Neoliberaal getinte ‘roze’ positieve gezondheidsbril verblindt

Rob Arnoldus en Mark de Koning Welzijns-en gezondheidsinstanties omarmen schijnbaar gedachteloos het concept van positieve gezondheid. Met veerkracht, eigen regie en coping komt de zieke in beeld als een gezond mens. Het concept doet geen recht aan het lijden van ernstig zieke patiënten, aan de positie van groepen die over onvoldoende gezondheidsvaardigheden beschikken, en ook niet aan het recht op gezondheid. In 2011 verschijnt een artikel van Machteld Huber en collega’s in het British Medical Journal waarin afscheid wordt genomen van het alledaagse denken over gezondheid en impliciet ook van het recht op (volledige) gezondheid – als tegenpool van ziekte. De auteurs nemen afscheid van definitie van de World Health Organization (WHO) waarin gezondheid wordt gezien als een toestand van compleet lichamelijk, psychisch en sociaal welbevinden – en niet alleen de afwezigheid van ziekte en gebrek. Volgens hen zou de WHO-definitie medicalisering in de hand werken, te veel de nadruk leggen op wat niet kan en daarmee (oudere) chronisch, zieke mensen definitief ziek kunnen verklaren. In hun nieuwe positieve omschrijving wordt gezondheid benoemd als het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren in het licht van lichamelijke en sociale uitdagingen van het leven. Op de voorgrond staat het adaptievermogen: het vermogen van een individu om zich aan te passen aan een gewijzigde situatie. Sleutelbegrippen zijn veerkracht, eigen regie en coping. Van meet af aan was er fundamentele kritiek Het denken in termen van positieve gezondheid oogst in Nederland veel bijval, maar er is van meet af aan ook fundamentele kritiek. Het is verwarrend dat er gesproken wordt van een verschuiving van gezondheid als de afwezigheid van ziekte naar positieve gezondheid. Verwarrend is dat gezondheid niet langer te onderscheiden is van de veelal moeilijk te definiëren geestelijke gezondheid. Misplaatst is de bijdrage van het concept aan demedicalisering; ‘het alles is gezondheid’ denken wijst juist in de richting van medicalisering. Niet verhelderend is de toevoeging van het bijvoeglijk naamwoord ‘positief’. Het is immers niet duidelijk wanneer de omgang met gezondheid als positief moet worden beschouwd. Met de positieve bril op kunnen we gezonde baby’s chronisch ziek verklaren. Baby’s hebben immers geen adaptievermogen. Volwassenen daarentegen kunnen, ook als ze bijvoorbeeld getroffen worden door een dodelijke vorm van kanker of euthanasie overwegen, nog steeds positief gezond blijven of worden. Fundamenteel is de kritiek op het neoliberale en individualistische karakter van het concept waarbij het accent wordt gelegd op de redzaamheid van het individu. Het Rathenau Instituut plaatste in 2017 kanttekeningen bij een ideologische inzet van zelfredzaamheid en brede gezondheid. Gezondheid is immers ‘typisch zo’n domein waar mensen niet altijd even goed eigen regie kunnen houden.’ Er lijkt met dit ‘doe-het-zelf concept’ een nieuwe illusie van maakbaarheid gecreëerd, die van de individuele (psychische) maakbaarheid. Hierin besloten ligt een sociaal-morele plicht tot geluk. Als het individu er niet in slaagt om zich aan te passen aan alle uitdagingen rest altijd nog blaming the victim. Niet denkbeeldig is het risico op ontkenning van ziekte en gebrek en het lijden of de pijn van bijvoorbeeld patiënten met voor de zorgverlener (nog) onbegrepen klachten (zie ook Van Staa, Cardol, Van Dam, 2017). De kritiek richt zich ook op de met de introductie van het concept gepaard gaande gebrekkige toegang tot de gezondheidszorg voor bepaalde (achtergestelde) groepen die niet beschikken over voldoende gezondheidsvaardigheden (Rademakers, 2016). Deze kritiek raakt het vraagstuk van sociale ongelijkheid. Berg, Harting & Stronks (2019) signaleren dat een eenzijdige focus op het individu ten koste kan gaan van de sociale determinanten van gezondheid, zoals een schone woonomgeving, opleiding en inkomen. Deze sociale determinanten zijn, in tegenstelling tot de redzaamheid van het individu, succesvol door overheidsbeleid te beïnvloeden. Concept is in Nederland toch heel populair De internationale gemeenschap heeft de definitie niet overgenomen, maar in Nederland is het concept door vele welzijns-en gezondheidsinstanties omarmd. Veelal staat de vraag centraal hoe het concept succesvol is te implementeren. De vraag of het wel zinvol is om aan de slag te gaan met positieve gezondheid wordt haast niet meer gesteld. Wat verklaart deze succesvolle ontvangst? Het succes van positieve gezondheid is nauw verbonden met het draagvlak voor de positieve psychologie in Nederland. En in het verlengde daarvan, aan het verlangen om de eigen identiteit niet op te willen hangen aan negativiteit of ziekte en verval. Dit sluit aan bij de wijdverspreide, maar omstreden gedachte, dat je zelf succesvol het gevecht met de ziekte kunt aangaan (zie ook Sontag, 2001). Het concept is tevens naadloos in te passen in het denkraam achter de decentralisaties, waarbij de focus gericht is op zelfredzaamheid, preventie en leefstijl. Met de vergrijzing komen ook alle ongemakken en kwalen verbonden aan de ouderdom nadrukkelijker in beeld. Dit roept de vraag op of het wenselijk is om ‘alle vormen van ongemak’ als kostbaar medisch vraagstuk te benaderen. Het denken in termen van positieve gezondheid helpt hierbij. Tegelijkertijd is de focus op positieve gezondheid – aandacht voor de ‘mens als geheel’ – attractief voor gezondheidswerkers in een context waarin marktwerking, het volgen van protocollen en het efficiënt scannen van lichamelijke defecten alle tijd in beslag neemt (zie ook Bergsma, 2017). Tot slot is het succes een afgeleide van de laagdrempelige publicaties over positieve gezondheid met toegankelijke oplossingsgerichte informatie, zoals bijvoorbeeld van het Institute for Positive Health, Zorg voor Beter en de GGD. Maar draagt niet bij aan eerlijke zorg Het concept positieve gezondheid kent, zonder voorbij te gaan aan de succesvolle ontvangst, risico’s en beperkingen. Het risico is dat het recht op gezondheid aan de aandacht van de overheid ontsnapt. De focus is gericht op redzaamheid en individuele maakbaarheid. Door de neoliberaal getinte ‘roze’ positieve gezondheidsbril komt de ‘negatieve gezondheid’ van ernstig zieke patiënten niet in beeld en wordt ook de sociale ongelijkheid aan het oog onttrokken. Het nastreven van gezondheid en het waarmaken van het recht op gezondheid vraagt om een eerlijke toegang tot de zorg. Dit roept om beleid dat recht doet aan de juiste prioriteiten, namelijk het tegengaan van complexe sociale ongelijkheid in de zorg. En dus niet om het activeren van zorgbehoevenden of het legitimeren van een terugtrekkende overheid. Juist in deze tijd is er behoefte aan een realistisch perspectief op gezondheid. En daar past geen onrealistische, niet internationaal verankerde, warrige definitie bij. Wat te denken van het vooralsnog vasthouden aan de WHO-definitie en een halt toe te roepen aan de introductie van deze definitie in de beroepspraktijk? Er staat in de gezondheidszorg veel op het spel. Dit artikel verscheen eerder bij Sociale Vraagstukken. Rob Arnoldus is werkzaam als hogeschooldocent bij het Instituut voor Sociale Opleidingen van de Hogeschool Rotterdam. Mark de Koning is organisatieadviseur bij De Koning Organisatie Creativiteit & Ontwikkeling B.V.

