd niet rondkomen. NSC moet dus oppassen dat de partij niet binnen afzienbare tijd ophoudt te bestaan, niet alleen vanwege het feit dat ze hun beloften niet waar zullen maken, maar ook omdat NSC geen zichtbaar ideologisch profiel heeft.   Dit artikel werd geschreven door Bram van Gendt en overgenomen van anti-populista.

Foto: Number 10 (cc)

De ‘politieke aardverschuiving’ in het Verenigd Koninkrijk: overwinning van de democratische rechtsstaat?

COLUMN - van Jorieke Manenschijn (*)

Hoewel het VK traditioneel gezien bekend staat als een oude, stabiele democratie, werden er de afgelopen jaren steeds meer zorgen geuit om de staat van de democratische rechtsstaat in het Verenigd Koninkrijk.

De conservatieve partij werd geteisterd door interne schandalen, schendingen van het ongeschreven recht en conventies, en clashes met de rechterlijke macht, zowel binnen het VK als internationaal. Waar de rest van Europa verder naar rechts schuift, lijkt het VK een tegengestelde beweging te maken. Kunnen we dit zien als overwinning van de democratische rechtsstaat na een periode van rechtsstatelijke onrust?

De verkiezingen

Op 22 mei 2024 kondigde Rishi Sunak, terwijl de conservatieve partij zeer laag in de peilingen stonden, nieuwe verkiezingen aan. Met voorzichtig optimistische inflatiecijfers in de hand hoopte hij een verkiezingsnederlaag te beperken. Dit bleek valse hoop.

Met 411 zetels voor Labour (+209 zetels) en slechts 121 zetels voor de Conservatieve partij (-244 zetels), heeft er een enorme machtsverschuiving plaatsgevonden. Dit roept vragen op over hoe we deze ‘landslide’ moeten interpreteren. Waar in Europa veel landen een ruk naar rechts maakte, won in het VK juist een centrum-links partij.

Hoewel deze overwinning geïnterpreteerd zou kunnen worden als een overwinning van de democratie tegenover het populisme, laten onderzoeken onder kiezers zien dat er een (grote) groep kiezers is die vooral op Labour stemde om de Conservatieve partij van de macht te houden. Deze strategie lijkt succesvol te zijn, want Labour heeft het grootste aantal zetels ooit behaald (63%) ten opzichte van het aantal stemmen (33.7%).

Doe het veilig met NordVPN

Sargasso heeft privacy hoog in het vaandel staan. Nu we allemaal meer dingen online doen is een goede VPN-service belangrijk om je privacy te beschermen. Volgens techsite CNET is NordVPN de meest betrouwbare en veilige VPN-service. De app is makkelijk in gebruik en je kunt tot zes verbindingen tegelijk tot stand brengen. NordVPN kwam bij een speedtest als pijlsnel uit de bus en is dus ook geschikt als je wil gamen, Netflixen of downloaden.

Quote du jour | Leven in de bijstand

QUOTE - In het magazine Sprank van Divosa (de vereniging van sociale diensten) staat een inzichtgevend interview met iemand in de bijstand. Over hoe dat is, leven in de bijstand. Niet alleen de beperkte hoeveelheid geld, maar misschien nog belangrijker, de bejegening door de overheid:

Terugkijkend op alle jaren dat ze van een bijstandsuitkering leeft, ziet ze het gebrek aan geld niet als het grootste probleem. “Ik leef heel zuinig, heel sober. Voor de kinderen vond ik het weleens sneu dat we niet veel geld hadden. Maar zelf heb ik niet veel nodig. Ik zet de thermostaat laag en spaar soms voor de luxere dingen. Nee, het probleem zijn de brieven die binnenkomen. De gesprekken die ik moet voeren. Elke keer als er een brief op de mat ligt, denk ik: wat willen ze nu weer?” Jarenlange controles van haar inkomsten, bankafschriften en alle andere zaken die mogelijk van invloed zijn op haar uitkering hebben Kaatje het gevoel gegeven dat ze zich moet verdedigen, moet verantwoorden. Dat ze niet vertrouwd wordt. “Ik heb niets misdaan, maar toch benadert de gemeente me vanuit wantrouwen en controle.

Foto: Mike Andrews (cc)

Wat als de democratie zelf op het stembiljet staat?

