De drempel om hulp te vragen wordt te hoog

Burgers worden verondersteld eerst zelf te proberen hun problemen op te lossen en dan pas een beroep te doen op professionele hulp van het gemeentelijke wijkteam. Deze eigen-kracht-drempel is in sommige gemeenten wel erg hoog, schrijft Margo Trappenburg op Sociale Vraagstukken. Jaren geleden deden mijn toenmalige collega’s en ik onderzoek naar huisartsen. Nederlandse huisartsen zijn goed op de hoogte van ‘het natuurlijk beloop’ van ziekten en aandoeningen. Heel veel kwalen en kwaaltjes – oorpijn, keelpijn, buikpijn, griep, spierpijn – gaan vanzelf over. Na een paar dagen of na een week. Pas als het herstel langer duurt is er reden tot zorg. Dat leggen Nederlandse huisartsen veelvuldig aan hun patiënten uit; zelfs zo vaak dat veel patiënten dit advies al ter harte nemen vóór ze naar de huisarts gaan. Eenmaal in de spreekkamer van de huisarts kunnen ze dan zeggen dat ze het al een paar dagen of een week hébben aangezien en dat het nu tijd is voor medische hulp. Patiënten weten dat ze die hulp vervolgens ook krijgen, hetzij van de huisarts zelf hetzij, na verwijzing, via het ziekenhuis. Het natuurlijk beloop advies is een drempel op de weg naar medische hulp, maar gelukkig geen heel hoge drempel. Hoe zit het anno 2018 met de drempels in het sociaal domein?

Foto: Scan uit het NRC Handelsblad copyright ok. Gecheckt 12-10-2022

Brief aan Peter Vandermeersch

BRIEF - Geachte heer Vandermeersch,

Afgelopen zaterdag zag het NRC Handelsblad, waar u hoofdredacteur bent, er anders uit dan de lezers gewend zijn en u nodigt hen uit u te laten weten wat ze goed en minder goed vinden aan de weekendeditie, die u ook typeert als de belangrijkste krant van de week.

“Sommige columns kregen een ander jasje, andere een nieuwe plek”, schrijft u, en omdat u waarde hecht aan de dialoog met de lezer, wil ik u bij wijze van antwoord zeggen: het was beter geweest de columns helemaal te schrappen. De krant is het medium niet voor columnistiek.

Een mening bestaat uit een stelling en liefst enige argumenten. Bied je je mening aan in columnvorm, dan voeg je nog een persoonlijke anekdote toe om de lezer te prikkelen, maar dat is het wel zo ongeveer. Soms heb je aan 300 woorden genoeg, soms kom je aan 2000 nog tekort. Online kun je zoveel woorden nemen als je nodig hebt. Je hoeft geen argumenten achterwege te laten omdat je je woordental hebt bereikt en je hoeft je betoog niet uit te spinnen om een woordental te halen. Daarom is het internet voor het ventileren van meningen geschikter dan een column in een krant, waar het keurslijf van het woordental ertoe leidt dat de mening óf onvoldoende wordt onderbouwd óf tot vervelens toe uitgesponnen.

Lezen: Bedrieglijk echt, door Jona Lendering

Bedrieglijk echt gaat over papyrologie en dan vooral over de wedloop tussen wetenschappers en vervalsers. De aanleiding tot het schrijven van het boekje is het Evangelie van de Vrouw van Jezus, dat opdook in het najaar van 2012 en waarvan al na drie weken vaststond dat het een vervalsing was. Ik heb toen aangegeven dat het vreemd was dat de onderzoekster, toen eenmaal duidelijk was dat deze tekst met geen mogelijkheid antiek kon zijn, beweerde dat het lab uitsluitsel kon geven.

Foto: Minister-president Rutte (cc)

Helden, roofheren en moordenaars

COLUMN - Wat is dat toch, dat politieke discussies zo rap verzanden in schijngevechten, waarbij iedereen met stropoppen aan het zeulen slaat?

Wijzen critici erop dat al die belastingontwijkings-maatregelen waarin Nederland excelleert, hoofdzakelijk betekenen dat bedrijven schier onbelast winst kunnen maken, overheden inkomsten derven en burgers opdraaien voor de gaten in de begroting – begint er prompt iemand over ‘trickle down’ en dat een zonnig investeringsklimaat ons aller welzijn dient. Nou nee: vorig jaar kwam er elke twee dagen een miljardair bij, bezaten de 42 rijkste mensen evenveel als de armste helft van de wereldbevolking, en ging 82 procent van alle rijkdom die gecreëerd werd, naar de rijkste één procent van de wereldbevolking.

