Ook bij ‘ons soort mensen’ komt huiselijk geweld voor

Het heersende beeld is dat huiselijk geweld vooral onder sociaaleconomisch zwakkeren voorkomt. Grensoverschrijdend gedrag manifesteert zich echter evenzeer onder ‘ons soort mensen’, de hoogopgeleiden en beter gesitueerden. Onderzoekers Janine Janssen en Suzanne Bouma vinden dat we onze ogen moeten openen voor het geweld dat ook bij deze mensen achter de voordeur plaatsvindt. Het ‘gewone volk’ wordt ook wel het ‘gemene volk’ genoemd. Het enigszins ouderwetse ‘gemene’ kan uitgelegd worden als niet bijzonder of alledaags, maar ook als ordinair en slecht. Wij merken dat hoogopgeleiden meestal kiezen voor de laatste uitleg. Zij plaatsen het gemene volk niet zelden buiten zichzelf en verbinden het aan mensen met een zwakke sociaaleconomische positie. Hoewel de gemiddelde lezer ongetwijfeld bekend is met een begrip als ‘witteboordencriminaliteit’ bestaat toch een sterke neiging om veel veiligheidsvraagstukken met dat ‘gemene volk’ in verband te brengen. Voor een deel gaan wij daarin mee. We vinden echter dat we in het geval van huiselijk geweld de ogen niet mogen sluiten voor de ellende die zich ook achter de voordeuren van hoogopgeleiden en andere beter gesitueerden afspeelt. Sociaaleconomische positie en partnergeweld Die associatie tussen onveiligheid en een zwakkere sociaaleconomische positie is op zich niet zo vreemd. Bij de analyse van het helaas veel voorkomende geweld tegen vrouwen wordt vaak in stelling gebracht dat vrouwen financieel meer afhankelijk zijn dan mannen. Een recent uitgevoerde literatuurstudie laat echter zien dat het verband tussen financiële afhankelijkheid en partnergeweld zeer complex is. Zo hebben een slechte gezondheid, alcoholgebruik en het hebben van (jonge) kinderen zowel invloed op de economische positie als op het risico op partnergeweld. Maar al maakt geld niet gelukkig, toch opent het wel belangrijke deuren. Uit deze literatuurstudie blijkt dat de toegang tot alternatieve middelen cruciaal is in het (duurzaam) beëindigen van een gewelddadige relatie. In Nederland is het anderhalf-verdienmodel nog steeds dominant, waarbij de man verantwoordelijk is voor het gezinsinkomen. Bijna de helft van de Nederlandse vrouwen (47,1 procent) is nog altijd niet financieel onafhankelijk. ‘Toegang’ is het sleutelwoord Het woord ‘toegang’ is van belang. Een vrouw kan op papier voldoende inkomen hebben om als financieel onafhankelijk aangemerkt te worden, maar in de praktijk door haar gewelddadige partner belemmerd worden om van haar eigen inkomen gebruik te maken. ‘Toegang’ heeft ook betrekking op onderdak. Allereerst voorkomt fatsoenlijk wonen veel stress bij gezinnen en maakt zo de voedingsbodem waarop geweld goed gedijt minder vruchtbaar. Maar ook is het voor het duurzaam beëindigen van een gewelddadige relatie nodig om eerst elders onderdak te krijgen. Dit impliceert dat ‘toegang’ tot betaalbare woningen van groot belang is. Met de huidige huizenmarkt staat ook voor beter gesitueerden toegang tot onderdak onder druk En hier stuiten we ook weer op beeldvorming. De slachtoffers die het meest zichtbaar zijn, zijn degenen die gebruikmaken van publieke voorzieningen. Van de volwassenen die in de opvang verblijven heeft inderdaad een groot deel een zwakkere sociaaleconomische positie. Maar met de huidige overspannen huizenmarkt staat ook voor de beter gesitueerden de toegang tot onderdak onder druk. Afhankelijkheid als risicofactor kent vele vormen De mate van afhankelijkheid wordt dus mede bepaald door de sociaaleconomische mogelijkheden die de omgeving biedt. Daarnaast laat een recent onderzoek naar de waarde van werk in het voorkomen en stoppen van partnergeweld zien dat het risico op partnergeweld samenhangt met andere vormen van afhankelijkheid. Denk bijvoorbeeld aan het hebben van kinderen, maar ook aan emotionele afhankelijkheid. ‘Een vrouw kan financieel onafhankelijk zijn en gelijktijdig niet zo sterk in haar schoenen staan’, vertelt Roos (49).(1) Volgens haar kan ook een vrouw met ‘een goedbetaalde baan’ kwetsbaar zijn voor ‘mannen met narcistische trekjes’. ‘Hij kan zo op je inpraten dat je gelooft dat een zwarte stoel roze is’ Daarnaast vergroot het gebruik van controlerende tactieken en psychisch geweld de afhankelijkheidspositie. Zo vertelt Lieke (40): ‘Ze zeggen weleens van “wat maakt het dan dat je toch blijft?” Ik zeg dan: je moet je niet vergissen. Hij kan zo op je inpraten dat je gelooft dat een zwarte stoel roze is.’ De ervaring van Jamina (49) sluit hierop aan: ‘Ik had een baan en was zelfstandig, maar hij had me op een gegeven moment zo onder controle dat ik niet eens meer wist wat normaal was.’ Het populaire beeld is dat met name lager opgeleiden grossieren in problemen die zich op verschillende levensterreinen manifesteren, uiteenlopend van gezondheid en levensstijl – ongezond eten, weinig bewegen, consumptie van alcohol en tabak –, belabberd wonen en schuldenproblematiek tot en met blootstelling aan huiselijk geweld. Daar hebben wij moeite mee. Uiteraard gaan we niet ontkennen dat er een relatie is tussen opleiding, inkomen en tal van sociale problemen. Maar het is niet alleen arrogant, maar ook naïef om te de denken dat allerhande ellende aan de deur van hoogopgeleiden en beter gesitueerden voorbijgaat. Deze beeldvorming heeft namelijk vergaande gevolgen. Slachtoffers die niet het ‘stereotype slachtoffer’ zijn, ervaren mogelijk nog meer schaamte om hun problemen kenbaar te maken. Bovendien zal de aanpak van het geweldsprobleem tekortschieten als de oorzaak primair gekoppeld wordt aan de sociaaleconomische positie. Of zoals Arina (48) het verwoordt: ‘Mijn ervaring leert gewoon dat slachtoffers van huiselijk geweld meestal worden gezien als zielige vrouwen die helemaal niets kunnen. En dat wil ik niet, dat zijn we niet. Er is geen taalachterstand, er is ook geen intellectuele achterstand. Ik heb gewoon een nare periode achter de rug.’ Kijk eens kritisch naar de laatste taboes Wij zijn al jaren actief op het gebied van (onderzoek naar) de aanpak van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Daarbij hebben we vaker meegemaakt dat ons door professionals de retorische vraag gesteld werd: ‘Maar dat komt bij ons soort mensen – lees: hoogopgeleiden – toch niet voor?’ Die vraag straalt een bepaald dedain uit, dat associaties oproept met de schuiver die Hillary Clinton in 2016 maakte toen ze de achterban van Trump vergeleek met een ‘basket of deplorables’, zeg maar ons ‘gemene volk’. ‘Maar dat komt bij ons soort mensen – lees: hoogopgeleiden – toch niet voor?’ De essentie in ons vraagstuk is dat we niet mogen ontkennen dat allerhande vormen van grensoverschrijdend gedrag zich ook manifesteren onder ‘ons soort mensen’, ondanks het gegeven dat die op veel fronten in het leven de wind mee hebben. Naar aanleiding van de onthullingen rondom het programma The Voice en de nasleep daarvan, hebben we al tal van bekende Nederlanders van hun voetstuk zien vallen. Wat betreft huiselijk geweld willen we hier de lezers van Sociale Vraagstukken oproepen om eens kritisch om zich heen te kijken, want ook in uw omgeving speelt zich ellende achter de voordeur af: uiteenlopend van complexe scheidingen – in de volksmond ook wel ‘vechtscheidingen genoemd’ – die resulteren in een emotionele loopgravenoorlog en die niet alleen een zware wissel trekken op de ex-partners, maar ook op hun kinderen, soms zelfs met fysiek geweld. Goedgebekte exemplaren Tot slot nog een laatste taboe: onder ‘ons soort mensen’ bevinden zich helaas ook goedgebekte exemplaren die de neus ophalen voor hbo- of lager geschoolde professionals in de veiligheidszorg. Ons bereiken geregeld verhalen uit de praktijk over uitspraken van cliënten en burgers in de geest van ‘weet je wel wie je voor je hebt?’. Die hebben werkelijk niets te maken hebben met de mondigheid van deze mensen. Het is vooral een illustratie van het feit dat ‘gemeenheid’ in alle geledingen van de samenleving voorkomt. Dit artikel verscheen eerder bij Sociale Vraagstukken. Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de nationale politie, lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en de Politieacademie en bijzonder hoogleraar Rechtsantropologie aan de Open Universiteit. Suzanne Bouma werkt als senior onderzoeker bij Atria en is als buiten-promovenda verbonden aan de afdeling sociologie van de UvA. In haar promotieonderzoek staat de vraag naar de waarde van werk in het voorkomen en stoppen van en herstellen na partnergeweld centraal. Noot(1) Alle namen die we hier noemen zijn omwille van de privacy gefingeerd.

