Hoe objectief zijn ratingbureaus?
ANALYSE - De rapporten van ratingbureaus zijn bijna dagelijks in het nieuws. Afgelopen weekend was het weer zover: Moody’s verlaagt de status van Groot-Brittannië van Aaa naar Aa1.
Regeringsleiders en CEO’s zijn doodsbenauwd voor een afwaarderingen door ratingbureaus, want de gevolgen doen pijn. Beleggers willen niet meer investeren, de rente stijgt en wisselkoersen dalen. Uit ergernis over de zoveelste negatieve beoordeling heeft Europese Commissie in 2010 wetgeving voorgesteld om deze bureaus beter te reguleren. De vraag is: hoe objectief zijn ratingbureaus eigenlijk en moeten we ze nog wel serieus nemen?
Het schertsargument
Volgens Daniel Hannan, een Brits lid van het Europees Parlement, zijn ratingbureaus net zo objectief als weerstations. Dankzij hun rapporten weet je hoe een bedrijf, een land of de economie als geheel er bij staat. Het is volgens hem belachelijk dat je denkt door de ratingbureaus te reguleren de economie verbeterd zou kunnen worden.
Letterlijk zei hij:
It is hard to improve on what my colleague Martin [onverstaanbaar] said on this issue, that seeking to address the debt crisis by regulating the credit rating agencies is like seeking to improve the weather by regulating the weather forecasters. You don’t improve the underlying problem by tackling the way it’s reported.