Op 5 november zijn de ogen van de wereld gericht op de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Voor tegenstanders van Trump is het niets minder dan een strijd om het voortbestaan van de democratie. Projectondersteuner Pien Barnas vraagt zich af hoe radicaal-rechts zo groot kon worden. En kan de geest weer in de fles?

Nu de autocratische neigingen van Trump steeds zichtbaarder worden, nemen de zorgen over de toekomst van de Amerikaanse democratie toe. Antidemocratische uitspraken zijn de laatste tijd eerder regel dan uitzondering voor de ex-president. Hij noemde de New Yorkse rechter die hem veroordeelde voor het vervalsen van documenten ‘corrupt’, kondigde aan tienduizenden ambtenaren te ontslaan die hij als tegenstanders ziet, en zei eind 2023 dat hij bij verkiezingswinst voor één dag dictator zou zijn, om zo aan de door hem zo gewilde muur aan de Amerikaanse zuidgrens te beginnen. Het is dan ook niet verrassend dat Biden zichzelf presenteerde als de keuze voor iedereen die wil voorkomen dat de VS afglijden naar een autocratie. “De democratie staat op het stembiljet,” stelde hij. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?

Van conservatief naar radicaal-rechts

In een recent interview in de Groene Amsterdammer beschrijft de Amerikaanse politicoloog Daniel Ziblatt hoe conservatieven een cruciale rol spelen in de afbraak van democratieën, ook in de VS. Conservatieve Republikeinen, die in 2016 nog waarschuwden voor Trump, hebben zich inmiddels allemaal achter hem geschaard. In zijn meest recente boek Tyranny of the Minority (2023) maakt Ziblatt een onderscheid tussen politici die loyaal of semi-loyaal zijn aan de democratie. Die laatste groep is niet per se autoritair, maar weigert – uit politiek gewin – om antidemocratisch gedrag van anderen te veroordelen. Dat zie je in de Republikeinse partij, maar ook bij rechts-conservatieve partijen in andere landen, zoals het Verenigd Koninkrijk en Nederland. Ziblatt:

Foto: Roel Wijnants (cc)

Morrelen aan de demonstratievrijheid

COLUMN - Het komt niet geheel onverwacht. De minister van Justitie van het nieuwe kabinet-Schoof David van Weel (VVD) wil nagaan of er ‘binnen de grenzen van het demonstratierecht’ ruimte is om beperkingen op te leggen aan demonstranten. Hij wil niet over een inperking van het demonstratierecht spreken, maar wel grenzen stellen. Wat is het verschil, vraag je je af. Een belangrijke reden voor zijn plan: mensen begrijpen niet dat een overmacht aan agenten moet worden  ingezet voor demonstranten die zich op de snelweg vastplakken terwijl die agenten elders nodig zijn voor een voetbalwedstrijd of een festival. En de agenten begrijpen het zelf ook niet.

Het is het populisme ten voeten uit. Het volk wil festivals en voetbal. En doorjakkeren op de snelweg. Dus weg met die demonstranten. Dat grondrechten door veel mensen niet goed worden begrepen is niet zo verwonderlijk. Juridische zaken zijn niet altijd even simpel. Maar van een minister van Justitie mag je verwachten dat hij de wet kan uitleggen én verdedigen. En niet dat hij onbegrip beloont met juridisch discutabele maatregelen.

Dat Van Weel de klimaatactivisten noemt in zijn voorbeeld en niet de boeren van zijn coalitiegenoot die zonder veel tegenstand snelwegen mochten blokkeren is ook niet bepaald geruststellend. Kennelijk is deze regering niet vies van het maken van inhoudelijke keuzes terwijl de overheid zich volgens de wet en internationale verdragen juist moet onthouden van bemoeienis met de inhoud en het doel van een demonstratie.

Doneer voor ¡eXisto!, een boek over trans mannen in Colombia

Fotograaf Jasper Groen heeft jouw hulp nodig bij het maken van ¡eXisto! (“Ik besta!”). Voor dit project fotografeerde hij gedurende meerdere jaren Colombiaanse trans mannen en non-binaire personen. Deze twee groepen zijn veel minder zichtbaar dan trans vrouwen. Met dit boek wil hij hun bestaan onderstrepen.