Door: Foto: Foto Karolina Grabowska via Pexels

Lezen: Venus in het gras, door Christian Jongeneel

Op een vroege zomerochtend loopt de negentienjarige Simone naakt weg van haar vaders boerderij. Ze overtuigt een passerende automobiliste ervan om haar mee te nemen naar een afgelegen vakantiehuis in het zuiden van Frankrijk. Daar ontwikkelt zich een fragiele verstandhouding tussen de twee vrouwen.

Wat een fijne roman is Venus in het gras! Nog nooit kon ik zoveel scènes tijdens het lezen bijna ruiken: de Franse tuin vol kruiden, de schapen in de stal, het versgemaaide gras. – Ionica Smeets, voorzitter Libris Literatuurprijs 2020.

Foto: candi... (cc)

Een Hollandse jongen aan de Ebro

RECENSIE - In de Spaanse burgeroorlog (1936-1939) hebben tienduizenden vrijwilligers meegevochten aan de kant van de Republiek tegen het leger van generaal Franco. Ze kwamen uit alle Europese landen en uit de Verenigde Staten en Canada. Onder hen naar schatting ongeveer 650 Nederlandse anti-fascisten. Voor hen was de ‘burgeroorlog’ vooral een oorlog tegen het opkomend fascisme in Europa. Het was wat nu wel wordt genoemd een proxy war, en als zodanig een voorbode van de Tweede Wereldoorlog. Franco kreeg de steun van fascistisch Italië en Portugal en van nazi-Duitsland dat vandaag precies 85 jaar geleden het stadje Guernica platbombardeerde. De Republiek kreeg alleen steun van de Sovjet-Unie en Mexico. Alle democratische Europese landen stelden zich neutraal op. De linkse beweging en met name de communisten verzetten zich tegen deze non-interventiepolitiek. Comités voor hulp aan Spanje waren overal actief en er werden vrijwilligers geworven om deel te nemen aan de strijd tegen Franco, volgens de ‘brigadisten’ hoogst urgent om de dreigende opmars van de fascisten in Europa te keren.

Een van de Nederlandse vrijwilligers was Evert Ruivenkamp uit Den Haag. Van hem is nog niet zo lang geleden een dagboek gevonden dat nu met een inleiding en nawoord van Yvonne Scholten integraal is gepubliceerd onder de titel Een Hollandse jongen aan de Ebro. Het dagboek is in de woorden van Geert Mak ‘een unieke vondst’. Er is veel geschreven over de Spaanse Burgeroorlog. Bekende schrijvers zoals Orwell, Hemingway en de Nederlandse Jef Last waren in Spanje en getuigden van de inzet van de internationale brigades. Joris Ivens maakte er zijn documentaire Spaanse aarde. Er zijn in de loop van de jaren vele getuigenissen van vrijwilligers verschenen. ‘De oorlog begon in Spanje’ is een boek gebaseerd op interviews uit de jaren tachtig met Nederlandse oud-Spanjestrijders. Het  dagboek van Ruivenkamp is het eerste verslag van het dagelijks leven van een Nederlandse brigadist in de oorlog dat in dezelfde tijd is geschreven. Het is ook uniek omdat het tot nu toe het enige dagboek is van een van de ‘gewone jongens’ die naar Spanje gingen, schrijft Scholten. ‘Het gros had ook nauwelijks enige scholing, soms niet meer dan een paar jaar lagere school. Ook Evert had maar een beperkte opleiding gehad,maar zijn Nederlands is voortreffelijk en zijn verslag zeer levendig.’ Ze veronderstelt dat hij het dagboek heeft geschreven na thuiskomst op basis van aantekeningen die hij in Spanje heeft gemaakt.

