“1 miljoen doden door kernramp Tsjernobyl”
Vandaag is het vijfentwintig jaar geleden dat de kernreactor in Tsjernobyl explodeerde. In de week na de explosie moest ik als brugpieper van mijn moeder in een regenpak naar school fietsen, ook al regende het nauwelijks. Misschien zou het helpen tegen de straling die vanachter het IJzeren Gordijn op ons neerdaalde? Los van het feit of een regenpak afdoende beschermd tegen radioactief iodium en cesium was bij nader inzien voorzichtigheid geen overdreven reactie.
Vijfentwintig jaar na de kernramp is er nog steeds geen overeenstemming over het aantal slachtoffers van de kernramp maakte. Maar het RIVM concludeerde onlangs dat er ook in Nederland doden zijn gevallen door de straling van Tsjernobyl. Dit sluit aan bij aanzwellende geluiden dat het effect van lage hoeveelheden straling wel degelijk ernstig kunnen zijn. Dit jaar verscheen er een rapport op basis van uitgebreid wetenschappelijk onderzoek waarin geconcludeerd wordt dat tussen 1986 en 2004 in totaal 985.000 doden zijn gevallen als gevolg van de kernramp Tsjernobyl. Het is het eerste onderzoek naar de kernramp dat lokale gezondheidsdata uit Oekraïne, Wit-Rusland en de regio systematisch analyseert. De onderzoekers ontdekten dat niet alleen kanker, maar ook hart- en hersenproblemen als gevolg van de kernramp veelvuldig voorkwamen. Chernobyl: Consequences of the Catastrophe for People and the Environment (.pdf) gepubliceerd door de New York Academy of Sciences, wordt echter genegeerd door de Wereldgezondheidsorganisatie. Waarschijnlijk omdat dit VN-orgaan een agreement (WHA 12-40) heeft met een andere VN instantie: het Internationaal Atoomagentschap. Deze instantie houdt vast aan 4.000 doden wereldwijd. Maar het rapport dat spreekt van bijna 1 miljoen doden blijft staan en is daarmee nog niet weerlegt.
Afgelopen woensdag belegde de Staten-Generaal een miniconferentie over kabinetsformaties in de oude vergaderzaal van de Tweede Kamer. Er was nogal wat staatsrechtelijk kaliber uitgerukt, waardoor het aardig werd om de interactie met de actieve politici te bestuderen. Het ging meteen al mis toen Mariette Hamer de termijn waarin de Kiesraad de verkiezingsuitslag officieel vaststelt en de oude kamer de geloofsbrieven van de nieuwe kamer onderzoekt, ‘de acht dagen’, aanwees als een grote veroorzaker van de problemen. ‘Als formalisme opgetuigde politieke onwil,’ haalde prof. Van den Berg meteen uit. Hamer trok zich verschrikt terug achter haar ‘worsteling’ met het probleem. Verbeet ondernam nog een reddingspoging door te vertellen over de onmogelijkheid om daags na de verkiezing fatsoenlijk met een kamerfractie te spreken, maar daarmee werd volgens mij juist een heel ander nut van de acht dagen bewezen. Van een geheel andere orde was Senator Arjan Vliegenthart. Hij combineerde scherpe politieke stellingname met inhoudelijke kennis, en schudde waar nodig ook nog even Kuypers ontbinding van de Eerste Kamer uit de mouw. Eigenlijk had hij naast Kox in de Staatsrecht Senator Stemwijzer voor de SP moeten zitten.
Het is een aparte rechtszaak die vandaag in Rotterdam dient. Het Riagg staat tegenover de gemeente om alsnog 3,5 ton subsidie op te eisen. De zaak gaat echter niet over geld, maar over uw gezin.
In de nasleep van het drama van Alphen wordt de vraag gesteld hoe het kan dat de radicalisering van Tristan van der V. niet eerder door zijn omgeving opgepakt werd.