Ontstaat er godlof een breed debat over seksuele opdringerigheid en seksueel machtsmisbruik, beginnen mensen te jammeren dat op die manier de flirt de nek wordt omgedraaid – terwijl vrijelijk ‘nee’ kunnen zeggen toch werkelijk een voorwaarde is voor een oprechte en eerlijke flirt.

Komt eindelijk de discussie los over de gewelddaden die eerder uit naam van Nederland zijn gepleegd, gekoppeld aan de vraag of het werkelijk verstandig is de handlangers daarvan blijvend te eren met standbeelden, pleinen, bruggen en tunnels, worden fractievoorzitters Buma (CDA) en Dijkhoff (VVD) in koor kwaad:

Foto: roga muffin (cc)

Meer slettenbakkerij, minder machismo!

COLUMN - Kenniscentrum Rutgers publiceerde gisteren een uitgebreid onderzoek naar seksueel geweld in Nederland. De cijfers liegen er niet om. Bijna één op de vier vrouwen en ruim één op de twintig mannen werd ooit gedwongen – vrijwel altijd door mannen – tot seksuele handelingen. Ruim één op de twee vrouwen en bijna één op de vijf mannen had ooit te maken met grensoverschrijdend gedrag, zoals seksuele betastingen – alweer: vrijwel uitsluitend van de kant van mannen.

Dus ja, #metoo was hard nodig.

Wie nu sputtert dat een scheutje aandringen hier, een snufje veroveringszin daar, gelardeerd met een zweem van overmacht, gestoomd in een air van ‘ik kan me nu écht niet langer inhouden’, integraal onderdeel is van het eeuwenoude recept dat voorspel heet, en dat we zoveel spannends verliezen wanneer we mannen deze beproefde verleidingstactiek ontzeggen, wil ik vriendelijk vragen de vorige alinea nog eens rustig door te lezen. Want ook mannen – ja, die gevierde, vermeende veroveraars – zijn geregeld slachtoffers van zulk wangedrag.

Koste wat kost doorgaan wanneer de tegenpartij te kennen geeft niet van je avances gediend te zijn, is geen flirten. Op z’n best is het ongemanierde opdringerigheid, op z’n slechtst grof machtsmisbruik: geen greintje charme te bekennen.

Facebook wil gebruikers nieuws laten beoordelen op betrouwbaarheid

In de strijd tegen nepnieuws wil Facebook gebruikers de mogelijkheid geven om nieuws te beoordelen op geloofwaardigheid en betrouwbaarheid:

Facebook said on Friday that it planned to prioritize high-quality news on the social network by allowing its users to rank news sources that they see as the most credible and trustworthy.

Dat niet iedereen even enthousiast reageert vanwege mogelijke manipulatie is begrijpelijk:

For publishers, Facebook’s new ranking system raised immediate concerns, including whether crowdsourcing users’ opinions on trustworthiness might be open to manipulation.

Foto: jlconfor (cc)

Doorbreek monopolies met open standaarden

COLUMN - door Jaap-Henk Hoepman, directeur van het Privacy & Identity Lab van de Radboud Universiteit.

We staan er zelden bij stil. Maar e-mail is een wereldwonder. Een voorbeeld van hoe de rest van het internet eigenlijk zou moeten zijn.

Het is een van de meest ouderwetse toepassingen van het internet, en het is geweldig: e-mail. Het enige dat je ervoor nodig hebt is een e-mailprogramma en een e-mailadres om je bericht naartoe te sturen. E-mail is een heel open, egalitaire toepassing: iedereen kan er gebruik van maken. Je mag helemaal zelf kiezen welk programma je gebruikt om je e-mail te versturen: Outlook, Gmail, of een app op je smartphone. Hetzelfde geldt voor de ontvanger van jouw e-mail: die mag dat ook zelf bepalen. Dankzij e-mail kan iedereen met een internetaansluiting met elkaar communiceren.

Dat is hoe het internet bedoeld is. Hoe het ooit begonnen is. Open. En hoe de rest van het internet eigenlijk zou moeten zijn. Gebaseerd op open standaarden. Alles met alles verbindend. En nergens een poortwachter die bepaalde gebruikers of applicaties buitensluit.

Hoe anders is dat voor nieuwere internettoepassingen, zoals sociale netwerken of berichtendiensten.

Als ik een Whatsapp-gebruiker een bericht wil sturen, heb ik zijn of haar telefoonnummer nodig, en moet ik zelf ook Whatsapp geïnstalleerd hebben. Apple’s iMessage werkt alleen maar tussen Apple-telefoons. En als mijn vrienden of collega’s Skype gebruiken… U raadt het al: ik heb een groot aantal apps op mijn smartphone.