Foto: Ontdekking van het heden, surrealisme © foto Wilma Lankhorst.

Kunst op Zondag en de ontdekking van het HEDEN

VERSLAG - Afgelopen najaar sloot de directie van het Noordbrabants Museum (Den Bosch) een voor musea jaloersmakend contract met de JK Art Foundation. Een Brabantse Quote 500-ondernemer verzamelde in dertig jaar 550 kunstwerken. De eerste selectie van 100 werken is nu te zien op zaal in de tentoonstelling ‘De ontdekking van het HEDEN’. De museumdeuren staan open t/m 19 juni 2022.

JK Art Foundation

JK zijn de initialen van ondernemer Jos Koster. Nadat hij zijn koffiebranderij verkocht, schreef hij in 2019 zijn kunstcollectie in onder de naam JK Art Foundation. Charles de Mooij, de directeur van het Noordbrabants museum zal 15 november 2021 niet snel vergeten. Dat is de dag waarop Koster het Bossche museum de collectie van 550 kunstwerken schonk. De verzameling bevat onder andere kunstwerken uit de 16de en 17de eeuw, afkomstig uit de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden. De drie bestuursleden, waar onder de museumdirecteur, zetten het beleid van de stichting uit. Een van de gevolgen van dit gulle cadeau is een jaarlijkse tentoonstellingsplicht. Het museum denkt hiermee jaarlijks twintig procent meer bezoekers mee te trekken.

 

Ontdekking van het heden zaaloverzicht 21ste eeuw 2 © foto Wilma_Lankhorst

Zaaloverzicht 21ste eeuw © foto Wilma Lankhorst.

De ontdekking van het HEDEN

De eerste tentoonstelling op basis van de JK Art Foundation is nu te zien onder de naam ‘De ontdekking van het HEDEN’. Hiervoor zijn 100 kunstwerken geselecteerd uit de Europese kunstgeschiedenis van de 20ste en 21ste eeuw. Om deze expositie te realiseren zocht het team in Den Bosch contact met de collages van Museum Singer in Laren. Mede hierdoor zijn in ‘De ontdekking van het HEDEN’ vrijwel alle grote Europese stromingen uit de 20ste en 21ste eeuw te zien. Je zou kunnen zeggen: er is voor elk wat wils. En dat verklaart direct ook de lange rij op het museumvoorplein als we ons melden voor een bezoek.

Doneer!

Sargasso is een laagdrempelig platform waarop mensen kunnen publiceren, reageren en discussiëren, vanuit de overtuiging dat bloggers en lezers elkaar aanvullen en versterken. Sargasso heeft een progressieve signatuur, maar is niet dogmatisch. We zijn onbeschaamd intellectueel en kosmopolitisch, maar tegelijkertijd hopeloos genuanceerd. Dat betekent dat we de wereld vanuit een bepaald perspectief bezien, maar openstaan voor andere zienswijzen.

In de rijke historie van Sargasso – een van de oudste blogs van Nederland – vind je onder meer de introductie van het liveblog in Nederland, het munten van de term reaguurder, het op de kaart zetten van datajournalistiek, de strijd voor meer transparantie in het openbaar bestuur (getuige de vele Wob-procedures die Sargasso gevoerd heeft) en de jaarlijkse uitreiking van de Gouden Hockeystick voor de klimaatontkenner van het jaar.

Poetry du Jour | On Ukranian Independence

De Russische dichter, vanaf 1972 wonend in Amerika, overleden in 1996, Joseph Brodsky, winnaar van de Nobelprijs van de literatuur, blijkt een controversieel gedicht over de onafhankelijkheid van Oekraïne te hebben geschreven, (maar niet gepubliceerd), dat niet helemaal past in het plaatje van nu. En ook niet bij Brodsky zelf.

