Judy Moester

4 Artikelen
6 Reacties
Achtergrond: Jay Huang (cc)
Foto: Nana B Agyei (cc)

Burgermoed

COLUMN - Treinreizigers die koperdieven uit bovenleidingen verjagen. Defect materieel weer in elkaar schroeven. Aangereden herten verzorgen. Vastgevroren wissels ontdooien en omgevallen bomen van de rails slepen. Bijstandsontvangers die verplicht worden de kaartjes te knippen.

Beelden die in me opkwamen toen ik tijdens mijn dagelijkse treinreis Amsterdam – Den Haag vernam dat wij, treinreizigers, conducteurs moeten gaan helpen bij het beteugelen van de agressie van medepassagiers. Aan te leren middels een cursus van een half uur, volgens Stichting Maatschappij en Veiligheid-voorzitter Pieter van Vollenhoven. Nuttig tijdverdrijf tijdens voorziene vertragingen. Een anti-agressie-coach met een clubje gestrande forenzen en een EHBO-pop op een winderig perronnetje. Voorschoten ofzo. Lekker in de weer met pepperspray en wapenstok, voorbereid op de volgende stap. Burgermoed stroomt door mijn aderen.

Als burgermoed nodig is voor een veilige treinreis, laat de overheid echt een steekje vallen. Het lijkt de zoveelste verantwoordelijkheid die doorgeschoven wordt naar de participerende burger.

En toch vind ik het idee van Van Vollenhoven niet zo gek.

Het ontging mij laatst volkomen dat iemand naast me wilde zitten. Mijn noise-cancelling koptelefoon werkte net iets te goed. Betreffende jongeman pakte daarop mijn tas en kiepte de inhoud over mijn schoot. Yoghurtbakje, iPad, mascara, de hele mikmak rolde op de grond. In een propvolle trein. Ik schrok me te pletter. Dat niemand in actie kwam, kan verklaard worden door het omstandereffect, hoorden we deskundigen deze week zeggen. Mensen zijn minder geneigd in te grijpen als er veel omstanders zijn, dan wanneer er niemand in de buurt is. Een enkele medeforens keek de jongen verbouwereerd aan, de rest keek inderdaad weg.

Foto: Gear+Head (cc)

Vasten

COLUMN - Op Vette dinsdag, de avond voor Aswoensdag, bereid ik me alvast voor op The 40 day challenge. Ik koop de nieuwe glossy Jezus!, besteed een fortuin aan gedroogde vijgen ter compensatie van mijn suikerverslaving en denk vooral heel veel aan alcohol.   Het is mijn eerste keer en ik word aangemoedigd door de tientallen appjes die op mijn scherm verschijnen. In de whatsapp-groep ‘Wij vasten’ introduceert een vriendin mij als ‘Judy: lag naast mij in de kraamkliniek en sindsdien zijn we vriendinnen. Werkt bij MinBZK, woont in A’dam en is dol op kaaskantjes en chocoladekoeken van AH.’ Een treffender omschrijving van mijn persoonlijkheid kwam ik zelden tegen. Ik pas er meteen mijn LinkedIn-profiel op aan.  Hardlopen kan ik zonder Evy of anderen – ik houd mijn Moves trouwens in het geheel niet bij-, van de Sleep cycle analyzer lig ik wakker en het buisje speeksel ter verificatie van mijn DNA heb ik nog steeds niet naar 23andMe gestuurd. Maar om te vasten lijkt een lifestyle-app me onmisbaar. Bovendien zullen mijn gegevens uitlekken dan wel doorverkocht worden, wat in dit geval gunstig is. Dus ik ga naarstig op zoek.   Het aanbod in de App-store blijkt beperkt en vooral Amerikaans. Ik kies de 40 days lent observance tracker, een spuuglelijke app met kunstgras en rode paaseitjes, maar met voldoende vakjes voor al die zaligheden waarvan ik me de komende tijd zal gaan onthouden (grappig detail: drugs mogen kennelijk wel). De prayers vervang ik door yoga en sport. Voor elk glas frisdrank gaat tien cent naar een goed doel.   Maar commercieel wordt vasten verder nog niet uitgebaat en dat verbaast me. Honger maakt hebberig, berichtte de Volkskrant vorige week, en die koopgulzigheid beperkt zich niet tot etenswaren. Dat veel mensen in westerse landen lijnen, kan volgens de onderzoekers best eens leiden tot extra ongeplande aankopen.   Pas als vrienden hun verbazing over mijn vastvoornemens laten blijken, dringt tot me door dat niet heel Holland vast. Een beetje gezondheidsbewuste hipster doet het tegenwoordig, leek me. De superfoods waren bij de Appie niet voor niets in de Bonus.   Het zou nog een jaar duren voordat de commercie er bovenop sprong. ‘Maar liefst de helft van de Nederlandse volwassenen heeft dit jaar gevast. De economie is daardoor in het eerste kwartaal met ruim 10 procent gegroeid ten opzichte van het laatste kwartaal van 2015’ (bron: Maria Magdalena! Paasspecial 2016).