De ruim dertig jongeren in ¡eXisto! kijken afwisselend trots, onzeker of strak in de camera. Het zijn indringende portretten die ook ontroeren. Naast de foto’s komen bovendien persoonlijke en vaak emotionele verhalen te staan, die door de jongeren zelf geschreven zijn. Zo wordt dit geen boek óver, maar mét en voor een belangrijk deel dóór trans personen.

Quote du jour | Haat

QUOTE - Mieke van Stigt is een fantastische columnist waarvan ik me er vaker over heb verbaasd dat ze niet voor een grote krant schrijft. Maar Sociale Vraagstukken is natuurlijk ook een mooi podium. In haar laatste column Laten we ons regeren door haat? laat ze haar licht schijnen over de verrechtsing van Nederland:

Het is dus niet zozeer dat rechts een goéd verhaal heeft. Ze heeft vooral de beste organisatie en samenwerking: politiek en justitieel, maar ook steun van de grote bedrijven, in de media én op de socials, waar de haters klaarzitten om elk links geluid te bestoken. Ook hier met vergaande gevolgen, zoals het vertrek van oud-minister Sigrid Kaag vanwege bedreigingen naar haar gezin.

Het verhaal van rechts is ook het meest concreet: je afzetten tegen een relatief machteloze groep is veilig en levert saamhorigheid op met de eigen groep, terwijl het bedreigend kan voelen om je te verzetten tegen je groep: jij kunt immers het volgende doelwit zijn.

Foto: Roel Wijnants (cc)

Mona Keijzer ontloopt strafvervolging

COLUMN - Het OM in Amsterdam heeft de aangiftes tegen Mona Keijzer wegens haar uitlatingen in de talkshow Sophie & Jeroen van 17 mei 2024 geseponeerd. Ze gaf een toelichting op het hoofdlijnenakkoord van de nieuwe coalitie waarin een streng asielbeleid staat aangekondigd. Nieuwkomers zouden bij de inburgering meer moeten worden geconfronteerd met wat er tijdens de Holocaust met joden is gebeurd. Onder de migranten zijn immers veel mensen uit islamitische landen en, zei Keijzer, ,,We weten dat daar Jodenhaat bijna onderdeel is van de cultuur.” Ook na kritiek, van onder andere Arnon Grunberg, bleef Keijzer bij haar uitspraak. Ze maakte wel haar excuus en zei dat ze niet alle moslims bedoelde. Later verwees ze naar de reacties in islamitische landen op de moordpartij door Hamas op 7 oktober 2023 en naar uitspraken van de socioloog Ruud Koopmans.

Zestien mensen deden aangifte wegens groepsbelediging. Het OM heeft geconcludeerd dat de uitingen in beginsel strafbaar zijn, maar dat een strafrechtelijke vervolging van de politicus in dit geval in strijd is met de vrijheid van meningsuiting. ‘Het OM is van oordeel dat de uitlatingen die door Keijzer zijn gedaan op zichzelf beledigend zijn over een groep mensen wegens ras en godsdienst en, ook in de context van het publieke debat, onnodig grievend zijn. Keijzer heeft naar het oordeel van het OM onvoldoende verantwoordelijkheid genomen om te voorkomen dat haar uitingen die zij in de talkshow Sophie & Jeroen heeft gedaan zouden aanzetten tot onverdraagzaamheid.’

Foto: Soumyadeep Paul (cc)

Maak stap naar rechter niet moeilijker voor belangenorganisaties

De nieuwe coalitie wil het voor ideële belangenorganisaties moeilijker maken om politieke besluiten bij de rechter aan te vechten. Ze zouden niet representatief genoeg zijn en het algemeen belang negeren. Volgens universitair docent Rowie Stolk hebben de coalitiepartijen het mis.

Als belangenorganisaties naar de rechter stappen – en dat doen ze al heel lang – is dat vaak over lokale kwesties. In het algemeen besteden de media er weinig aandacht aan. Dat is anders als grote maatschappelijke kwesties in het geding zijn, zoals de vluchtelingenopvangcrisis, de wooncrisis en de klimaatcrisis. De politieke ophef is vaak groot als Urgenda, Mobilisation for the Environment of Milieudefensie successen boeken in de rechtbank.

Representativiteit

Sterker nog, dat succes lijkt de hoofdreden te zijn dat de SGP halverwege maart van dit jaar opnieuw een motie indiende die de rechter verplicht voortaan extra eisen te stellen aan ideële belangenorganisaties die procedures aanspannen tegen de staat. Ook in het Hoofdlijnenakkoord (pagina 18) is een zin opgenomen over hun representativiteit.