Foto: Jon S (cc)

Verschil: vertrouwen in de media of mijn media

ONDERZOEK - Wat dit jaar bleef liggen is mooi onderzoek over vertrouwen in (Amerikaanse) media. Het maakt nogal uit of je respondenten vraagt of zij ‘media’ vertrouwen of ‘hun media’. Onderzoek van American Press Institute eerder dit jaar nuanceerde ‘het’ vertrouwen in ‘media’ door ook te vragen naar het vertrouwen in  media dat respondenten daadwerkelijk gebruiken. Consumenten blijken zeer goed in staat om media-kanalen te vinden waar ze wel voldoende vertrouwen in hebben. De resultaten van beide vragen laten steeds een gespleten beeld zien: gaat ‘media’ onderuit, ‘mijn media’ scoort steeds veel hoger (Zie grafiek –  klik voor groter beeld).

© www.americanpressinstitute.org screenshot 2017-12-22-10-27-26-228

Onderuit

De constatering eerder dit jaar is interessant, want het onderscheid tussen media en mijn media is niet gemaakt in onderzoek van bijvoorbeeld het SCP. Daar werd – ook eerder dit jaar – geconstateerd dat het vertrouwen in media door jongeren daalt. Kranten en televisie kregen in 2008 van respondenten van 18-34 jaar een 6,4 en is gedaald naar een 5,5.

Jongeren

Dit beeld van dalend vertrouwen in pers als instituut onder jongeren is nog eens bevestigd door Peter Kanne en Femke van Schelven in hun onderzoek naar “Jongeren en democratie. Onderzoek in opdracht van Vrij Nederland“. (Enschede: I&O Research, januari 2017) dat het SCP aanhaalt. Daar ging het vertrouwen tussen 2007 en 2017 onderuit van 42 naar 28 procent. Dramatische cijfers, maar ook hier geen onderscheid tussen pers en pers die jongeren vooral volgen (en waar ze mogelijk veel meer vertrouwen in hebben).

Quote du Jour |

 

 

[einde quote]

Nadat de Nederlandse Leeuw ons in de reaguurderspanelen tot tweemaal toe perskaarten aanbood voor hun event gisteravond, besloten we deze unieke kans met beide linkerhanden te grijpen. Helaas viel bovenstaande reactie ons ten deel. Ook na een herinneringsmail bleef de stilte oorverdovend. Gelukkig maar, want nóg een Sargast erbij en het bier was al op geweest voor we “Mijn schild ende betrouwen, zijt Gij, o God mijn Heer, op U zo wil ik bouwen, Verlaat mij nimmermeer” hadden kunnen zingen.

Powned verdwijnt van televisie

Het enige programma dat de programma nog via de ether uitzendt valt zondagnacht op de radio te beluisteren: ‘Zwarte Prietpraat’ met Prem Radhakishun.

Sjirk Kuijper, hoofdredacteur van het Nederlands Dagblad is kritisch vanwege wat hij beschouwt als oneerlijke concurrentie met overheidssubsidie (2,5 miljoen euro volgens de Telegraaf). Op internet moet namelijk in het medialandschap gevochten worden om elke reclamecent.

“Kijk, het loopt op z’n eind. In 2020 is hun concessie afgelopen, en het is nu al duidelijk dat ze nooit meer die 150.000 leden gaan halen. Dus elke dag dat ze dat geld nog krijgen en daar nog dingen van doen is mij een doorn in het oog.”

Nieuwsuur ontmaskert nep-nabestaande MH17

Niet alles op Twitter is wat het lijkt. Toch trapten nogal wat prominente journalisten en politici er in.

We zullen geen namen noemen, want dan gaan ze huilie-huilie doen dat we ’t op hen hebben gemunt.

Hoe medisch journaliste Aliëtte Jonkers van Twitter is weggepest

COLUMN - Op Sociale Vraagstukken een tot diepe treurnis stemmende column over “alweer feest op Twitter”. Het is werkelijk ongelooflijk hoe ver een Wierd Duk kan gaan. En blijkbaar mag gaan, van zijn baas, van mede-Twitteraars. Vrouwen zijn meer dan mannen, doelwit.

Citaat:
Vrouwen die kritisch en vasthoudend zijn (Aliëtte), grappig (Rianne), vrijgevochten (Stella Bergsma) of gewoon goed (Sheila) werken kennelijk als rode lap voor deze doelgroep.

Een oproep het virulent seksisme een halt toe roepen

Vorige Volgende