Het gedicht is geschreven in 1991, en er wordt bepaald niet vleiend in gesproken over Oekraïne. De toon is kwetsend, neerbuigend, beschuldigend en verachtend. Het gedicht klinkt en leest als een grote vervloeking van het land en zijn inwoners: ‘moge je verkracht worden, moge je opgehangen worden, dat is leuk.  We willen je koren en zonnebloempitten niet meer, ik zal spugen in de Dnjepr.’

Foto: Directie Voorlichting (cc)

Opvang naar vermogen

ANALYSE - In ons artikel van gisteren constateerden we dat van de vijftien rijkste gemeenten, er slechts één een (tijdelijke) noodopvang voor (zieke) asielzoekers had.

De aanleiding tot dit onderzoekje was tweeledig:
1) In het NOS Kiezersdebat voor de gemeenteraadsverkiezingen (16 maart) stelde Lilian Marijnissen (SP) voor om de Oekraïense vluchtelingen op te vangen “in de rijke buurten, in de rijke gemeenten”. Ze is van mening dat niet de armste gemeenten de zwaarste lasten moeten dragen, zoals in 2015 het geval was bij de opvang van duizenden Syriërs die de oorlog ontvluchtten.

2) EenVandaag (AvroTros) zocht het uit en zag dat Marijnissen gelijk had:

De armste 25 procent namen zo’n 11.000 vluchtelingen op, terwijl de 25 procent rijksten maar 3.300 vluchtelingen opnamen.

Huidige situatie

Om ons artikel van gisteren volledig te maken, hebben we nu naar alle huidige gemeenten gekeken. Is er wat er veranderd sinds 2015? Nee, nog steeds vangen de rijkste gemeenten maar zuinigjes asielzoekers op. We kunnen vandaag concluderen dat:

De armste 25 procent nemen zo’n 9.668 vluchtelingen op, terwijl de 25 procent rijksten maar 215 vluchtelingen opnemen.

Het verschil is dus groter geworden. Verdelen we de 344 gemeenten in 172 gemeenten met minder vermogen dan de andere 172, dan dragen ook hier de minder vermogende gemeenten de zwaarste lasten:
De ‘armere’  50 procent nemen zo’n 28.375 vluchtelingen op, terwijl de 50 procent ‘rijkere’ maar 8.378 vluchtelingen opnemen.

Foto: SP Groningen (cc)

Vluchtelingen in rijkste gemeenten

In het NOS Kiezersdebat voor de gemeenteraadsverkiezingen (16 maart) stelde Lilian Marijnissen (SP) voor om de Oekraïense vluchtelingen op te vangen “in de rijke buurten, in de rijke gemeenten”.

Ze onderbouwde die opvatting met een verwijzing naar de opvang van Syrische vluchtelingen in 2015:

De vorige keer dat er veel vluchtelingen hierheen kwamen, waren het gemeenten met laagste inkomens die drie keer meer vluchtelingen opvingen dan de gemeenten met de hoogste inkomens

EenVandaag (AvroTros) zocht dat uit. En jawel:

De armste 25 procent namen zo’n 11.000 vluchtelingen op, terwijl de 25 procent rijksten maar 3.300 vluchtelingen opnamen.

Hoe gaat het nu?

We keken naar de gemeenten waar het doorsnee vermogen van huishoudens (CBS 2019) boven de zogenaamde ‘Balkenendenorm’ ligt. Dat zijn vijftien gemeenten:

Bloemendaal, Laren (NH.), Rozendaal, Heemstede, Alphen-Chaam, Hilvarenbeek, Bunnik, Oirschot, Bergen (NH.), Heeze-Leende, Blaricum, Bergeijk, Staphorst, Reusel-De Mierden en Landsmeer.

Vervolgens keken we welke van die gemeenten momenteel een COA-locatie hebben. Dat bleek alleen in de gemeente Bergeijk het geval. Daar is een tijdelijke noodopvang voor asielzoekers die besmet zijn geraakt met Covid.
Volgens de COA-informatie loopt het contact met de gemeente tot 31 maart. Of de opvang inderdaad gesloten is of misschien verlengd, konden wij nergens vinden.

