ANALYSE - Tegen alle verwachting in werd de Kroatische oud-generaal Ante Gotovina een kleine twee weken geleden vrijgesproken door het Joegoslaviëtribunaal. Was het een verbijsterende beslissing of juist het bemoedigende begin van een brave new world in het internationale recht? Gastredacteur Maarten Middelkoop ontwart het kluwen.
De reputatie van het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag is al jaren aan erosie onderhevig. Het zou teveel geld kosten – een miljoenenverslindende moloch. Bovendien zou het duurzame vrede in de weg staan in het voormalig Joegoslavië. Immers: bij iedere vrijspraak of veroordeling loopt de spanning er weer op en wordt de prille toenadering tussen de voormalige vijanden de nek omgedraaid.
Maar het tribunaal had ondanks alles één troef in handen: onafhankelijke rechtspraak. Dit werd gegarandeerd door het te bemannen met buitenlandse rechters in het verre Den Haag, een half continent verwijderd van de killing fields in de Balkan. Zonder uitzondering werden er oorlogsmisdadigers uit alle etnische groepen aangeklaagd, Serviërs, Kroaten, Kosovaren.
Maar juist die troef van onpartijdigheid lijkt het tribunaal nu uit handen te hebben gegeven door Gotovina in hoger beroep op vrije voeten te stellen na zijn eerder veroordeling in 2011. Het wordt een omslagpunt in de geschiedenis van het tribunaal genoemd. Wie de overdaad aan harde bewijzen gezien heeft, begrijpt waarom.