Mensenrechten zijn er juist ook voor minderheden. Massa lijkt dan geen criterium

De vraag is of als een gerechtelijke uitspraak grote politieke gevolgen heeft, dat dan de eis rechtvaardigt dat een belangenorganisatie over voldoende massa moet beschikken. Het antwoord kan kort zijn: nee. Mensenrechten zijn er juist ook voor minderheden. Massa lijkt mij dan geen criterium.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Guido van Nispen (cc)

Assange is vrij – maar journalisten blijven bedreigd

Julian Assange viert vandaag zijn 53e verjaardag. Voor het eerst sinds lange tijd in vrijheid. Vorige week werd hij uit de gevangenis in Londen overgebracht naar een Amerikaans eiland in de Stille Oceaan waar de rechter hem veroordeelde tot vijf jaar gevangenis vanwege het overtreden van de spionagewet. Omdat hij in Engeland al vijf jaar had vastgezeten in afwachting van uitlevering aan de VS werd hij onmiddellijk vrijgelaten. Het was allemaal onderdeel van de deal die zijn juridisch team met de Amerikaanse aanklagers had gesloten. Assange zat al sinds april 2019 opgesloten in de Belmarsh-gevangenis in Londen. Daarvoor verbleef hij zeven jaar als asielzoeker op de ambassade van Ecuador. Hij kreeg daar een relatie met zijn advocaat Stella met wie hij inmiddels twee kinderen heeft.

De onderhandelingen over de vrijlating van haar man hebben volgens Stella Assange aangetoond dat de regering van de Verenigde Staten zich buitengewoon ongemakkelijk heeft gevoeld bij de meest recente uitspraak van de Britse rechter. Die hield in dat Assange tegen zijn uitlevering in beroep mocht gaan. Een zwak punt in de aanpak van de Amerikaanse aanklagers vormde de onzekerheid over de toepassing van het First Amendment – als het tot een proces zou komen in de VS. De vraag was of Assange als niet-Amerikaan wel een beroep zou kunnen doen op gelijke behandeling inzake de grondwettelijke free speech. Voor de Britten een onoverkomelijk punt. Om een eventuele nederlaag bij de Britse rechter van beroep te vermijden zouden de Amerikanen bereid zijn geweest tot een vergaande deal die Assange feitelijk meteen op vrije voeten stelde. Wat ook nog meegespeeld kan hebben is de vrees dat, als het toch tot uitlevering zou komen, Assange in een daarop volgend proces in de VS wel eens een boekje open zou kunnen doen over de plannen van de CIA om hem te ontvoeren en zelfs te vermoorden.

Foto: Dietmut Teijgeman-Hansen (cc)

Het constitutioneel hof als kenmerk en symbool voor goed bestuur

COLUMN - Een van de door NSC bewerkstelligde punten in het Hoofdlijnenakkoord betreft de oprichting van een constitutioneel hof, een nieuwe rechterlijke instantie die wetten kan toetsen aan de grondwet. Wat betekent dit? Een column van Aalt Willem Heringa.

Natuurlijk is constitutionele toetsing belangrijk: is rechterlijke controle, langs de lat van grondwet, internationaal recht, EU-recht en fundamentele rechtsbeginselen belangrijk. Maar even zo belangrijk, zo niet nog crucialer, is dat wetgever en bestuur, niet van alles en nog wat laten aankomen op oordelen van rechter en eventueel een constitutioneel hof. Maar dat zij zelf inzetten op het voorkomen van rechterlijk ingrijpen.

Wanneer dat niet gebeurt, wordt de rechter, en straks het constitutionele hof, te vaak voor het blok gezet en genoodzaakt om wetgeving en bestuurshandelen in te perken. Met als onterecht, maar toch vaak geuit verwijt, dat rechters te veel ingrijpen in politieke besluiten.

We moeten (kunnen) verwachten dat wetgever en bestuur en de politiek bij het ontwerpen van regels en besluiten zich rekenschap geven van juridische grenzen in grondwet, verdragen, EU recht en fundamentele rechtsbeginselen en daarnaar handelen. En dus niet plannen smeden die welhaast zeker afstuiten op rechterlijke en Europeesrechtelijke veto’s. Dat zet de rechtsstaat alsdan waarlijk onder druk.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Vorige Volgende