Foto: Yuri Samoilov (cc)

Waarom je Covid-19 vaccins niet zomaar met elkaar kunt vergelijken

De verschillende Covid-19 vaccins worden vaak met elkaar vergeleken op basis van de werkzaamheidsgraag (efficacy rate). De gerapporteerde percentages voor de Pfizer en Moderna vaccins liggen aanzienlijk hoger dan bij de vaccins van AstraZeneca en Johnson & Johnson. In onderstaand filmpje van Vox wordt helder uitgelegd waarom je deze percentages niet goed met elkaar kunt vergelijken:

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Foto: Bas Bogers (cc)

Denkwereld

COLUMN - Iedereen heeft ze. Voorkeuren, vooroordelen, hoe je ze wilt noemen. Je ontkomt er niet aan, en vaak zijn ze diepgeworteld. Het zelfinzicht wat betreft die vooroordelen is een ander verhaal; daar heb je zelf invloed op.

Toen ik de opleiding tot verpleegkundige deed en we in de les ‘ethiek’ zaten, bespraken de dood, de rituelen die er zijn en hoe die verschillen per cultuur. Een klasgenootje van me, christelijk, kwam naar aanleiding daarvan met het volgende voorbeeld.

“Er is een patiënt op onze afdeling en die is erg ziek. Hij is een drugsgebruiker, en heeft daardoor heel wat gezondheidsproblemen. Waarschijnlijk zal hij binnen niet al te lange tijd komen te overlijden. Ik vind het lastig om voor hem te zorgen, omdat ik weet dat hij naar de hel gaat.”

Ik weet niet meer precies welke discussie eruit ontstond, maar ik weet wel dat ik ontzag had voor hoe de docent ermee omging. Zelf probeerde ik mijn mond te houden, terwijl ik met mijn oren klapperde.

Ik zal de laatste zijn om te stellen dat ik zelf vrij ben van vooroordelen, en ik betrap mezelf er ook nog op tijdens spreekuren. Mijn insteek is wel altijd met een zo open mogelijke blik een consult in te gaan, ook al ken ik de patiënt al een tijd, dan nog is het niet aan mij om te oordelen. Ik ben er als neutraal persoon om hulp te verlenen aan de patiënt, hoe diegene dat ook wenst. Het is een van de kernwaarden waarnaar ik probeer te werken. Het belangrijkste voor mij is dat de patiënt zich gehoord voelt en serieus genomen voelt in de problemen of hulpvragen die aangegeven worden.

Na die les ethiek weet ik nog wel dat ik mezelf afvroeg hoe je denkt een goede verpleegkundige te zijn, als je iemand veroordeelt om zijn leefwijze of keuzes, vanuit je eigen levensovertuiging. Zelf vind ik dat te ver gaan, aangezien ook wij bij onze diplomering een eed of gelofte afleggen waarin we beloven ons beroep op verantwoorde en betrouwbare wijze te zullen uitvoeren.

Eigenlijk gaat het ook voorbij aan nog een belangrijke waarde; je patiënt als mens zien, of als ervaringsdeskundige. Je diskwalificeert de patiënt al bij voorbaat, zonder zijn verhaal te hebben gehoord of begrepen. Uiteindelijk zijn wij allemaal mensen, met een gezondheid die al dan niet aangedaan is. Uiteindelijk zullen we, als we maar lang genoeg leven, er allemaal aan moeten geloven, en merken dat ons lijf ons in de steek zal laten, en we hulp nodig hebben van anderen, van medicatie en/of behandelingen.

Foto: Daniel Ferenčak (cc)

Dino

COLUMN - Ik praat niet meer over paarse krokodillen, ik heb het tegenwoordig over dino’s. Het zijn geen gewone krokodillen meer. We zijn beland op een hindernisbaan met de enorme prehistorische monsters, een soort Jurassic Park maar dan voor zorgverleners. Wie brengt zijn of haar patiënt zo snel mogelijk naar de finish, zonder dat je beide opgegeten wordt door een gigantische T-rex?