Lezen: De BVD in de politiek, door Jos van Dijk

Tot het eind van de Koude Oorlog heeft de BVD de CPN in de gaten gehouden. Maar de dienst deed veel meer dan spioneren. Op basis van nieuw archiefmateriaal van de AIVD laat dit boek zien hoe de geheime dienst in de jaren vijftig en zestig het communisme in Nederland probeerde te ondermijnen. De BVD zette tot tweemaal toe personeel en financiële middelen in voor een concurrerende communistische partij. BVD-agenten hielpen actief mee met geld inzamelen voor de verkiezingscampagne. De regering liet deze operaties oogluikend toe. Het parlement wist van niets.

Foto: Jemimah Gray (Unsplash)

Last minute fladderkleding

COLUMN - Paniek. Ik ga op meivakantie naar een warm land en ik vraag me ineens af welke kleding ik daar dan aan moet. Nu vraag ik me aan het begin van ieder seizoen af wat ik het jaar daarvoor gedragen heb, dus dat is niet nieuw. Maar vliegvakanties naar warme oorden verstoren het normale proces, kom ik nu achter. Daar ben ik niet mentaal op voorbereid.

Als je gewoon in de buurt van Nederland blijft, verandert de temperatuur geleidelijk en kan je rustig wennen aan wat mensen bij die temperaturen dragen en aan wat dat voor jou betekent. Bij een zonvakantie daarentegen gaat het een stuk abrupter. Je moet bovendien van tevoren al hebben ingepakt. Hoe doe je dat als je je zomergarderobe al tijden niet hebt gezien of gedragen?

Dan brengen vakanties ook nog verwachtingen met zich mee, dat je het er maximaal naar je zin moet hebben bijvoorbeeld. Dit jaar zeker, want hallo, we mogen weer! En er gaat bewijs komen in de vorm van stralende vakantiefoto’s. Wij mensen houden van vakantiefoto’s.

De kleding dus. Mijn plan was om voorlopig geen nieuwe zomerkleding te kopen, niet voordat ik mijn huidige collectie een stukje verder heb uitgeleefd. Maar met een naderende vakantie voel ik me nu toch ineens onzeker. Het is lang geleden dat ik dit zo meemaakte en ik vraag me van alles af.

Quote du Jour | Onbekwaam

De crisis in de opvang van vluchtelingen konden we zien aankomen,  schrijft Arie Theisens vandaag op de opiniepagina van Trouw:

Toch is dit allemaal begrijpelijk als je je realiseert dat al sinds mensenheugenis deze portefeuile vrijwel stilzwijgend door de VVD wordt geclaimd en gerund. Naar de redenen kunnen we wel raden, maar het is een partij die absoluut onbekwaam is voor dit dossier. En nu plukt Nederland daarvan de wrange vruchten.

Closing Time | Underdog

Dat intro kent u natuurlijk! Maar de rest verbinden alleen kenners met Sly and the Family Stone. Want dat bandje is beroemd geworden met veel simpeler nummers als ‘Dance tot the music’ en ‘Everyday People’.

Underdog is het eerste nummer van hun debuutalbum ‘A Whole New Thing’ (1967). Een album met hier en daar stilistische kenmerken die we van Zappa kennen. Je hoort dat ook in ‘Underdog’.

Closing Time: Leningrad

Leningrad zagen we eerder voorbijkomen in Closing Time. Hun ster is in de tussentijd alleen maar gerezen in Rusland. Een paar dagen geleden postten ze een nieuw nummer. Het gaat over een man die zijn vrouw slaat en boos wordt als ze bescherming zoekt bij de buurman. Het heet ‘Geopolitiek’.

Steun ons!

De redactie van Sargasso bestaat uit een club vrijwilligers. Naast zelf artikelen schrijven struinen we het internet af om interessante artikelen en nieuwswaardige inhoud met lezers te delen. We onderhouden zelf de site en houden als moderator een oogje op de discussies. Je kunt op Sargasso terecht voor artikelen over privacy, klimaat, biodiversiteit, duurzaamheid, politiek, buitenland, religie, economie, wetenschap en het leven van alle dag.

Om Sargasso in stand te houden hebben we wel wat geld nodig. Zodat we de site in de lucht kunnen houden, we af en toe kunnen vergaderen (en borrelen) en om nieuwe dingen te kunnen proberen.

Vorige Volgende