Foto: harry_nl (cc)

Belevingsprobleem

COLUMN - ‘Bij Blokker zijn vrolijke voetbalkabouters te koop, voor 5,99 euro. Ze heten de Knieval, de Buikschuiver, de Wijzer en de Juicher en zo zien ze er ook uit. De Buikschuiver bijvoorbeeld schuift op zijn buik.’ Een verfrommeld stukje krant dat sinds het EK van 2012 aan het magneetbord in ons toilet hangt. Een vriendin heeft eens schaterlachend ons toilet verlaten. Maar nu is het dus niet grappig meer. Blokker verkeert in zwaar weer.

Een van de oplossingen is volgens algemeen Blokker-directeur Jack Peters een nieuwe, eigentijdse winkelformule. Type concept store, denk ik dan aan.

Dat soort winkels fascineert me. Laatst was ik bij concept store Hutspot. ‘Dit zijn winkels voor mensen die nooit iets meemaken en dan een opgezette tropische vogel kopen, alsof ze op een verre reis zijn geweest’, fluisterde een jongen achter me bij de kassa, subtiel wijzend naar een opgezette kaketoe. Ze hebben ook altijd een ietwat misplaatste coffee corner, met latte macchiato en maanzaadmuffins. En boeken over baarden, bij voorkeur onder een glazen stolp. Blokker wordt er dus ook zo een. Het kan niet anders, de flexibilisering van de werktijden is al aangekondigd. Op zondagochtend gratis koffie uit de crèmekleurige My coffee/Your coffee-kopjes en een stukje mokkaschnitt. Vrimibo’s met tapas op gelijknamige schaaltjes, alsof je middenin Arcos de la Frontera staat. Een workshop meditatief afwassen met extra zachte schuursponsjes uit de lentecollectie, in een self inflating-afwasteil, verkrijgbaar in zeven verschillende pasteltinten. Je moet alles beléven tegenwoordig. En huishoudwinkel Blokker heeft dus, jawel, ‘een belevingsprobleem’. Maar als er nu iets is wat ik niet wil beleven, dan is het… juist ja.

Foto: Gerard Stolk (cc)

TreinFOMO

COLUMN - Ik ben gestopt met de trein. Zomaar, van de ene op de andere dag, cold turkey. Lang voordat het Europees Parlement zou besluiten dat treinen moesten worden voorzien van de coupébrede teksten ‘Reizen met de trein brengt u en anderen rondom u ernstige schade toe’, afgedrukt over beeltenissen van geëlektrocuteerde koperdieven die aan dramatisch afgescheurde bovenleidingen bungelen en forenzen die elkaar in het gezicht niezen en hun medereizigers met tablets op het hoofd meppen, zat ik al in de auto. Twee weken inmiddels.

En nu heb ik dus FOMO. Fear Of Missing Out, voor wie het gemist heeft. Dat van het verdachte plastic zakje op Leiden Centraal vind ik het allerjammerst. Graag had ik mijn medepassagiers met de ogen zien rollen, naar de werkgever horen bellen dat het dus weer eens zover was, iets met een bom ofzo, niks bijzonders, maar dat gaat natuurlijk weer uren duren, o ja, en waar ik dus voor belde, dat afstemmingsoverleg gaat nu niet meer lukken en die beeldvormingssessie net-wel-net-niet, maar bel maar als ik telefonisch moet aanhaken, want bij calamiteiten mag je in de stiltecoupé gewoon normaal doen. Dat dus. Heerlijk. Ik mis het. Ook de logistieke puzzel na de computerstoring -‘de backup doet het heel vaak wel’- en de sneeuw die maar niet wilde vallen, waren pareltjes die ik deze week via de autoradio aan me voorbij hoorde gaan. En de chaos op het spoor zal verder toenemen. Over een jaar applaudisseren we voor de machinist als we überhaupt op onze bestemming arriveren. Sigaretje in de mond, roken mag weer.