Waar zal ik beginnen? Hebben we het over de labuitslagen die niet goed gedaan worden, waarbij patiënten thuis zitten te wachten op een labservice die niet op komt dagen? Of de verkeerde bepalingen? Of, hebben we het over een protocol wat lichaamsbeweging moet registreren voor diabetespatiënten, maar dat niet doet, wat blijkt uit de jaarcijfers die gegenereerd worden? En met niet bedoel ik 1% geregistreerd, terwijl ik netjes alles aan het vinken ben. Het hele Excel sheet is rood, want ergens gaat de registratie niet goed.

Maar wacht, er is meer. Dit jaar heeft er een verandering plaatsgevonden bij de verzekeraars voor de aanvraag van materialen die diabetespatiënten nodig hebben om hun insuline te spuiten. De naaldjes, de lancetten en glucosestrips moeten door ons verantwoord worden. Een heel A4 moet er ingevuld worden over wat de patiënt nodig heeft, waarom, hoeveel, wat het meerverbruik is en waarom (en hoe lang dat dan is).

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Closing Time | Nirvana

Op 5 april was het 27 jaar geleden dat de 27-jarige Kurt Cobain een einde maakte aan zijn leven. Een ‘mooi’ moment om een zogenaamde lost tape uit te brengen. Lost tapes zijn in de muziekindustrie nummers die om wat voor reden dan ook nog nooit zijn uitgebracht door een artiest. Dat kon valse bescheidenheid zijn, maar ook omdat de nummers *kuch* eigenlijk helemaal niet zo goed waren.

In welke categorie dit nummer valt, daar zullen de meningen over verschillen. Maar de reden om juist nu dit nummer uit te brengen is een goede: aandacht vragen voor geestelijke gezondheid van artiesten. Artiesten worden namelijk relatief vaak getroffen door onder andere depressie, en doen meer dan twee keer zo vaak een poging tot zelfdoding. Dit is dus stiekem geen ‘lost tape’ in de traditionele zin, maar ‘lost’ omdat dit muziek zou kunnen zijn die we hadden gehad als de artiest er nog was geweest. Het nummer is dan ook niet echt door Nirvana gemaakt, maar met behulp van AI. Nou ja, de losse riffs, hooks, ritmes en melodieën. Daarna is er nog wel een mens aan te pas gekomen om er iets coherents van te maken, met dit als resultaat. De organisatie erachter vat het doel als volgt samen:

Foto: Lonnon Foster (cc)

7000 euro

COLUMN - Ik ken een mevrouw die via de Wajong in de bijstand terecht gekomen is. Dat is – zoals ze bij ons thuis zeggen – bepaald geen vetpot. Haar ouders wonen in het oosten des lands en als haar vader aanbiedt om haar treinkaartje te betalen zodat ze eens wat vaker langs kan komen, weigert ze dat. Of ze accepteert het en geeft dat braaf aan bij het DWI (voorheen de Sociale Dienst), mét uitdraai van OV-chipkaart.nl. Het DWI doet daar steevast niet moeilijk over, maar dat vermag niet te verminderen hoe consciëntieus ze het aanpakt.

Soms voelen we de behoefte haar een beetje bij te voederen, sociaal zowel als metabolisch. Ook dat weigert ze meestal, want als ze bij anderen kan eten, dan is dat steun in natura en ja, het DWI. Die doen daar niet moeilijk over, want in ons dorp is daar een maximaal bedrag voor vastgesteld en daar komt ze niet aan. Lang niet. Toch houdt ze eraan vast dat ook etentjes steun zijn.

Giften – ook al is het voor haar verjaardag – is precies hetzelfde verhaal en ook hierover – zij heeft dat gecheckt bij het DWI – doet men niet moeilijk. Toch blijft ze zich erop beroepen dat ze netjes met andermans belastinggeld om moet gaan.

Foto: iProzac (cc)

Gruis en watjes

COLUMN - Al drie weken krijg ik leugenachtige berichten doorgestuurd. Het is een snood netwerk dat dit fake news uur na uur rondpompt: mijn eigen lichaam is de afzender. Eerst zei het nieuws dat mijn kruis en zitvlak dood waren – geen wonder, dacht ik nog: ik zit te veel, en sinds ik thuis werk is dat alleen maar erger geworden – maar na een paar dagen schoot die gevoelloosheid in een paar uur tijd achterlangs van mijn bovenbeen via mijn kuit naar mijn voet. Toen was mijn rechterbeen achter van bil tot hak dood.

Ineens realiseerde ik me dat ik al een paar dagen geregeld dacht dat er een steentje in mijn sok zat. Na inspectie bleek mijn sok dan schoon, ook in mijn schoen zat niks. Toen de kou in mijn been zich uitbreidde, liep ik ineens op een combinatie van gruis en piepschuim: zachte kussentjes gelardeerd met scherpe puntjes, terwijl mijn wreef brandde.

Hou me ten goede: alles werkte opperbest, of nou ja: als vanouds, maar het voelde alsof er geen hout van klopte. En juist die discrepantie maakte dat ik ineens nergens een touw aan kon vastknopen. Ik heb eerst een dag in bed gelegen, aldoor op mijn zij of op mijn buik, om te achterhalen of het een fysiek ding was: een beknelde zenuw of zoiets. Dat maakte geen verschil: mijn rechterbeen bleef achter dood. De dag erna heb ik steeds gelopen en gestaan – alweer geen verschil.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

De zorg is een aap voor je moeder

Fuck'd van Tony Matelli. Foto: Maria Willems (cc)

Mijn moeder wordt in februari 87 jaar en ze verblijft in een woonvorm voor ouderen die een hoge zorgvraag hebben. Volgens de site krijgt de bewoner daar zorg op maat. Verzorging, verpleging, tot aan het overlijden toe. En men houdt daar ‘persoonlijkheid, kwaliteit en respect hoog in het vaandel’, zoals de woonvorm het omschrijft. Mijn moeder is dementerend, maar ze weet nog wel wie ik ben. Gelukkig wel. Maar waar ze is en in welk tijdperk precies, en hoe ze daar is gekomen, dat weet ze dan weer niet.

Op het digitale zorglogboek had ik gelezen over de entree van een interactieve pop in mijn moeders  bestaan. Er werd geen motivering of introductie bij gegeven. Dus toen ik bij haar op bezoek was, was ik wel nieuwsgierig naar die pop. Iets nieuws. Hoe zou dat interactieve eruit zien? Ik had wel ’ns filmpjes van interactieve zorgrobots gezien. Een kijkje in de toekomst. Maar ik werd teleurgesteld. Want de pop die ik aantrof bij mijn moeder was een variant op de sprekende pop die ‘mama’ zegt als je op de buik duwt. Er was niets interactiefs aan. En de pop bleek een aap met een roze strikje, inclusief een poppenwagen. De aap lacht, kirt, lonkt met haar ogen en maakt wat kronkelbewegingen. Dat is het.

Bestel je boeken bij Bazarow

Bazarow is een verkopende boekensite, waar je ook recensies, nieuws, een agenda en een digitaal magazine kan vinden. Nog niet alles is af, maar veel boeken zijn al te vinden en er komt de komende maanden steeds meer bij.

Het doel van Bazarow is om een site te vormen die evenveel gemak biedt als de online giganten maar die wél teruggeeft aan de boekensector. Tegen roofkapitalisme, en voor teruggeefkapitalisme, bijvoorbeeld door te zorgen dat een flink deel van de opbrengst terug naar de sector gaat en door boekhandels te steunen.

Lezen: Het wereldrijk van het Tweestromenland, door Daan Nijssen

In Het wereldrijk van het Tweestromenland beschrijft Daan Nijssen, die op Sargasso de reeks ‘Verloren Oudheid‘ verzorgde, de geschiedenis van Mesopotamië. Rond 670 v.Chr. hadden de Assyriërs een groot deel van wat we nu het Midden-Oosten noemen verenigd in een wereldrijk, met Mesopotamië als kernland. In 612 v.Chr. brachten de Babyloniërs en de Meden deze grootmacht ten val en kwam onder illustere koningen als Nebukadnessar en Nabonidus het Babylonische Rijk tot bloei.

Volgende